“Mobilisering bevolking beste hoop tegen westerse schuldenpolitiek”

In een interview met “El Economista de Cuba” beschrijft de Belgische economist Eric Toussaint hoe westerse grootmachten de schulden van ontwikkelingslanden gebruiken als politiek wapen. Ook onderzoekt hij hoe individuele landen, zoals Argentinië, kunnen reageren tegen deze schuldenpolitiek, die vandaag een van de sterkste financiële instrumenten is van neoliberale overheersing.

Toussaint is de oprichter en voorzitter van het Comité voor de Annulering van de Buitenlandse Schulden van de Derde Wereld. Daarin zitten organisaties uit 22 landen van Europa, Latijns-Amerika, Azië en Afrika. Toussaint zetelt ook in de internationale raad van het Wereld Sociaal Forum.

“De buitenlandse schuld,” legt Toussaint uit, “is maar een uitgangspunt om tot een visie te komen op de globalisering en de alternatieven voor de neoliberale wereld van vandaag. We hadden met een ander probleem van economische aard kunnen beginnen, maar we kozen dit probleem omdat het ons voorkomt als een van de belangrijkste hinderpalen voor echte ontwikkeling van de landen uit het zuiden. Het is evenwel niet de enige belangrijke hinderpaal: het probleem van de handel of de ongelijke handelstermen is een andere hinderpaal”.

Toch kunnen de schulden, die in vele gevallen al vele malen zijn afbetaald, worden kwijtgescholden. Tenminste, als het de schuldeiser politiek uitkomt of als de schulden zo hoog zijn opgelopen, dat terugbetaling hoe dan ook onzeker of uitgesloten is.

Toussaint, die ook zetelt in de internationale raad van het Wereld Sociaal Forum, wijst daar op: “In 1990 werd 50 procent van de buitenlandse schuld van Egypte geannuleerd. Dat gebeurde omdat de Verenigde Staten wilden waarborgen dat Egypte zou deelnemen aan de eerste Golfoorlog tegen Irak. In die periode werd ook 50 procent van de schuld van Polen kwijtgescholden, toen dat land het besluit bekendmaakte om toe te treden tot de NAVO na zijn vertrek uit het Warschaupact.

En in 2001 werd een deel van de schuld van Pakistan geannuleerd. Dat gebeurde om de steun van Pakistan voor de VS te krijgen bij het aanvallen van Afghanistan na 11 september (de aanslagen in New York en Washington).

Zeker, de schulden nemen toe. Maar soms, als een land strategisch belang heeft voor de grootmachten, worden stevige maatregelen ter schrapping van schulden genomen”.

V. Of deze voorbeelden hoop op een oplossing wettigen?

E.T. “Neen. We verwijzen naar die voorbeelden om te tonen dat schrapping van schulden mogelijk is, als er politieke wil voor bestaat. Maar we koesteren niet de minste illusie dat de schuldeisers in de huidige omstandigheden aan de schuldenaars zouden zeggen: jullie hebben al voldoende betaald, en jullie worden bevrijd van wat er van de overige schuldenlast rest. Dat gaat niet gebeuren”.

“Kwijtschelding van schulden heeft een hele geschiedenis. Maar sinds de buitenlandse schulden in 1982 explodeerden, werden die het belangrijkste instrument van overheersing door de geldschieters uit het Noorden over de landen van de Derde Wereld, die schuldenaars zijn. Die geldschieters gaan de ontwikkelingslanden op dit punt geen verlossing bieden. Ze kunnen wellicht tot een verlichting (van de schuldenlast) beslissen als die last zo zwaar is, dat hij de terugbetaling belet. Dat doen ze dan om terugbetaling te blijven krijgen van wat er na de gedeeltelijke kwijtschelding overblijft. En ze kunnen het ook uitzonderlijk doen als ze er strategisch belang bij hebben, zoals in het geval van Irak.”

V. Wat dan?

E.T. “Het alternatief ligt in de vorming van een front van schuldenaarlanden, om gezamenlijk de totale afbetaling van de schulden op te schorten, of om tenminste tot onderhandelde kwijtschelding van 80 of 90 procent ervan te komen. En als er geen gemeenschappelijk front komt, dan kunnen afzonderlijke landen unilateraal de beslissing nemen, zoals Argentinië dat deed in december 2001 (dat land schortte de terugbetaling van het grootste deel van zijn openbare buitenlandse schuld op, voor een waarde van 100 miljard dollar). Het was een historisch initiatief. Want nooit hadden we zoiets meegemaakt voor zo’n belangrijke schuld.

En Argentinië slaagde in zijn opzet. Er was wel gedreigd met heel grote represailles, maar die kwamen er niet. Want de schuldeisers kunnen wel dreigen, maar het is niet langer mogelijk om landen binnen te vallen onder het voorwendsel van de niet-betaling van de schuld. Ze moeten andere voorwendsels vinden: wapens voor massavernietiging bijvoorbeeld, of terrorisme.”

V. Kan het voorbeeld van Argentinië andere landen aansporen tot gelijkaardige maatregelen?

E.T. “Het Argentijnse voorbeeld toont het volgende: er kwamen geen represailles, het land betaalde niet, in 2003 en 2004 kenden het een gemiddelde economische groei van 8 procent, en het bereikte een schuldverlichting van 60 procent. Het toont op z’n minst dat het mogelijk is.”

V. Toussaint wijst erop dat het Wereld Sociaal Forum opriep tot onvoorwaardelijke en algehele kwijtschelding van de openbare buitenlandse schuld van de ontwikkelingslanden. Krijgt die oproep nu meer gehoor?

E.T. “Om realistisch en eerlijk te zijn: nu onmiddellijk niet. Wie is er op regeringsniveau bereid om de schrapping van de schulden als centraal punt op de agenda te hebben? Het zijn de regeringen van Chavez (in Venezuela) en van Kirchner (in Argentinië). Maar Kirchner hoopt met de recente regeling vooral de beroering te bedaren. Het belangrijkste zijn de volksbewegingen en de druk die deze kunnen uitoefenen op hun regeringen”.

Kapitaalvlucht

Westerse banken wijzen er op dat ontwikkelingslanden wel moeten lenen en alles doen om buitenlandse investeerders aan te trekken, omdat er gebrek is aan binnenlands spaargeld.

“Maar,” zegt Toussaint, “het probleem is niet het tekort aan binnenlands spaarkapitaal. Het probleem is het huidig model van het globale kapitalistische systeem, dat maakt dat het binnenlands spaarkapitaal niet wordt geïnvesteerd in de economie van de landen van het Zuiden, maar op uiteenlopende manieren wordt afgeleid naar het Noorden.

Eén van die manieren is de kapitaalvlucht. De kapitalisten van alle ontwikkelingslanden (inbegrepen die van het voormalige Sovjetblok waar het kapitalisme eveneens is hersteld) plaatsen hun geld op banken van de meest ontwikkelde landen. Die deposito’s belopen nu 1.460 miljard dollar.

De afleiding van het binnenlands spaargeld maakt dat de landen van het Zuiden reserves opbouwen van buitenlandse deviezen, en met die reserves Amerikaanse schatkistcertificaten kopen. Een duidelijk voorbeeld: China heeft voor 250 miljard dollar Amerikaanse schatkistcertifikaten gekocht en heeft een schuld van 135 miljard dollar. China is in werkelijkheid een geldschieter. Het kan zijn certificaten verkopen en zijn schuld aflossen, het zou er geen meer hebben”.

V. Maar als China al zijn schatkistcertificaten verkoopt zou de dollar instorten en een grote financiële crisis ontstaan?

E.T. Natuurlijk. Als er tegenover het Noorden een front zou bestaan van regeringen van het Zuiden, dan zouden de spelregels mogelijk kunnen veranderen, want ze hebben een zekere macht om veranderingen op te leggen. Een front voor de niet-betaling van de schuld zou de landen van het Noorden met een heel grote crisis opzadelen, die zouden dan verplicht zijn om een oplossing te vinden die gunstig is voor de schuldenaars”.

V. U vermeldt evidente alternatieven, maar hoe komt het dan dat die politieke wil er niet is?

E.T. “Het probleem is dat de meerderheid van de regeringen van het Zuiden niet de wil hebben om een uitdaging te stellen aan de grootmachten, ook al hebben die regeringen vandaag niet minder macht dan toen de Beweging van Niet-Gebonden Landen in 1961 ontstond. In de huidige wereldconjunctuur vormt Venezuela voor mij het meest stimulerende element. Want het is het enige land in het raam van het kapitalisme (Cuba behoort niet tot dat systeem) waar de regering steunt op mobilisering van de grote bevolkingslagen om te proberen een alternatief model te realiseren. En ze slaagt daar in. Chavez betekent een enorme uitdaging voor de Verenigde Staten, Europa en de laffe regeringen van de landen van het Zuiden. Want hij toont in de praktijk dat het mogelijk is zich te verzetten”.

(Uitpers, nr. 72, 7de jg., februari 2006)

Bron: http://www.eleconomista.cubaweb.cu/

Vertaling: Francis Vanden Berghe

Visited 4 Times, 1 Visit today

Tags :