Versluierd debat

Er is bij Stevaerts weten nog geen enkele moord gepleegd met een hoofddoek. Met dergelijk verbijsterend "argument" doet de nummer één van de sp.a de discussie over meisjes met een hoofddoek op school van de hand. Een vals probleem, luidt het bij de sp.a, laten we ons vooral bezighouden met onderwijs en werk.

Waarbij natuurlijk de vraag rijst waarom ze daar niet eerder aan dachten. De discussie over de sluier, vals of niet, heeft dan alvast het voordeel dat er ineens meer (valse of niet?) aandacht komt voor een bijzonder ernstig probleem als dat van de massale werkloosheid bij jongeren van alle origine. Maar als het over tewerkstelling gaat, zegt Stevaert machteloos te zijn (zie zijn uitspraken na de bekendmaking van de 3.000 ontslagen bij Ford).

Het debat over de hoofddoek is er hoe dan ook, het kristalliseert een bredere discussie over integratie en discriminatie. Toch wordt het omzeggens altijd voorgesteld als een debat over religieuze symbolen in het openbaar leven. Mag een moslim- of ander meisje met een opvallende hoofddoek op een bank van een openbare onderwijsinstelling of in het loket van de post plaats nemen? De Fransen discussiëren er al langer over, een commissie van wijzen – de ‘commissie Stasi, naar de naam van de voorzitter – deed een uitgebreid onderzoek en adviseerde de hoofdoek en alle andere opvallende religieuze symbolen in de openbare scholen te verbieden om de "laïcité" van de overheid en haar diensten te waarborgen. De suggestie is sindsdien wet geworden, van toepassing vanaf volgend schooljaar. De discussie barste sindsdien ook in België los.

In Frankrijk ging de discussie oorspronkelijk niet alleen over religieuze symbolen, er werd ook gedacht aan opvallende politieke symbolen, wat de commissie uiteindelijk niet weerhield. Maar het is hoe dan ook duidelijk dat de inzet van de discussie de islamitische hoofddoek is. Wel te verstaan een hoofddoek voor meisjes, want bij mijn weten lopen er geen moslimjongens omwille van religieuze voorschriften met een hoofddoek rond.

Veel politici uit progressieve hoek zeggen niet in te zien waarom iemand aanstoot neemt aan die hoofddoek, wat kan ons een vestimentaire code schelen, aldus een topman (man) van Spirit. Waarom storen talrijke andere progressieven zich dan wel aan het dragen van die hoofddoek? Niet omdat het een religieus symbool zou zijn, wel omdat ze er een instrument in zien van de discriminatie van de vrouw in culturen die zeer patriarchaal zijn en discriminerend voor de vrouw. Of de religie dat voorschrijft, blijkt merkwaardig genoeg niet simpel te achterhalen, de koran moge dan al het woord van God via de profeet zijn, maar met de vertaling ervan loopt er vaak iets mis. Schriftgeleerden verzekerden vorig jaar dat de koran geen maagden aan de martelaren belooft, wel vruchten.

Ni putes ni soumises

Of bestaat de overgrote meerderheid van de moslimmeisjes die de hoofddoek niet dragen, dan uit slechte moslims? Of verloochenen ze hun identiteit? Want een van de argumenten pro luidt dat meisjes en vrouwen met de hoofddoek hun identiteit willen bevestigen. Hoe moeten jongens dat dan doen? Zouden we trouwens niet aandachtiger moeten luisteren naar – en steun geven aan – een beweging als "Ni putes ni soumises" die in Frankrijk meisjes en vrouwen uit vooral de voorsteden groepeert tegen het (overwegend mannelijk) geweld waarvan ze slachtoffer zijn, onder meer omdat ze zich niet willen onderwerpen aan de dwang de hoofddoek te dragen? Maar wat zeggen verdedigers van de hoofddoek? Dat die van ‘ni putes ni soumises’ typische voorbeelden zijn van geassimileerde vrouwen, een bijzonder simplistische dooddoener en zeer oneerlijk tegenover meisjes en vrouwen die de moed hebben zich tegen die onderdrukking af te zetten.

Het geweld waartegen ze zich verzetten is een uiting van hetzelfde machisme dat meisjes onder druk zet om "eerbaar" te zijn en dus uitsluitend met een hoofddoek op straat, op school, op het werk te verschijnen. Zij moeten laten blijken niet beschikbaar te zijn voor andere mannen of jongens dan degene die het familiehoofd daarvoor zal uitkiezen, waarmee die beslist over hun seksualiteit. Die onderdrukking uit naam van het principe dat een vrouw op de dag van haar huwelijk maagd moet zijn, domineert de positie van een ongetrouwde moslimvrouw. Die onderdrukking is ook nefast voor mannen die de kans niet krijgen een normaal liefdesleven op te bouwen. Dat deze seksuele onderdrukking niet eigen is aan een bepaalde religie, betekent niet dat ze niet in al haar vormen moet worden bestreden.

En het is niet, argument suprême, omdat sommige vrouwen of meisjes die hoofddoek vrijwillig dragen, dat men dat zomaar moet verdedigen. Er zijn jammer genoeg talrijke andere voorbeelden van slachtoffers van onderdrukking en discriminatie die zich daaraan gewillig onderwerpen, wat geen reden kan zijn om dat te aanvaarden. Wat te denken van de tussenkomsten van imams in ons land om bij een overlijden van de vader de erfenis volgens de voorschriften van de sharia te verdelen, waarbij een dochter slechts de helft krijgt van een zoon – met instemming van de dochter die "de traditie wil trouw blijven". Het is toch veelbetekenend dat koning Mohammed VI van Marokko een reeks wetten aankondigt om de positie van de vrouw te verbeteren, maar het onrechtvaardige erfrecht daarbij ongemoeid laat.

Is de hoofdoek ook een instrument van moslimfundamentalisten die daarmee een krachtproef willen aangaan? De Franse schrijver Tahar Ben Jalloun, die vooral de Magreb goed kent, vreest van wel. Hij verwijst naar Algerije waar de regeerders de islamisten zijn tegemoet gekomen door het land een bijzonder retrograde en absurde familiecode op te leggen. De auteur waarschuwt dat Frankrijk zich niet te laten intimideren door een kleine minderheid die zich van de islam bedient om een regressieve sprong te maken. "Zij maken misbruik van de vrijheid van het individu om de beginselen van de lekenstaat te ondermijnen", vindt hij.

Cités

Het is dan ook jammer dat de discussie over de hoofddoek in de eerste plaats wordt afgedaan als een debat over het dragen van religieuze symbolen en minder of niet als een debat over de maatschappelijke positie van mannen en vrouwen. De Franse commissie Stasi heeft nochtans andere dan religieuze facetten uitgediept. Ze verwees naar de noodzaak om eindelijk de verloedering van de cités aan te pakken, maar dat stond ook al in rapporten twintig jaar geleden, dat is een vijgenblaadje. Een ander vijgenblad is de verwijzing naar het anti-Arabisch racisme waarop de bevestiging van de eigen Arabische identiteit, via vooral de religie, een reactie is. Maar datzelfde rapport besteedt meer aandacht aan het antisemitisme dan aan het veel frequentere anti-Arabisch racisme…

Op die manier wordt de discussie over de hoofddoek een gemiste kans. Het had kunnen gaan over discriminatie op grond van geslacht (ook in de eigen cultuur en in andere godsdiensten dan de islam), over rassendiscriminatie en xenofobie, over stadsvernieuwing. In de plaats daarvan dreigen we nu een (inderdaad vals) debat te krijgen over religieuze symbolen, wat alleen maar de frustraties en tegenstellingen aanwakkert.

(Uitpers, nr. 51, 5de jg., maart 2004)

Visited 10 Times, 1 Visit today

Tags :