Somalië, het excuus van het islamisme

Het Ethiopische leger valt Somalië binnen om er, “op verzoek van de regering” de Unie van Islamitische Rechtbanken te verjagen. Amerikaanse bommenwerpers bestoken delen van Somalië “om er agenten van Al Qaida te vernietigen”. Ook op verzoek van die zelfde “regering”? Ja, zegt de premier van die “regering”, ze hebben ons gevraagd om het hen te vragen. Wat voor een regering is dat dan wel en is Somalië al dan niet een soevereine staat?

Naast de categorie van “schurkenstaten” bestaat er ook nog de categorie “falende staten” (failing states). Het gaat om staten waar de overheden niet in staat zijn een minimum aan organisatie en diensten te waarborgen, waar de ingezetenen aan hun lot zijn overgelaten. Gaat het hier om de VS na de orkaan Katrina in New Orleans? Nee, natuurlijk niet, het gaat om staten waar er geen centraal bestuur meer is of waar het centraal bestuur geen gezag over een groot deel van het grondgebied uitoefent (het gaat hier niet om bij voorbeeld Afghanistan of Irak). Wat kan er nu verkeerd aan zijn om in een “falende staat” wat orde te brengen? Dit begrip falende staat zet de deur open voor militaire interventies.

Somalië was zowat een schoolvoorbeeld van een “falende staat”. Elk centraal gezag was verdwenen, het noordelijk deel had zich afgescheiden in een zelfstandig Somaliland, de rest was in handen van krijgsheren die in samenspraak met traditionele clanleiders de macht en buit onder elkaar verdeelden.

Krijgsheren

Tot 1991 had Somalië een regering, geleid door Siad Barre die op goede voet stond met de Sovjet-Unie. Een coalitie van clanleiders wierp de regering omver, waarop diverse clanchefs met elkaar om de macht streden, wat uitliep op een veralgemeende oorlog tussen krijgsheren. Washington voelde zich geroepen om een “einde aan de chaos te maken” – tenslotte is de Hoorn van Afrika strategisch belangrijk, rechtover het Arabische schiereiland en langs grote olieroutes.

De operatie kreeg de pompeuze benaming “Restore Hope”. Ze begon erg mediatiek: toen de Amerikaanse marines in december 1992 aan land gingen, struikelden ze letterlijk over de kabels van al die tv-zenders die de start van de operatie in detail uitzonden.

Van herstelde hoop kwam helaas niets in huis. De Amerikanen gingen al snel burgers bestoken omdat ze maar geen vat kregen op de situatie. Op 31 maart 1994 trokken ze zich onder het vuur van enkele milities in allerijl terug. Er stonden geen tv-camera’s om die smadelijke aftocht, het voorlopig einde van een nachtmerrie, te filmen.

Somalië bleef in handen van elkaar bevechtende krijgsheren. Washington kreeg wel weer grotere belangstelling voor de regio na de aanslagen van 1998 op de Amerikaanse ambassades in Nairobi en Dar es-Salaam en die van 2000 tegen een Amerikaans oorlogsvaartuig in Aden. Na de aanslagen van 11 september 2001 nam die Amerikaanse belangstelling verder toe, want in Somalië zouden kopstukken van Al Qaida verblijven.

Toen de Unie van Islamitische Rechtbanken, een verzameling van uiteenlopende groepen, vorig jaar een einde leek te maken aan vijftien jaar interne oorlog en daarbij op de sympathie van een belangrijk deel van de bevolking kon rekenen, zag Washington daarin een nieuw element om zich actiever in de regio te gaan bemoeien.

“Regering”

Onder Ethiopische auspiciën hadden enkele krijgsheren en traditionele clanleiders eerder een soort coalitieregering opgericht om met steun van de zogenaamde “internationale gemeenschap” een nieuwe poging te doen een centraal gezag te vestigen. In die coalitie zaten dan wel krijgsheren tegen wie de Amerikanen hadden gevochten, maar in de nieuwe context werden dat bondgenoten.

Die regering slaagde er niet in enige voet aan de grond te krijgen. Ze genoot weinig steun bij een bevolking die al te zwaar onder die krijgsheren had te lijden gehad. Bovendien werd ze gezien als een verlengstuk van het Ethiopisch bewind. De zaak ligt extra gevoelig omdat in het zuiden van Ethiopië Somali’s wonen. De grenzen van Somalië zijn, zoals in een groot deel van Afrika, koloniale grenzen die geen rekening houden met de bevolkingen die er wonen. Ethiopië bezet in de ogen van veel Somali’s een deel van hun grondgebied.

As van de VS

Washington bouwde de voorbije jaren een regionale as van bondgenoten uit. Kenia, Djibouti, Jemen en vooral Ethiopië dat het als de belangrijkste regionale pijler beschouwt. Er gaat steeds meer Amerikaanse hulp naar dat land en Amerikaanse experts leiden Ethiopische militairen op. Washington hoopt van Ethiopië (75 miljoen inwoners) de regionale gendarm te maken.

De Ethiopische invasie in Somalië kon dan ook uiteraard op volle Amerikaanse steun rekenen, waarbij het de vraag is of die niet op Amerikaans verzoek is gebeurd.

De VS hebben vanaf 2002 ook een eigen basis uitgebouwd in Djibouti, in het kamp Lemonnier dat vroeger een basis van het Franse Vreemdelingenlegioen was. Voor het Pentagon is dit een uitvalsbasis voor “Special Operations troops”. In de weken voorafgaand aan de Ethiopische invasie stuurde het Pentagon troepen en wapens naar die basis, met de duidelijke bedoeling ze snel te gebruiken. Wat intussen dan ook gebeurde.

Somalië was tot de zomer van vorig jaar nochtans het terrein van de CIA die daar kopstukken van Al Qaida moest opsporen. Maar het succes van de Islamitische Rechtbanken en het falen van de CIA hadden tot gevolg dat het State Department en vooral het Pentagon de zaak overnamen. Het was voor hen geen enkel probleem van sommige beruchte krijgsheren nieuwe bondgenoten te maken. Het Pentagon wil dit jaar nog een “US Africa Command” oprichten om de Hoorn van Afrika in Amerikaanse greep te brengen.

“Preventief”

Het voorwendsel voor de Amerikaans-Ethiopische invasie lag voor de hand: het islamistisch gevaar. Onze invasie was preventief, aldus de Ethiopische premier Meles Zenawi. Want die Somalische extremisten zegden zelf dat ze alle gebieden wilden veroveren waar Somali’s wonen, dus ook een stuk van Ethiopië. Ze hadden dus zogoed als de oorlog verklaard aan Ethiopië dat zich wel moest verdedigen. Aldus Zenawi in diverse interviews. Ethiopië moest wel beletten dat er in Somaliê een Talibanbewind zou komen dat tegengesteld is aan de cultuur van de Somali’s, aldus expert Zenawi. En tegen dat soort extremistisch gevaar moet Ethiopië wel een langdurige samenwerking met de Amerikanen aangaan.

Bij de Europese Unie waren er gefronste wenkbrauwen na de Ethiopische invasie en Amerikaanse bombardementen. De kritiek bleef traditiegetrouw zeer bescheiden, de EU treedt zelden uit haar status van vazal.

Averechts

De bezorgdheid in Europa is echter vooral ingegeven door de vrees dat deze buitenlandse interventies zoals zo vaak net het omgekeerde effect hebben. De voorbije weken is al gebleken hoe een groot deel van de bevolking zich tegen die interventies keert en de “regering” als een vazal van die buitenlandse machten beschouwt. De milities van de Islamitische Rechtbanken hebben zich inderdaad snel uit de steden teruggetrokken omdat een strijd binnen die steden militair weinig zin had. Maar ze zijn verre van uitgeschakeld en kunnen zich nu opwerpen als de enigen die in het land eenheid en orde kunnen instellen en die zich tegen de buitenlandse invallers keren.

(Uitpers, nr. 83, 8ste jg., februari 2007)

(Visited 6 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 89 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook