Over Chinese steenkool en ecologie

In China is vervuiling een dagelijkse realiteit. Een jaar geleden bracht ik een maand door in Peking. De zon bleef de hele tijd verborgen achter een dikke waas. Slechts na regen verscheen de zon weer om twee dagen later weer achter een dikke mist te verwazen. Het meest schokkende was hoe gewoon iedereen in Peking dat vond. De mensen met een auto klaagden enkel over het feit dat de regen, die het stof naar beneden had gehaald, hun auto`s had besmeurd.

Het is in China`s talrijke grote steden telkens hetzelfde verhaal. Ik bezocht ook het Tai-meer (Taihu). Dit grote meer, dichtbij Shanghai, was eens een nationale trots. Nu is het compleet bedekt met een dikke laag smeuïg groen. Druiven worden gegeten zonder het velletje, omdat men de insecticiden vreest. Melk durf je niet te drinken. Tanden poets je maar beter met niet te veel tandpasta…

Cijfers kunnen deze realiteit niet bevatten. Wat cijfers mogelijk welk kunnen bevatten is de vraag: “Kan het nog goed komen met dit China?”

Groeien als Chinese (steen)kool

China is arm aan natuurlijke gassen en aardolie. Het is kool dat voorziet in 70% van China’s energienood. Steenkool is ook verantwoordelijk voor 80% van ‘s lands CO2-uitstoot. Als we over vervuiling spreken in China, spreken we daarom in de eerste plaats over kool. Het relatieve aandeel van steenkool in de totale CO2 vervuiling is stabiel gebleven (een lichte daling van 76% tot 69% in 15 jaar). Dat zal zo blijven omdat China rijk is aan steenkool, maar zoals reeds vermeld arm aan aardolie en -gassen. Enkel waterkrachtcentrales, denk aan de fameuze drieklovendam, hebben groeipotentieel. Nu leveren ze nog altijd maar 6% van de energie. Nucleaire en andere alternatieve energiebronnen zullen tegen 2020 naar verwachting elk 4% van de energie leveren.

China’s huidige economische groei betekent elke vijf jaar een toename van het BNP met 50% (China Daily). Onderstaande tabel toont dat het steenkoolverbruik dezelfde trend volgt.

China’s steenkoolenergie (in miljoen ton)

Jaar20002001200220032004200520062007
Tot Productie13401420155017401950215023802520
Tot Consumptie12701320145016301860205022002580
Electriciteit590640730850980108011601300
Ijzer en Staal160160180210250320350420

Volgens www.chinamining.org zal de steenkoolconsumptie in 2008 oplopen tot 2740 miljoen ton. Tegen 2010 is de algemene verwachting dat de limiet van 3000 miljoen of 3 miljard ton gehaald wordt. Een stijging dus met 50% in 5 jaar.

Science Daily schrijft nu dat de uitstoot van koolstofgassen tussen 2005 en 2010 elk jaar met 11% stijgt.(1) Dit is een stijging die nog hoger ligt dan de stijging in het BNP en in de steenkoolconsumptie. Deze toename ondermijnt het hele Kyoto-verdrag, zoals ten tijde van de onderhandeling van het Kyoto-verdrag eigenlijk al voorspeld werd.(2)

Het zijn de elektriciteitscentrales, aangedreven door steenkool, die het leeuwendeel van deze stijging voor hun rekening nemen. De staalfabrieken zijn de tweede grootste slokop.

Energiesparen

Het is dus in de eerste plaats het elektriciteitsverbruik dat in toom moet worden gehouden. De Chinese regering beseft dit ook. Daarom kondigden ze een plan aan om het relatieve elektriciteitsgebruik (per dollar BNP) met 20% te doen dalen tussen 2005 en 2010. Deze 20% wordt door velen aanvaard als ambitieus en is als zodanig ook gebruikt door de Chinese regering in onderhandelingen over het broeikaseffect.

Om dit doel te bereiken worden campagnes gevoerd om elektriciteit te sparen. President Hu Jintao schakelde zijn airconditioning uit en ging in kort hemdje, zonder das, werken voor het goede doel. Volgens de Chinese regering schijnt het half te lukken. In het eerste jaar slaagde de regering slechts in een vermindering van 1,23%. In het tweede jaar werd volgens de Chinese kranten al een vermindering van 3,76% gehaald.

De stijging in steenkoolconsumptie loopt in absolute cijfers gelijk met de stijging in het BNP. Omdat het BNP in de vooropgestelde periode (2005-2010) tegen de 50% zal stijgen, betekent dit dat deze ‘ambitieuze’ relatieve daling van 20%, in absolute cijfers nog steeds een stijging van 20% zou betekenen. In de realitiet is er dus eigenlijk totaal geen effect te zien in de cijfers. Veel getallen, veel percentages, maar er is één duidelijke lijn. De lijn van de steenkoolconsumptie die ongehinderd recht omhoog gaat en die eventuele inspanningen van de rest van de wereld teniet doet.

Politieke wil

Aan de top lijkt er wel politieke wil te bestaan. Eerste Minister Wen Jiabao en President Hu Jintao legden vanaf hun aantreden een sterke nadruk op het mileu. In wat kan doorgaan als zijn ‘State of the Union’ vermeldde Wen Jiabao het woord ‘milieu’ 48 keer. Maar tussen 2000 en 2005 werden vele doelen voor energie-efficientie en voor het verbeteren van de kwaliteit van water en lucht gesteld. Ze werden helaas zelden bereikt. Zo moest de uitstoot van sulfaatdioxide met 10% dalen tussen 2000 en 2005. Het vermeerderde echter met 27% in die periode.(3)

President Hu Jintao lanceerde een groen Bruto Binnenlands Product (BBP). Dat moest het echte BBP berekenen, na aftrek van de pollutiekost. Voor het jaar 2004 kwam men zo tot de vaststelling dat pollutie 3% van China’s BBP kost. Toen bleek dat in vele provincies de groei op die manier tot nul werd verwezen, werd de studiegroep onder druk van de provincieleiders afgevoerd. Meer nog dan de nationale leiders hebben de plaatselijke leiders maar één doel: economische groei. In oktober 2008 publiceerden Greenpeace, WWF en de Energy Foundation een rapport “The True Cost of Coal” dat stelt dat hoger vernoemde cijfers nog te licht zijn. Als je alle effecten meerekent zoals water- en luchtvervuiling, en de menselijke kost, zoals de doden in mijnaccidenten, dan doet steenkoolverbranding het jaarlijks BBP met 7% afnemen.

Volgens de regering doen enkele grote steden het goed in energiesparen, maar vele andere regio’s hinken achterop door gebrekkige technologie en een gebrek aan regeringsoverzicht. Met dit laatste wordt bedoeld dat men plaatselijk ijverig zoekt naar manieren om de regels te ontwijken. Want plaatselijk betekenen deze regels vaak het sluiten van fabrieken en dat is nergens populair.

Doelen worden gemakkelijk gesteld, maar kunnen enkele jaren later, zonder veel poespas, ook opnieuw afgevoerd worden. Wie durft de leiders immers te bekritiseren? Leggen we naast dit gegeven de vaststelling dat de meest gehypete doelstelling, de relatieve daling in energieverbruik van 20%, in absolute cijfers geen effect lijkt te hebben, dan moeten we ook vrezen voor de toekomst van deze eigenlijk niet zo ambitieuze maatregel.

Conclusie is in elk geval dat China geen enkel concreet resultaat bereikt in dit belangrijkste domein van de strijd tegen pollutie. Uit een reportagereeks van de NYTimes blijkt dat het op andere gebieden van vervuiling even erg is gesteld.

Economische crisis

De statistieken tonen duidelijk dat het steenkoolverbruik nu sneller stijgt dan de productie. Dit leidde in het begin van het jaar 2008 voor een scherpe prijsstijging. Maar nu is er door de economische crisis, die ook in China schokken veroorzaakt, een sterk gedaalde vraag naar energie, waardoor de stijgende trend in steenkoolverbruik voor het eerst een knik kent. In oktober daalde de totale energieproductie met 4% en in november met 7%.

In het boek “The Writing on the Wall”, geschreven net voor er sprake was van een wereldwijde economische crisis, argumenteert Will Hutton succesvol dat de huidige economische groeicijfers van tegen de 10% niet zijn vol te houden. Hij schrijft dat de huidige groei gebaseerd is op de verhuis van vele fabrieken naar het lagelonenland China. Maar tegen 2015 zullen de meeste fabrieken gewoon al verhuisd zijn en komt er onvermijdelijk een daling in investeringen. De Chinese economie zou zich dan op eigen kracht moeten ontwikkelen. Maar daar is het land nog helemaal niet klaar voor, onder andere door een gebrek aan technologische ontwikkeling in vele sectoren. Ook de banksector hinkt ver achterop. In november 2008 was er al een daling in investeringen van 37% tegenover het jaar ervoor. Veel fabrieken hebben hun deuren al moeten sluiten. Het ziet er dus naar uit dat de crisis zwaar zal toeslaan, ook in China. Dat zal natuurlijk het energieverbruik in eerste instantie doen dalen, wat goed nieuws is voor water en lucht. Maar het zal vooral betekenen dat vervuiling als thema opnieuw op de achtergrond dreigt te verdwijnen. Mogelijk zal men de hele nationale trots inzetten om de economie weer te stimuleren. Wie zal in een dergelijke situatie nog durven spreken over het verhogen van elektriciteitsprijzen?

(Uitpers, nr 105, 10de jg., januari 2009)

Voetnoten:

(1) National Geographic

(2) The Christian Science Monitor. New coal plants bury ‘Kyoto’. December 23, 2004

(3) china.usc.edu

Deel dit artikel

Visited 116 Times, 1 Visit today

Tags :

zie ook