Vergif is niet giftig, zegt Navo

Zware metalen zijn toxische stoffen en dus slechts met de grootste omzichtigheid te manipuleren. Loodvergiftiging is bij het publiek de meest bekende van een vergiftiging door een zwaar metaal. Ook uranium – en het daarvan afgeleide verarmd uranium – is een zwaar metaal en dus, ook als het niet radioactief zou zijn, een giftige stof voor de mens. Alleen de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) wil dit officieel niet weten. Ze ontkent dat een giftige stof als verarmd uranium giftig is.

Binnenskamers denkt ze daar echter anders over. Er zijn de laatste maanden door de pers rapporten en nota’s allerhande met waarschuwingen over het verarmd uranium gepubliceerd. Ten laatste in juni-juli 1999 bracht de Navo discreet de bondgenoten, onder wie de Belgische minister van Defensie, André Flahaut, op de hoogte. Voor het publiek houdt de Navo nog steeds vol dat er weinig of niets aan de hand is.

De obsessie van de Navo is ingegeven door het feit dat de door Amerikanen en Britten gebruikte munitie met verarmd uranium als oorzaak van het zgn. Golf- en Balkansyndroom zou kunnen worden aangewezen. Wat zou inhouden dat de Navo en haar bondgenoten uiterst onvoorzichtig – zoniet misdadig – zouden te werk zijn gegaan en verantwoordelijk zouden kunnen worden geacht voor de gevolgen. Dat ze vooral met zware financiële gevolgen te kampen zouden krijgen: vervanging van de grote voorraden giftige munitie met duurdere granaten met wolfraam; en zware schadevergoedingen aan de tienduizenden getroffen militairen en burgers.

Dat de Navo door haar officiëel negationisme uiterst onverantwoordelijk optreedt tegenover haar eigen militairen en tegenover de burgerbevolking van de gebieden waar de betwiste munitie is gebruikt, lijkt haar geen barst te kunnen schelen. Ze houdt het er nog steeds bij dat munitie op basis van verarmd uranium, die tijdens de Golfoorlog in 1991 en op de Balkan (Bosnië, 1994-1995; Kosovo en Servië, 1999) werd gebruikt, "onschadelijk" is.

De recente bekentenis van Amerikanen en Britten dat het in de Golf en op de Balkan gebruikte verarmd uranium sporen van het uiterst giftige plutonium en andere sterk radioactieve deeltjes bevat, leidde enkel tot het Navo-commentaar dat het risico dan nog uiterst klein blijft omdat het over zeer geringe hoeveelheden gaat. Het Internationaal Bureau voor Atoomenergie (IAEA) in Wenen denkt daar anders over omdat plutonium "honderden keren gevaarlijker is dan uranium".

Nog erger is dat de meeste beleidsmensen van de Navo-landen de negatie-instructies van het hoofdkwartier en Evere hebben gevolgd. Tot ze onder druk van de slachtoffers van het Golf- en het Balkan-syndroom, van de familieleden ervan en van de publieke opinie niet meer anders konden dan beloven de gepaste aandacht te besteden aan de zaak. Men kan niet langer volhouden dat het syndroom louter psychisch is – "tussen de oren zit", zoals militaire artsen al te graag beweren. De bewijzen nemen toe dat er wel degelijk fysieke oorzaken zijn.

Drie zieke Belgische militairen hebben inmiddels ten einde raad bij het Brusselse gerecht klacht tegen onbekenden ingediend wegens onvrijwillige doodslag, onvrijwillige slagen en verwondingen, het niet-verlenen van hulp aan personen in nood en onvrijwillige vergiftiging. Maar het zijn ondertussen niet alleen militairen meer die getroffen zijn. Weldra, zo wordt in Belgische militaire kringen gezegd, zal minister van Defensie Flahaut geconfronteerd worden met zwaar gehandicapte en misvormde baby’s van militairen die op de Balkan hebben gediend.

Het zal de Navo een zorg wezen. "Er bestaat een indrukwekkend volume wetenschappelijk onderzoek en de consensus dat er nooit een band vastgesteld is tussen DU (depleted uranium) [verarmd uranium, ndvr] en een ziekteverschijnsel", betoogde de Britse Navo-secretaris-generaal George Robertson op 10 januari.

Vijf dagen later deed de Belgische generaal-geneesheer Roger Van Hoof, na een vergadering van het medisch comité van de Navo, de wereld kond dat er niets aan de hand is met de militairen die op de Balkan dienst deden en dat er geen Balkan-syndroom bestaat. En enigszins contradictorisch voegde hij eraan dat, als er al problemen zouden zijn, die zeker niet veroorzaakt zijn door het gebruik van verarmd uranium! Opvallend is dat generaal Van Hoof op de persconferentie werd geflankeerd door ene kolonel David Lam van "de internationale militaire staf van de Navo" die zijn uiterste best deed het verarmd uranium van alle schuld vrij te pleiten, alhoewel hij moest toegeven dat er over verarmd uranium weinig of geen studies bestaan.

Woorden inslikken

Het "indrukwekkend volume wetenschappelijk onderzoek" van Robertson blijkt dus niet te bestaan! Als men het nagaat is het negationisme vooral gebaseerd op een "medische consensus" van militaire artsen, die omwille van hun carrière onder sterke druk staan. Meer dan één legerarts heeft zijn alarmerend verslag moeten inslikken of werd omwille ervan aan de deur gezet.

De verklaringen van generaal Van Hoof staan in schril contrast tot een eerder interview met De Morgen (09.09.00), waarin hij zegt dat tussen de 15 en 20% van alle Belgische blauwhelmen die de voorbije tien jaar naar de Balkan gingen gezondheidsklachten hebben. Hij heeft het daarin over het Balkan-syndroom.

"We vragen ons af of een cocktail van factoren – stress, scheiding van de familie, andere leefomstandigheden, contact met chemische stoffen – bij bepaalde mensen niet kan leiden tot een vermindering van het natuurlijk immuniteitssysteem. Door de verminderde immuniteit krijgen bepaalde ziektebeelden een kans, in sommige gevallen ook kwaadaardige ziekten. Die hypothese willen wij samen met onderzoekers van verschillende universiteiten tot op de bodem uitspitten", aldus de generaal in het interview.

Nu lijkt er plots niets meer te onderzoeken! Dat is wel een drastische koerswijziging van de generaal! Waarbij de vraag kan worden gesteld of de Navo hem op de vingers heeft getikt. Het lijkt er erg op dat de generaal zijn vroegere woorden heeft ingeslikt.

Na generaal Van Hoof was het de beurt aan de Spanjaard Javier Solana, de voorganger van Robertson aan het hoofd van de Navo maar inmiddels "hoge vertegenwoordiger van de Europese Unie voor de buitenlandse politiek en de gemeenschappelijke veiligheid", zijn steentje bij te dragen tot het negationisme en elke band tussen het Balkansyndroom en gebruik van munitie met verarmd uranium door de Navo af te wijzen. Solana heeft daar zeer persoonlijke redenen toe: hij dreigt voor het Internationaal Straftribunaal voor Joegoslavië in Den Haag terecht te komen als de feiten worden toegegeven.

In Portugal heeft de krant Diario de Noticias inmiddels al de arrestatie en berechting van Solana in Den Haag geëist wegens gebruik van nucleair materiaal in de munitie tijdens de Navo-operaties in Kosovo en Servië. Een gebruik dat de voorbije maanden tot de dood van Portugese, Italiaanse, Belgische en Spaanse soldaten heeft geleid.

De hoofdaanklager van dit tribunaal, de Zwitserse rechter Carla Del Ponte verklaarde op het toppunt van de beroering in Europa over de betwiste munitie aan enkele Italiaanse kranten dat ze de Navo wil vervolgen voor oorlogsmisdaden wegens het gebruik van verarmd uranium. Maar dit valt niet ernstig te nemen. Del Ponte weigerde eerder al een onderzoek naar oorlogsmisdaden van de Navo, zoals het bestoken van burgerdoelwitten tijdens de Kosovo-campagne, zelfs maar te openen. Ze verklaarde meermaals dat de taak van het tribunaal zich beperkt tot de berechting van de voormalige Joegoslavische sterke man Milosevic en andere Serviërs!

Waarschuwingen en bewijzen

"Verarmd uranium is 40% minder radioactief dan natuurlijk uranium dat in de bodem zit", reageerde een lid van de Navo-persdienst op een vraag van het weekblad Knack (23.06.99) op de vraag of verarmd uranium gevaarlijk is voor de volksgezondheid. "Voor militaire doeleinden is verarmd uranium zeer interessant. Het is bijna de zwaarste stof die in de natuur voorkomt. Het penetreert zeer goed. Projectielen met VU-omhulsels kunnen zeer goed dienen om pantserstaal te doorboren. Het gebruik van VU heeft, naar mijn weten, in Irak geen gevolgen gehad voor de gezondheid. VU is immer geen gevaarlijk product" [cursivering van de redactie], aldus de zegsman. Een uitspraak waarmee hij zijn volslagen onkunde bewijst, maar wel zeer loyaal debiteert wat hem is voorgezegd, want er zijn de loop van de jaren voldoende waarschuwingen gegeven over en bewijzen aangebracht voor het schadelijke karakter van verarmd uranium.

Dat rechtstreeks contact met het goedje op het slagveld (met niet ontplofte munitie of brokstukken ervan en met erdoor getroffen pantsers e.d.) en aanwezigheid bij de explosie van munitie met verarmd uranium, waarbij grote hoeveelheden schadelijke deeltjes vrijkomen, tot kanker kan leiden, valt nog nauwelijks te betwijfelen. Een in 1998 door de Verenigde Naties gepubliceerd document toont aan dat het aantal nieuwe gevallen van kanker in Irak tussen 1989 en 1994 met 55% steeg. Iraakse regeringsstatistieken stellen dat het aantal kankergevallen van 4.321 in 1991 tot 6.158 in 1997 toenam.

Die cijfers bevestigen dat de Duitse prof. Siegwart-Horst Günther het bij het rechte eind had toen hij, als eerste, al in maart 1991, juist na het einde van de Golfoorlog, in Irak radioactieve munitie vond en die in verband bracht met een epidemie van een nieuwe ziekte, waarvan onder meer aantasting van de immuniteit, misvormingen bij pas geboren kinderen en ziekten als leukemie de symptomen waren. Het werd de professor in Duitsland niet in dank afgenomen. Zo werd hij in 1993 tot een boete van 3.000 DM veroordeeld wegens het in circulatie brengen van radioactief materiaal. Hij had namelijk een sigaar-groot projectiel met verarmd uranium meegebracht uit Irak – een projectiel dat toen officieel door de Navo en de Duitse autoriteiten als totaal ongevaarlijk werd bestempeld, maar door de rechtbank gevaarlijk radioactief werd geacht!

Een prangende reportage over de toename van het aantal kankergevallen in Bosnië publiceerde de Britse journalist Robert Fisk in de krant The Independent (23.01.01; een vertaling van het artikel verscheen een dag later in De Morgen). De statistieken van het Kasindo-ziekenhuis in Bosnië spreken voor zichzelf: tussen 1992 en 1995 waren er 46 patiënten met longkanker. Tussen 1996 en 2000 waren het er 116, van wie de meesten stierven.

Bosnië wordt door de Navo gecontroleerd, maar, zoals Fisk opmerkt, is er nog geen enkele buitenlandse arts de dossiers komen inkijken. "Wordt het niet stilaan tijd voor een uitgebreide internationale epidemiologische studie om de waarheid te achterhalen? Zoals gewoonlijk hebben de Navo en zijn artsen geen interesse in deze buitengewone medische gebeurtenissen. Dat in dit ziekenhuis misschien wel de verklaring te vinden is voor de ziekte van hun eigen soldaten is blijkbaar van nul en generlei belang", concludeert Fisk bitter.

De Navo mag dan al geen interesse betonen voor slachtoffers bij de "vijand" (Irakezen, Bosnische Serviërs), het is onbegrijpelijk dat de organisatie niet zou weten wat de eigen lidstaten denken over het goedje. Zo meldde de Londense Times (13.01.01) dat de Amerikanen zeer goed wisten hoe vies het verarmd uranium is: al tien jaar geleden (sic) begon men de munitie met verarmd uranium weg te halen van de Amerikaanse oorlogsbodems en te vervangen door granaten met wolfraam dat niet radioactief is en veel minder toxisch. Verarmd uranium is voortaan verboden op Amerikaanse schepen. De Britten zijn het voorbeeld aan het volgen en in 2003 moet ook de Royal Navy vrij zijn van verarmd uranium. In hetzelfde artikel wordt ook een geschiedenisboek van 1989 over de Amerikaanse zeemacht geciteerd, waarin de vervanging van de munitie wordt toegejuicht omdat wolfraam "de veiligheids- en milieuproblemen van verarmd uranium elimineert".

De Amerikaanse wapenproducent Raytheon Systems heeft inmiddels de productie van met verarmd uranium gemaakte munitie voor de Amerikaanse marine stopgezet. Dit nadat op de BBC een Pentagon-document uitlekte, waarin werd gewezen op het verhoogde risico op kanker bij blootstelling aan verarmd uranium.

In 1991waarschuwde het Britse atoombureau (United Kingdom Atomic Energy Authority) de Britse regering dat obussen met verarmd uranium die tijdens de Golfoorlog werden gebruikt een risico vormden voor de gezondheid van de Britse troepen en op termijn "politieke problemen" zouden veroorzaken – problemen die er nu volop zijn. Amerikanen en Britten vuurden samen vuurden in de Golf alleen al aan tankmunitie zowat 25.000 kg VA af en "als dat allemaal werd ingeademd zou dat 500.000 mensen kunnen doden", aldus het bureau.

Al in 1993 werd in een rapport van het Pentagon gesteld dat militairen die blootgesteld worden aan munitie met verarmd uranium een hogere kans op kanker hebben. In 1994 zegt een rapport van de Nederlandse krijgsmacht dat niet zozeer de straling een gevaar is, maar wel de stofdeeltjes die vrijkomen na een explosie van munitie van verarmd uranium en in het lichaam kunnen terechtkomen

Nog in 1994 bestempelt een rapport van Unep (United Nations Environmental Programma) de bombardementen op Joegoslavië als de ergste milieuramp in de Europese geschiedenis en waarschuwt het voor de ver strekkende gevolgen van het gebruik van verarmd uranium. Dat vormt uraniumoxides, in partikels tussen 0,5 en 5 micron groot die door de wind verschillende honderden km kunnen worden meegevoerd.

We kunnen zo doorgaan, onder meer met alle mogelijke voorschriften die moeten worden in acht genomen bij transport van verarmd uranium en bij brand in opslagplaatsen met verarmd uranium.

Uiteindelijk is het de Navo zelf die in 1999 de lidstaten discreet waarschuwt, voor de gevaren van munitie met verarmd uranium. De Belgische minister Flahaut maakt in juli 1999 bekend dat hij een onderzoek laat uitvoeren. Volgens De Standaard (09.01.01) gaf het Belgisch leger al op 03.06.1999 instructies aan de militairen zich te beschermen tegen verarmd uranium en asbest

Op het terrein in ex-Joegoslavië zelf stellen de Belgische militairen tot in de loop van 2000 vast dat er nog altijd geen maatregelen zijn getroffen ondanks het feit dat stralingen werden gesignaleerd. Het Belang van Limburg publiceert op 05.04.00 een vertrouwelijke nota van Defensie van 17.03.00, enkel bestemd voor de corpscommandanten, waarin op het risico van straling van verarmd uranium wordt gewezen. De minister heeft dus zijn tijd genomen en de vraag is hoelang het geduurd heeft voor de militairen ter plekke werden ingelicht.

Hetzelfde deed zich in Duitsland voor, waar minister van Defensie Rudolf Scharping op 14.06.00 een brief kreeg van admiraal Elmar Schmähling, waarin hij werd verzocht maatregelen te nemen om te verhinderen dat Duitse militairen in Kosovo in contact zouden komen met granaten met verarmd uranium of met voertuigen die erdoor getroffen waren. Minister Scharping deed niets, zo meldde de Times (09.01.01).

Heeft minister Flahaut al direct in 1999 maatregelen getroffen, of pas in maart 2000? En heeft hij hierover de waarheid verteld? Ook mag de vraag nog eens worden gesteld of België nu al dan niet munitie met verarmd uranium heeft. Volgens het ministerie van Defensie is dit niet het geval. Ook Nederland ontkent het. Maar zowel België als Nederland zijn opgenomen in de lijst van landen met verarmd uranium in hun arsenaal van Damacio Lopez, uitvoerend directeur van Depleted Uranium Study Team (IDUST) (zie het artikel van Lopez in: Targets. Onafhankelijk internationaal maandblad, januari 2000).

Een traditie van ontkenning

De ontkenning door de Navo dat er iets aan de hand is met verarmd uranium is geen alleenstaand geval. Toen na de dood van een aantal militairen bekend werd dat de batterijen van de Hawk-luchtdoelraketten gevaarlijke straling afgaven, die tot kanker kon leiden, deed de Navo haar best om dit tegen te spreken. De organisatie kreeg echter kort daarna het deksel op de neus toen de fabrikant de feiten toegaf. Sedertdien is er voor een betere bescherming tegen de straling gezorgd. Vorig jaar hebben vier voormalige Belgische dienstplichtigen, die alle vier aan kanker lijden, die ze toeschrijven aan contact met die raketten, klacht ingediend bij het gerecht.

Het blijft echter de vraag of ze een oorzakelijk verband zullen kunnen bewijzen. In België moet een militair – in tegenstelling tot het genereuzere Nederland – zelf bewijzen dat er een verband bestaat tussen zijn opdracht en zijn ziekteverschijnselen. Geen gemakkelijke taak als men naar het buitenland wordt gestuurd en geen volledige informatie over mogelijke gevaren krijgt. Over mijnen, sluipschutters, trip-wire’s, eten, drinken… wordt uitleg gegeven, zo zeggen Belgische militairen die op missie in de Balkan zijn geweest. Geen woord echter over mogelijke gevaren van gebruikte wapens en materiaal. Wat niet weet niet deert, lijkt het devies van het leger te zijn. Als slachtoffer moet je dus eerst proberen uitzoeken welke stoffen er zo al in je directe omgeving zijn vrijgekomen.

Een ander grof geval van ontwijking van verantwoordelijkheid door de Navo is de Ustica-affaire. Het gaat om een Italiaanse DC-9 met 81 mensen aan boord die in 1980 bij Ustica werd neergeschoten. Voor de Italiaanse justitie bestaat er weinig of geen twijfel aan het feit dat de passagiersjet door Navo-vliegtuigen werd neergehaald – vermoedelijk bij de achtervolging van een Libische Mig boven de Tyrrheense Zee. Dat laatste doet niet ter zake, wel het feit dat de Navo en haar lidstaten alles hebben gedaan om het onderzoek te saboteren – zodanig dat de familieleden van de slachtoffers nog altijd wachten op schadevergoeding.

 

Oorzaken van Golf- en Balkansyndroom

Afschuiven van morele en financiële verantwoordelijkheid – sommige militaire artsen geven dat laatste tegen slachtoffers van het Balkan-syndroom toe – lijkt de voornaamste reden waarom publiek wordt geprobeerd de onschuld van verarmd uranium aan te tonen. Ook al is het lang niet zeker dat dit uranium – behalve in gevallen van kanker door direct contact – de oorzaak, of de enige oorzaak van het syndroom is.

Het Golf- en Balkan-syndroom is de verzamelnaam van een hele reeks symptomen en ziekten, zoals: slapeloosheid, uitputting, hoofdpijn, concentratieproblemen, geheugenverlies, gewrichts- en spierpijnen, depressies, aantasting van de immuniteit, huidaandoeningen, ingewands- en voortplantingsproblemen, tot ziekten als leukemie

Voor vele getroffenen is er dan ook niet één oorzaak, maar vermoedelijk een combinatie van verscheidene. Als oorzaken werden al aangewezen: rook van brandende oliebronnen, pesticiden en organosfosfaten die als insecticiden worden gebruikt, deeltjes verarmd uranium, oplosmiddelen en bijtende middelen (zeg maar: klein chemisch afval), de al dan niet experimentele cocktail van vaccinaties (onder meer tegen nucleaire, biologische en chemische wapens), onaangepaste voeding, lucht besmet door chemische wapens (ook op de Balkan zijn er gifgassen gebruikt), afval van vernielde munitiefabrieken enz

Dan is er nog stress en psychische problemen. Om niet te spreken van het gevaar van reizen op zich. De jongste tijd is bv. het "toeristenklassyndroom" in het nieuws gekomen: alleen al in Groot-Brittannië zouden per jaar 2.000 mensen sterven nadat ze te lang stil gezeten hebben op langeafstandsvluchten. En het gevaar van virussen en microben is niet nieuw, zoals menig toerist met diarree wel zal weten. In de middeleeuwen brachten handelsschepen de pest mee uit het oosten. Tijdens de ontdekkingsreizen decimeerden de Europeanen in Amerika, Afrika en Azië heelder bevolkingsgroepen door hen te besmetten met het griepvirus, de pokkenbacil… In ruil kregen ze in Amerika syfilis. Tegen tropische ziekten zoals malaria, slaapziekte, Aids, parasieten allerhande worden reizigers nog voortdurend gewaarschuwd.

Aan oorzaken, en mogelijke combinaties van oorzaken, is er geen gebrek. Tegen verarmd uranium als oorzaak pleit het zgn. rapport Tiesinga II, zo genoemd naar de Nederlandse commissie die onder leiding van mevrouw Tiesinga een onderzoek instelde naar de gezondheidsklachten van Nederlandse militairen die in 1992-1993 op vredesmissie in Cambodja waren. Van die soldaten heeft 17% klachten zoals geheugenverlies, vergeetachtigheid, concentratieproblemen en vermoeidheid. De commissie stelde hetzelfde vast bij controlegroepen van Nederlandse militairen die op vredesmissie waren in Rwanda, Zaïre (nu Congo) en Burundi. In al die landen was er geen sprake van gebruik of zelfs maar aanwezigheid van munitie en granaten met verarmd uranium.

Als men de echte oorzaak wil vinden is er grootscheeps epidemiologisch onderzoek nodig door onafhankelijke wetenschappers zonder banden met legers en de Navo. Het is echter zeer de vraag of die laatsten, wegens het eraan verbonden prijskaartje, echt onderzoek wensen. Hun houding wijst totnogtoe op het tegengestelde.

Het dreigt te lopen zoals met de arbeiders die vanaf de jaren 1940 de Amerikaanse kernmacht opbouwden en daarbij blootgesteld werden aan onverantwoorde hoeveelheden straling en aan chemische stoffen. Tientallen jaren lang hield de Amerikaanse regering vol dat er zo goed als niets aan de hand was. Pas in januari 2000 gaf de regering-Clinton voor het eerst toe dat arbeiders die waren blootgesteld geweest aan straling en chemische stoffen meer kanker kregen dan andere mensen. En in april 2000 besloot ze ten minste 400 miljoen $ te betalen aan de zieken. Een magere troost voor de velen die inmiddels aan kanker overleden zijn. Hopelijk zullen de veteranen van de Golfoorlog en van de operaties op de Balkan, die nu al jaren strijd voeren voor erkenning van hun kwalen, niet zo lang moeten wachten.

(Uitpers, februari 2001)

(Visited 8 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 119 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Paul Vanden Bavière

Paul Vanden Bavière (°1944) is historicus en journalist. Hij werkte een 30-tal jaar in de gedrukte pers als journalist gespecialiseerd in buitenlandse politiek. Vooral het Midden-Oosten, waarover hij ook enkele boeken publiceerde. Toen de media veel te veel “mainstream” – d.w.z. gezagsgetrouw – en commercieel werden, richtte hij met enkele mensen in 1999 Uitpers, het eerste Nederlandstalig webzine voor Internationale politiek, op met de bedoeling weerwerk te bieden aan de mainstream media (MSM).

zie ook