Maliki II, een regering onder de paraplu van de VS en Iran

De aankondiging van de gedeeltelijke Maliki II regering op 21 december heeft de Iraakse politiek getransformeerd in een chaotische bouwwerf. Niemand weet nog wie zal worden opgenomen in de regering of hoeveel ministers uiteindelijk zullen worden benoemd. Die chaos is symptomatisch voor de huidige situatie in Irak.

Het vormen van een regering heeft heel wat voeten in de aarde gehad en ze functioneert nog steeds niet. Een akkoord over machtsdeling, ontworpen door de Koerdische leiders van Irak en Iraanse onderhandelaars in Qom en Teheran, heeft ervoor gezorgd dat al-Maliki minister-president zal blijven, ook al heeft de door de Soennieten gesteunde seculiere alliantie Iraqiya de meeste zetels in de wacht gesleept. De Islamistische partijen van Maliki en Al Sadr hebben zich verzoend in een poging om de seculiere tendenzen in de Irakese samenleving te fnuiken. De greep van Iran op Irak wordt steeds groter. De VS kijken welwillend toe omdat de VS en Iran nu eenmaal een gezamenlijk belang nastreven, een partitie van Irak in 3 etnische entiteiten: een Shia republiek, een Soennietische republiek en Koerdistan. De zuiveringen die nodig zijn om deze “etnisch zuivere” gebieden te bekomen zijn in omvang toegenomen, vooral in de betwiste regio’s zoals Mosul, Kirkuk, maar ook in Bagdad. Niet alle Irakezen zijn akkoord met dit scenario. Recent gehouden omvangrijke betogingen tegen de splitsing van Irak hebben echter het nieuws niet gehaald.

Hoewel het Parlement nauwelijks is samengekomen in de afgelopen tien maanden hebben de nieuwe verkozenen des volks al zo’n slordige 22.500 dollar per maand verdiend plus een eenmalige vergoeding van 90.000 dollar en extraatjes zoals gratis overnachtingen in het beste hotel van Bagdad.

Irak’s hoofdstad Bagdad, waar meer dan zes miljoen mensen wonen, krijgt nauwelijks één uur ononderbroken elektriciteitsvoorziening per dag. De stad is in duisternis gehuld en de verantwoordelijken voor de wederopbouw slagen er nog steeds niet in om de leveringen te verhogen, ondanks miljarden dollars aan investeringen. Zeven jaar na de 2003-U.S. invasie, is de energielevering in het land nog steeds onder het niveau van de regering van Saddam Hoessein. Voor de invasie was er in Bagdad maximaal 18 uur elektriciteit per dag. De bewoners zijn woedend, maar kunnen weinig ondernemen in een land waar mensen in de eerste plaats bezig zijn met hun persoonlijke veiligheid. Veel Irakezen geloven niets meer van de loze beloften van de regering. “De regeringsambtenaren hebben ons bestookt met beloften dat het land spoedig zou beginnen met de uitvoer van elektriciteit naar de naburige staten,” aldus Karim Zamel. Hij zei ook dat, zoals bijna alles in Irak, de elektriciteitsvoorziening is verslechterd en dat de huidige situatie totaal tegengesteld is van wat de regering zegt. En Sameer Qassab voegt daaraan toe dat particuliere elektriciteitsbedrijven maandelijks exorbitante sommen vragen “gewoon om onze lampen weer te doen branden”.

Irak heeft geen geld meer om de uitkeringen voor weduwen en landbouwgewassen te betalen, noch voor andere sociale programma’s voor de armen. Dit vertelde de voorzitter van het Iraaks parlement op 21 november aan de in het parlement aanwezige volksvertegenwoordigers in een van’ s werelds meest olierijke landen. Terwijl dat parlement slechts een viertal keer is bijeengekomen sinds de verkiezingen in maart 2010. Tijdens die woelige zitting eisten leden van het parlement uitleg over wat er gebeurd was met de geschatte 1 miljard dollar voorzien door het ministerie van Financiën voor 2010 voor sociale programma’s. “We moeten van de overheid weten waar dat geld, bestemd voor weduwen, naartoe is gegaan,” eiste Sadrist parlementariër Maha Adouri van Bagdad, een van de vrouwen die een kwart van de 325 zetels bezetten. “Er zijn duizenden weduwen die al maanden geen financiële steun ontvangen.” Een andere parlementariër zei dat de boeren gedurende ten minste vijf maanden niet betaald zijn voor tarwe en andere gewassen die zij aan de overheid geleverd hebben. “Hoe kunnen we betalen voor onze dagelijkse behoeften en voor onze gezondheid, of aan de behoeften van onze kinderen tegemoet komen? Waar zijn de inkomsten van onze olie naartoe?” zei Hassan, een landbouwer wiens betalingen door de overheid meer dan vier maanden geleden werden stopgezet. De vier uur durende sessie werd overigens grotendeels in beslag genomen door procedurekwesties.

De oorzaak van het tekort werd duidelijk gezocht in de impasse over de vorming van een nieuwe regering die geleid zou hebben tot deze financieringstekorten. Doch de ongebreidelde corruptie zou wel eens de belangrijkste reden kunnen zijn. Slachtoffers van de corruptie zijn in de eerste plaats de bevolking, maar ook de inspecteurs die de corruptie moeten bestrijden. Muamen Jaata Ahmad is het laatst recente slachtoffer. Hij werd vermoord op 26 november 2010. Voordien werden al tientallen ambtenaren van de “Public Integrity Commission” gedood, vermoedelijk door milities van de onderzochte Ministeries. Het kabinet van Al Maliki, dat de corruptie moet bestrijden, wordt zelf beschuldigd van corruptie.

Het is weinig waarschijnlijk dat een nieuwe regering iets zal veranderen aan de chaos die het land nog steeds overspoelt. Enkele voorbeelden:

  • Op 23 januari rapporteerde de LA Times dat gedetineerden zonder proces worden vastgehouden en onderworpen aan misbruik in een gevangenis in de Green Zone geleid door een elite-eenheid die valt onder de bevoegdheid van premier Maliki. Beloften over hervormingen en verbetering van de mensenrechten blijven loze woorden, zelfs als hij lijkt hij zijn macht te consolideren.
  • Terwijl het nieuws wordt beheerst door een zelfmoordaanslag op de luchthaven van Moskou, zijn dergelijke aanslagen dagelijkse kost in Irak. In Kerbala vielen vandaag 12 doden en 163 gewonden in een explosie met 3 bomauto’s. Een week eerder doodden 2 explosies in dezelfde stad 33 mensen en werden er 203 gewond. Nog vandaag raakten 6 mensen gewond in een aanslag op een bus in het Oostelijke district van Bagdad, Al Shaab.
  • De gerichte aanslagen op de Irakese middenklasse: academici, dokters, advocaten, ingenieurs enz… gaan onverminderd door. Vandaag nog werd een dokter gewond door onbekende gewapende mannen in het Noorden van Bagdad en zijn chauffeur werd gedood.
  • Doodseskaders zijn nog erg actief en er is en gerichte campagne om de Christelijke gemeenschappen uit Irak te verbannen.

Nouri Al-Maliki, die zelf een sektarische visie heeft op de Irakese samenleving, zal geen oplossingen kunnen aandragen om deze ernstige samenlevingsproblemen op te lossen. Veel loze woorden maar geen enkele actie om de veiligheid voor de burgers te verhogen. Daarbovenop komt nog dat Maliki een alliantie met Moqtada Al Sadr heeft gesloten, wiens Mahdi milities in 2006-2007 duizenden doden op haar geweten heeft in die bloedige periode van etnische zuiveringen. De Soennitische bevolking ziet daarom een deelname van Al Sadr aan de regering helemaal niet zitten en de meest recente cijfers van UNHCR tonen een stijging van het aantal Irakese vluchtelingen.

De ultieme oorzaak van deze chaos ligt uiteraard bij diegenen die Irak zijn binnengevallen, de VS en het Verenigd Koninkrijk. Zij hebben een sektarische politiek gevoerd en een situatie van onveiligheid gecreëerd door het oprichten, bewapenen en trainen van doodseskaders die het gewapend verzet moeten monddood maken en de bevolking terroriseren. Zij hebben een systeem van veralgemeende corruptie in het leven geroepen. Zij hebben een fundamentalistische, sektarische regering geïnstalleerd die alle burgerlijke rechten en vrouwenrechten hebben teruggeschroefd. Zij hebben de nationale industrieën en alle andere economische sectoren geprivatiseerd. Er is niets dat er op wijst dat Maliki II anders zou zijn dan Maliki I. Wel integendeel, de repressie is alleen maar toegenomen, de persvrijheid aan banden gelegd, de folteringen zijn niet opgehouden, de doodstraf wordt frequenter uitgevoerd. En als je gedacht had dat Obama zijn belofte over de terugtrekking van Amerikaanse troepen ook echt zou nakomen: niets is minder waar. Nog steeds blijven zo’n 50.000 troepen actief in het land, voeren operaties uit zij aan zij met de Irakese strijdkrachten die zij opleiden. De counter-insurgency operaties gaan onverminderd verder. Het aantal huurlingen (contractors) wordt geschat op zo’n 100.000. Alle troepen moeten vertrekken uit Irak eind 2011, maar “de situatie kan veranderen als de Iraakse regering vraagt dat de Amerikaanse troepen zouden blijven in Irak na 31 december 2011”, aldus het Veiligheidsakkoord tussen Irak en de VS. Dit is logisch. De VS kunnen niet vertrekken zonder een “bevriende” regering achter te laten die haar economische belangen kan behartigen. De meerderheid van de Irakezen zal nooit een vreemde mogendheid op haar grondgebied dulden en zal deze regering blijven bestrijden, die de olie heeft verkocht aan buitenlandse concerns, die niet in staat is om het land op een efficiënte en rechtvaardige wijze te besturen, die geen enkel belangrijk probleem kan oplossen. De meerderheid van de Irakezen zal nooit aanvaarden dat Irak een islamistische staat wordt. Zijn de vele aanslagen dan een onderdeel van de counter-insurgency strategie die de Irakese bevolking moet terroriseren en tot onderwerping dwingen? Zodat de Amerikanen alsnog kunnen blijven?

Ik denk van wel.

(Uitpers nr. 128, 12de jg., februari 2011)

25 Januari 2011

Dirk Adriaensens is lid van het uitvoerend comité van het BRussells Tribunal

(Visited 3 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 78 Times, 1 Visit today

Tags :

zie ook