De auteurs van dit boek hebben gelijk. Over de ‘zwarte legende’ van Spanje in Latijns Amerika weten de meeste mensen wel iets, hoe de indios werden uitgemoord, hoe de inheemse bevolking van de kolonies bijna volledig verdween.
Maar wat weten we over Noord-Amerika? Enkel wat Hollywood en Disney ons hebben verteld. De moedige cowboys tegen de valse ‘indianen’ en het romantische verhaal van een indiaanse ‘prinses’.
De afgelopen decennia is er wel wat verandering gekomen, o.m. dank zij de vele sociale bewegingen die aandacht vragen voor het lot van inheemse volken in de verenigde Staten en Canada.
Dat is de regio waarin beide auteurs – moeder en dochter – hun onderzoek deden. Dochter Laura doctoreerde eerder in de VS over de literatuur van de Noordamerikaanse inheemsen. Die invloed is duidelijk te merken in het boek. In de inleiding wordt het woordgebruik uitgelegd en de verschillende hoofdstukken zijn goed gestructureerd.
Het uitgangspunt is interessant en toont aan dat de auteurs niet in de valstrik zijn gelopen van een nostalgische blik op een verloren verleden. Dat is trouwens ook de insteek van de verschillende sociale bewegingen die ze bestuderen. Ze werken in het heden met een besef van een verleden met erg veel geweld maar ook met hoop op een betere toekomst. Ze weten dat er tussen de verschillende inheemse volken grote verschillen zijn, dat die verschillen er ook zijn met bewegingen uit het globale Noorden maar dat er desalniettemin in beide gevallen ook gedeelde waarden zijn. Het is een inzicht dat vaak wordt vergeten.
Het boek begint met een kort overzicht van de koloniale geschiedenis, hoe volken steevast als ‘onderontwikkeld’ en ‘primitief’ werden voorgesteld, hoe kinderen werden weggenomen bij hun ouders om ze een andere cultuur bij te brengen. In het Noorden zijn we ons vaak niet eens bewust van wat het vestigingskolonialisme heeft teweeg gebracht, stellen de auteurs terecht. Zonder dat kolonialisme zouden we trouwens niet eens behoefte hebben aan een term als ‘inheems’ (p. 16).
De auteurs gingen praten met academici en leiders van diverse bewegingen en geven op die manier nuttige inzichten over hoe ze denken en hoe ze de wereld zien.
Telkens komt weer dat ene gegeven naar boven: we hebben behoefte aan een nieuw paradigma want als we verder doen zoals we nu bezig zijn gaat de planeet naar de verdoemenis. Hoe we tot die andere kijk op de wereld kunnen komen is iets waarvoor we inspiratie kunnen vinden bij inheemse bewegingen.
Steeds weerkerende begrippen zijn gemeenschap, wederkerigheid, de band met het land en spirituele verbinding. Inheemsen, zo wordt gesteld, kennen een ethos van zorg en daartoe zou ook het Noorden moeten komen.
Er staan in dit boek heel wat punten waar ik persoonlijk vragen bij heb, zaken ook waar ik het oneens mee ben, maar dat kan enkel positief zijn om ook een discussie teweeg te brengen over een toch erg belangrijk gegeven van hun en onze geschiedenis.
Ik wil besluiten met drie puntjes.
Het kon geholpen hebben mochten de auteurs ook een kaartje meegegeven hebben van de regio waarin ze gereisd en gewerkt hebben. Niet iedereen weet meteen Rushmore en Wounded Knee te localiseren.
Een belangrijke les is vooral dat internationale solidariteit ook voor de inheemsen erg belangrijk is. Leuk is het te lezen hoe ze zelf de Palestijnse vlag uithangen en hoe in veel van hun gemeenschappen ook vrijwilligers uit Europa aan het werk zijn.
Tenslotte, veel van de eisen van de inheemse bewegingen sluiten perfect aan bij wat milieubewegingen over de hele wereld vragen. Dat is, kort samengevat, zorg voor de planeet, zorg voor het collectieve en zorg voor mensen.
Ik vermoed dat vooral jonge mensen dit boek met erg veel interesse zullen lezen want het geeft inzichten die grotendeels aan de aandacht van onze media ontsnappen.
