MH17: Nederland toont zich blind voor schuld Oekraïne

Boven Oekraïne werd op 17 juli 2014 een Maleisisch burgervliegtuig uit de lucht geschoten in oorlogsgebied tussen het Oekraïense leger en pro-Russische opstandelingen in het oosten van het land. Door wie? Nederland en Australië wezen Rusland als schuldige aan. In maart 2020 begon in Den Haag een proces tegen vier verdachten. De Nederlandse journalist Eric van de Beek pluisde gedurende meer dan een jaar de hele zaak grondig uit verwerkte zijn bevindingen in een lijvig boek. Hij ontdekte merkwaardige hiaten in het onderzoek op. De rechtbank, die naar wordt verwacht ten vroegste komende herfst uitspraak zal doen, heeft dus nog ruim de tijd om er kennis van te nemen. Het boek is zopas verschenen. Uitpers brengt er hier fragment uit over de vraag waarom Oekraïne “buiten schot” werd gelaten door de Nederlandse justitie. Dit alhoewel Oekraïne burgerluchtverkeer toeliet boven oorlogsgebied.

De Nederlandse regering heeft Rusland aansprakelijk gesteld voor het neerhalen van vlucht MH17 in het oosten van Oekraïne. Tegelijk ontziet Nederland Oekraïne over het opengehouden luchtruim boven oorlogsgebied. Er zou geen “overtuigend juridisch bewijs” zijn voor een succesvolle aansprakelijkheidsstelling. Dit ondanks een zeer kritisch rapport van de Nederlandse Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Op 17 juli 2014 werd boven Oekraïens oorlogsgebied vlucht MH17 neergehaald. Aan boord van de Maleisische Boeing die uit Amsterdam was vertrokken en op weg was naar Kuala Lumpur. Alle 298 inzittenden kwamen om het leven, onder wie 193 Nederlanders en vier Belgen. Nederland en Australië hebben Rusland aansprakelijk gesteld voor de ramp. Dat zou de luchtafweerinstallatie, een Buk-Telar, met bemanning hebben geleverd, waarmee het fatale schot zou zijn gelost. Ook staan sinds maart 2020 drie separatisten terecht in Nederland, een Oekraïner en drie Russen. Zij zouden de Buk-Telar hebben aangevraagd, vervoerd en bewaakt. Het Nederlandse parlement en nabestaandenorganisatie Stichting Vliegramp MH17 hebben het kabinet Rutte herhaaldelijk gevraagd ook Oekraïne ter verantwoording te roepen. De luchtverkeersleiding had het luchtruim boven het oosten van het land gedeeltelijk opengehouden ondanks het feit dat de separatisten daar al zestien toestellen van de Oekraïense luchtmacht hadden neergehaald.

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV), dat onderzoek deed naar de oorzaak van de ramp, oordeelde hard over de rol van Kiev bij de ramp. “De besluitvorming over het luchtruim van Oekraïne werd gedomineerd door de belangen van de militaire luchtvaart,” schreven de onderzoekers in hun eindrapport van 2015. “De Oekraïense autoriteiten hielden onvoldoende rekening met de mogelijkheid van een beschieting van een burgervliegtuig op kruishoogte.” Oekraïne had weliswaar het luchtruim gedeeltelijk gesloten, zodat verkeersvliegtuigen hoger moesten gaan vliegen, maar die maatregel was niet getroffen om de burgerluchtvaart voor onheil te behoeden. De gedeeltelijke sluiting van het luchtruim werd ingegeven door de behoefte meer veiligheid en ruimte te scheppen voor de Oekraïense luchtmacht.

Op aandringen van de Tweede Kamer stelde het kabinet uiteindelijk een ‘feitenonderzoek’ in. Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok presenteerde op 5 februari 2021 de uitkomsten van dit onderzoek. Deze bevestigen, volgens hem, dat er “geen voldoende overtuigend juridisch bewijs is voor een succesvolle aansprakelijkstelling van Oekraïne voor het niet volledig sluiten van het luchtruim”. Blok wijst daarbij op de conclusie van het rapport dat er “onvoldoende feiten zijn vastgesteld die erop duiden dat de Oekraïense autoriteiten die destijds verantwoordelijk waren voor de veiligheid van de burgerluchtvaart boven het oosten van Oekraïne zich bewust waren van een bedreiging voor de burgerluchtvaart boven dat deel van het luchtruim dat al was gesloten of zich daar bewust van hadden kunnen zijn.”

Het is onduidelijk wat de instantie die het onderzoek heeft uitgevoerd, de Amerikaanse Flight Safety Foundation, bedoelt met “onvoldoende feiten”. De feiten die de onderzoekers noemen, liegen er niet om. Zo memoreren zij dat de Oekraïense geheime dienst SBU meteen na de ramp tal van afgeluisterde gesprekken van de rebellen publiceerde waarin op 16 en 17 juli gesproken wordt over de aanvoer van een Buk-installatie op 17 juli 2014. Een ander feit dat in het rapport wordt genoemd: plaatsvervangend SBU-hoofd Vitaly Naida verklaarde tijdens een persconferentie van 19 juli 2014 in Kiev dat drie Russische Buk-installaties Oekraïne waren binnengedrongen voor de 17e. Het eerste bericht daarover had de SBU bereikt op 14 juli. Ook melden de onderzoekers het neerschieten van een militair transportvliegtuig, een Antonov van het type An-26, drie dagen voor de ramp met MH17. Volgens de Oekraïense autoriteiten was het neergehaald op grote hoogte: 6,5 kilometer. Het vliegtuig zou daarmee buiten het bereik hebben gevlogen van het draagbare luchtafweergeschut waarmee de separatisten tot dan toe hadden geschoten. Er was gebruik gemaakt van een veel krachtiger systeem, en dat kon niet anders dan uit Rusland afkomstig zijn.

Een vierde feit dat de Flight Safety Foundation noemt in zijn rapport: de separatisten hadden op 29 juni 2014 een Buk-installatie buitgemaakt op de Oekraïense luchtverdediging in Donetsk. De Oekraïense autoriteiten verklaarden in de media dat dit systeem niet operationeel was. Dit werd later bevestigd in een rapport van de Nederlandse Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) van 21 september 2016, vertelde de Rechtbank Den Haag tijdens de zitting van 9 juni 2021 van het MH17-strafproces. Echter, hoe zeker was Kiev ervan dat de rebellen niet in staat zouden zijn de Telar aan de praat te krijgen? En kan het zijn dat de rebellen meer dan één Telar buit hadden gemaakt? De defecte Oekraïense installatie uit Donetsk was gerepareerd door Russische elektriciens, verklaarde de Russische nationalist Sergei Kurginyan in een lezing die op 13 juli 2014 verscheen op zijn YouTube-kanaal. Kurginyan had kort daarvoor een werkbezoek van een paar weken gebracht aan Donbass om zijn steun te betuigen aan de separatisten.

Er zijn bovendien essentiële feiten die ontbreken in het rapport van de Flight Safety Foundation. Zo is er de persconferentie in de middag van 17 juli 2014 waarin woordvoerder Andrej Lysenko van de Oekraïense Nationale Veiligheidsdienst meldde dat er “raketsystemen” de grens waren overgebracht die vliegtuigen konden neerhalen op grote hoogte en dat er een video was opgedoken van een Buk-installatie in de afvallige Oekraïense provincie Luhansk. Hij zei dit op een moment dat hij nog niet wist dat MH17 net was neergehaald. De verklaring van Lysenko werd even later bevestigd door adviseur Anton Gerashchenko van het Oekraïense ministerie van Binnenlandse Zaken. Die zei ’s avonds in een televisie-interview dat de Oekraïense autoriteiten ’s ochtends al wisten dat de separatisten in het bezit waren van een Buk-installatie en dat deze zich bevond in Snizhne, op schootsafstand dus van de burgerluchtvaart. Toch ondernam Oekraïne niets. Waarom niet? Waarom sloot Oekraïne het luchtruim niet? Of waarom stuurde het geen gevechtsvliegtuig om de Buk-Telar uit te schakelen?

Wat de Flight Safety Foundation ook niet meldt, is dat er niet alleen tapgesprekken bekend zijn over de aanvoer van een Buk-Telar in de nacht van 16 op 17 juli. Het Nederlandse Openbaar Ministerie meldde op de zitting van 9 maart 2020 van het MH17-proces dat er in de dagen voor de ramp gesprekken gevoerd zijn waaruit blijkt dat de separatisten meermaals Buk-systemen niet geleverd kregen vanuit Rusland die ze wel verwacht hadden. Ook zou er voor 17 juli een Russische Buk-Telar in brand zijn gevlogen en onklaar zijn gemaakt voordat deze kon worden ingezet. Het Openbaar Ministerie vertelde er niet bij wie de Telar onklaar had gemaakt. Maar dat laat zich raden: de Oekraïense krijgsmacht, die dus moet hebben geweten dat de rebellen bezig waren zwaar luchtafweerschut in stelling te brengen. Het Openbaar Ministerie vermoedt overigens dat de bewuste Telar onderwerp van gesprek was in een onderschept telefoongesprek van 14 juli 2014, waarin een rebel met de nom de guerre Orion meldde een Buk te hebben waarmee vliegtuigen konden worden beschoten.

Verder waren er nog de opzienbarende interviews met kolonel Oleg Zakharchuk, adjunct-bevelhebber van de Oekraïense luchtmacht. In juni 2015 verklaarde hij in het Amerikaanse weekblad Newsweek dat in juni 2014, een maand dus voor de MH17-ramp. zijn mannen drie Russische Buk-installaties hadden gespot in het oosten van Oekraïne: nabij Donetsk, in Torez en ten noorden van Novozovsk. Oekraïense gevechtsvliegtuigen zijn uitgerust met een radardetectie-systeem legde hij uit. Als die radaractiviteit opvangen van een Buk-installatie, dan krijgt de piloot een waarschuwing te zien. In dezelfde maand verscheen een uitgebreid interview met Zakharchuk in de Russische oppositiekrant Novaya Gazeta. Ook daarin zegt hij dat zijn piloten “voortdurend” radaractiviteit hadden gemeten. Er zouden “luchtafweerinstallaties” opgesteld hebben gestaan in de omgeving van Torez, Yenakiieve en Mospin. Hij zei er echter niet bij in welke periode dat was geweest”. Hij zei wel: “Kort voor 17 juli heeft een piloot van een MiG-29 de Buk met eigen ogen gezien. De piloot maakte een anti-raket-manoeuvre en ontsnapte aan de afgevuurde raket. Kort daarna werd de Boeing neergeschoten.”

Verder wordt in het rapport van de Flight Safety Foundation nergens ingegaan op de gevaren voor de burgerluchtvaart vanwege verstoringen van navigatieapparatuur waar passagierstoestellen mee kampten die over het gebied vlogen. De verstoring van GPS-gegevens was een bekend fenomeen in het luchtruim boven Oekraïne. De bemanning van MH17 was ervoor gewaarschuwd door Malaysian Airlines, blijkt uit een document dat is opgenomen in het rapport van de Onderzoekraad voor Veiligheid. De verstoringen werden mogelijk veroorzaakt door de Russische krijgsmacht. Die probeerde hiermee vijandelijke drones in de war te brengen langs de Krim en mogelijk ook aan de Russische grens ter hoogte van het conflictgebied in Donbass. De verstoringen van het GPS-signaal zijn kennelijk voor de Oekraïense luchtverkeersleiding geen reden geweest het luchtruim te sluiten, maar ook niet voor Malaysian Airlines om het gebied te mijden, of voor de Europese luchtverkeersleiding Eurocontrol om een waarschuwing af te geven.

Al helemaal ontbrekend in het rapport van de Flight Safety Foundation, maar eigenlijk ook schitterend door afwezigheid in het rapport van de OvV, is het feit dat het conflictgebied omgeven was door Oekraïense Buk-Telars, zoals is gebleken uit een document van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) dat gepubliceerd werd door website Bonanza Media, en waarvan de echtheid bevestigd is door het Nederlandse Openbaar Ministerie. Vormden die dan geen gevaar voor de burgerluchtvaart? Zoals gezegd: de Telars stonden daar omdat gevreesd werd voor een Russische invasie. Kiev en Moskou hadden elkaar over en weer al diverse malen beschuldigd van luchtruimschendingen en grensbeschietingen. Zo zou een Russisch gevechtsvliegtuig verantwoordelijk zijn voor het neerhalen van een Oekraïense Su-25 op 16 juli, op een hoogte van 6,2 kilometer. Als een Oekraïense Buk-Telar een Russisch gevechtsvliegtuig in het vizier had gekregen die het Oekraïense luchtruim schond, zou die dan niet hebben geschoten? En zou dan ook de burgerluchtvaart niet in gevaar zijn gebracht?

In het rapport van de Flight Safety Foundation niets hierover, en al helemaal niets over de vraag of Oekraïne het luchtruim gedeeltelijk openhield om gevechtsvliegtuigen de mogelijkheid te bieden passagiersvliegtuigen te gebruiken als menselijk schild. De Oekraïense luchtmacht zou hier een handje van hebben gehad. Ze voerden bombardementen uit steeds als er passagiersvliegtuigen passeerden. “Voldoende aanwijzingen” hiervoor zouden zich in het strafdossier bevinden van de vier mannen die in Nederland terecht staan wegens indirecte betrokkenheid bij de MH17-ramp, zeiden de advocaten van Oleg Pulatov, één van de vier verdachten, tijdens de rechtszitting van 22 juni 2020 . Een maand voor de ramp had nota bene een separatiste uit de stad Sloviansk, genaamd Elena Kolenkina, gewaarschuwd dat het op deze manier al een keer bijna was misgegaan. “Er deed zich onlangs een incident voor,” zei ze. “Een passagiersvliegtuig vloog voorbij en een Oekraïens gevechtsvliegtuig verstopte zich erachter. Toen ging het op een iets lagere hoogte vliegen en liet bommen vallen op een woonwijk in de stad Semenivka. Daarna steeg het weer op en verstopte zich opnieuw achter het passagiersvliegtuig en verdween.” De militie zou geprovoceerd zijn om op het passagiersvliegtuig te schieten. “Dit zou een catastrofe van wereldformaat hebben veroorzaakt. Burgers zouden zijn gestorven. Dan zouden ze zeggen dat terroristen het hadden gedaan. Maar er zijn hier geen terroristen. Alleen gewone mensen die opkomen voor de verdediging van hun stad.” De video waarin Kolenkina haar boodschap had vervat was viraal gegaan op de sociale media. De video staat ook nog steeds online, compleet met Engelse ondertiteling. Dit kon de Flight Safety Foundation toch niet zijn ontgaan?

Door de reisbeperkingen vanwege het coronavirus konden de onderzoekers niet afreizen naar Oekraïne, zo melden ze in het rapport. Op hun aanbod de interviews te doen via teleconferenties werd van Oekraïense zijde negatief gereageerd. Alle vragen van de onderzoekers zijn uiteindelijk afgehandeld via vragenlijsten die heen en weer werden gestuurd. Ook zeggen de onderzoekers dat ze niet weten of hun vragen wel beantwoord zijn door “mensen met kennis van de besluitvormingsprocessen en praktijken die gehanteerd werden voorafgaand aan het neerhalen van vlucht MH17”. Het onderzoek werd uitgevoerd zes jaar na dato. “Belangrijke medewerkers en besluitvormers die in 2014 op hun post zaten, zouden daar nu niet meer kunnen zijn.”

Met andere woorden, het rapport van de Flight Safety Foundation is mosterd na de maaltijd. Het voegt niets toe aan wat al bekend was door het onderzoek van de OvV over de manier waarop Kiev met het luchtruim was omgesprongen – en ook ontbreken essentiële feiten. Niettemin heeft toenmalig minister Blok het rapport aangegrepen om de Tweede Kamer ervan te overtuigen dat het kabinet terecht geen juridische stappen heeft ondernomen tegen Oekraïne. Het is bovendien veelzeggend dat – in een reactie op een vraag van de auteur van dit artikel – nu ook het OM verwijst naar het Amerikaanse rapport om te rechtvaardigen dat ze nooit strafrechtelijk onderzoek heeft gedaan naar de verantwoordelijken voor het openhouden van het Oekraïense luchtruim. Zelfs de advocaten van het Rechtsbijstandsteam zwaaien er thans mee om hun cliënten, de Nederlandse nabestaanden, ervan te overtuigen dat het geen zin heeft een procedure te starten tegen Oekraïne bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens – zoals de auteur van dit artikel is gebleken toen hij hierover advocaat Peter Langstraat interviewde.

De Tweede Kamerleden Raymond de Roon van de PVV en Hilde Palland van het CDA beklaagden zich op juni 2021 over de kwaliteit van het rapport, en dan met name over het feit dat alle onderzoeksvragen schriftelijk waren beantwoord en niet duidelijk was door wie. De opvolgster van minister Blok op Buitenlandse Zaken, Sigrid Kaag,

zei begrip te hebben voor de kritiek. Ze beloofde de mogelijkheid te verkennen van een vervolgonderzoek naar de besluitvorming rond het Oekraïense luchtruim. In een brief die ze in juli naar de Kamer stuurde, schreef ze dat ze de OvV en de Flight Safety Foundation had benaderd met de vraag of een aanvullend onderzoek meer feitelijke informatie

kon opleveren – en zo ja, of ze bereid waren dit onderzoek ter hand te nemen. Het antwoord was ontkennend, liet Kaags opvolger, Ben Knapen, weten per brief. Knapen bood aan om eventuele vragen die de parlementariërs nog hadden voor Oekraïne via diplomatieke kanalen voor te leggen.
Overigens deed Kaag een opmerkelijke uitspraak in de Kamer tijdens haar debat met De Roon en Palland. “Rusland had het neerhalen van MH17 kunnen voorkomen door het eigen luchtruim grenzend aan het oosten van Oekraïne te sluiten voor burgerluchtvaart,” zei ze. Rusland trof nu dus dubbele blaam. Niet alleen had het land de fatale raket afgevuurd; het had bovendien het luchtruim opengelaten boven het gebied waar burgertoestellen vanuit het oosten van Oekraïne de grens met Rusland overstaken. Over de betrokkenheid van Kiev bij de besluitvorming over het Oekraïense luchtruim zweeg Kaag in alle talen.

Waardeerde u dit artikel? Donaties zijn van harte welkom. Of bestel mijn boek MH17, de Onderste Steen:

ericvandebeek.nl/doneer

ericvandebeek.nl/MH17

Deel dit artikel
Eric van de Beek

Eric van de Beek is journalist.
Hij studeerde journalistiek aan Hogeschool Windesheim en filosofie aan de Universiteit van Amsterdam. En werkte jarenlang in vaste dienst bij Elsevier. De laatste jaren leverde hij als vrije journalist bijdragen aan onder meer Diplomat Magazine, Novini,
Sputnik, Gezond Verstand, Uitpers en De Andere krant.

Als eerste journalist schreef Van de Beek over de steun van het kabinet aan terreurgroepen in Syrië, de doofpotaffaire rond de nepgifgasaanval in Douma (Syrië) en het bedrog achter de Amerikaanse en Europese Magnitski-wetgeving. Van de Beek publiceerde boeken over de MH17-ramp en nepnieuws in de massamedia.

Andere boeken