Over een nieuwe Rus, olie en Tsjetsjenië

De Russische film «De Oligarch» vertelt het verhaal van de maffieuze zakenman Platon Makovski, maker van een president. Onder de titel «Een nieuwe Rus » is de film nu ook in West-Europa uitgebracht. Het lijkt wat op een Amerikaanse politiefilm, maar er zit slechts weinig fictie in die film gebaseerd op het boek «Bolsjaja Pajka », De Grote Brokken, dat de opkomst en neergang vertelt van Boris Berezovsky, de man die Vladimir Poetin in het Kremlin hielp en nu uit zelfbehoud in Londen woont.

Het boek is geschreven door Joeli Doebov, een vroegere vennoot van Berezovsky die vertelt hoe die met de firma Logovaz (auto’s) zijn plundertocht begon. Het boek inspireerde de in Parijs wonende Russische regisseur Pavel Longyn tot een ‘filmepos’ waarin talrijke scènes uit het werkelijke leven in Rusland verwerkt zijn. Zoals de bomaanslag in Moskou op de begrafenis van een peetvader, ‘liefdadigheidsinstellingen’ die dekmantels van maffiagroepen zijn, de video die op tv wordt getoond waarin een lastige procureur met prostituees te zien is, de presidentskandidaat die de goede raad in de wind slaat om tijdens een partijtje biljart met de maffia-zakenman af en toe te verliezen… niets daarvan is verzonnen.

De film toont vooral hoe na de implosie van de Sovjetwereld Rusland ten prooi is gevallen aan een junglekapitalisme waarin iemand als Berezovsky, een wiskundige die vanaf 1985 zijn passie voor cijfers in klinkende munt omzette, gedijt. Hij was een van de eersten om op zeer grote schaal gebruik – misbruik – te maken van Gorbatsjovs hervormingen, van de eerste privatiseringen die de aanloop waren tot de enorme plundering van de jaren ’90. Berezovsky werd in de jaren van president Boris Jeltsin het prototype van dé oligarch die in een minimum van tijd schatrijk werd.

Longyn, uit een joodse familie die na 1991 naar Parijs uitweek, bestempelt de oligarchen à la Berezovsky als "roofdieren die tegelijk de dragers van een nieuwe kijk op de wereld zijn, maar die daarbij het volk vergeten". Er zijn niet alleen de roofdieren, de film toont het wereldje van lieden dat nu in Moskou aan de macht is: oligarchen, gewezen apparatsjiks van het Sovjetsysteem, gewezen en huidige agenten van de geheime diensten die het vooral onder ex-KGB agent Poetin ver schoppen en alle anderen die mee het land plunderen. Van enige intellectuele of sociale weerstand is nauwelijks sprake, alles draait om geld en het is ieder voor zich.

Zondebok?

"Dit is de tragedie van een zeer begaafd man die het zinnebeeld is van al de creativiteit die er in het nieuwe Rusland is, maar die tegelijk ook door de plunderingen via de privatiseringen het allerslechtste vertegenwoordigt", zegt de regisseur. Veel critici in Rusland zelf vinden dat de film al bij al een al te vergoelijkend beeld over Berezovsky ophangt. De man had volgens de producer zelf 70 miljoen dollar aangeboden voor deze productie, maar dat zou zijn geweigerd.

Anderzijds kan het Kremlin tevreden zijn over de film, want tenslotte wordt Berezovsky erin duidelijk afgebeeld als een gangster naar het model van de Amerikaanse Al Capone. Zo helpt de film president Poetin die zijn vroegere sponsor als een zondebok gebruik, als symbool van de plunderaars. Zijn breuk met Berezovsky moest de Russen de indruk geven dat de president afrekent met de oligarchen, wat in de praktijk allerminst waar is.

Sommige Russen vermoeden dat Berezovsky intussen vanuit Londen gewoon waakt over de enorme financiële belangen die de clan Jeltsin in het buitenland heeft. Met zijn beschuldigingen aan Poetins adres dat die in september 1999 zelf achter de aanslagen op appartementsblokken in Moskou en Volgodonsk zat om een nieuwe oorlog in Tsjetsjenië te ontketenen, zou hij de president vooral willen waarschuwen niet aan de belangen van "De Familie" (de clan Jeltsin) te raken.

Aanslagen

Dergelijke complottheorieën krijgen regelmatig voedsel. Zoals de huurmoord van 17 april in Moskou op Sergej Joetsjenkov, medevoorzitter van "Liberaal Rusland", de partij die bij haar stichting vorig jaar de steun kreeg van Berezovsky. Vóór Joetsjenkov was al, in augustus vorig jaar, een andere stichter van "Liberaal Rusland" vermoord, parlementslid Vladimir Golovljev, die echter ook in allerlei duistere zakendeals was betrokken. Tegen hem liep al jaren een onderzoek voor verduistering op grote schaal bij privatisering.

Joetsjenkov, gewezen professor marxistische filosofie, maakte als parlementslid deel uit van de commissie die een onderzoek tracht in te stellen naar die beruchte aanslagen van september 1999. Vorig jaar had hij de promotie verzorgd van een documentaire film die wil aantonen dat die aanslagen inderdaad het werk zijn van de geheime dienst FSB – die tot 1999 door Poetin werd geleid. Die film was gefinancierd door Berezovsky met wie Joetsjenkov in oktober vorig jaar had gebroken nadat die in een uiterst-rechts blad had verklaard dat Rusland beter af is met een communistische dan helemaal geen oppositie. Sindsdien waren er twee partijen met het etiket "Liberaal Rusland", een met en een zonder Berezovsky. Zowel de FSB als Berezovsky hadden dus belang bij Joetsjenkovs verdwijning.

De moord op Joetsjenkov kreeg meer aandacht dan bij voorbeeld de moord een dag later op de eigenaar van een lokale tv-zender in Moermansk of de moord twee dagen eerder op een hoger kaderlid van Norilsk Nickel, inzet van een harde strijd onder oligarchen. Die moorden illustreren dagelijks dat Poetins "herstel van de orde" vooral neergekomen is op meer macht voor de geheime diensten.

Is het een toeval dat Joetsjenkov de nietigverklaring had gevraagd van het referendum dat Poetin op 23 maart in Tsjetsjenië had georganiseerd om zogenaamd het einde van de oorlog met een normalisatie te bekrachtigen? Zijn verzet tegen de oorlog in Tsjetsjenië, sinds 1994 al, had hem in het Kremlin alleszins veel vijanden opgeleverd.

Over die normalisatie bestaan grote twijfels. Kort vóór Joetsjenkov werd vermoord, kreeg Poetin een vertrouwelijk rapport van de door Moskou geïnstalleerde regering in de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny. Dat vermeldt voor het jaar 2002 zomaar 1.314 mensen die in Tsjetsjenië door Russische troepen koelbloedig zijn vermoord, vaak door ze met explosieven te omgorden en dan te doen ontploffen. In dat cijfer zijn niet de talrijke slachtoffers van militaire operaties begrepen. Het rapport vermeldt ook 49 plaatsen waar massagraven zijn gevonden. Onder meer rechtover de militaire basis van Chankala zijn 43 lijken opgegraven. De moorden gaan ook dit jaar aan hetzelfde tempo door, aldus het rapport. Van "normalisatie" gesproken.

Oligarchen en olie

Ook de "normalisatie" in de zakenwereld laat op zich wachten, Poetin heeft de macht van de oligarchen nog maar weinig aangetast. De recente fusie van twee oliereuzen, Joekos en Sibneft, maken dat nogmaals duidelijk. Sibneft is lang beheerd door zijn stichter, alweer Berezovsky. Nu is de grootste aandeelhouder ervan Roman Abramovitsj (zie ook Uitpers nr. 37, januari 2003). Abramovitsj verwierf eind vorig jaar nog de controle over Slavneft, de laatste nog in handen van de overheid zijnde olie-onderneming. Dankzij zijn vrienden in het Kremlin kreeg hij die voor een vriendenprijsje. Concurrenten, namelijk Chinese kopers van de CNPC die op de veiling wilden komen bieden, waren bij aankomst op de luchthaven van Moskou voor de duur van de veiling…gegijzeld.

De fusie Joekos en Sibneft is in zekere zin een reactie op het binnendringen van het Britse BP in de Russische oliesector: BP verwierf in februari 50 procent van TNK, toen het nummer 4 in Rusland.

De 39-jarige Michail Chodorkovsky, volgens het Amerikaanse tijdschrift Forbes de rijkste man van Rusland, versterkt met de fusie van zijn Joekos met Sibneft zijn positie in de energiewereld ten nadele van Vagit Alekperov, de chef van Loekoil. Want dat laatste was tot de fusie nummer één, met veel invloed op het Kremlin. Nu is JoekosSibneft groter dan Loekoil, het zit in de top vijf op wereldvlak, te vergelijken met ChevronTexaco en TotalFinaElf. Dat geeft oligarch Chodorkovsky meer macht in het Kremlin.

Nu is Chodorkovsky de man die de Russische diplomatie rechtuit richting Washington wil stuwen. Hij ging eind vorig jaar in de VS pleiten om meer Russische olie te kopen, om Rusland te zien als een ‘strategisch leverancier’. Een jaar eerder leidde hij in Rusland het verzet tegen de OPEC die Moskou toen on der druk zette om mee te doen aan productiebeperkingen. Hij pleitte er ook voor Amerikaanse deelname aan consortiums om de Iraakse olievelden te ontginnen. De toenemende macht van Chodorkovsky betekent alleszins een versterking van de pro-Amerikaanse lobby in Moskou waar ook Poetin terdege rekening mee houdt.

Vergeten volk

Ze zijn het volk vergeten, zegt regisseur Longyn over de oligarchen à la Berezovsky. Poetin wekt daarentegen de indruk dat hij zich bekommert om het volk. Intussen zijn de eerste resultaten bekend van de jongste volkstelling, en die zeggen veel over de staat van "het volk".

Rusland heeft nu officieel 145,2 miljoen inwoners, dat is 1,8 miljoen minder dan bij de vorige telling, in 1989. Nochtans zijn er sindsdien meer dan 11 miljoen mensen ingeweken, bijna allemaal Russen uit vroegere Sovjetrepublieken, terwijl er 5 miljoen zijn uitgeweken. Blijkt echter dat er 7 miljoen meer doden dan geboorten waren.

Het sterftecijfer is namelijk zeer sterk toegenomen door ziekten en alcoholisme, vooral onder mannen tussen 30 en 60 jaar. De grote stress van het dagelijks bestaan veroorzaakt veel meer hart- en vaatziekten, het alcoholmisbruik leverziekten. Daar komt bij dat de gezondheidszorg is ingestort en alleen nog toegankelijk is voor de rijkere Russen. De overheid trekt bijzonder weinig geld uit om daar iets aan te verhelpen. De belabberde toestand van gezondheidszorg en onderwijs, de onzekerheden van het dagelijks bestaan en andere sociale problemen dragen bij tot een zeer laag geboortecijfer. Demografen voorzien dat de bevolking van Rusland de komende decennia jaarlijks met één miljoen zal verminderen.

(Uitpers, nr. 42, 4de jg., mei 2003)

Deel dit artikel

Visited 126 Times, 1 Visit today

Tags :
Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook