Kunst in Suriname

Thomas Meijer zu Schlochtern en Christopher Cozier (red), Paramaribo Span, Hedendaagse beeldende kunst iin Suriname, KIT Publishers, Amsterdam 2010, 192 blz. ISBN 9789460220579

Tammo Schuringa, Paul Faber en Chandra van Binnendijk, Schaafijs & wilde bussen, Straatkunst in Suriname, KIT Publishers, Amsterdam,2010, 158 blz. ISBN 978460220548

Met de regelmaat van een klok verschijnen er de laatste jaren publicaties van de Amsterdamse KIT Publishers waarin facetten van het Surinaamse culturele leven worden belicht. Een en ander is het resultaat van een intense samenwerking tussen Rotterdamse en Surinaamse kunstenaars, die elkaar blijkbaar veel beter aanvoelen dan de politici van beide landen. Paramaribo Span geeft een goed beeld van de hedendaagse beeldende kunst in Suriname en Schaafijs en Wilde bussen belicht de straatkunst in Suriname.

Beeldende kunst

Span Paramaribo is een mooie afronding van het Art Ropa-project (Art Rotterdam Paramaribo) dat in 2007 begon en waaraan geestdriftig werd meegewerkt door zowel Rotterdamse als Surinaamse kunstenaars. Bovendien verscheen het boek en de daarbij horende tentoonstelling op het ogenblik dat de toonaangevende Surinaamsche Bank 145 jaar bestaat. Span is in het Engels, Nederlands en Sranan een gangbaar woord met een groot aantal betekenissen. Het is onder meer de ruimte tussen twee punten, de manier om die afstand te overbruggen, het leggen van enig verband, of een handreiking. Het is uit dat leggen van verbanden tussen Surinaamse en Rotterdamse kunstenaars en de medewerking van de Surinaamsche Bank dat dit boek is ontstaan waarin men probeert een antwoord te formuleren op de vraag: ‘Waar staat de Surinaamse beeldende kunst in 2010 en wat zijn de toekomstperspectieven?’

De kern van het boek bestaat uit zevenentwintig interviews met Surinaams en Nederlandse kunstenaars die iets vertellen over hun ideeën, werkwijzen en ervaringen. Ze werden afgenomen door kunstcritica Marijke Vissers uit Suriname en de Nederlandse journalist Fred de Vries die in Kaapstad woont. Twee fotografen, Roy Tjin uit Paramaribo en Otto Snoek uit Rotterdam, hebben de kunstenaarsportretten gemaakt. Het vertrek van de reader is het essay ‘Uitgangspunten- Vijf momenten’ van Christopher Cozier, schrijver en kunstenaar uit Trinidad. Het deel getiteld ‘De stad’ begint met een tekst van de Rotterdamse filosoof en expert op het terrein van openbare ruimtes, Siebe Thissen. Het is een uitstekende bijdrage. Daarna interviewt de Surinaamse journaliste Chandra van Binnendijk een aantal personen uit het kunstcircuit over het artistieke klimaat in Paramaribo. In ‘Nation –Post nation – forget the nation?’ neemt Nicolas Laughlin met zijn essay ‘Dromen van Guiana’ de lezer via een historische excursie mee naar de drie Guiana’s. In ‘Globalisering is tweerichtingsverkeer’ staan twee bijzondere projecten in de schijnwerpers: het community project in Moengo van de Surinaamse beeldend kunstenaar Marcel Pinas (die algemeen als een zeer grote belofte wordt beschouwd) en de bouw van een museum voor erfgoed van de marroncultuur in Pikin Slee door Stichting Totomboti. Via enkele interviews geven Alex van Stipriaan en Vinije Haabo hun visie op deze initiatieven. In het deel met de titel ‘Bruggen’ worden de ambities en de samenspraak tussen kunstenaars en beleidsmakers uit Suriname en Nederland. Er is onder meer een boeiend interview met de Surinaamse theatermaakster en danslerares Alida Neslo. Tussen de hoofdstukken werden gedichten opgenomen van poëten van beide kanten van de oceaan en het geheel werd rijkelijk geïllustreerd met foto’s waardoor Paramaribo Span ook voor een stuk een mooi kijkboek is geworden.

Straatkunst in Suriname

De samenwerking tussen Paramaribo en Rotterdam en dan met name tussen de Rietveld Academie en het Nola Hatterman instituut, lag ook aan de basis van deze publicatie. De idee om aandacht te besteden aan straatkunst in Suriname was echter al veel ouder. Fotograaf Peter Faber en journalist Chandra van Binnendijk wilden al in de jaren negentig een podium bieden voor deze vorm van toegepaste kunst, maar de tijd bleek was rijp anno 2010. Wie even door de binnenstad van Paramaribo loopt, komt sowieso in aanraking met het werk van tientallen schilders, die met de hand teksten en voorstellingen hebben aangebracht op muren, bussen en schaafijskarretjes zoals hierboven afgebeeld. Hun namen staan niet in de kunstboeken, ze hebben meestal geen kunstopleiding gevolgd, hun werk hangt ook niet in musea of tentoonstellingen.

Popular art

De samenstellers wilden een hommage brengen aan de makers van deze informele kunstvorm die zich in Suriname op hoog niveau heeft weten staande te houden tegen de trend van digitalisering in. Hun werk wordt meestal omschreven als popular art of urban art. Popular art omdat de schilders voortkomen uit de doorsnee van de bevolking en ze ook werk maken dat wordt gezien door een brede laag van de bevolking. Urban art omdat deze toegepaste kunstvormen het eerst opdoken in stedelijke omgevingen. De samenstellers hebben zich in hun keuze vooral laten leiden door twee typisch Surinaamse fenomenen: schaafijskarretjes en wilde busjes. De verkopers bewerken de stangen ijs die ze bij de ijsfabrieken kopen met een eenvoudige metalen schaaf en voegen er dan, naargelang de smaak van de klant, stropen van fruit, essence en suiker aan toe. Het geheel wordt opgediend in een plastic bekertje dat slechts enkele centen kost. De schaafijsverkopers die veel concurrentie hadden – rond 1990 reden er 70 à 80 schaafijskarretjes door de straten van Paramaribo – begonnen hun kar met plaatjes en teksten te beschilderen.

Dat deden ze naar het voorbeeld van de zogenaamde wilde busjes, particuliere busjes van privéondernemers die het niet zo nauw namen met vast halteplaatsen. Zij werden de eerste opdrachtgevers aan straatschilders om ook hun busjes te verfraaien met tattoos, Sylvester Stallone, Arnold Schwarzenegger en Britney Spears. In het algemeen zijn het eerder ‘brave’ onderwerpen: de straatkunst van Suriname vertoont geen subversief karakter zoals graffiti dat in een aantal landen wel kunnen zijn. Ook seksueel getinte onderwerpen kwamen in het preutse Suriname weinig voor. De samenstellers besluiten zeer terecht: “In zekere zin is de straatkunst in Suriname ‘tegentijds’: waar elders in de wereld op veel plaatsen de straatschilderkunst al nagenoeg is verdwenen, bloeit zij in Suriname volop. Dat blijkt uit de interviews met een aantal straatschilders, maar ook uit de bijzonder boeiende fotografie van Paul Faber. Wie niet in de gelegenheid is geweest om de tentoonstelling Schaafijs & Wilde bussen te bezoeken in Fort Nieuw-Amsterdam in Suriname of later in Amsterdam, Rotterdam of Den Haag, moet zeker dit boek raadplegen. Het geeft niet alleen een goede inkijk in deze stilaan verdwijnende vorm van popular art, maar ook in een stukje dagelijks leven van het hedendaagse Paramaribo.

(Uitpers nr. 129, 12de jg., maart 2011)

Thomas Meijer zu Schlochtern en Christopher Cozier (red), Paramaribo Span, Hedendaagse beeldende kunst iin Suriname, KIT Publishers, Amsterdam 2010, 192 blz. ISBN 9789460220579

U kunt dit boek via de link hieronder rechtstreeks bestellen bij:

en wie via Uitpers bestelt, helpt Uitpers!

De link:

http://www.groenewaterman.be/anne/index.dll?webpage=index.htm&inpartcode=948105&refsource=uitpers

 

Tammo Schuringa, Paul Faber en Chandra van Binnendijk, Schaafijs & wilde bussen, Straatkunst in Suriname, KIT Publishers, Amsterdam,2010, 158 blz. ISBN 978460220548

U kunt dit boek via de link hieronder rechtstreeks bestellen bij:

en wie via Uitpers bestelt, helpt Uitpers!

De link:

http://www.groenewaterman.be/anne/index.dll?webpage=index.htm&inpartcode=948102&refsource=uitpers

(Visited 11 times, 1 visits today)
Deel dit artikel
Over Walter Lotens

Walter Lotens studeerde moraalfilosofie, ex-leraar, woonde lang in Suriname, reiziger, Latijns-Amerika watcher en freelancer. Hij schrijft voornamelijk over bewegingen van onderuit van Borgerhout over Madrid en Barcelona tot Cochabamba en Paramaribo. Hij houdt lezingen rond de thema’s die hij in zijn boeken aansnijdt (www.walterLotens.net).