Minder én meer Arabisch en islamitisch verzet

Toen de Arabieren in maart in Beiroet een topconferentie hielden spraken ze nog stoere taal tegen een Amerikaans-Britse oorlog tegen Irak. Met het naderen van het gunstige seizoen voor een oorlog is hun verzet geleidelijk afgekalfd. Verscheidene landen willen niet meer zeggen dat ze niet zullen deelnemen of hun grondgebied niet zullen ter beschikking stellen. Maar op het niveau van de "gewone man" daarentegen groeit het verzet in de Arabische en islamitische wereld.

De Arabische regimes zijn duidelijk gedemoraliseerd. Op hun vredesplan voor het Midden-Oosten (aanknopen van diplomatieke betrekkingen en normale relaties met Israël in ruil voor de bezette Palestijnse gebieden) kregen ze niet eens een antwoord van premier Ariel Sharon noch van "vredesnobelprijswinnaar" Shimon Peres. En met de toenemende dreiging van een oorlog tegen Irak zijn ze, al dan niet verleid door beloften of gezwicht voor dreigementen, door de knieën gegaan. Ze willen allemaal in de gunst van Washington blijven.

Dat gebeurt niet zonder reden: de meeste regimes zijn zo zwak dat ze Amerikaanse bescherming, en voor de armere broertjes zoals Jordanië en Egypte ook Amerikaans geld, nodig hebben om te kunnen overleven. Sommige landen zijn ook verleid door niet te weerstane beloften voor het post-Saddam-tijdvak.

Qatar mag dan al de Amerikanen tegen de haren in strijken door de veel geroemde persvrijheid in praktijk om te zetten via zijn tv-zender Al-Jazeera, het lijdt geen twijfel dat de luchtoperaties tegen Irak vanuit een gloednieuw controlecentrum op het schiereilandje op het Arabische schiereiland zullen worden geleid. En de Amerikaanse zeemacht zal, zoals al jaar en dag, van op het eilandje Bahrein in de Golf opereren. Koeweit zal grondtroepen voor een offensief toelaten. Wellicht ook Saoedi-Arabië dat een einde wil maken aan de verslechtering van zijn relaties met de Verenigde Staten sedert 11 september 2001. Het is immers bang voor de Amerikaanse scenario’s tot opdeling van het land (een sjiitisch staatje aan de Golf met de oliebronnen; teruggave van de Hedjaz met de heilige steden Mekka en Medina aan het hasjemitisch vorstenhuis…) in geval het niet wil meespelen.

Hasjemitische glorie

Jordanië was doodongelukkig toen de Amerikaanse strategen publiekelijk hun plannen bespraken om ook vanuit het oosten van Jordanië de troepen van de Iraakse president Saddam Hoessein aan te pakken. Het organiseerde zelfs een rondleiding voor journalisten naar één basis om te tonen dat daar geen Amerikaanse troepen waren. Jordanië hangt economisch immers af van Irak: het krijgt het grootste deel van zijn olie bijna gratis van Bagdad en de Jordaanse ondernemers, en de haven van Aqaba, leven in grote mate van de handel met Irak.

Maar het is inmiddels geen geheim dat er al enkele duizenden Amerikaanse soldaten aanwezig zijn onder het mom van "gezamenlijke oefeningen". Jordanië heeft al de belofte van de Amerikanen gekregen dat het ook in de toekomst goedkope olie zal kunnen krijgen. Het wordt ook gelijmd met de fata morgana van een mogelijk herstel van de glorie van het hasjemitisch vorstenhuis. Tot de revolutie van 1958 in Irak zat er ook in Bagdad een hasjemiet op de troon. Er is al jaren geleden gesuggereerd dat er opnieuw een hasjemiet die troon zou kunnen bestijgen. Meer nog, koning Abdullah II zou eventueel de mogelijkheid krijgen Irak "in te lijven". Als men dan ook laat verstaan dat de hasjemieten ook nog de Hedjaz, het gebied dat in 1925 door het huis van Saoed op hen werd veroverd, zouden kunnen terugkrijgen, dan kan men best begrijpen dat er in Amman maar weinig weerstand meer is tegen een Amerikaans-Britse oorlog.

Koerdische droom

Ook de Koerden in Noord-Irak laten zich weer lijmen, ondanks de desastreuze precedenten van 1988 en 1991. Ze genieten nu al twaalf jaar feitelijke autonomie maar wisten die niet te consolideren door de onderlinge oorlog tussen de clans Barzani en Talabani. Daarmee brachten ze ook een slag toe aan het perspectief van democratie in heel Irak. De twee chefs verkozen elk hun eigen emiraatje boven besluitvorming via de stembussen.

Vooral Barzani toonde zich lange tijd sceptisch over een mogelijke oorlog tegen Saddam Hoessein, die in 1993 voor hem Erbil ging veroveren op zijn rivaal Talabani. Hij vond dat de Koerden het nooit zo goed hebben gehad als de voorbije twaalf jaar. Hij vreesde dat oorlog tot herstel van het centrale gezag in Bagdad zou leiden en dat de Koerden dan weer het deksel op de neus zouden krijgen.

Nu denken Barzani en Talabani dat ze door mee te vechten met de Amerikanen en door enkele landingsbanen in hun gebied ter beschikking te stellen Irak tot een federale staat zullen kunnen omvormen. De Amerikanen doen alvast niets om hen die droom te ontnemen.

In dat vooruitzicht van de oorlog en het verdwijnen van Saddam Hoessein hebben Barzani en Talabani zich na jarenlange palavers dan ook uiteindelijk min of meer verzoend. Op 4 oktober kwam het in 1992 verkozen Koerdisch parlement, dat sedert 1994 feitelijk niet meer bestond, opnieuw bijeen in de Koerdische hoofdstad Erbil. Maar gezien de oude vijandschap tussen de twee leiders valt erg te betwijfelen of er wel sprake is van een echte verzoening. Het lijkt meer een tactische alliantie. Beide leiders hebben al een ontwerp van grondwet klaar voor een federaal Irak. Alleen is niet duidelijk of de federatie één of twee Koerdische deelstaten zal tellen.

Ook houden de Koerdische leiders geen rekening met Turkije dat al maanden fulmineert tegen het perspectief dat de Koerden er zouden in slagen Irak tot een federale staat om te vormen. Dat zou immers een "slecht voorbeeld" zijn voor de eigen Koerden, die onder druk van de Europese Unie al een theoretisch recht op Koerdisch onderwijs en Koerdische audiovisuele media hebben gekregen. De praktijk is nog heel wat anders – vandaar dat Europa nog geen datum heeft vastgelegd voor het begin van onderhandelingen over de toetreding van Turkije tot de EU.

Turkije heeft al gedreigd met het bezetten van Noord-Irak als de Koerden een staat zouden gaan vormen met als nieuwe hoofdstad de oliestad Kirkoek. Omdat Turkije van cruciaal belang is voor de oorlog tegen Irak heeft Ankara al enkele keren de verzekering van Washington gekregen dat Irak een eenheidsstaat zal blijven. Er zijn hier dus zwaar conflicterende beloften gedaan door Washington.

Ten slotte is zelfs Iran overstag gegaan, zij het onder voorwaarde dat een oorlog wordt goedgekeurd door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Alleen wil het niet weten van een Amerikaanse militair bestuur over Irak. Dat zou leiden tot een omsingeling van Iran nu de VS basissen hebben in buurlang Afghanistan en in de voormalige Centraal-Aziatisch Sovjet-republieken.

Succesvolle boycot

Terwijl de regimes bijna openlijk hun zegen, en soms hun steun, hebben gegeven voor oorlog, neemt het verzet in de Arabische en islamitische wereld aan de basis toe. De Amerikanen zijn nog lang niet klaar met Afghanistan. De leiders van Osama Bin Ladens Al Qaeda en van de van de macht verdreven Taliban zijn nog steeds niet opgepakt. Op de Filippijnen hebben de Amerikanen Aboe Sayyaf nog niet klein gekregen. De recente verkiezingen in Pakistan en de uiterst bloedige aanslag op het Indonesische eiland Bali tonen aan dat het moslimfundamentalisme nog niet over zijn hoogtepunt heen is.

Een opvallende uiting van het verzet aan de basis is het toenemend verzet van de boycot van Amerikaanse producten in de Arabische en islamitische wereld. De actie begon een paar jaar geleden, maar neemt pas nu ernstige vormen aan. Sedert vorig jaar zou volgens de Londense Times (11.10.02) de handel tussen de Verenigde Staten en de Arabische landen met 25% zijn afgenomen. Schoolkinderen gaan piket staan voor fast food-restaurants zoals McDonalds, moslimclerici promoten tijdens hun vrijdagspreken de boycot van Amerikaanse producten. Overal worden lijsten met Amerikaanse merknamen verspreid. Met succes. Hier en daar zijn al restaurants gesloten en wordt vastgesteld dat de Amerikaanse producten in grootwarenhuizen geen aftrek meer vinden. In Saoedi-Arabië heeft dat al geleid tot een halvering van de prijs van de Amerikaanse importproducten in en poging het marktaandeel te behouden. Er zijn ook daden van vandalisme vastgesteld op uiteenlopende plaatsen. In het zuiden van India werd er zelfs een bomaanslag gepleegd op een fabriek van Coca Cola.

De frisdrankengigant krijgt, evenals zijn concurrent Pepsi, ook af te rekenen met ernstige concurrentie. In Iran maakt Zam Zam cola – Zam Zam is de naam van de heilige bron in Mekka – furore en kan de productie de vraag nauwelijks volgen. De laatste maanden is er ook veel vraag naar in Saoedi-Arabië en in de andere Golfstaten en een reeks andere landen, tot en met Zuid-Afrika, staan op de lijst. Weldra zal hij ook in Europa te krijgen zijn. In de Verenigde Arabische Emiraten is de verkoop van de lokale Star Cola met 40% gestegen. In Frankrijk gaat een Franse moslim weldra Mekka cola op de markt brengen. In Marokko is door de actie de verkoop van Coca Cola en Pepsi met de helft gedaald in het noorden van het land.

Wat de leiders en de regimes ook mogen zeggen, of om opportunistische redenen verzwijgen, vele Arabieren en moslims vragen zich af wie de schurken en de schurkenstaten zijn als de Verenigde Staten en Groot-Brittannië nog elke maand duizenden kinderen laten sterven in Irak en in totaal tot 1,5 miljoen slachtoffers hebben gemaakt met hun sancties. Het zijn diezelfde mensen die de Israëli’s de vrije hand geven voor het bedrijven van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid in Palestina. De betrokkenheid bij Palestina blijft groot onder de moslims. Daarom zal het niet verbazen dat Tawfik Mathlouthi, de producent van Mecca cola, al aankondigde dat 10% van de opbrengst naar de Palestijnse kinderen zal gaan.

(Uitpers, nr. 35, 4de jg., november 2002)

(Visited 1 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 27 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Paul Vanden Bavière

Paul Vanden Bavière (°1944) is historicus en journalist. Hij werkte een 30-tal jaar in de gedrukte pers als journalist gespecialiseerd in buitenlandse politiek. Vooral het Midden-Oosten, waarover hij ook enkele boeken publiceerde. Toen de media veel te veel “mainstream” – d.w.z. gezagsgetrouw – en commercieel werden, richtte hij met enkele mensen in 1999 Uitpers, het eerste Nederlandstalig webzine voor Internationale politiek, op met de bedoeling weerwerk te bieden aan de mainstream media (MSM).

zie ook