Kouchner en een kleine bijverdienste

De Franse politicus Bernard Kouchner heeft internationaal naam gemaakt als verdediger van de mensenrechten waar ook ter wereld. De stichter van Médecins sans Frontières werd met die reputatie VN-bestuurder, in feite Westers gouverneur van het protectoraat Kosovo. Deze verdediger van de Amerikaanse overval op Irak profileert zich nu als een mogelijk kandidaat van links bij de presidentsverkiezingen van 2007.

Hij zit wel met een kleinigheid verveeld, want op een proces in Frankrijk over mensenrechten in Birma (Myanmar) pakten de advocaten van de betichte oliefirma Total ineens uit met een rapport van Kouchner dat Total vrijpleit.

Zes Birmanen hebben in Frankrijk een klacht ingediend tegen Total. Ze beschuldigen de Franse oliefirma ervan dat ze bij de aanleg van een pijpleiding in het zuiden van Birma, richting Thailand, in samenspraak met het Birmaanse generaalsbewind gebruikt heeft gemaakt van dwangarbeid. De zes zeggen dat ze zelf slachtoffer waren van die dwangarbeid. Maar mensenrechtenspecialist Kouchner zei na een missie ter plaatse geen sporen van dwangarbeid te hebben gevonden. Alles wijst erop dat hij er niet heeft naar gezocht.

De klachten over dwangarbeid zijn al enkele jaren oud. De Birmaanse junta was na de verkiezingen van 1990 in alle staten. De Nationale Liga voor Democratie van Aung San Suu Kyi had die verkiezingen met 85 procent van de stemmen wel erg overtuigend gewonnen. De junta belette echter dat het gekozen parlement ooit zou vergaderen. Om internationale steun te werven, besloten de generaals buitenlands kapitaal aan te trekken.

Het Franse Total en het Amerikaanse Unocal (dat later goede maatjes werd met de Taliban) waren er snel bij. Total sloot in 1992 een contract met de Birmaanse Myanmar Oil and Gas Enterprise (Moge) voor de exploratie van een offshore gasveld (Yadana) dat zeer interessant bleek. In 1995 sloot Total dan een ontginningsakkoord met Moge, Unocal en een Thailandse firma voor de levering van gas aan Thailand. Total kreeg na lang aarzelen voor zijn investering een waarborg van de Coface (de Franse Delcrederedienst).

Het contract met Total voorzag dat de Birmaanse strijdkrachten de pijpleiding en de aanleg ervan zou beschermen. De generaals maakten van de gelegenheid gebruik om hun posities in de zone bij de gaspijpleiding te versterken, ook om de opstandige Karens te verjagen.

Maar tegelijk leverde het leger Unocal en Total ook goedkope werkkrachten voor de werkzaamheden – in de vorm van dwangarbeid. De verantwoordelijke van Unocal in Birma, Joel Robinson, gaf al in 1995 toe dat de firma profiteerde van die dwangarbeid. Total gaf in 2001 in Parijs toe dat het Birmaanse burgers vergoedingen uitbetaalt in geval ze kunnen aantonen dat ze dwangarbeid hebben moeten verrichten. Dat gold blijkbaar niet voor zes Birmanen die in de zomer van 2002 via hun advocaat, William Bourdon, in Frankrijk zelf een aanklacht hebben ingediend tegen Total.

Consultant

De Franse oliefirma zat verveeld met die zaak. Een van de advocaten van Total, Jean Veil, is via zijn moeder Simonne Veil (een rechtse politica) echter bevriend met Bernard Kouchner. Die was eind 2002 voor het eerst in Birma geweest samen met zijn vrouw, de journaliste Christine Ockrent. Jean Veil polste Kouchner na diens terugkeer over de mogelijkheid dat hij een enquête in Birma zou doen naar de beschuldigingen inzake dwangarbeid. Kouchner richtte prompt een consulting maatschappij op, BK Conseil, met hemzelf als enige werknemer. In die hoedanigheid trok hij van 25 tot 29 maart (vier dagen ter plaatse) in opdracht van Veil op missie naar Birma.

In september was zijn rapport klaar. Intussen was oppositieleidster Aung San Suu Kyi, kort daarvoor nog geïnterviewd door Ockrent, eind mei weer onder huisarrest geplaatst en was de British American Tobacco uit het land weggetrokken in het kader van de sancties tegen het militair bewind.

Opdrachtgever Total haastte zich om het rapport van Kouchner te verspreiden. Want deze grote verdediger van de mensenrechten, die vindt dat men in naam van die mensenrechten militair mag tussenbeide komen, pleitte Total vrij van alle schuld. Integendeel, Total doet zeer goed werk voor de plaatselijke bevolking, aldus Kouchner. BK Conseil streek 25.000 euro op voor dat rapport en beëindigde haar werkzaamheden.

Selectief

Op vier dagen tijd had Kouchner dus genoeg gezien. Die vier dagen lieten wel geen tijd over om aan de andere kant van de grens met Thailand te gaan praten met vluchtelingen of om in Frankrijk te spreken met de advocaat van de aanklagers van Total. Htoo Chit, vertegenwoordiger in Frankrijk van de Birmaanse democratische oppositie, is erg verontwaardigd over het rapport Kouchner. Een van diens argumenten om de beschuldigingen tegen Total over kinderarbeid te weerleggen, is dat de buizen van de pijpleiding te zwaar zijn voor kinderen, terwijl die kinderen werden ingezet om het terrein klaar te maken, om kanaaltjes te graven, bomen om te hakken, het materiaal van arbeiders en soldaten te dragen, aldus Htoo Chit.

Kouchner negeerde bij de opstelling van zijn rapport de klachten die in Frankrijk tegen Total en in de VS tegen Unocal lopen. Hij negeerde alle voorgaande rapporten over dwangarbeid bij de aanleg van de pijpleiding. Onder meer de uitvoerig gedocumenteerde aanklachten van de Internationale Federatie voor de Mensenrechten, het Internationaal Verbond van Vrije Vakverenigingen en de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO). De IAO had op haar jaarlijkse conferentie in juni 2000 een resolutie goedgekeurd waarin de dwangarbeid in Birma werd veroordeeld en waarbij alle mogelijke organisaties en privé-bedrijven werden opgeroepen hun betrekkingen met het Birmaanse bewind te herzien.

De Franse mensenrechtenverdediger Kouchner tracht Total echter vrij te pleiten door te zeggen dat die maatschappij zelf geen schuld treft, zij heeft zelf geen dwangarbeid doen verrichten. Integendeel, zij zorgt voor gezondheidszorg – waarmee Kouchner er lijkt vanuit te gaan dat dit een taak van privé-bedrijven is. Maar in de aanklachten wordt Total er nooit van beticht zelf de dwangarbeid te hebben georganiseerd, wel te hebben geprofiteerd van dwangarbeid geleverd door het leger waarmee Total een contract heeft. Kouchner verwijt de ngo’s die Birma aanklagen dat ze zelf niet ter plekke gingen kijken – wat nogal moeilijk is, want de militairen laten die ngo’s niet binnen. Hij mocht wel ter plaatse, waarbij de vraag rijst wie het bezoek organiseerde, wie voor de tolken zorgde.

Kouchner is zich van geen kwaad bewust en blijft bij zijn rapport. De zaak leidt tot enige opschudding in Frankrijk en zal wellicht door concurrenten wel gebruikt worden om zijn presidentiële ambities te kortwieken. Maar de zogenaamde internationale gemeenschap zou er beter stil bij staan dat een van de kampioenen van de "humanitaire interventies" niet erg kieskeurig is als hij er een goede stuiver aan verdient. Ach, zegt Kouchner, wat betekenen 25.000 euro voor mij, ik verdien de helft daarvan al met een voordracht. Toen Kouchner half januari uitgenodigd werd om te gaan spreken op het eerste colloquium van de Fondation pour l’innovation politique, de nieuwe stichting van de UMP (de rechtse partij van Chirac, Juppé en Sarkozy), zei PS-leider François Hollande "Men moet weten hoeveel men wordt betaald". Tot wat een verdediging van mensenrechten zoal kan leiden.

Over Kouchners beleid in Kosovo verscheen een artikel in Uitpers van februari 2001: Kouchner of het failliet van de "humanitaire interventie" van Paul Vanden Bavière.

(Uitpers, nr. 50, 5de jg., februari 2004)

(Visited 1 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 55 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook