Uit Afghanistan (en Irak) vertrekken om er te blijven

Afghanistan is het zoveelste ‘gewapend conflict’ dat de Verenigde Staten in een ontwikkelingsland voerden en uiteindelijk verloren hebben.

Na het fiasco in Vietnam en nadat ze konden toezien op het debacle van de Sovjet-Unie in Afghanistan, had je kunnen denken dat Washington en zijn bondgenoten wijzer zouden zijn geweest in hun keuze voor interventie. Maar het geval van Afghanistan liet duidelijk het tegenovergestelde zien. In 2001 waren de lessen van de Sovjetoorlog in Afghanistan nog relatief vers en het patroon was nagenoeg similair. Ook de Sovjet-Unie viel Afghanistan binnen om het terrorisme te bestrijden. Het was aanvankelijk ook succesvol, het land bezetten was een kwestie van enkele dagen. Maar toen ze probeerden Afghanistan om te vormen en een marionettenregering opzetten kwamen ze in de problemen terecht.

Waarschuwingen worden genegeerd

Het had een waarschuwing voor de Verenigde Staten moeten zijn. Maar de VS hebben nooit gebrek aan zelfvertrouwen. Ze geloofden dat ze over de nodige militaire macht beschikten om de vijand gemakkelijk te verslaan. Alles bleek echter anders te verlopen dan verwacht.

Toen de VS de Taliban-regering omver wierpen, hadden ze moeten proberen de Taliban die open stonden voor een dialoog aan boord te brengen. Een duurzame politieke oplossing was de gemakkelijkste manier om de Afghaanse kwestie op te lossen. De conferentie in Bonn in 2001 en de Loya Jirga in 2002 waren historische momenten waar de toekomst van Afghanistan moest worden beslist, maar de Taliban werden voor geen van beide gebeurtenissen uitgenodigd. Daarmee werden vroege kansen op vrede gemist.

De in 2004 aangenomen grondwet was een miskleun. Er werd een sterk gecentraliseerde staat gecreëerd die alle Afghaanse tradities van lokale autonomie negeerde en de president te veel macht gaf. De nieuwe regering zou het hele land vanuit Kaboel besturen en alle belangrijke lokale ambtenaren benoemen. Het regime had echter niet genoeg competente ambtenaren en de nieuwe structuur creëerde veel kansen voor vriendjespolitiek en corruptie. Bovendien was de Afghaanse economie veel te zwak om de kosten van een dergelijke uitgebreide regeringsstructuur en de grote aantallen veiligheidstroepen die daarbij nodig waren te betalen. Het land werd daardoor vanaf het begin afhankelijk van buitenlandse financiële steun.

Vanuit VS-perspectief was de tweede grote flater die ze begingen Irak in 2003 binnenvallen. De VS moesten vanaf dan militaire en inlichtingenmiddelen opsplitsen tussen Irak en Afghanistan. Dat gaf de Taliban de kans zich te hergroeperen en de oorlog te hervatten.

Een ezel stoot zich geen tweemaal…

De Verenigde Staten zouden enkele jaren later hun grote fout herhalen in Irak. Paul Bremer een voormalig ambassadeur werd een maand nadat het Amerikaanse leger Bagdad was binnengetrokken door Bush aangewezen als de man die Irak terug op de sporen moest zetten. Dat betekende in de ogen van de VS een op westerse leest geschoeid democratie op basis van de ideeën van de uiterst rechtse vrije-markt-econoom Milton Friedman. Bremer sprak geen Arabisch, had geen ervaring met naoorlogse wederopbouw of met het leiden van een grote organisatie, had nooit in het leger of in de Arabische wereld gediend en had nog nooit Irak bezocht. Die tekortkomingen vormden echter geen belemmering voor zijn benoeming.

Bremer is pas sinds vijf dagen in Irak toenr hij een decreet uitvaardigde waarbij alle hooggeplaatste leden van de Baath-partij geen deel meer mochten uitmaken van de regering. Bovendien werden de hoogste ambtenaren van alle ministeries ontslagen. De leiding en de toptechnici van universiteiten, ziekenhuizen, transport-, elektriciteits- en communicatiesectoren werden van de ene dag op de andere werkloos. Een week later decreteerde Bremer een ander besluit waarmee het hele Iraakse leger werd ontbonden. De onbedoelde gevolgen waren enorm. Woedende Irakezen, voor het merendeel de voorheen heersende soennieten, hadden het gevoel dat zij niet meer meetelden in het nieuwe Irak. Velen van hen sloten zich aan bij de Soennitische opstand die tegen de zomer van 2003 vorm begon te krijgen. De opstandelingen boden werkloze ex-soldaten of ex-Baathisten salarissen tot 100 dollar aan om Amerikanen neer te schieten of landmijnen te plaatsen.

Betrouwbare partners vinden is onmogelijk

Washington snapt nooit de complexiteit van landen die ze binnenvallen noch van de regio waarin die landen zich bevindt. De voormalige Amerikaanse minister van Defensie Robert Gates vertelde in 2015 tijdens een praatprogramma op een Amerikaanse zender, dat hij, als het om het Midden-Oosten gintg, dacht dat de Verenigde Staten ‘helemaal’ geen strategie hebben: “we zijn eigenlijk elke dag aan het improviseren.” In zijn memoires scheef hij dat de VS wel weten hoe ze regeringen omver moeten werpen, maar geen idee hebben hoe ze die moeten vervangen.

De Verenigde Staten vinden trouwens nooit een betrouwbare en effectieve lokale partner. Elke leider en regering die door Washington werd gesteund was incompetent, manipulatief, kleptomaan, niet populair en niet in staat om nationale eenheid te creëren. Zo was het in Zuid-Vietnam met de opeenvolgende regeringen van Ngo Dinh Diem, Nguyen Van Thieu en Tran Van Huong en zo waren in Afghanistan de regeringen van zowel Hamid Karzai als Ashraf Ghani in hetzelfde bedje ziek. Hetzelfde verhaal gaat op voor de 17 opeenvolgende regeringen die sinds de VS invasie van 2003 in Irak de macht in handen hebben gehad.

De Verenigde Staten waren niet in staat om de bevolking van Afghanistan en Irak, noch hun eigen bevolking te overtuigen van de noodzaak van hun invasies. Ze konden hun beloften niet nakomen, modderden maar wat aan met ontgoochelende resultaten die de geloofwaardigheid van de hele zaak op nog lossere schroeven zette.

‘Missie volbracht’

En nu liet Joe Biden weten dat de Verenigde Staten zich terugtrekken uit Afghanistan… en Irak.

Vorige week kondigde hij aan dat alle gevechtstroepen tegen 11 september uit Afghanistan zou terugtrekken. Het zou het einde betekenen van een twintigjarige oorlog. Een week eerder sloten de VS een deal met de Iraakse premier Mustafa Al-Kadhimi omalle resterende strijdkrachten” uit Irak terug te trekken.

De aankondigingen zijn zo opgesteld dat het lijkt alsof de VS vrijwillig en oder door hen bepaalde voorwaarden vertrekken. Het Amerikaanse regime wil daarmee laten uitschijnen dat hun “missie volbracht” is. Maar feit is dat de VS zowel in Afghanistan als in Irak volgens de eigen VS-normen verloren hebben. Irak en Afghanistan zijn niet de beloofde democratieën geworden waar de mensenrechten beschermd en toegepast worden. En Irak en Afghanistan zijn ook niet de beloofde “betrouwbare bondgenoten” van de Verenigde Staten geworden.

Na twintig jaar kan de politieke situatie in Afghanistan misschien het best worden omschreven als een voortdurende reeks oorlogen tussen door het westen gesteunde ‘goede’ krijgsheren en niet door het westen gesteunde ‘slechte’ krijgsheren. Irak veranderde in een van de gevaarlijkste en meest corrupte landen ter wereld. Hoewel de veiligheid er enorm verbeterd is, blijft de corruptie verankerd. De democratische regering bestaat uit niet veel meer dan een groep concurrerende kleptocratieën.

De VS faalden bij het installeren van hun nieuwe ‘goede’ regimes. Met al hun beloften om het Midden-Oosten fundamenteel te veranderen hebben ze integendeel chaos, dood en vernieling in de regio gezaaid, de weg geëffend voor terroristische groeperingen als Al-Qaida en ISIS en hun steun blijven verlenen aan dictatoriale regimes.

Weggaan om er te blijven

Nu zouden ze dus weggaan. Aankondigingen over het beëindigen van oorlogen betekent echter niet dat ze echt voorbij zijn. Er is geen tijdschema voor het definitie terugtrekken van troepen uit Irak. In Afghanistan wordt, zoals Jeremy Kuzmarov in Covert Action Magazine schrijft, de oorlog geprivatiseerd.

De officiële troepen, zo’n 2500 worden teruggetrokken maar meer dan 18.000 huurlingen van het Pentagon blijven er, samen met de US Special Forces en agenten van inlichtingendiensten achter. Een“schimmige combinatie” volgens The New York Times met als missie“de gevaarlijkste bedreigingen van al-Qaida of Islamitische Staat te vinden en aan te vallen” . De plannen worden, samen met westerse partners, ‘verfijnd’: “Het Pentagon bespreekt met bondgenoten waar ze de strijdkrachten kunnen herpositioneren.” NAVO-lid Turkije zal trouwens troepen achterlaten “die de CIA zouden kunnen helpen bij het verzamelen van inlichtingen.”

De terugtrekking moet ‘orderlijk’ verlopen. Uit vrees voor aanvallen van de Taliban tijdens het terugtrekkingsproces bereid de VS zich voor om nog eens ongeveer 650 troepen naar Afghanistan te sturen.

Ondertussen bevestigde de Amerikaanse Staatssecretaris Antony Blinken in Kaboel, na gesprekken met de Afghaanse regering dat “zelfs als onze troepen thuiskomen, zal ons partnerschap met Afghanistan worden voortgezet. Ons veiligheidspartnerschap zal blijven bestaan. Er is sterke steun in Washington voor die toewijding aan de Afghaanse veiligheidstroepen.”

De VS kunnen echter niet op meerdere fronten tegelijk vechten. Dat is misschien her enige dat ze tot hun eigen scha en schande hebben geleerd. Ze moeten een paar fronten sluiten om zich te kunnen concentreren op nieuwe en belangrijker vijanden: Rusland en, vooral, China.

In ieder geval is de mondiale politieke situatie zo vijandig geworden dat het nu zinvol is om op zijn minst ogenschijnlijk een einde te maken aan deze conflicten. En nu de gemiddelde Amerikaanse kiezer amper oplet – en de VS geconfronteerd worden met een economische crisis en een zwak herstel – is het politiek opportuun geworden om die oude oorlogen te vergeten, bij voorkeur met het oog op het beginnen van nieuwe met China en Rusland.

(Visited 129 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 435 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Francis Jorissen

Woont in Frankrijk, maar ook wel een beetje in Gent. Leest veel en schrijft over geopolitiek. Geboeid door het Midden-Oosten en wat vroeger de Sovjet-Unie was. Je kan meer artikels van hem vinden op zijn site plutopia.be

zie ook