Mensenrechten zijn voor Westen niets meer dan propagandamiddel

Raar maar waar: een Belgisch minister die zelf het bewijs levert dat hij schuldig is aan mensenrechtenschendingen en oorlogsmisdaden. Het gaat hier om de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere. Hij doet dat in een poging de mensenrechtenschendingen van de Libische rebellen goed te praten (De Standaard, 21.09.11).

Volgens hem zijn de rebellenleiders veel minder schuldig dan het regime van kolonel Kadhafi omdat deze laatste “die misdaden heeft bevolen” terwijl de opstandelingenleiders “zeker niet eenzelfde gezag konden uitoefenen op de verscheiden groepen van opstandelingen”. Hoe hij weet dat Kadhafi misdaden heeft bevolen en een totaal gezag zou hebben op troepen te velde, terwijl dat bij de rebellen zeker niet het geval zou zijn, is een raadsel. Daar bestaan meer dan ernstige twijfels over.

Zeker is daarentegen wel dat de Navo een sterk georganiseerde organisatie is, waarbij de ministers van de Navo-landen hun goedkeuring geven aan de te bestoken doelwitten. Tot de Navo-propaganda behoorden ontroerende verhaaltjes dat piloten weigerden hun bommen af te gooien omdat ze herder met zijn kudde kamelen in de woestijn zouden hebben kunnen raken. In de praktijk werden duizenden burgers gedood door Navo-bombardementen, alhoewel dat staalhard wordt ontkend. De ene keer dat er zonder veel twijfel van burgerdoden sprake is, zegt de Navo-propagandadienst – uiteraard zonder enig gevolg – dat de zaak zal worden onderzocht; de volgende keer dat men het niet weet omdat men niemand op de grond heeft om het te controleren; daarna dat een “commandopost” werd gebombardeerd en de slachtoffers dus wel militairen moeten zijn.

Ook is er bewust jacht gemaakt op kolonel Kadhafi en zijn familie, waarbij onschuldige vrouwen en kinderen werden afgemaakt. De voorbije weken werden de steden Sirte, Sebha en Bani Walid gebombardeerd door de Navo, wat het tegendeel is van de onder resolutie 1973 van de Veiligheidsraad beoogde bescherming van burgers. Het gaat hier om bestraffing van de burgers daar die de euvele moed hadden en hebben weerstand te bieden tegen de door de Navo gesteunde rebellen én Navo-troepen die er onder resolutie 1973 niet mogen zijn. Wie er nog aan zou hebben getwijfeld, de bombardementen maken deel uit van een actie tot regimewissel, die onder 1973 niet toegestaan is. De Navo maakt zich dus bewust schuldig aan schendingen van de mensenrechten en daarin heeft de Belgische minister en zijn Belgische en Navo-collega’s een aandeel in.

.

De kans dat hij daarvoor zal worden vervolgd is vrijwel onbestaande. Ook op de Balkan werden door de Navo bewust burgerdoelwitten aangevallen. Nochtans werd er een Joegoslavië-tribunaal opgericht om oorlogsmisdaden te berechten, maar geen enkele aanklager dierf het aan ministers van Navo-lidstaten, onder wie Belgische, op het matje te roepen. En de Belgische vrouwe Justitia, die ook initiatief had kunnen nemen, is blind gebleven, wat dit keer ook wel het geval zal zijn. Hoe onafhankelijk is de justitie eigenlijk?

Minister Vanackere stelde zichzelf in beschuldiging in een reactie op een opiniestuk verschenen op 20 september in De Standaard van N-VA-voorzitter Bart De Wever, waarin terecht kritische vraagtekens werden gezet bij de universaliteit van de mensrechten, die door de minister op 13 september in De Morgen (nog eens) waren verkondigd.

Vanackere werkt, schrijft en spreekt echter in de lijn van zijn Belgische voorgangers en de andere westerse bewindvoerders, die onvoorwaardelijk trouw zijn aan de smerige oorlogsmachine die de Navo nu eenmaal is. De door de Navo met de lippen beleden verdediging van “waarden” is een fictie. Voor de Navo en de ministers van de lidstaten van de Navo zijn mensenrechten alleen theoretische universeel. Eén van Vanackere’s voorgangers – als ik het goed voor heb was dat Willy Claes – sprak ooit zijn mond voorbij toen hij zei dat de Palestijnen inderdaad wel rechten hadden, maar dat dit nog iets anders was dan een recht op uitoefening van die rechten! Dezelfde Willy Claes zei ook iets teveel toen hij als secretaris-generaal van de Navo openlijk de islam als nieuwe vijand uitriep ter vervanging van het communisme.

Niets in de feitelijke gedragingen van westerse leiders en ministers wijst erop dat ze de mensenrechten in de praktijk ernstig nemen, dat ze er meer dan lippendienst aan bewijzen, dat ze meer zijn dan een propagandaspel. Geen enkele westerse leider ligt wakker van de holocaust, zeker 5 miljoen doden, in Oost-Congo. Congolezen hebben geen “recht op bescherming”. Meer nog, de westerse landen eigenen zich het recht toe te doden en verlenen dat recht ook aan hun bondgenoten. Zo hebben Turkije en Israël, helemaal in het spoor van de Navo, programma’s lopen om mensen zonder enige vorm van proces te doden. België heeft met enthousiasme deel genomen aan de genocide die sedert 1990 in Irak werd uitgevoerd door het land voedsel, medicijnen en de middelen om die te produceren te ontzeggen. De Irakezen waren immers schuldig door het feit dat ze een leider, Saddam Hoessein, hadden die niet meer in de gratie van het Westen stond.

Bernard Kouchner, de man die de notie “humanitaire interventie” tot een begrip maakte, legde als bestuurder van Kosovo, de Albanezen, ondanks het uiterst dubieuze gehalte van hun leiders, in Kosovo in 1999 geen strobreed in de weg voor wraakacties tegen Serviërs, Roma, Bulgaarse moslims enz. Zoals de Navo nu niets doet om de zwarte Libiërs en zwart-Afrikaanse gastarbeiders in Libië te redden uit de klauwen van de Libische ‘rebellen’.

Aanhangers van Kadhafi hebben voor de Navo geen recht op leven, evenmin als de Palestijnen, oosterse christenen en zovele andere bevolkingsgroepen. De door het Westen gesteunde dictaturen zijn niet op één hand te tellen. Algerije, Bahrein, Jemen, Jordanië, Koeweit, Marokko, Qatar, Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten alleen al in de Arabische wereld. De burgers daar hebben geen recht op democratie, geen recht op vrije meningsuiting, geen “recht op bescherming”, dat als voorwendsel werd ingeroepen om Libië te vernietigen omwille van de olie.

De mensenrechten zijn in de praktijk nog lang van universeel. Zelfs in de westerse landen, waar er door de burgers hard om werd gestreden, wordt geprobeerd ze onderuit te halen via on- en antidemocratische instellingen zoals de Navo en de EU, die in het geheim of in alle ontransparantie maatregelen nemen zonder enige inspraak van de burgers. Zo bv. mocht en mag er in het Belgische parlement niet eens worden gedebatteerd over uiterst belangrijke documenten zoals de Europese “grondwet”. En als er landen zijn waar wel inspraak van de bevolking is, wordt die onderuit gehaald door de teksten na een nederlaag wat anders te formuleren en onder zware druk en chantage nieuwe referenda te forceren of die te vermijden door makkelijk te manipuleren nationale parlementen te doen stemmen. Vrijheid van mening van de mensen is uit den boze.

(Uitpers nr. 135, 13de jg., oktober 2011)

(Visited 1 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 67 Times, 1 Visit today

Over Paul Vanden Bavière

Paul Vanden Bavière (°1944) is historicus en journalist. Hij werkte een 30-tal jaar in de gedrukte pers als journalist gespecialiseerd in buitenlandse politiek. Vooral het Midden-Oosten, waarover hij ook enkele boeken publiceerde. Toen de media veel te veel “mainstream” – d.w.z. gezagsgetrouw – en commercieel werden, richtte hij met enkele mensen in 1999 Uitpers, het eerste Nederlandstalig webzine voor Internationale politiek, op met de bedoeling weerwerk te bieden aan de mainstream media (MSM).