Lastenverlagingen, laissez faire en oorlog ramp voor New Orleans

Lastenverlagingen en bezuinigingen zijn het toverwoord van alle Europese regeringen. Om nog niet te spreken van de Europese Commissie die absoluut terug wil naar de 19de eeuw met haar (neo-)liberale recepten en acties. Ook al hebben die recepten al 30 jaar lang bewezen dat ze de problemen niet oplossen, de groei niet stimuleren en alleen maar de armoede en werkloosheid doen toenemen. En een kleine groep rijk maken. Iets wat iedereen weet die wat van economische geschiedenis kent.

Tot wat dergelijke politiek leidt wordt nogmaals geïllustreerd door de orkaan Katrina, die een volslagen ramp werd door de voortdurende lastenverlagingen en bezuinigingen, het liberale “laissez faire” van de regering Bush en door de oorlogen in Afghanistan en Irak.

Bezuinigen betekent dat er op alle regeringsdiensten moet worden beknibbeld, dat noodzakelijke werken niet worden uitgevoerd. Zo zorgde Bush ervoor dat er 71,2 miljoen dollar werd bespaard voor openbare werken in New Orleans, hetgeen een vermindering van het budget met 42% betekende. Daardoor moesten de plannen voor versterking van de dijken en om de pompinstallaties te verbeteren worden uitgesteld. Ook schrapte de president nog eens 30 miljoen dollar voor uitrusting voor waterbeheersing.

En dat terwijl experts allerhande, zelfs bepaalde federale regeringsdiensten, al jaren hadden voorspeld dat de dijken van New Orleans konden in breken bij een zware storm. Maar niemand die dat een dringende aangelegenheid vond. Nochtans was het gevaar voor New Orleans des te groter omdat een groot deel van de stad onder het zeeniveau ligt. Speculanten en bouwpromotoren hadden ongestoord moerassen en overstromingsgebieden mogen droogleggen.

Dit laatste deed, en doet zich ongetwijfeld nog voor in België. Met als gevolg geregeld wateroverlast voor de bewoners. Eigenaardig genoeg wil Fientje Moerman, Vlaams minister van Economie en tot vorig jaar federaal minister van Economie, dat iedereen voor de schade moet opdraaien via een verzekering, ook al heeft niet iedereen daar nood aan. Ook wie geen eigen huis heeft maar een brandverzekering moet afsluiten voor zijn huurwoning, moet bijdragen voor mensen die wel een eigen huis kunnen neerpoten, zij het dan wel in een gevarenzone. Waarom geen verbod tot bouwen in overstromingsgebieden? En waarom niet de promotoren, noch de autoriteiten die de bouwvergunningen hebben afgeleverd verantwoordelijk stellen als er iets misloopt? Of de mensen zelf die het risico hebben genomen geregeld natte voeten te krijgen?

Dit is een typisch liberaal staaltje van opwaartse solidariteit. Zoals in België ook de armen belasting moeten betalen – iemand die op een heel jaar zo’n 5.400 € verdient kan daar niet of nauwelijks mee rondkomen – terwijl de belastingen voor de rijken naar beneden worden gehaald. En de lasten op de minder begoeden moeten nog naar omhoog door de verhoging van de indirecte belastingen zoals de BTW, die gepland is. Of nog, werknemers moeten al jaar en dag “inleveren” opdat de aandeelhouders meer dividenden zouden kunnen opstrijken. Of om het management, waarvoor merkwaardig genoeg geen enkele loonstop bestaat, exorbitante lonen en voordelen te kunnen geven, zoals aan Jan Coene bij Picanol.

De liberale theorie gaat er van uit dat hoe armer iedereen is en hoe rijker een kleine groep, hoe beter het voor iedereen is. Want de armen kunnen dan via het zgn. “trickle down”- effect de kruimels oprapen die van tafel vallen. Leve de Lazarus-economie!

Solidariteit naar beneden wordt meer en meer afgebouwd. In de Verenigde Staten is dat al lang zo. Leve de vrije markt die alles regelt. Leve het privé-initiatief. Ieder voor zichzelf. Dat zijn ook elementen die ertoe bijgedragen hebben dat de gevolgen van de orkaan nog desastreuzer werden. Plannen voor evacuatie bestonden niet. Iedereen moest maar op eigen houtje zien weg te geraken. En wie dat niet kon (vooral arme blanken en Afro-Amerikanen) bij gebrek aan auto of geld moest maar zijn heil gaan zoeken in een overdekt stadium, zonder dat de voorzieningen en diensten daar werden aangepast aan een dagenlange overrompeling. Eens de orkaan op gewelddadige wijze voorbijgeraasd was, bleken er geen plannen voor hulpverlening, voor herstel van de dijken (die uit bezuinigingsoverwegingen niet berekend waren op de sterkst mogelijke stormen), voor het ruimen van het puin te bestaan. De dag na de ramp ging president Bush doodleuk golf spelen. Pas drie dagen later verscheen hij op tv en vijf dagen nadien kon er een dagje ramptoerisme per helikopter van af.

De Amerikaanse progressieve denker en succesauteur Michael Parenti, van wie een aantal werken in vertaling door uitgeverij EPO op de markt werden gebracht, kon dan ook schrijven “hoe de vrije markt heeft gedood in New Orleans”. Meer dan één auteur en columnist in de VS wees op het contrast met Cuba., een land waar ook geregeld orkanen langs trekken. Daar raasde onlangs een storm langs, die 20.000 huizen vernielde, zonder dat er ook maar één dode viel te betreuren. Maar in Cuba is alles voorzien. Van zodra er gevaar dreigt wordt iedereen door de leiders op tv gewaarschuwd. Iedereen weet waar hij naartoe moet en kan zijn vee en ander waardevol bezit(tv, koelkasten, enz.) meenemen, zodat men niet bang moet zijn voor plunderaars. De huisdokters worden mee geëvacueerd en zorgen dat de nodige medicijnen voor hun patiënten voorhanden zijn in de schuilplaatsen. Het is niet voor niets dat Cuba complimenten heeft gekregen van het internationaal secretariaat van de Verenigde Naties voor rampvoorkoming. Cuba wordt dan ook als voorbeeld gesteld wegens zijn goede voorbereiding op catastrofes.

Dat er overal scherp wordt bezuinigd is niet alleen het gevolg van de lastenverlagingen, maar ook van de oorlogen van Bush, die de openbare financiën met tekorten van honderden miljoenen dollar beginnen op te zadelen. Zo kosten de oorlogen in Afghanistan en Irak 80 miljard dollar per jaar. “Geen dijken maar bommen”, lijkt het devies van het Witte Huis te zijn. En dan spreken we nog niet over de enorme sommen die naar “binnenlandse veiligheid” – niet tegen orkanen maar tegen terroristen – beginnen te vloeien.

Omdat oorlogen nu eenmaal duur zijn – wat goed is voor Bush en zijn naaste medewerkers die persoonlijk fortuinen hebben geïnvesteerd in de oorlogsindustrie – kunnen er niet onbeperkt soldaten worden aangeworven. Daarom worden ook de nationale gardisten van de Amerikaanse deelstaten naar Irak gestuurd. In plaats van inzetbaar te zijn in New Orleans moet de Nationale Garde van Louisiana het in Irak gaan uitzweten. Haar materiaal, zoals helikopters en pompen, heeft ze mee. Niet te verwonderen dat de hulp zo laat op gang kwam. Oorlog heeft nu eenmaal prioriteit en er wordt – in tegenstelling tot openbare diensten en sociale uitleringen – altijd geld voor gevonden.

(Uitpers, nr. 68, 7de jg., oktober 2005)

Visited 6 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Paul Vanden Bavière

Paul Vanden Bavière (°1944) is historicus en journalist. Hij werkte een 30-tal jaar in de gedrukte pers als journalist gespecialiseerd in buitenlandse politiek. Vooral het Midden-Oosten, waarover hij ook enkele boeken publiceerde. Toen de media veel te veel “mainstream” – d.w.z. gezagsgetrouw – en commercieel werden, richtte hij met enkele mensen in 1999 Uitpers, het eerste Nederlandstalig webzine voor Internationale politiek, op met de bedoeling weerwerk te bieden aan de mainstream media (MSM).