Korea, provocaties aan beide zijden

De spanningen lopen weer op in het Koreaanse schiereiland. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft Noord-Korea veroordeeld voor een kernproef en het lanceren van raketten. Pyongyang krijgt onverdeeld het verwijt een provocateur te zijn na de lancering op 5 april van een satelliet – volgens anderen een raket die kernkoppen kan vervoeren. Daarop volgde dan op 25 mei een kernproef, al zijn er experts die eraan twijfelen of het wel een echte proef was.

Waarom drijft Pyongyang de spanning op? Of ligt dat wel aan Noord-Korea en is het niet de draai van Zuid-Korea dat aan de basis ligt? Of heeft het te maken met opvolgingsproblemen in Pyongyang? De meest wijzen woorden daarover komen misschien wel van de Franse expert Jean-Vincent Brisset (De Morgen 27 mei 2009): “de nederigheid gebiedt ons toe te geven dat de inlichtingendiensten bijna niets over Noord-Korea weten”.

De tweede Noord-Koreaanse kernproef (de eerste was in 2006) roept veel vragen op. Was het wel een echte nucleaire proef? En waarom die proef? Over de aard van de proef bestaat op zijn minst wel onduidelijkheid. Expert Brisset, verbonden aan het Institut des Relations Internationales et tratégiques (IRIS), heeft zijn twijfels. De eerste test, in oktober 2006, had slechts de kracht van 1 kiloton, terwijl de explosie van de chemische fabriek AZF in Toulouse in 2001 een vier keer sterkere kracht had. Na de jongste proef lanceerde Noord-Korea enkele raketten die volgens sommigen moesten dienen om de metingen van de Amerikaanse “snuffelaars” te bemoeilijken.

Noord-Korea pakte met zijn dreigement voor een kernproef uit nadat de Veiligheidsraad van de VN de lancering van een satelliet op 5 april had veroordeeld. Pyongyang eiste daarvoor excuses, kreeg die niet en kondigde toen aan een kernproef te zullen doen. Dat was een duidelijke uiting van de frustraties bij de Noord-Koreaanse regering over jaren van contacten.

Dreigement

Maar zowel Pyongyang als Washington, Seoel en Tokyo houden het erop dat er een nucleaire proef was. Ze hebben er allemaal belang bij, Noord-Korea om zijn macht te tonen, de anderen om Noord-Korea als een gevaar voor de internationale gemeenschap af te schilderen. Ex-president George W. Bush diste dat gevaar zelfs op als reden om in Tsjechië en Polen een “rakettenschild” op te trekken.

Wat drijft de leiders in Pyongyang, Kim Jong-il en compagnie, tot deze escalatie? Er wordt veel gegist, onder meer dat Kim Jong-il zijn macht wil consolideren met het oog op zijn opvolging, om een van zijn zonen naar voor te kunnen schuiven. Het is puur giswerk. Maar het regime is alleszins gefrustreerd door het magere resultaat van de jarenlange besprekingen van de “groep van zes” (Noord-Korea, Zuid-Korea, de VS, China, Japan en Rusland). Noord-Korea gaat er al lang van uit dat alleen rechtstreekse dialoog tussen Pyongyang en Washington zin heeft, zeker nu Seoel zich zo vijandig opstelt.

Keerpunt

Het grote keerpunt kwam er begin 2008, na de verkiezing van Lee Myung-bak tot president van Zuid-Korea. Diens voorgangers hadden een “sunshine” politiek, een beleid van toenadering, gevoerd tegenover Noord-Korea. Lee gooide het roer om, de nieuwe regering stelde zich onverzettelijk op. Daarmee nam hij afstand van de politiek van zijn Amerikaanse collega Bush die vanaf 2006 wel toenadering zocht tot Pyongyang. Lee schortte de hulpprogramma’s aan Noord-Korea op, hij eiste nieuwe toegevingen in ruil voor hervatting van de hulp. Het was dus Seoel dat begin vorig jaar de spanning opdreef door een einde te maken aan de ‘sunshine’, volgens Lee een beleid van eenzijdige toegevingen. Eind 2008 zei de Noord-Koreaanse regering dat voor haar de akkoorden tussen beide staten over non-agressie dode letter waren. Sindsdien voegde het eraan toe dat elke actie van de Zuid-Koreaanse marine tegen Noord-Koreaanse schepen als een oorlogsdaad zou worden beschouwd. Tussen beide staten bestaat een geschil over de maritieme grens tussen de kust van Noord-Korea en van enkele eilandjes van Zuid-Korea. Het wapenstilstandsverdrag van 1953 werd opgezegd, terwijl Zuid-Korea toetrad tot het “initiatief voor proliferatieveiligheid” (PSI), wat Pyongyang dan weer als een nieuwe provocatie zag. Pyongyang wordt tenslotte omringd door staten waar kernwapens liggen: Rusland, China, Japan, Zuid-Korea. Het was tot voor kort het enige kernwapenvrije land van de regio.

Japan

De spanning in Korea is koren op de molen van de Japanse revanchisten. De regerende Liberaal-Democratische Partij (LDP) wordt al jaren gedomineerd door een vleugel die van Japan weer een grote militaire macht wil maken. De LDP pakt weer uit met het idee van een “preventieve aanval op een vijandig land”. Ze wil alle hinderpalen weg die nog bestaan om een eigen grote zeemacht uit te bouwen en om militair materieel uit te voeren om met bepaalde landen tot een nauwere militaire samenwerking te komen.

De Japanse rechtse nationalisten binnen de LDP hebben er dus alle belang bij het gevaar komende van Zuid-Korea op te blazen. Noord-Korea doet zijn best om die LDP daarbij te helpen.

Dat wordt met argusogen gevolgd door China dat zich niet gerust voelt met dat heroplevend Japans nationalisme en militarisme. Vandaar dat China olie op de golven giet, het heeft geen enkel belang bij een bewapeningswedloop in de regio Noordoost-Azië.

Andere zorgen

In Zuid-Korea hoopt president Lee met zijn oorlogstaal zijn erg getaande populariteit op te vijzelen. De Zuid-Koreanen zijn in meerderheid niet gelukkig met die Noord-Koreaanse dreigementen, maar weinigen geloven dat het echt tot oorlogsdaden komt. Zij hebben heel andere zorgen aan hun hoofd. De financieel-economische crisis is hier steeds voelbaarder, de sociale tegenstellingen nemen gevoelig toe.

Lee heeft net als de Japanse militaristen alle belang bij het opblazen van het gevaar uit het noorden. De zelfmoord van zijn voorganger Roh Moo-hyun gaf een schok; op de dag van diens begrafenis, op 29 mei, stapten een miljoen mensen door het centrum van Seoel om hulde te brengen aan een president die wel een beleid van toenadering voerde en die ze beschouwen als een slachtoffer van Lee’s gebetenheid om hem te treffen met beschuldigingen dat zijn familie bij een financieel schandaal was betrokken.

Vorig jaar trokken ook massa’s de straat p tegen de invoer van Amerikaans rundsvlees. Het ging al snel niet meer alleen om dat vlees, maar ook om talrijke andere grieven die bij die gelegenheid naar boven kwamen.

VS

Voor Pyongyang is de voornaamste speler in de regio Washington, met zijn troepen, zijn kernwapens, zijn uitgebreide krijgsvloot. Bush had in 2006 het roet omgegooid en was toenadering gaan zoeken tot Pyongyang, maar de tegenwind kwam uit Seoel. Noord-Korea wil nu een duidelijk signaal dat Bush’ opvolger, Barack Obama, de toenadering wil voortzetten en bereid is daar een prijs voor te betalen, concrete hulp. Pyongyang heeft echter weinig andere drukkingsmiddelen dan te zwaaien met het kernwapen en raketten om de VS daartoe te bewegen. Obama’s bondgenoten in de regio – Japan, Zuid-Korea – duwen echter in de andere richting, terwijl China vooral kalmte wil en daarom Noord-Korea via de Veiligheidsraad tot de orde roept.

(Uitpers, nr. 111, 10de jg., juli-augustus 2009)

(Visited 3 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 75 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook