Terreurbestrijding tot in de paradijzen

Van de G8 tot de VLD zijn ze het erover eens geworden: om de terroristische netwerken te bestrijden, moeten we ze in de portefeuille treffen. En dus moet die strijd ook worden gevoerd in de fiscale paradijzen. Het bankgeheim is niet langer taboe.
We hoorden dat al veel vroeger, vooral in de strijd tegen de grote georganiseerde misdaad. Het was een van de belangrijkste slotconclusies van de conferentie over maffiabestrijding die de UNO eind 1994 in Napels hield. Zes jaar later volgde een twee gelijkaardige conferentie, in Palermo. De conclusie was weer dezelfde, maar intussen was er bitter weinig veranderd. Gaat dat nu wel veranderen?

Na de aanslagen van 11 september is de belangstelling van de media voor clandestiene geldcircuits weer toegenomen, want de netwerken van Osama bin Laden zouden er op grote schaal gebruik van maken. Clandestien is veel gezegd, het gaat om gewone circuits waar naast maffiagroepen ook de "gewone" zakenwereld gebruik van maakt. Het zijn de circuits onder meer vertrekkend van Swift in België waardoor een kapitaal van miljarden euro in welgeteld 20 minuten de reis rond de wereld kan maken. Het is een kwestie van weinig tijd om daar 20 seconden van te maken.

Ineens duiken allerlei gissingen op over omvangrijke fondsen die moeten dienen om terreurgroepen te financieren. Het lijkt wel alsof er voor het plegen van aanslagen miljarden dollar nodig zijn. Hoe dan ook, de klopjacht op de fondsen LIJKT geopend.

Een eerste probleem dat opduikt: er zijn geen specifieke witwascircuits voor terroristen. Diezelfde circuits worden gebruikt door groothandelaars in drugs, in wapens, in mensen, in gestolen kunstvoorwerpen, in menselijke organen en andere maffiagroepen. Maar ook door ‘gewone’ grote fraudeurs, belastingsontduikers… Het zijn altijd dezelfde technieken van juridische vondsten met elkaar overlappende vennootschappen verspreid over de wereld, dekmantelbedrijven beheerd door stropersonen en meestal gevestigd in een van de tientallen fiscale paradijzen.

De door de OESO ingestelde TAFT, de ‘Financial Action Task Force (‘Actiegroep voor de bestrijding van witwassen van kapitalen’), schat dat er jaarlijks 1.000 miljard dollar (1.100 miljard euro) in die circuits passeert. Het IMF schat dat het om nog meer gaat. En dat komt dus jaarlijks bij wat die grote misdaadmilieus reeds geaccumuleerd hebben.

Experts en advocaten

De tijd is lang voorbij dat die groepen het geld in een spaarkous stopten – zoals het drugskartel van Medellin tot 20 jaar geleden deed. Ze hebben de allerbeste financiële experts in dienst, want ze betalen die erg goed. Ze hebben ook uitstekende advocaten in dienst die zeker alle trucs inzake procedurekwesties uitstekend beheersen en soms een diploma van prestigieuze universiteiten als Harvard of Columbia op zak hebben.

De maffiagroepen hebben zo op zijn minst vele duizenden miljarden euro in een veilig paradijs kunnen onderbrengen, of (vooral) via een van die paradijzen weer in het witte circuit gebracht. Het staat nu wel vast dat ze tot begin vorig jaar erg bedrijvig waren op de grote technologiebeurzen, alhoewel ze de andere beurzen nooit verwaarloosd hebben. Bij elke grote privatisering waren/zijn ze er als de kippen bij om deel te nemen. Vastgoed, toerisme, handelsondernemingen, maar ook verzekeringsmaatschappijen en beleggingsfondsen zijn gegeerd terrein.

Met andere woorden, de misdaadgroepen hebben op mondiale schaal geprofiteerd van de mondiale vrije markt; hoe meer deregularisatie, hoe beter voor die groepen. Daarmee kunnen zij zich veel gemakkelijker in de legale economie inschakelen en worden ze meteen ongrijpbaarder voor degenen die het witwassen van illegale kapitalen bestrijden.

Die strijd wordt in theorie al jaren gevoerd. Luister naar wat de Franse magistraat Eric Halphen, belast met het onderzoek naar mogelijke corruptie door president Jacques Chirac en zijn omgeving tot het hem werd afgenomen, daarover zegt. "Het vergt vijf minuten om een miljoen Franse frank (150.000 euro) bij een bank in Nederland te plaatsen. Dan nog eens vijf minuten om het naar een Zwitserse bankrekening over te hevelen. Een dag om naar Zwitserland te reizen, de rekening af te sluiten en de straat over te steken om er een andere te openen. Een rechter zal zes maanden moeten wachten om een rogatoire commissie naar Nederland te sturen (een jaar voor Groot-Brittannië), nog eens zes maanden wachten op een Zwitserse toestemming om daar dan vast te stellen dat de rekening afgesloten is."

Euro-injust

Na de aanslagen in de VS is het Europa van de justitie weer tot leven gewekt. Het idee is rond tien jaar oud, maar het was wachten tot 2000 eer er iets als Eurojust kwam. Daar experimenteren experts uit diverse EU-landen met het sneller doorgeven van informatie over criminele netwerken. Het stelt niet veel voor, veel minder dan dat waar de juristen van de Groep van Genève (onder wie procureur Dejemeppe uit Brussel) al vijf jaar aandringen: een probleemloze samenwerking van magistraten van de EU tegen die netwerken.
Maar zoals de Franse magistraat Renaud Van Ruymbeke, van diezelfde groep, terecht opmerkt: zelfs een EU-kader is veel te nauw voor die strijd. Er moet dringend een internationaal akkoord komen om het economisch-financieel leven doorzichtig te maken, zegt Van Ruymbeke.

Doorzichtigheid is echter het laatste wat kapitalisten wensen. Zij zorgen er integendeel voor om zelf netwen van vennootschappen op te richten om alles zo ondoorzichtig mogelijk te maken, tot in een van de vele ‘offshore’ paradijzen. Doorzichtigheid vereist het opheffen van het bankgeheim. De ‘paradijzen’ die toch medeplichtig blijven aan, zouden uit het internationaal handelsverkeer moeten worden gebannen, zegt hij.

Maar wat met veel EU-landen die zelf dergelijke paradijzen herbergen, zoals de coördinatiecentra in België. Of de paradijsjes van de Britse Kanaaleilanden. Enz. En wat met de VS-staat Delaware dat bij speurders naar witwaspraktijken ook steeds meer een kwalijker faam krijgt, nochtans gelegen in de schaduw van Washington DC. Het zijn allemaal faciliteiten waar ook terroristische netwerken volop gebruik kunnen van maken en dat volgens enquêteurs ook doen.

De EU pakt uit met nieuwe maatregelen die onder meer het doorspelen van informatie vergemakkelijken. Het zijn doekjes voor het bloeden. Ook in de VS wordt veel gepraat over een ernstiger aanpak van de witwasserij, maar om de haverklap blijkt weer dat de Amerikaanse banken ‘slordig’ of ‘onoplettend’ zijn, aldus een rapport van een subcommissie van de Amerikaanse Senaat.

Uit al die rapporten en zwarte lijsten van landen die witwassers zelfs aanlokken, blijkt steeds weer hoe goed men het allemaal weet. Het gebrek aan doortastend optreden is de te schrijnender. Als men het allemaal goed weet en er gebeurt weinig, is dat dan geen uiting van hypocrisie en zelfs actieve medeplichtigheid?

(Uitpers, oktober 2001)

(Visited 1 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 50 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook