Palestina: werk aan de winkel voor minister van Buitenlandse Zaken Lahbib

De komende weken zal kersvers minister van Buitenlandse Zaken, Hadja Lahbib, beginnen schrijven aan haar beleidsnota. Een uitgelezen kans om een ambitieuzer Belgisch Palestinabeleid in de stelling te brengen. In Masafer Yatta, in de heuvels ten zuiden van Hebron in bezet Palestina, lopen zo’n 1.100 Palestijnse vrouwen, mannen en kinderen momenteel het risico van uitzetting en dreigende vernietiging van hun huizen. Op 4 mei 2022 heeft het Israëlische Hooggerechtshof toestemming gegeven voor de sloop van deze huizen. Masafer Yatta zou één van de grootste massale uitzettingen van Palestijnen sinds 1967 betekenen. Sinds 4 mei zijn in Masafer Yatta al verschillende Palestijnse huizen met de grond gelijk gemaakt. De zogenaamde ‘demolitions’ van Palestijnse huizen beperken zich overigens niet tot dit gebied. Alleen al in de eerste zeven maanden van 2022 vernietigde het Israëlische leger 425 Palestijnse structuren, waardoor 556 Palestijnen op straat kwamen te staan.

Nederzettingen van annexatie

De vernielingen vormen bovendien maar het tipje van de Israëlische annexatie-ijsberg. De afgelopen maanden werd de bouw van duizenden nieuwe nederzettingen aangekondigd, die onder internationaal recht nochtans oorlogsmisdaden uitmaken. Dergelijke kolonisatie komt neer op een feitelijke annexatie van Palestijns grondgebied.

Cijfers van de Israëlische ngo Peace Now, die ook aangehaald worden in het jaarlijkse EU-rapport over de nederzettingen, tonen dat sinds juni 2021 de bouw van nieuwe huizen in nederzettingen met meer dan 60% steeg. In dezelfde periode werden, diep in de Westelijke Jordaanoever, nog eens zes nieuwe ‘outposts’ (die zelfs onder Israëlische recht illegaal zijn) gebouwd, werden plannen voor de bouw van nog eens 7.000 nederzettingen-huizen versneld, en vonden er elke maand gemiddeld 29 aanvallen plaats van Israëlische kolonisten op Palestijnse burgers.

Sinds begin 2021 werden ook minstens 396 Palestijnse burgers gedood. Ook journalisten ontkomen niet aan het Israëlische geweld. Dat werd – nog maar eens – duidelijk bij de gruwelijke moord op de Palestijnse journaliste Shireen Abu Akleh in mei 2022, die volgens verschillende internationale onderzoeken werd neergeschoten door een Israëlische scherpschutter. En zelfs de doden zijn niet veilig in Palestina, zo bleek toen de Israëlische politie de begrafenisstoet aanviel die de kist van de journaliste droeg.

Mensenrechtenterreur

Werk aan de winkel dus voor Palestijnse mensenrechtenorganisaties, om dit alles grondig te documenteren. Niet zo snel, dacht Israël toen het in oktober 2021 zes prominente Palestijnse ngo’s als ‘terreurorganisaties’ brandmerkte. Het orgelpunt van een jarenlange desinformatie- en lastercampagne. Zelfs voor de EU was dit – met heel wat vertraging – een brug te ver: begin juli 2022 hervatte de Europese Commissie de steun aan mensenrechtenorganisatie al Haq, en verklaarden negen Europese landen – waaronder België – dat het Israëlische ‘bewijsmateriaal’ niet ernstig was. Minister van Ontwikkelingssamenwerking, Meryame Kitir, die in maart 2021 de Israëlische beschuldigingen reeds afwees, speelde hier een belangrijke rol in.

Het feit dat Europese landen acht (8!) maanden nodig hadden om het flinterdunne Israëlische ‘bewijs’ publiekelijk af te wijzen, spreekt echter boekdelen over de dubbele standaarden die gehanteerd worden als het over Israël gaat. De EU is wereldkampioen in ‘betreuren’, ‘veroordelen’ en ‘ongerustheid uiten’, dat zeker. Maar ze blijft oorverdovend stil als het gaat over concrete actie tegen Israëlische mensenrechtenschendingen. Erger nog: Europese landen probeerden in 2021 de oprichting van een VN-onderzoekscommissie actief tégen te werken, en hervatten in juli 2022 de EU-Israël Associatieraad. Die raad kwam de afgelopen tien jaar niet samen, nadat de EU ze in 2013 uit protest had opgeschort. De EU blijft ondertussen handel drijven met Israëlische nederzettingen, in flagrante tegenspraak met het internationale recht.

Glimmers van hoop

Is alles dan kommer en kwel? Gelukkig niet. De afgelopen twee jaar groeide de internationale consensus – onder impuls van Palestijnse, Israëlische en internationale mensenrechtenorganisaties, en de VN Special Rapporteur voor mensenrechten in Palestina – dat Israël zich schuldig maakt aan de misdaad van apartheid. In juli 2022 onderschreef de Zuid-Afrikaanse regering, ervaringsdeskundigen ter zake, die analyse. In mei 2021 werd bovendien een nieuwe VN-onderzoekscommissie opgericht, wiens mandaat het toelaat om de beschuldigingen van apartheid te onderzoeken. Enkele maanden daarvoor, in maart 2021, kondigde het Internationaal Strafhof aan een onderzoek te openen naar misdaden begaan in bezet Palestijns gebied.

En ook binnen de private sector beweegt het een en ander. Grote internationale pensioenfondsen, zoals het Noorse KLP, en Amerikaanse bedrijven als Ben & Jerry’s en General Mills kondigden aan zich terug te trekken uit de nederzettingenindustrie. Palestijnse en Europese middenveldorganisaties verenigden zich in de ‘Don’t Buy into Occupation‘ coalitie, en op Europees niveau werd een ‘burgerschapsinitiatief‘ gelanceerd dat een algemeen Europees verbod op de handel met nederzettingen in bezette gebieden wereldwijd eist.

Op Belgisch, Europees en internationaal niveau is ook bindende wetgeving in de maak die bedrijven een ‘zorgplicht’ oplegt, waardoor ze twee keer zullen nadenken vooraleer nog zaken te doen in illegale nederzettingen. En in oktober 2021 bereikte de federale regering een akkoord om het ‘differentiatie’-beleid tegenover Israëlische nederzettingen verder uit te diepen. Zo’n beleid is gericht op het systematisch uitsluiten van de Israëlische nederzettingen uit alle politieke, financiële en economische relaties met Israël.

Tijd van pappen en nathouden allang voorbij

Tegen die achtergrond heeft België sinds kort een nieuwe minister van Buitenlandse Zaken, de voormalige RTBF-journaliste Hadja Lahbib. Door haar jarenlange terreinervaring is ze goed vertrouwd met de brutale realiteit in Palestina. Ze heeft bovendien een duidelijk mandaat in het federale regeerakkoord, dat belooft om het differentiatiebeleid verder uit te bouwen, ‘tegenmaatregelen’ tegen Israëlische annexatie te nemen en van de strijd tegen straffeloosheid een absolute topprioriteit te maken. België is bovendien kandidaat voor een zitje in de VN-Mensenrechtenraad in de periode 2023-2025.

De komende weken zal de minister ook beginnen schrijven aan haar beleidsnota, die haar plannen voor 2023 op een rijtje zet. Een uitgelezen kans om een ambitieuzer Belgisch Palestinabeleid in de stelling te brengen. Meer concreet kan de minister duidelijk maken dat ze:

-Actief werk zal maken van een integrale uitvoering van het akkoord dat de regering in oktober 2021 bereikte over de uitbouw van het ‘differentiatiebeleid’ tegenover Israëlische nederzettingen. Als lid van de VN-Mensenrechtenraad – mits verkozen – zit België bijvoorbeeld in een unieke positie om politieke en financiële steun te geven aan een jaarlijkse update van de VN-database van nederzettingenbedrijven. Op nationaal niveau kan Lahbib, samen met haar collega-ministers, ook de wettelijke mogelijkheden bestuderen voor een nationaal verbod op de handel met nederzettingen in bezette gebieden.

Haar diplomaten duidelijke instructies zal geven om er voor te zorgen dat de in de steigers staande EU- en VN-regelgeving een aangescherpte ‘zorgplicht’ opleggen aan bedrijven die actief zijn in bezette gebieden.

-In 2023 een diplomatiek initiatief zal nemen om, samen met gelijkgezinde EU-lidstaten, te werken aan een lijst van tegenmaatregelen’ tegen de Israëlische annexatie van bezet Palestijns gebied, zoals beloofd in het regeerakkoord.

-Alle steun zal verlenen aan het werk van de VN-onderzoekscommissie voor Palestina en Israël, en de commissie zal aanmoedigen om de beschuldigingen van Israëlische apartheid te onderzoeken. Lahbib moet daarnaast het engagement aangaan om, net zoals België deed in het geval van Oekraïne, alle politieke en materiële steun te bieden aan het onderzoek van het Internationaal Strafhof.

-Elke verdere verdieping van de relaties met Israël, in de context van de EU-Israël Associatieraad, afhankelijk zal maken van concrete Israëlische stappen inzake het respect voor het internationale recht en mensenrechten.

Iedereen die de brutale en dagdagelijkse realiteit op het Palestijnse terrein aanschouwt, beseft dat de tijd van pappen en nathouden al lang voorbij is. Palestijnen hebben geen boodschap aan een zoveelste ‘veroordeling’ of uiting van ‘ongerustheid’. Noch aan meer lippendienst aan een ‘vredesproces’ dat al jarenlang een lege doos en schaamlapje voor inactie blijkt te zijn. Ze willen concrete actie tegen annexatie en apartheid. We rekenen op minister Lahbib, met al haar terreinervaring, om nu eindelijk de handschoen op te nemen.

Willem Staes

Deze bijdrage verscheen in de Zomerreeks 2022: Zonnige groeten uit van Samenleving & Politiek. Ook De Wereld Morgen publiceerde het stuk.

Creative Commons

Visited 254 Times, 6 Visits today

Tags :