Programma voor een menselijke samenleving

Dirk Barrez – Van verontwaardiging naar verandering – Global Society vzw – 66 blz. – 6,00 euro

Er is geen alternatief. Dat houden bankiers, bedrijfsleiders, economen, denktanks, politici en journalisten ons dagelijks voor. Voor hen is er geen alternatief voor het liberale beleid dat het kapitalisme probeert in stand te houden. Dat dit kapitalisme de ene crisis na de andere veroorzaakt en dat er dus dringend nood is aan een alternatief willen ze niet zien. Journalist Dirk Barrez waagt het om op enkele bladzijden een alternatief te schetsen: een programma voor een menselijke samenleving.

Dirk Barrez vertrekt van de massale protestbewegingen die de voorbije maanden zowat overal ter wereld zijn ontstaan tegen de ondemocratische, onrechtvaardige, kapitalistische samenlevingen: Arabische lentes, massale stakingsbewegingen, Occupy Wall Street, indignados enz. Er is nogal wat om tegen te protesteren: de zoveelste crisis van het kapitalisme ook financiële of bankencrisis genoemd; de klimaatverandering; de abdicatie van de politiek. Alleen maar verontwaardigd zijn volstaat echter niet. Om te beginnen dient de toestand in de wereld grondig te worden geanalyseerd: misbruiken in de financiële sector; verloedering van het milieu; monopolies in de energie- en andere sectoren en een slechte globalisering vol ecologische, sociale en democratische tekortkomingen.

De auteur meent dat er een alternatief mogelijk is voor de kapitalistische wereldorde. Hij pleit voor een radicale, participatieve democratie – ook op economisch vlak – de uitbouw van een sociaal-ecologische economie, een mondiale sociale zekerheid, een basisinkomen voor iedereen en een rugzak van milieugebruiksrechten.

Barrez werkt zijn ‘utopie’ uit in een programma voor een menselijke samenleving. Hierin stelt hij dat een volwaardige democratie de economie, de ecologie, de samenleving, de kennis en de cultuur niet uitsluitend aan de markt en de privé-belangen kan overlaten. Toch eist Barrez niet ondubbelzinnig het openbaar bezit van de productiemiddelen. Hij pleit wel voor zeggenschap, medebeheer en participatie. Hij meent dat overheden en samenlevingen economische initiatieven moeten nemen om hun doelstellingen te bereiken, zeker als de vrije markt in gebreke blijft. Betekent dit dat het openbaar initiatief alleen maar een aanvulling van de markt mag zijn? Om een alternatief voor het kapitalistische stelsel te bieden is het voor Barrez in ieder geval niet nodig dat de overheid alles zelf doet of iedereen betuttelt. Voor hem volstaat het dat de overheid zich als coach van de samenleving opstelt die voor goede spelregels zorgt en ze ook doet naleven.

Barrez wil de concentratie en privatisering van economische activiteiten wel beperken en de gemeenschapseigendom van sommige productiemiddelen ‘zonodig’ mogelijk maken. Hij denkt dan aan het bank- en verzekeringswezen dat volledig in handen moet komen van openbare of coöperatieve banken en verzekeraars. De overheden moeten ook zorgen voor openbare voorzieningen zoals waterbedeling, verkeerswegen, onderwijs, gezondheidszorg, eigendomsregisters, rechtbanken en politie.

Om op wereldvlak een sociaal-ecologische welvaart te waarborgen moeten regeringen alle internationale sociale, arbeids- en milieunormen in hun wetgeving opnemen. Om de welvaart eerlijk te verdelen moeten de overheden een levenswaardig inkomen, menswaardige arbeidsomstandigheden en duurzaam werk voor iedereen waarborgen. Er moet niet alleen een basisinkomen worden gewaarborgd, maar ook een maximuminkomen worden vastgelegd. Onderwijs moet een publieke zaak blijven. Markt en economie kunnen hier hun regels niet opleggen. De organisatie van de samenleving is het alleenrecht van de seculiere besturen, dus zonder inmenging van de godsdiensten.

De massale protesten die sinds maanden in tal van landen plaatsvinden zijn echter niet bij machte fundamentele veranderingen te bewerkstelligen. Dat besef begint stilaan door te dringen. Een mobilisatie en een beweging ten gunste van een menselijke samenleving zijn ongetwijfeld noodzakelijk, maar niet voldoende. Politieke organisatie en leiding zijn onmisbaar. Barrez pleit daarom voor steun aan politieke partijen en politici die een menselijke samenleving dichterbij brengen. De auteur beseft blijkbaar dat nog niet te veel partijen en politici in die richting werken, want hij sluit niet uit dat de beweging voor een menswaardige samenleving haar eigen politieke partij opricht. Misschien wel, zo schrijft hij, ‘de eerste mondiale politieke partij met wortels in de hele wereld’. Werk aan de winkel.

(Uitpers, nr. 137, 13de jg., december 2011)