Lula keurt betwiste wet voor privatisering Amazone-woud goed

Sommigen bestempelen de wet als de “grote erfenis” van president Lula voor het Amazone-gebied. Anderen beschouwen hem als een geschenk aan het privé-kapitaal, vooral het buitenlandse kapitaal. De nieuwe wet regelt de economische exploitatie van één van de voornaamste tropische oerwouden ter wereld.

De wet werd op 2 maart 2006 goedgekeurd door de president maar laat, zoals blijkt uit de polemiek er rond, veel in het ongewisse wat betreft de toekomst van het 5 miljoen vierkante kilometer grote prachtige woud, dat voor 60% eigendom is van de staat en dat nog één van de weinige overblijvende longen van de wereld is.

De nieuwe wet staat toe dat privé-ondernemingen concessies kunnen krijgen voor de exploitatie van oerwoud, waarvan de staat de eigenaar blijft. Vele ecologische groepen en organisaties veroordelen de wet, maar andere, zoals Greenpeace, verdedigen hem.

Het officieel doel van de privatiseringswet is om, via openbare aanbestedingen, de illegale toe-eigening van land te voorkomen door avonturiers, die op alle mogelijke manieren valse eigendomstitels proberen te maken over staatsland. Eén van de beruchtste gevallen in dit opzicht is dat van Cecilio do Rego Almeida, de eigenaar van een groot bouwbedrijf, die zich 5 miljoen hectare grond toeeigende in het zuiden van de staat Pará. Een bijkomend doel is dat de staat inkomsten zou halen uit de toegestane concessies. In ruil voor dit geld, dat op de staatsbegroting zou worden ingeschreven, kunnen de ondernemingen aan “duurzame” economische exploitatie doen van het Amazonegebied, gaande van bosexploitatie tot gebruik van het genetisch patrimonium voor geneesmiddelen.

In theorie moet de wet “orde op zaken stellen” in het Amazonegebied. Onder de wet wordt er een Braziliaanse Dienst voor Bosbeheer opgericht, die totnogtoe niet bestond. Deze dienst zal de loten afbakenen die in de loop van de komende tien jaren mogen worden geëxploiteerd. Ook zal deze dienst de openbare aanbestedingen uitschrijven. De te privatiseren stukken oerwoud zijn niet homogeen. De wet voorziet in drie verschillende groottes: kleine loten, middelmatige en grote. Volgens de regering is het de bedoeling dat bedrijven van zeer verschillende omvang toegang zouden krijgen tot de schatten van Amazonië: van kleine en middelgrote bedrijven tot grote nationale en transnationale firma’s. Van deze laatste wordt alleen gevraagd dat ze over een filiaal en kantoren in Brazilië zouden beschikken.

De concessies kunnen tot een duur van 40 jaar gaan. De enige voorzorgsmaatregel voor “duurzaam” gebruik bestaat uit een driejaarlijkse controle op het bosbeheer. De tegenstanders van de wet onderstrepen dat die tijdspanne lang genoeg is om ecologische catastrofes te veroorzaken zonder dat men in gebreke kan worden gesteld, en zonder dat de Braziliaanse staat het te weten kan komen.

De wet gaat uit van de in principe sociaal geïnspireerde regering van president Lula en van een populaire minister van Milieu, Marina Silva, die uit een familie van rubberarbeiders stamt(1). Daarom is het normaal dat er in de wet ook een sociale dimensie zit. Hij voorziet in de oprichting van een aantal eenheden van openbare bossen voor “duurzame productie”. Dit wil zeggen dat stukken oerwoud voorbehouden blijven aan degenen die de vruchten van het Amazonebos gemeenschappelijk exploiteren voor hun onderhoud of voor commercieel gebruik op kleine schaal. Dat is het geval van de inheemse bevolkingsgroepen en van zwarte gemeenschappen.

Een van de uitgesproken doeleinden van de wet is privé-kapitaal aan te trekken om het hout en de biodiversiteit van het Amazonewoud te exploiteren. Dit alles onder de naam van “productief woud”. Officieel heet het dat het project “duurzaam” moet zijn, dat het de biodiversiteit moet beschermen en geïntegreerd moet worden in de nationale technologische en wetenschappelijke politiek.

De tegenstanders zijn onvermurwbaar. Zij houden staande dat de wet de verwoestende exploitatie van het woud niet zal tegenhouden. Volgens hen zullen de massale en abusievelijke houtkappingen gewoon doorgaan. Vele technici denken dat het systeem van de officiële concessies niet zal leiden tot een betere controle op de houtindustrie. Ze wijzen erop dat de evaring in andere landen langs de Amazone met gelijkaardige wetten, alles behalve overtuigend is. Ze beweren dat de toegekende concessies in afgelegen en moeilijk toegankelijke gebieden geen garantie bieden dat de rijkdommen van het woud niet worden geplunderd en dat er niet illegaal hout zou worden gekapt.

De wet is fel bekritiseerd door het Instituut van de Advocaten van Brazilië. Volgens de coördinator van de Commissie Milieurecht, Marcos Montenegro, komt de “uitvoering van de privatisering van het Amazonegebied neer op de uitlevering ervan aan het buitenlands kapitaal”.

(Uitpers, nr. 76, 7de jg, juni 2006)

Bron: de Argentijnse krant Carin, zie www.clarin.com, via RISAL (Réseau d’information et de soliarité avec l”Amérique latine), zie: www.risal.collectifs.net

Noot:

(1) Minister Marina Silva is één van de meest vooraanstaande personaliteiten van de ecologische beweging. Ze komt voort uit de beweging van de Seringueiros, de mensen die rubber (latex) verzamelen in de bossen, in de staat Acre in het noord-westen van Brazilië. De Seringueiros vechten voor de behoud van het Amazone-gebied. Op wereldniveau werden ze bekend door de strijd van Chico Mendes, die op 22 december 1988 werd vermoord door grootgrondbezitters van de Democratische Rurale Unie (UDR).

Visited 8 Times, 1 Visit today

Tags :