Naar een progressieve visie over mensenrechten (Deel 2)

III. Emancipatorisch mensenrechtenwerk

1). Kan mensenrechtenwerk neutraal zijn?

Voorbeeld 1: De beoordeling van de staatsgreep in Venezuela in april 2002

In Venezuela had er tussen 11 en 14 april 2002 een staatsgreep plaats tegen de democratisch verkozen president Chavez. De verklaringen die hierover werden afgelegd zijn zeer interessant.

Het Spaanse voorzitterschap van de Europese Unie stelde het volgende(26).

“[L’Union européenne] fait confiance au gouvernement de transition pour respecter les valeurs et les institutions démocratiques afin de régler la crise actuelle dans le cadre de la concorde nationale et dans le respect des droits et libertés fondamentales.”

De Verenigde Staten en Spanje stelden ook een gezamenlijk statement op om de coupplegers te ondersteunen.

L’Espagne et les États-Unis indiquent suivre les événements avec beaucoup d’intérêt et de préoccupation [ils] déclarent condamner les actes de violence mortelle et transmettent leurs condoléances aux familles ; ils appellent à l’arrêt de la violence et au retour au calme ; ils expriment leur souhait de voir la situation exceptionnelle que traverse le Venezuela conduire le plus rapidement possible à une normalisation démocratique complète.” 

En de ambassadeur van de Verenigde Staten in Venezuela, dhr. Charles Shapiro, ging nog verder in het gebruik van de mensenrechten om de coupplegers te steunen.

“Nous applaudissons l’annonce faite par le gouvernement intérimaire, d’une investigation sur les violences d’hier […]. Nous soutenons l’intention annoncée par le gouvernement transitoire de renforcer les institutions et les processus démocratiques dans le cadre d’un respect des droits de l’Homme et de l’État de droit.”

De directeur buitenlandse relaties van het IMF, dhr. Thomas Dawson, sloot zich aan bij de steunbetuigingen.

“Nous sommes prêts à aider le nouveau gouvernement dans ses nécessités immédiates.”

Artikel 21 van de Universele verklaring van de Rechten van de Mens stelt nochtans het volgende:

“Een ieder heeft het recht om deel te nemen aan het bestuur van zijn land, rechtstreeks of door middel van vrij gekozen vertegenwoordigers. … De wil van het volk zal de grondslag zijn van het gezag van de Regering. Deze wil zal tot uiting komen in periodieke en eerlijke verkiezingen, die gehouden zullen worden krachtens algemeen en gelijkwaardig kiesrecht en bij geheime stemmingen of volgens een procedure, die evenzeer de vrijheid van de stemmen verzekert”.

De geciteerde heerschappen zagen even een groteske schending van de mensenrechten door de vingers omdat deze in hun kraam paste. Ze waren vervolgens zo schaamteloos om dezelfde mensenrechten in te roepen om de verkozen president in diskrediet te brengen en een onderzoek te eisen naar de slachtoffers “van het verzet tegen de staatsgreep”.

Dit toont duidelijk aan dat zonder een analyse van de concrete situatie het mensenrechten discours gemakkelijk kan misbruikt worden.

Het misbruik dat hier gemaakt werd van de mensenrechten om een staatsgreep goed te praten en te ondersteunen had moeten worden aangeklaagd.

Als een land niet in de pas loopt van het geglobaliseerd kapitalisme, door bijvoorbeeld te beslissen de basisindustrieën te nationaliseren, en het zich verzet tegen het maximaal openzetten van de grenzen voor de (ongebreidelde) internationale vrijhandel, dan zullen al snel “geschonden mensenrechten” opduiken als politiek wapen tegen die landen. Er zal altijd wel ergens een interne organisatie worden gevonden die repressief aangepakt wordt en dus door het buitenland en in kapitalistische media kan gesteund worden door die krachten tegen wiens belangen het desbetreffende land ingaat. Zelfs als die aanpak inderdaad onterecht repressief is en niet aanvaardbaar is in het licht van de verdediging van de mensenrechten, moet deze aanpak en de kritiek erop in het gehele plaatje bekeken worden. De kritiek op het niet respecteren van mensenrechten kan gegrond zijn en dan moet ze gemaakt worden. Maar om de kritiek juist te situeren moet men de hele context belichten en goed analyseren wie belang heeft bij welke kritiek.

Mensenrechtenwerk los van de maatschappelijke context en los van de politieke en economische belangen die spelen, leidt onvermijdelijk tot misbruik van mensenrechten door de actoren van het conflict.

Voorbeeld 2: De beoordeling van Cuba in het licht van de mensenrechten

De VS voeren al jaren een ideologisch en economisch gevecht tegen Cuba. Eén van hun wapens in dat gevecht is hun kritiek tegen Cuba omwille van “het niet respecteren van de mensenrechten”. Het zijn de VS die er al jaren voor zorgen dat Cuba vermeld wordt op de lijst van de mensenrechten commissie van de Verenigde Naties van landen die de mensenrechten niet respecteren.

Wat opvalt in de kritiek op Cuba is dat er nooit gesproken wordt over de realisatie van de economische en sociale rechten. De levensverwachting in Cuba is 6 jaar hoger dan in de rest van het continent. De kindersterfte is er vier keer lager dan het gemiddelde. Indien Latijns Amerika dezelfde resultaten zou halen als Cuba zouden er elk jaar 285.000 kinderen kunnen gered worden. Enkel al in Centraal Amerika zijn er 7,5 miljoen kinderen die werken. Op heel het continent zijn er 40 miljoen achtergelaten kinderen. Er is sprake van 120.000 kinderen in de prostitutie. In Cuba is van dit alles geen sprake. Alle kinderen gaan er naar school(27).

Als je rekening houdt met de drie generaties van mensenrechten en deze kadert in de historische evolutie van Cuba als ex-kolonie en derde wereld land dan komt Cuba er eerder goed uit. Waarom kritiseren de VS het gebrek aan verwezenlijking van sociaal economische mensenrechten in andere Latijns Amerikaanse landen niet? Waarom stellen de VS niet even hard de schendingen van de politieke en burgerlijke rechten in een land als Colombia aan de kaak. Daar is nochtans meer reden toe. Colombia kent het hoogste aantal politieke moorden van heel de wereld. Jaarlijks worden er duizenden syndicalisten vermoord.

Deze tekst heeft niet de bedoeling om diepgaand in te gaan op Cuba en het thema van de mensenrechten. Daarvoor kan verwezen worden naar de zeer goed onderbouwde en evenwichtige brochure uitgegeven door Oxfam Solidariteit(28). Het enige wat we hier willen aangeven is het feit dat de meeste kritiek die geformuleerd wordt op Cuba zeer vooringenomen is en kadert in een ideologisch en economisch gevecht tegen Cuba. Van een eerlijke en evenwichtige kijk op de realisatie van de mensenrechten door Cuba is meestal geen sprake.

2). Welke rol voor de mensenrechtenactivist?

Volgens Weinglass, een vooraanstaand Amerikaans advocaat, werkt in Amerika 90% van de advocaten voor de 10% rijksten van de Amerikaanse bevolking. De overblijvende 10 % van de advocaten werkt voor de andere 90 % van de bevolking. In België en Europa bestaat het systeem van juridische bijstand maar fundamenteel is dit bij ons niet anders.

Als je als mensenrechtenactivist wel degelijk je steentje wenst bij te dragen tot de universele verwezenlijking van de mensenrechten moet je de structurele problemen zien en de vraag stellen of je werk emancipatorisch of systeem bevestigend is! En de realiteit verplicht je kant te kiezen.

Kant kiezen wilt ook zeggen dat je in je werk niet mag vertrekken van het realisme van het systeem maar van het realisme van de achtergestelde of gediscrimineerde groep die je verdedigt.

Het mensenrechtendiscours zal een ideologisch wapen blijven van de huidige dominante krachten zolang ons werk niet uitgaat van de volgende basisideeën:

  • Het mensenrechtenwerk moet af van de illusie van neutraliteit. Het leidt tot zelfcensuur en oppervlakkigheid. Door een mensenrechtensituatie te bekijken los van de sociaal-economische en politieke context wordt het grondprobleem verdoezeld en dus in de feiten goedgekeurd.
  • Zonder een socio-economische en politieke analyse te maken van de verschillende belangen in een conflict is elke, zelfs juiste mensenrechteneis of actie, een speelbal in de handen van de bij het conflict betrokken krachten.
  • Het mensenrechtendiscours moet uit het schema van selectieve verontwaardiging geraken waarin het geduwd wordt door de overheersing van de pro kapitalistische internationale media. De verontwaardiging die in de kaart speelt van de machthebbers wordt in hun belang breed uitgesmeerd, andere even erge feiten worden geminimaliseerd of verzwegen. Als we niet vertrekken van dit gegeven dan blijft ons werk bron van misbruik.
  • Sociale en economische rechten (van de tweede en derde generatie) zijn even belangrijk als politieke en burgerlijke rechten (van de eerste generatie). Ook het recht van de volkeren op een van het Westen onafhankelijke ontwikkeling verdient meer aandacht. Een mensenrechtensituatie moet globaal beoordeeld worden met oog voor de ondeelbaarheid en universaliteit van mensenrechten.
  • Mensenrechtenactivisten moeten zich bewust zijn van het misbruik dat wordt gemaakt van het begrip mensenrechten. Zij moeten de manipulaties actief bekampen.

Juridisch werk ter ondersteuning van maatschappelijke strijd

Er zijn vele voorbeelden te geven van strijdbewegingen die versterkt werden door een specifieke inbreng van juristen, advocaten en mensenrechtenverenigingen.

De Internationale Vereniging van Democratische Juristen(29) (IADL) heeft via haar statuut van waarnemer bij de Verenigde Naties een belangrijke rol gespeeld in de strijd tegen de apartheid. Zij werkten mee aan het aanklagen van het vroegere apartheidssysteem in Zuid Afrika op internationale fora en zij lagen mee aan de basis van de anti apartheidswetgeving.

De sterkste lidorganisatie van de IADL is de National Lawyers Guild (NLG)(30). De NLG is een Amerikaanse progressieve advocaten-en juristenorganisatie opgericht in 1937 als reactie op het feit dat Joodse en Afrikaanse advocaten geen lid konden worden van de reguliere American Bar Association. Zij hebben een rijke geschiedenis in de verdediging van de vele strijdbewegingen in de VS zoals de strijd tegen het Mac Carthyism, de verdediging van de Amerikaanse arbeidsbeweging, de Civil Rights Movement en de anti-oorlogsbeweging.

De NLG heeft een zeer interessante “Mission Statement” die het idee van de ondersteuning van de maatschappelijke strijd goed omvat:

The National Lawyers Guild is an association dedicated to the need for basic change in the structure of our political and economic system. We seek to unite the lawyers, law students, legal workers and jailhouse lawyers of America in an organization that shall function as an effective political and social force in the service of the people, to the end that human rights shall be regarded as more sacred than property interests. Our aim is to bring together all those who recognize the importance of safeguarding and extending the rights of workers, women, farmers and minority groups, upon whom the welfare of the entire nation depends; who seek actively to eliminate racism; who work to maintain and protect our civil rights and liberties in the face of persistent attacks upon them; and who look upon the law as an instrument for the protection of the people, rather than for their repression”.

Een ander voorbeeld, dichter bij huis en op een meer bescheiden schaal, is de rol die advocaten en juristen gespeeld hebben in de strijd voor de mensen zonder papieren in België. Zij ontwikkelden op vraag van de mensen zonder papieren zelf een wetsvoorstel dat criteria voor regularisatie op permanente en objectieve manier vastlegde. Hoewel het wetsvoorstel nog steeds geen wet geworden is heeft het toch een belangrijke rol gespeeld in de beweging.

We kunnen ook verwijzen naar onze Filippijnse advocatencollega’s van het Public Interest Law Center(31). Zij verdedigden bijvoorbeeld 2000 boeren van de Hacienda Looc wiens land werd afgepakt door een grote buitenlandse investeerder en voerden procedures tegen de inbeslagname.

Advocaat Romeo T. Capulong geeft in een zeer interessante speech(32) aan wat hun juridische strijd karakteriseert.

  • Door de zaak van de onteigende boeren aan te pakken kan het globaal probleem uitgelegd worden en kunnen de mensen een dieper bewustzijn verwerven.
  • Via het aanpakken van de zaak kunnen de mensen geholpen worden om zich te organiseren rond hun rechten en kunnen zij zich bewust worden van de oorzaken van het probleem.
  • De juridische aanpak moet een steun zijn voor de strijd en de organisatie van de boeren.
  • We moeten durven denken buiten het bestaande wettelijk kader. Het juridisch gevecht mag niet enkel gezien worden binnen de muren van de rechtbank.

Advocaat Capulong beschrijft hun werk als volgt:

Let me just say that giving aid to the needy whether in the form of food, clothing, shelter or medicines or free legal services to the victims of an unjust system may provide temporary relief to the poor. But in the long term such kind of aid, given without a complementary program to raise the social awareness of the beneficiaries about the unjust system prevailing in our country today, diminishes rather than help the poor. It contributes to the perpetuation of the system, which breeds poverty and injustices.

Having said this, let me now discuss the other type of lawyering for the poor which, in my view, has long been neglected by the IBP and the voluntary bar associations despite its continuing relevance to our national life. This is lawyering for the poor, not simply because the latter cannot afford to pay legal fees, but additionally and more significantly because of the awareness that poverty is the result of an unjust system that needs to be changed or uprooted. As lawyers, we can make a significant contribution to this. The late Senator Jose Diokno called this developmental legal aid. The more popular term is human rights lawyering. I have a special preference for the broader concept known as public interest lawyering. Some groups call it alternative law practice. Perhaps we can just say that it is lawyering for the oppressed and exploited sectors of our society. And those who are engaged in it may be aptly called people’s lawyers because in addition to rendering competent professional services their commitment to social change is an essential component of their legal services”.

Deze voorbeelden houden rechtstreeks verband met de strijd voor de mensenrechten omdat de afschaffing van de apartheid, overwinningen in de strijd voor landhervormingen en bijvoorbeeld de regularisatie van mensen zonder papieren een belangrijke vooruitgang betekenen in de realisatie van de mensenrechten.

Het is een uitdaging voor juristen te durven denken buiten het kader van de bestaande regelgeving. Hoe kunnen wij sociale bewegingen ondersteunen? Daarbij is het wel essentieel om voor ogen te houden dat wetten en regels slechts een afspiegeling zijn van de krachtsverhoudingen op een bepaald moment in de maatschappij. Het zijn niet de voorstellen op zich maar de maatschappelijke strijd er rond die maken dat een vooruitstrevend idee kan gerealiseerd worden.

Juridisch werk kan een maatschappelijke strijd enorm ondersteunen. Maar overwinningen komen nooit uit de lucht gevallen. Emancipatorische en progressieve juridische teksten die in de vorm van een wet worden gegoten zijn altijd het gevolg van kleine of grote strijdbewegingen waarbij juristen werden aangezocht om de eisen van de beweging een concrete vorm te geven binnen het bestaande juridische kader.

De ondersteuning van strijd kan ook gebeuren in de vorm van het voeren van processen om te pogen eisen van een beweging af te dwingen via de rechtbanken.

Een ander aspect van de ondersteuning van strijd is natuurlijk het verdedigen van militanten die slachtoffer werden van repressie. Hiervan zijn de voorbeelden legio en de betekenis ervan kan moeilijk onderschat worden.

Het is op basis van dergelijke voorbeelden dat wij met Progress Lawyers Network onze bestaansreden als volgt hebben omschreven(33):

Midden 2003 publiceerde de U.N.O. een rapport waaruit blijkt dat binnen tien jaar het aantal mensen dat wereldwijd in armoedige omstandigheden zal leven en zelfs niet over drinkbaar water zal beschikken, zal toenemen tot twee miljard. Dat is een derde van de wereldbevolking. Armoede en rechteloosheid nemen toe. Oorlogen drijven steeds meer mensen op de vlucht.

Wij stellen vast dat de beleidsmakers vaak meer begaan zijn met het ontwikkelen van nieuwe repressieve wetten dan met het zoeken naar oplossingen voor de problemen van de mensen. Tegen de vluchtelingen wordt het fort Europa opgebouwd. Bijzondere opsporingsmethodes geven de politiediensten meer macht. Er wordt geraakt aan de rechten van werknemers en van hen die leven van een vervangingsinkomen. Steeds meer mensen worden het slachtoffer van een systeem waarin winst centraal staat. De strijd tegen het terrorisme wordt misbruikt om mensen die opkomen voor een verbetering of een verandering van de maatschappij te criminaliseren.

Ons project is er op gericht de beste verdediging te waarborgen voor de slachtoffers van de huidige maatschappij en zij die streven naar verandering.

Het programma van PLN is het volgende:

PLN verzet zich tegen de afbraak van de fundamentele rechten en vrijheden op nationaal, Europees en internationaal niveau. Wij steunen onder andere de organisatie van Legal Teams om de rechten van actievoerders te vrijwaren tijdens manifestaties.

PLN schenkt speciale aandacht aan de verdediging van syndicale en sociale rechten.

PLN verdedigt het recht op actie en organisatie voor alle bewegingen die opkomen tegen onrecht en onderdrukking.

PLN verdedigt de progressieve verworvenheden van het Volkerenrecht en het Internationaal Humanitair Recht. Wij verdedigen de soevereiniteit van de naties en het recht op zelfbeschikking van de volkeren en hun recht te beschikken over hun grondstoffen.

PLN komt op tegen racisme, voor gelijke rechten en voor de rechten van vluchtelingen en vreemdelingen.

PLN komt op voor de onafhankelijkheid van het advocatenberoep en voor respect voor de rechten van de verdediging.

PLN komt op voor de sociale advocatuur waarbij een degelijke rechtshulp betaalbaar en toegankelijk is voor iedereen via de invoering van een nationaal systeem van rechtsbijstand.

De methode van PLN beschrijft zij als volgt:

Wij beseffen dat de verdediging van de belangen van onze cliënten dikwijls een zuiver juridische aanpak te buiten gaat. Daarom koppelen wij de individuele verdediging aan de strijd voor rechten voor grotere groepen mensen. Wij willen wel dweilen, maar niet met de kraan open.

De kennis en kunde die we verwerven via de belangenverdediging van individuele gevallen stellen we ten dienste van een zo groot mogelijke groep.

 

Juridisch werk als integraal deel van maatschappelijke strijd

Juristen en advocaten hebben ook hun eigen specifieke taak in de maatschappelijke strijd. Als de tegenstellingen in de maatschappij groeien, zien we steevast dat de methodes die de staat ontwikkelt om sociale bewegingen de kop in te drukken uitgebreid en geperfectioneerd worden.

Er kan in die zin verwezen worden naar de uitbouw van wat men noemt de “derde peiler” in de Europese politiek. Het betreft het politioneel en veiligheidsbeleid. Dat is natuurlijk een thema voor een boek op zich, maar het is belangrijk om aan te geven dat advocaten, juristen en mensenrechtenorganisaties als specifieke rol hebben om de uitbouw van meer repressieve systemen te onderzoeken, er de sociale bewegingen rond te alarmeren en bij te dragen tot het ontwikkelen van strijdbewegingen tegen dergelijke evoluties.

Concrete ondersteuning van strijdbewegingen moet samen gaan met studie en analysewerk van anti-sociale en repressieve wetgeving en het ontwikkelen van de strijd voor het behoud en de uitbreiding van democratische rechten. Dat zijn specifieke taken van juristen en advocaten die integraal deel uitmaken van de maatschappelijk strijd.

IV. Besluit

Artikel 25 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens voorziet het recht op een levensstandaard die voldoende is om zijn gezondheid, zijn welzijn alsmede deze van zijn familie te verzekeren. Artikel 24 voorziet zelfs het recht op vrije tijd. “Een ieder heeft recht op rust en op eigen vrije tijd, met inbegrip van een redelijke beperking van de arbeidstijd, en op periodieke vakanties met behoud van loon“.

Maar de Universele Verklaring geeft niet aan hoe de mensen op deze aardbol ooit van al die mooie rechten zullen kunnen genieten. In die zin merkt rechtsfilosoof Schelens in zijn boek “Mens en mensenrechten” terecht op dat de hongerlijder uit de derde wereld zich bespot moet voelen als hij artikel 24 leest(34).

Artikel 28 bevat het recht op een alternatieve maatschappij: “Een ieder heeft recht op het bestaan van een zodanige maatschappelijke en internationale orde, dat de rechten en vrijheden, in deze Verklaring genoemd, daarin ten volle kunnen worden verwezenlijkt”. Dit maatschappelijk alternatief moet gevonden worden en ook dat is een taak voor mensenrechtenorganisaties. De humanitaire, ecologische en economische crisis toont de noodzaak aan om de economie collectief te beheren. Het contrast tussen de technische mogelijkheden om een maatschappij op te bouwen waarin de mensenrechten echt kunnen verwezenlijkt worden en de schrijnende feitelijke situatie vandaag is onhoudbaar en immoreel.

De zoektocht naar een ander maatschappijmodel mag niet beperkt zijn tot het opsommen van een reeks absolute morele basiswaarden. Mooie intenties veranderen de wereld niet. Intenties moeten samen gaan met een concreet uitgewerkte politieke (en juridische) strategie om stap voor stap de intenties te realiseren. Maar ons werk mag niet de illusie wekken dat de volledige realisatie van de mensenrechten mogelijk is binnen het huidige economische systeem waarin we leven. De maatschappijvraag moet gesteld worden.

Ik hoop dat deze tekst een aanzet kan zijn om na te denken over hoe we kunnen komen tot een maatschappij waarin de mensenrechten effectief kunnen gerealiseerd worden. Alle opmerkingen over deze tekst zijn dan ook meer dan welkom om het debat verder te voeren.

(Uitpers, nr 105, 10de jg., januari 2009)

Ivo Flachet is advocaat, en behoort tot het Progress Lawyers Network. Dit is een netwerk van advocatenkantoren met vestigingen in Antwerpen, Brussel en Gent. Het is ook een verband van geëngageerde advocaten die samenwerken op grond van een gemeenschappelijk basismanifest dat duidelijk progressief is.

Voetnoten:

(1) The US commitment op http://usinfo.state.gov/products/pubs/hrintro/carter.htm

(2) Bricmont J., Impérialisme Humanitaire Droits de l’homme, droit d’ingérence, droit du plus fort?, Edition Aden, p. 18.

(3) De Feyter Koen, “Mensenrechten en ontwikkelingssamenwerking” in Mensenrechten Tussen Retoriek en Realiteit, Ed. Parmentier Stephan, Tegenspraak Cahier 14, Mys en Breesch, 1994, p. 97.

(4) Friedrich Engels, De oorsprong van het gezin, van de particuliere eigendom en van de staat, 1884.

(5) The Bellagio Child Survival Study Group, “How many child deaths can we prevent this year?“, The Lancet, 2003; 362:65-71.

(6) Vandepitte Marc, De kloof en de uitweg. Een dwarse kijk op ontwikkelingssamenwerking, EPO, 2004, p. 25

(7) “Et une bonne santé … en 2015!?, le long chemin vers la santé pour tous”, Groupe de travail Santé et Objectifs du Millénaire, April 2006, p. 8.

(8) World Commission on the Social Dimension of Globalization, A fair Globalization: Creating opportunities for all, Geneva, ILO, 2004 § 198.

(9) www.fian.org

(10) www.cetim.ch

(11) Naomi Klein, De Shock Doctrine. De opkomst van rampenkapitalisme, De Geus, p. 151.

(12) Naomi Klein, l.c. p. 160.

(13) http://www.hrw.org/french/docs/2003/12/12/iraq6766.htm

(14) Bricmont J., l.c. p. 171.

(15) Mestrum F., De rattenvanger van Hamelen. De wereldbank, armoede en ontwikkeling, EPO, 2005, p. 191

(16) Mestrum F., De rattenvanger van Hamelen. De wereldbank, armoede en ontwikkeling, EPO, 2005, p. 90.

517) Garson B., Geld doet de wereld draaien, EPO, 2004, p. 230.

(18) Zie over dit thema het interview met Olivier De Schutter in het Tijdschrift voor Mensenrechten, nr. 3, 2008, p.4.

(19) Rapport van de Club van Rome, “De grenzen aan de groei“, Dennis Meadows e.a., Uitgeverij Het Spectrum B.V., Utrecht-Antwerpen, 1972. Zie ook meer recent: De Groep van Lissabon, “Grenzen aan de concurrentie”, Riccardo Petrella e.a., VUB Press, 1994, p. 31.

(20) Vandepitte Marc, l.c., p. 36.

(21) Progamme des Nations Unies pour le développement, Paris, Economica, 2005, p. 44.

(22) Bricmont J., l.c. p. 60.

(23) Kruithof Jaap, “De toekomst van Europa, een geopolitieke verkenning“, in Socialisme en Vrijheid, EPO, 1990, p. 29.

(24) Vandepitte Marc, l.c., p. 23.

(25) Vandepitte Marc, l.c., p. 50.

(26) www.asile.org/citoyens/numero15/venezuela/venezuela.htm

(27) Vandepitte Marc, l.c., p. 55.

(28) http://www.oxfamsol.be/nl/IMG/pdf/Oxfamcahiercuba.pdf

(29) http://aijd.free.fr

(30) www.nlg.org

(31) http://www.publicinterestlawcenter.org

(32) http://www.publicinterestlawcenter.org/content/position-papers/lawyering-poor-a-social-responsibility-integrated-bar-philippines Tekst van advocaat Romeo T. Capulong, “Lawyering for the Poor – a social Responsability of the Integrated Bar of the Philippines (IBP)”, uiteenzetting voor de 7de Nationale Conventie van Advocaten in de Filippijnen, 23 april 1999.

(33) www.progresslaw.net

(34) Geciteerd in “De Geschiedenis van de mensenrechten”, De Belder Bert en De Maegd Frans in Internationale Solidariteit, nr. 152, december 1999, p. 12.

(Visited 5 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 66 Times, 1 Visit today

Tags :

zie ook