Kernwapens in het Midden-Oosten: wie is de irrationele actor,Iran of het Westen?

· 1 april 2012 Like

De vredesbeweging had onlangs een onderhoud met het kabinet Buitenlandse Zaken over kernontwapening. Gevraagd naar de Belgische houding inzake een kernwapenvrije zone in het Midden-Oosten kregen we het antwoord dat er slechts één groot gevaar bestaat in de regio: het irrationele en onberekenbare Iran. Veel westerse leiders onder wie de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Alain Juppé, en media beweren bovendien dat het bewezen is dat Iran een kernwapenprogramma heeft lopen of ze doen alsof dat zo is.

 

Ze verwijzen naar het IAEA-rapport (Internationaal Atoomenergie Agentschap) van november 2011. Maar het IAEA spreekt niet over bewijzen. Het rapport stelt dat het IAEA “ernstig bezorgd is over mogelijke militaire dimensies aan het nucleaire programma van Iran” en dat er indicaties zijn dat Iran activiteiten heeft ontplooid die relevant zijn voor zo’n programma. Voor 2003 waren er indicaties van een gestructureerd programma waarvan “een aantal activiteiten nog aan de gang zouden kunnen zijn”.  Heel erg voorwaardelijk allemaal. Maar inmiddels handelen de westerse hoofdrolspelers alsof Iran een kernwapenprogramma heeft. En dus: willen wij een met kernwapens bewapende radicale moslimstaat, nee toch? Deze mantra wordt al jaren herhaald door de VS, de EU, Israël en in de Westerse pers. En met succes. Als we de Israëlische premier Netanyahu mogen geloven is een preventieve militaire aanval nog slechts een kwestie van maanden. De Israëlische militaire dreigementen blijven niet zonder resultaat. Ze hebben er toe bijgedragen dat sinds 2006 een harde sanctiepolitiek wordt gevoerd door de VS en de Europese Unie. De omgekeerde wereld. Israël is de hardste roeper, maar zelf de enige nucleaire staat in de regio zonder dat daar een haan naar kraait.

Laat ons om te beginnen duidelijk zijn: de vredesbeweging pleit niet voor nóg meer kernwapens in het Midden-Oosten. Zoals gezegd bevinden er zich al kernwapens genoeg in de regio: naast het nucleaire arsenaal van Israël, zijn er de vooruitgeschoven Amerikaanse kernwapens in Turkije en wie weet hoeveel kernwapenduikboten in de Middellandse zee en de straat van Hormuz. We zijn het dus roerend eens dat Iran er geen moet ontwikkelen, sterker nog het ganse Midden-Oosten moet een kernwapenvrije zone worden.

Is Iran werkelijk die irrationele en onberekenbare actor waarvoor het geportretteerd wordt? De Iraanse politieke leiders roepen (herhaaldelijk) op voor de oprichting van een kernwapenvrije zone in het Midden-Oosten. Iran is lid van het Non-proliferatieverdrag en laat ook regelmatige controles van het IAEA toe. Vorige week werd beslist dat ook de omstreden militaire site Parchin (opnieuw) voor controle door het IAEA zou wordt opengesteld. De hoogste religieuze en politiek leider van het land Ali Khamenei die begin maart de parlementsverkiezingen won herhaalde eind februari (opnieuw) dat “voor Iran het bezit van nucleaire wapens een grote zonde is en dat de proliferatie van dergelijke wapens zinloos, destructief en gevaarlijk is.”  Iran tekende in 2010 een akkoord met Brazilië en Turkije om de helft van haar voorraad laag verrijkt uranium in Rusland verder te laten verrijken en door Frankrijk in brandstofstaven te gieten. Iran lijkt dus niet zo onberekenbaar en irrationeel.

Het lijkt soms dat men doelbewust de opinie van de Iraanse leiders die niet past binnen het Westerse discours negeert en er voor kiest om te blijven herhalen dat Iran in alle clandestiniteit toch aan een kernwapen werkt. Khamenei beweert “dat de Westerse leiders goed weten dat Iran er geen kernwapenprogramma op nahoudt.” Zijn er redenen om aan te nemen dat hij het voordeel van de twijfel geniet? Ja, en uit onverdachte bron dan nog wel. In het rapport van de Amerikaanse inlichtingendiensten ‘National Intelligence Estimate 2010’ wordt een inschatting gemaakt van het Iraanse atoomprogramma. De 16 verschillende Amerikaanse inlichtingendiensten zijn het eens dat Iran voldoende know-how heeft om een kernwapen te ontwikkelen, moest het daar expliciet voor kiezen. Een stelling die onderschreven wordt door o.a. CIA directeur Petraeus en de Amerikaanse minister van defensie Panetta. Dit weekend onthulde de New York Times dat zelfs de Mossad niet gelooft dat Iran momenteel werkt aan een kernwapen. Er bestaat met andere woorden zeer grote scepsis over het bestaan van een Iraans kernwapenprogramma.

De Iraanse leiders spreken zich expliciet uit tegen kernwapens en er is géén bewijs dat er een  Iraans kernwapenprogramma bestaat. De term “irrationeel” lijkt dus eerder van toepassing voor het huidige Westerse olieboycot -en sanctiebeleid. Het is allerminst evident dat een escalatie aan sancties en drukmiddelen Iran zal dwingen zijn rechtmatige nucleaire ambities (het verrijken van uranium) op te geven.

Maar zoals gezegd een militair ingrijpen tegen Iran is dichter bij dan ooit. Voor het nucleaire Israël is een preventieve aanval nog slechts een kwestie van maanden. En van het nucleaire Israël kunnen we zeker niet beweren dat het op dat vlak onberekenbaar is: het bombardeerde in het verleden reeds nucleaire sites in Syrië en Irak. Een dergelijke aanval op Iran zou een brutale inbreuk zijn op het internationaal recht zoals vastgelegd in het Handvest van de Verenigde Naties. Dat is het onvermijdelijke eindresultaat van de huidige westerse politiek van twee maten en twee gewichten, die gesteund wordt door onze Belgische regering.

Er is maar één oplossing voor het probleem en het voorstel ligt al sedert 1995 op tafel: een kernwapenvrije zone in het Midden-Oosten. Het non-proliferatieregime (NPT) en haar drie principes (non-proliferatie, kernontwapening en recht op vreedzame gebruik van kernenergie) moet uitgebreid worden naar alle landen en strikt nageleefd. Uit een opinieonderzoek blijkt dat 64% van de Israëlische bevolking voorstander is van een dergelijke zone. In het najaar van 2012 is er in Finland een VN-conferentie omtrent een kernwapenvrije zone in het Midden-Oosten. Wil die enige kans op slagen maken, dan moet onze Belgische regering stoppen met haar steun aan een confrontatiepolitiek die enkel en alleen kan eindigen in een militair conflict.

Pieter Teirlinck informatie