Kenia: van een presidentieel naar een parlementair systeem?

Op 18 maart 2008 stemde het Keniaanse parlement unaniem (!) in met een machtsdeling tussen president Mwai Kibaki en oppositiekandidaat Raila Odinga. Hierbij komt voorlopig een einde aan de machtsstrijd tussen de twee blokken. Via een amendement op de grondwet wordt er een eerste minister geïnstalleerd, die supervisie zal houden over de ministeries en het parlement. Dit samen met twee deputé-ministers van de respectievelijke blokken.

Het was alleszins een historische gebeurtenis, ook al omdat het live werd uitgezonden.

Sinds 1964 kende Kenia een presidentieel systeem, dat enorme macht inhield voor de president: ontbinding van parlement, aanstellen ministers, hoofd van politie en leger, aanstellen van leidinggevende ambtenaren, enz…, en was , eens verkozen, geen verantwoording schuldig.

Sinds de eerste president Jomo Kenyatta na de installatie van een eenpartijenregime (tot 1992) en het dictatoriaal regime van Moi (tot 2002) is die macht steeds maar gegroeid.

Het best betaalde parlement van de hele regio (en misschien van de wereld?) had feitelijk weinig macht en zeker het laatste parlement hield zich meer bezig met zichzelf voordelen toe te eigenen dan met de belangen van het land. Het was dan ook tekenend gisteren dat voor de eerste keer een president (Kibaki) het parlement toesprak. Voorheen was het nog nooit gebeurd.

The winner takes it all …Met een president van de Kikuyu-etnie kon de Kikuyu-elite rekenen op allerlei financiële faciliteiten, jobs en kruimels voor de regio, enz… om hun aanzienlijke macht nog uit te breiden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de machtsstrijd zich concentreerde rond de president en niet het parlement tijdens de verkiezingen van 2007.

Pogingen om de grondwet te wijzigen waren er genoeg. Ook in het begin van het presidentieel regime werd gewezen op de gevaren van een imperiaal presidentieel regime, maar opposanten werden vlug de mond gesnoerd of uit de weg geruimd. Het was echter duidelijk dat het land sinds de installatie ervan op een tijdbom zat, zeker in een land met een etnische groep (de Kikuyu) wiens elite in feite de economische macht en via de president, de politieke macht in handen had.

Wanneer dan Kibaki aan de macht komt met een eclatante verkiezingsoverwinning in 2002 en met de belofte om de grondwet te veranderen, is dit met steun van een groot deel van de andere etnieën oa Luo. Kibaki houdt echter zijn belofte niet en tot groot ongenoegen van een deel van de regering worden er enkel minimale wijzigingen voorgesteld, die afgewezen worden tijdens een referendum in 2004. Er moest een shock komen om de elite rond Kibaki tot inkeer te brengen. Die shock is er gekomen met de verkiezingsfraude: met honderden doden en honderdduizenden vluchtelingen als gevolg.

Het plaatje van de ontwikkelingen, juist na de verkiezingen, komt meer en meer in de openbaarheid. De harde kern zette Kibaki aan om zich het presidentschap toe te eigenen en geloofde dat het oproer dat daarop volgde slechts enkele dagen zou duren, kon beteugeld worden en dat dan de rust zou weerkeren.

De elite was erg verwonderd dat Kibaki slechts een halve regering aanstelde en drong aan op een complete regering. (Martha Karua in het parlement). Het zijn zij die in het begin elke interventie vanuit het buitenland weigeren. Dit verklaart ook het verschil in aanpak van de politie in de verschillende regio’s. Volgens Human Rights Watch is de politie het hardst opgetreden in Nyanza en de slums ( de thuisbasis van de oppositie)en zijn daar ook de meeste doden gevallen door politiekogels. Het is echter Western Province maar vooral Riftvalley waar de toestand ontaardt in etnische zuivering dat de aandacht trekt van de internationale gemeenschap. De “klasserellen” en de plundering ontaarden daar in etnische moordpartijen tegen Kikuyu, gefinancierd door politici en bedrijfsleiders, volgens een onlangs uitgegeven Human Rightswatch-rapport. Dit leidt dan weer tot weerwraak tegen de andere etnieën in Nakuru en Naivasha.

Het is dan dat de internationale gemeenschap druk begint uit te oefenen en het is zeker dat die druk geleid heeft tot een akkoord, dat op bijna volledige instemming van de bevolking kan rekenen. De toekomst zal het uiteraard uitwijzen en tot hiertoe is Kibaki niet bereid om zijn boekje open te doen, maar de Bush-administratie zou ook gedreigd hebben met een militaire operatie…

Dit brengt me tot het volgende punt: bij de bevolking is het idee gerezen dat de USA en het Westen Kenia gered heeft van de totale ondergang. De ambassadeurs van het Westen en vooral de Amerikaanse ambassadeur worden door de pers de hemel in geprezen. Onlangs richtte de Amerikaanse ambassadeur nog een cocktail party in naar aanleiding van de vrouwendag “voor alle vrouwen die geholpen hebben aan het vredesproject”.

De dag daarvoor werden alle donorlanden door Kibaki en Odinga , die twee zijn onafscheidelijk nu, uitgenodigd om 31 miljard shilling te schenken voor de hulp aan internally displaced people.

In het boek “De shockdoctrine” –de opkomst van het rampenkapitalisme schrijft Naomi Klein: “Aanhangers van de shockdoctrine zijn ervan overtuigd dat alleen een grote ontwrichting… de schone omvangrijke doeken kan opleveren waarnaar ze hunkeren. Tijdens deze plooibare momenten, waarin we psychologisch losgeslagen of lichamelijk ontworteld zijn, komen deze vormgevers van de werkelijkheid in actie en beginnen ze aan hun reconstructie van de wereld.”

Is het dan een toeval dat ook deze week financieminister Kimunya de grootste privatiseringsoperatie ooit aankondigde? Safaricom, de meest winstgevende telefoonmaatschappij (winst 17,1 miljard shilling vorig jaar ) van de regio verkoopt zijn staatsaandelen en hoopt zo 50 miljard shilling te winnen voor de staatskas. De oppositie had zich verleden jaar gerechtelijk verzet tegen een privatisering. Na de ondertekening van het akkoord en na ruggespraak met Odinga werd besloten om over te gaan tot de privatisering.

Er heerst grote hoop in Kenia dat de toekomstige nieuwe grondwet, de nieuwe eenheid in het parlement en tussen de verschillende etnische groepen ten goede gaat komen aan de gehele bevolking, in het bijzonder de 10 miljoen , meestal werkloze, jongeren. De Kenianen zullen erg waakzaam moeten zijn dat het schokeffect niet gebruikt zal worden om maatregelen door te voeren die de elite van het land (van welke etnie ook ) en de multinationals nog rijker maakt en dit onder het goedkeurend oog van de bevolking.

Buiten het grondwettelijk vacuum werden ook andere oorzaken voor de Keniaanse crisis naar voor gebracht: de kloof tussen arm en rijk, de armoede , de corruptie en de landkwestie.

Die mogen niet vergeten worden en zijn veel belangrijker dan de privatisering van de meest winstgevende telefoonmaatschappij van de regio.

(Uitpers, nr 97, 9de jg., april 2008)

Jos Geudens 19.03.2008 / Mombasa-Kenia

(Visited 2 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 75 Times, 1 Visit today

Tags :

zie ook