VS laten Afghanistan niet los

De Verenigde Staten willen niet meer de fouten van vroeger maken, ze zullen Afghanistan niet aan zijn lot overlaten. Dat is althans de uitleg van Ryan Crocker, VS-ambassadeur in Kabul om een langere militaire aanwezigheid van de VS te verantwoorden. Om de Taliban van de macht te houden? Minstens evenzeer om China’s invloed in te perken.

Het gaat niet goed in Afghanistan. Reden te meer, vindt Crocker, om het land nu “niet in de steek te laten zoals we in 1989 na het vertrek van de Sovjettroepen deden”. Na dat vertrek bleef de door Moskou gesteunde Najibullah toch nog drie jaar aan de macht, tot een door de VS gesteunde coalitie van islamistische Modjaheddin de macht greep. Daarop gingen de krijgsheren van die coalitie elkaar bevechten en de bevolking terroriseren. Het maakte het de door Pakistan geholpen Taliban gemakkelijk om gewapenderhand de macht over te nemen.

Het idee van permanente Amerikaanse legerbasissen in Afghanistan wekt in Kabul gemengde gevoelens op. President Hamid Karzai heeft zijn macht aan die Amerikanen te danken, maar hij tracht zijn positie intern te versterken met een imago van onafhankelijke nationalist. Zijn regime verkeert echter in crisis. De corruptie wordt met de dag erger, bleek deze zomer met het schandaal van de Kabul Bank. Die privé bank “leende” tussen een half en één miljard euro aan hooggeplaatste personaliteiten, onder wie Mahmoud Karzai, broer van de president. De regering trachtte dat schandaal in de doofpot te stoppen. De bedragen zijn aanzienlijk, zeker in een land waar het bruto product rond amper 7 miljard euro ligt.

Enkele moordaanslagen hebben de crisis verergerd. In Kandahar werd in juli Wali Karzai, halfbroer van de president, door een lijfwacht vermoord. Die man was volgens Amerikaanse Congresleden een kopstuk van de opiumhandel – het enige recente “goede nieuws” uit Afghanistan zijnde dat de opiumproductie sterk is gestegen.

De moord in oktober op Burhanuddin Rabbani, president van 1992 tot 1996 en voorzitter van de Hoge Raad voor de Vrede, doet de etnische evenwichten binnen het regime wankelen. De Tadzjieken en andere niet-Pathanen zien in de moord op deze Tadzjiek de hand van Pathanen (en van Pakistan) om de invloed van de vroegere Noordelijke Alliantie terug te dringen. Die Alliantie bestreed de Taliban met westerse hulp en bestond vooral uit Tadzjieken, Oezbeken, Hazara’s en andere niet-Pathanen. Vooral de Tadzjieken vinden dat de Pathanen van Karzai al te veel, zeker in het leger, het laken naar zich toetrekken.

Containment

De Amerikaanse plannen voor een verlengde, liefst permanente, militaire aanwezigheid worden in Moskou en vooral Peking met argusogen bekeken.

Peking ziet de recente stappen van Barack Obama in de regio van de Stille Oceaan in dezelfde optiek als de basissen: een ketting aanleggen en versterken rond China. Een mening die door veel Afghanen, vooral niet-Pathanen, wordt gedeeld: het gaat niet om de strijd tegen de Taliban, maar om stevige militaire aanwezigheid in Centraal-Azië om de invloed van Rusland en China in te dijken.

Een blik op de kaart maakt duidelijk wat Peking bedoelt: vanuit Japan en Zuid-Korea vertrekt een basisketen langs de Amerikaanse satellieteilanden Guam en Marshalleilanden, naar Indonesië, de Filippijnen, Maleisië, Singapore en Thailand, tot in Afghanistan en Kirgizstan. Met sinds George W. Bush een nauwere militaire samenwerking met India en uiteraard met Pakistan. Nu komt daar ook een grotere permanente aanwezigheid in Australië bij. Dat laatste leidde tot erg scherpe commentaren in China. Bovendien maakt Washington deze maand met het bezoek van minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton een opening naar Myanmar, tot nog toe een goede bondgenoot van China.

De Chinese premier Wen Jiabao waarschuwde alvast dat buitenstaanders zich niet mogen komen moeien met regionale conflicten, verwijzend naar de geschillen tussen diverse landen over enkele archipels in olierijke wateren. Maar Obama laat er geen twijfel over bestaan: meer dan ooit zijn de gebieden rond de Stille Oceaan dé prioriteit van Washington.

(Uitpers nr. 137, 13de jg., december 2011)

(Visited 1 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 86 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook