Turkije: JA MAAR

· 1 november 2004 Like

Turkije wil bij de Europese Unie komen. Op zes oktober zette de Europese Commissie min of meer het licht op groen om toetredingsonderhandelingen te beginnen. Min of meer, want enkele obstakels blokkeren de toegang: mensenrechten, rechten voor de Koerden en de rechtsstaat. Het is nochtans niet de Commissie, maar de Europese top van staatshoofden die op 17 december in Amsterdam zal beslissen of, hoe en wanneer toetredingsonderhandelingen kunnen beginnen met Turkije. Turkije bij de EU? Met of zonder voorwaarden?

Het debat loopt reeds hoog op. De Europese rechterzijde, grotendeels blank en christelijk, is ongerust. “Te groot, teveel moslims, te Aziatisch, te kort bij het Midden-Oosten”, werpt ze op. De rechterzijde is tegen Turkije om redenen die de onze niet zijn. Het argument van de “joods-christelijke origine” van Europa houdt geen steek. Zijn de enkele miljoenen moslims die reeds deel uitmaken van de Europese Unie, dan geen echte Europeanen? Het argument van de Europese grens, “die ergens stopt aan Istanboel”, houdt ook geen steek. Turkije is reeds lid van de Raad van Europa sinds 1949 en van de NATO sinds het begin van de koude oorlog, om het Westen te helpen het communisme in te dijken. Om dat te bereiken was Turkije toen al Europees of westers genoeg. Kortom, de rechterzijde kan moeilijk verbergen dat ze Turkije niet bij de EU wil om racistische redenen. Af en toe gebruikt ze argumenten als “schending van de mensenrechten in Turkije” om niet te moeten zeggen dat ze schrik heeft van de moslims. Of als het Turkse parlement een wet wil stemmen die overspel moet bestraffen, dan worden de Duitse christen-democraten plots fervente voorstanders van overspel. Niet heel geloofwaardig toch.

Aan de andere kant van het politieke schaakbord vinden we aanhangers van een onmiddellijke en onvoorwaardelijke toetreding van Turkije tot de EU. Dat geldt voor een deel van de socialisten, vooral de Britse, bij zakenlui en bij de onvermijdelijke Georges W. Bush. Deze laatste komt tussen in de binnenlandse Europese aangelegenheden door zijn pleitbezorging voor onmiddellijk Turks lidmaatschap om te verhinderen dat Turkije verglijdt in het “anti-westerse of terroristische” kamp. “Mensenrechten? Nooit van gehoord.” Zakenlui, uit op snel winstbejag, oordelen dat Turkije de laatste tijd een enorme vooruitgang boekte inzake mensenrechten en klaar is om volwaardig lid te worden.

Moeten we Turkije toelaten in de EU? Sommigen argumenteren dat het niet de taak is van de revolutionaire linkerzijde om voorwaarden te stellen als “de bevolking van een land” wil toetreden. Maar wat te doen dan met Israël, een openlijk racistische staat, met een minister van buitenlandse zaken Netanyahu die reeds de vraag stelde om toe te treden tot de Europese Unie, terwijl Israël een sociocide aan het plegen is tegen het Palestijnse volk?

Ons standpunt is dat we ja moeten kunnen zeggen aan een land dat wil lid worden van de Europese Unie op voorwaarde dat dit land de politieke criteria van Kopenhagen respecteert. Deze criteria zijn een opsomming van een aantal mensen- en minderheidsrechten. Het gaat hier niet om de strijd voor het socialisme, maar om de verdediging van elementaire democratische verworvenheden waarvoor onze arbeiders- en sociale beweging hard gevochten heeft. Het is daarenboven een kostbaar drukkingsmiddel ten aanzien van Turkije, een drukkingsmiddel dat onze democratische krachten in Europa schouder aan schouder zet met de progressieve beweging en de Koerdische bevrijdingsbeweging in Turkije. Geen democratische voorwaarden stellen voor de toetreding van Turkije tot de Europese Unie met het argument dat “de Europese Unie hoe dan ook een imperialistische entiteit is”, zet de poorten wagenwijd open voor een militaristisch, rechts-nationalistisch en repressief Turkije.

Samen met de Koerden en progressieve Turken eisen wij dat Turkije de volgende maatregelen neemt, voor juli 2005, dus voor het begin van de toetredingsonderhandelingen:

  • vrijheid van meningsuiting, vrij onderwijs in de moedertaal en vrijheid van media

Twee privé-schooltjes in de Koerdische taal hebben onlangs hun poorten geopend, maar dat maakt geen deel uit van het officieel onderwijs, de leerkrachten en de leerlingen worden nauwlettend in de gaten gehouden, de lessen worden gegeven na de schooluren onder de Turkse vlag en het waakzame oog van Atatürk. Eren Keskin, één van de verantwoordelijken van de mensenrechtenorganisatie IHD in Turkije is onlangs beschuldigd geworden van “belediging van de strijdkrachten” omdat ze Turkse soldaten beschuldigd had van sexuele mishandeling van Koerdische vrouwen. Als het waar is dat een persagentschap “de Tigris” DIHA (het mag niet Koerdisch genoemd worden, want dat zou gestraft worden wegens “aanzetten tot racistische haatgevoelens”) nu beter kan functioneren in Turks Koerdistan, na het beëindigen van de noodtoestand in de Koerdische provincies, dan is het evenzeer waar dat de Koerdische plaatselijke GUN TV in Diyarbakir een maand uitzendverbod gekregen heeft omdat twee politici op een life-programma in het Koerdisch pleitten voor de erkenning van de Koerdische taal en identiteit. Als het waar is dat de openbare Turkse TRT-TV een half uur per week uitzendt in het Koerdisch (heel academisch, practisch onverstaanbaar voor de gemiddelde Koerd), dan is het ook waar dat de Koerdische satellietTV ROJ TV (het vroegere MED-TV) dat uitzendt vanuit Denderleeuw verboden blijft in Turkije op beschuldiging van “terroristische banden”.

  • recht op terugkeer, afschaffing van het systeem van dorpswachters

De dorpelingen van de 4000 verwoeste dorpen en nederzettingen in de jaren 90 hebben nog steeds niet het recht om terug te keren. Hoe langer hoe meer keren weliswaar terug, maar ze moeten een verklaring ondertekenen waarin staat dat de PKK hun dorp afbrandde en niet het leger. Alle obstakels tot terugkeer moeten opgeheven worden en schadevergoeding moet uitbetaald worden aan alle vluchtelingen. Daarenboven moet het systeem van dorpswachters worden afgeschaft. Dat zijn Koerdische dorpelingen, bewapend en betaald door de Turkse staat om te collaboreren tegen de rebellen van de PKK (vandaag KONGRA GEL).

  • de militairen in de kazernes

Sinds de staatsgreep van 1981 dikteert de Nationale Veiligheidsraad de wet in Turkije. Tijdens vergaderingen van de NAVO moet de Turkse defensieminister steeds de toelating vragen van zijn generaal, vooraleer hij iets kan beslissen, terwijl het omgekeerde het geval zou moeten zijn in een burgerlijke democratie. Het vervangen van de voorzitter van de Veiligheidsraad (een militair) door een burger is slechts een cosmetische verandering. De militairen moeten zich terugtrekken uit de politiek en het parlement en de regering laten regeren. De kiesdrempel van 10% (bedoeld om de 20 miljoen Koerden, een kwart van de bevolking in Turkije niet te laten vertegenwoordigen in het Turkse parlemen) moet worden afgeschaft.

  • en tenslotte: alle politieke gevangenen moeten vrijgelaten worden, dus ook Abdullah Öcalan, een dialoog moet opgezet worden met het Koerdisch verzet en een nul-tolerantie moet ingevoerd worden ten aanzien van foltering.

Chris Den Hond

Chris Den Hond is journalist/cameraman bij de Koerdische satelliettelevisie ROJ TV en stichtend lid van de Belgische coördinatie “Stop de oorlog tegen het Koerdische volk”, dat zo’n 150 verenigingen en individuen groepeert.

(Uitpers, nr. 58, 6de jg., november 2004)

Chris Den Hond informatie