In Libanon volgen de gruwelverhalen over Israëlische moordpartijen op medisch personeel elkaar op. Er gaat geen dag voorbij zonder gerichte moordende aanvallen op medische hulpploegen en op plaatsen waar mensen worden verzorgd. Op YouTube circuleren talrijke bloedstollende video’s over die moordlust.
Terwijl zes koelbloedig vermoorde leden van een medische hulpploeg werden begraven, bestookte de Israëlische luchtmacht het enige nog werkende ziekenhuis in de zuidelijke strook van de soevereine staat Libanon. Sinds maart zijn er in Libanon al meer dan 120 mensen uit de medische sector vermoord.
Wreedheid
Die moordlust is verre van nieuw. In 2023-2024 zijn bij Israëlische aanvallen 163 Libanese artsen en hulpverleners omgekomen. Tijdens de recente oorlog in Gaza, die in de feiten verder gaat, kwamen 1722 artsen, verplegers, ambulanciers om het leven. In zeer veel gevallen werden ze speciaal onder vuur genomen. Het is routine geworden dat de Israëlische militairen na een aanval wachten op de komst van de medische hulpploegen, om die onder zwaar vuur te nemen. Medisch personeel is een topvijand. Het aantal vernielde ambulances is niet bij te houden. Ook buiten militaire operaties worden medische helpers onder vuur genomen, enkele Palestijnse artsen zijn koelbloedig in of bij hun woning doodgeschoten.
Deze berekende wreedheid laat de buitenwereld grotendeels onberoerd. Ook de wreedheid waarmee nu een groot gebied in het zuiden van de soevereine staat Libanon met de grond wordt gelijkgemaakt. De krant Le Monde liet aan de hand van satelliet gegevens berekenen dat in die regio 45 percent van de gebouwen totaal zijn vernield. Daaronder ook zeer veel infrastructuur en historische en religieuze gebouwen, de geschiedenis moet ook worden uitgeroeid. Een deel van de gronden zijn bestookt met witte fosfor. De bedoeling is duidelijk: het ganse gebied onleefbaar maken. Dat zijn misdaden tegen de mensheid, daarover zijn internationale experts het eens.
Sancties?
Leiden die zoveelste misdaden tegen de mensheid tot veel reacties bij onder andere Europese leiders die bezorgd zijn om respect voor de mensheid? Jawel, enkele van die leiders zijn zeer boos over de beelden die minister Itamar Ben Gvir van Nationale Veiligheid liet zien en waarop deelnemers van de ‘flotilla’ voor Gaza vernederd worden. Er zijn zelfs sancties genomen, tegen de persoon Gvir die nu in veel landen ongewenst is.
Het is positief dat op die provocatie gereageerd is. Zelfs met een sanctie, ingegeven door al dan niet oprechte verontwaardiging. Op zeer gedocumenteerde rapporten over de folterkampen waar Palestijnse gevangen omkomen – bijna 100 doden – is er evenwel geen verontwaardiging gekomen. Laat staan sancties.
Hoe zit het trouwens met de houding van diezelfde Europese leiders tegenover solidariteitsacties met de Palestijnen in eigen land? In het Verenigd Koninkrijk blijft men dagelijks mensen bestraffen die zeer vreedzaam opkomen voor de rechten van Palestijnen. In Duitsland en Frankrijk worden pleitbezorgers van de Palestijnse rechten vervolgd als verdedigers van terrorisme. De sanctie tegen Gvir is een schaamlapje waarachter vooral blijvende medeplichtigheid schuilt.

