Verkiezingen in Peru: groot rechts, klein links

Eerste rond van de presidentsverkiezingen in Peru, tweede ronde van de presidentsverkiezingen in Ecuador, verkiezing van een constitutionele Raad in Chili, lokale verkiezingen in Bolivië, start van de campagne voor wat de grootste verkiezingen ooit in Mexico moeten worden … Stellen dat het slecht gaat met de democratie in Latijns Amerika zou misplaatst zijn, het was ooit anders, niet eens zo erg lang geleden, maar dat alles op wieltjes loopt is evenzeer een overschatting.

In Chili heeft corona er al voor gezorgd dat de verkiezingen werden uitgesteld.

In Ecuador is de situatie erg gepolariseerd, niet enkel wegens de keuze tussen twee tegengestelde kandidaten, maar misschien vooral wegens de vraag wat ‘nieuw’ links kan of zou moeten zijn. U leest er ook alles over in Uitpers.

Daartegenover staat Peru, een veel groter land met eveneens een grote inheemse bevolking. Er zijn niet minder dan achttien kandidaten voor het hoogste ambt, maar niemand haalt beduidend meer dan 10 % in de peilingen.

Corruptie en gebrek aan stabiliteit

Er is bijzonder weinig belangstelling voor deze verkiezingen, alsof de burgers het vertrouwen kwijt zijn. De stemming is verplicht, wie niet komt opdagen riskeert een boete van om en bij de 20 US$, maar nergens is het vertrouwen in de instellingen zo laag als in Peru. Mocht de stemplicht niet bestaan, zo schat men, zou nauwelijks 30 % deelnemen aan de verkiezingen.

Sinds het neoliberalisme voluit ging in 1992, zijn alle ex-presidenten hetzij in de gevangenis beland of worden vervolgd. Eén, Alan Garcia, pleegde zelfmoord om dat te voorkomen.

Eind vorig jaar werd zittend president Martin Vizcarro afgezet door het Parlement, wegens ‘permanente morele onbekwaamheid’. Het was een zachte coup, maar grootveehouder Merino hield het niet langer dan vijf dagen uit als opvolger. De straatprotesten waren té massaal (zie hier). Uiteindelijk werd Francisco Sagasti, internationaal bureaucraat met goede banden met de Wereldbank én met mijnbouwbedrijven de tijdelijke President. Veel verschil maakt het niet.

De ‘koplopers’ in de peilingen vandaag – die erg schommelen- hangen allemaal rond de 10 %. Yanki Lescano, Acción Popular, die zwalpt tussen beetje links en veel rechts, Rafael Lopez Aliaga, zakenman en behoorlijk rechts, Renovación Popular, Hernando de Soto … Alleen die laatste is in Europa nog gekend van zijn acties ‘tegen armoede’. ‘Het andere Pad’, zo heette zijn boek, niet Sendero Luminoso dus, en dat zou erin bestaan om arme boeren tenminste een eigendomstitel te geven voor het stukje land dat ze bewerken. Op die manier zouden ze leningen kunnen krijgen en de kapitalistische ontwikkeling kunnen waar maken. De Soto is momenteel directeur van de Centrale Bank.

Andere gekende kandidaat is Keiko Fujimoro, dochter van de ex-president die een gevangenisstraf uitzit wegens een moordpartij onder zijn bewind.

George Forsyth is de kandidaat van ‘Victoria Nacional’ en is ex-voetballer.

Al deze kandidaten zijn uitgesproken neoliberaal, rechts tot uiterst rechts, met nauwelijks aandacht voor de grote massa arme mensen in het land.

Een arme linkerzijde

Aan de linkerzijde is de oogst vrij mager. Het meest kans maakt Veronika Mendoza, huidig parlementslid en vertegenwoordigster van wat hier ‘nieuw’ links wordt genoemd. Ze is niet uitgesproken radikaal maar wordt gezien als een figuur die verzoenend kan optreden. Ze liet weten Maduro te willen erkennen en de ‘Groep van Lima’ – door de V.S. gedomineerde groep van rechtse landen in Latijns Amerika – te willen hervormen. Ook wil ze een nieuwe grondwet voor het land.

Naast haar staat Pedro Castillo als outsider, boer en leraar lager onderwijs in de Andes-regio die het onaanvaardbaar vindt dat er ‘arme mensen zijn in een rijk land’. Hij stelt voor om alles wat geprivatiseerd werd, weer te nationaliseren, het kritisch denken weer te laten ontwikkelen in het onderwijs, en eveneens een nieuwe grondwet te gaan schrijven. Maar vrouwenrechten kent hij niet zo goed. Het zijn wel de stemmen voor Pedro Castillo die kunnen beletten dat Veronika Mendoza in de tweede ronde komt.

Dertig procent van de kiezers zou nog onbeslist zijn, vandaar dat de peilingen weinig houvast bieden. Het staat echter vast dat voor een land met zoveel corruptie, met bijzonder hoge besmettingscijfers met het coronavirus, met een ‘vacunagate’ – politici die zich voor hun beurt lieten vaccineren tegen corona -, met één miljoen migranten uit Venezuela en een armoedecijfer van 20 % volgens de eigen statistieken, er weinig redenen zijn om optimistisch te blijven. De kans is klein dat deze verkiezingen meer stabiliteit zullen bieden.

De onvermijdelijke tweede rond vindt op 6 juni plaats.

(Visited 67 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 113 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Francine Mestrum

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ voor een transformatieve en universele sociale bescherming.

zie ook