Kabila herverkozen, business as usual

Op 20 december heeft Joseph Kabila de eed afgelegd als nieuwe president van Congo. Hij breit een vervolg van vijf jaar aan de elf die hij in Kinshasa al in het paleis van Mont Ngaliema aan de Congorivier doorgebracht heeft. Een lange periode van kieskoorts ligt achter de rug. Feitelijk begon ze met de herziening van de grondwet in januari verleden jaar, waardoor er maar één ronde meer nodig was i.p.v. twee zoals in 2006.

In tegenstelling tot toen is lang niet de hele beau monde van de wereldpolitiek aanwezig bij het inzweren van Kabila. Hooguit één staatshoofd tekent present : Mugabe van Zimbabwe, uitgespuwd in vele hoofdsteden van de wereld maar hartelijk welkom in Kinshasa. België is vertegenwoordigd door zijn ambassadeur. Het geeft aan dat Kabila’s verkiezing bepaald niet hetzelfde enthousiasme oproept als in 2006.

Iedereen weet het nu wel: de verkiezingen in Congo waren een aanfluiting van wat ze hadden moeten zijn. Grote organisatorische tekortkomingen zijn gepaard gegaan met gesjoemel en al dan niet vermeende, al dan niet mislukte pogingen tot fraude. Om dat te illustreren kan ik uit mijn eigen ervaringen putten in Beni, een stad in de noordelijke rand van Kivu op een boogscheut van Oeganda, of uit de waarnemerrapporten van de EU of het Carter Center.

Laten we eerst op Noord-Kivu inzoomen. In Mamove, op een uur rijden van Beni, een dik half uur van de grote weg verwijderd, hebben we de vooravond van de verkiezingen de klacht genoteerd dat er niet genoeg stembiljetten aangeleverd waren en de onzichtbare inkt ontbrak. Er was ook ongenoegen bij de uit Beni overgekomen voorzitters van de stembureaus over de materiële voorwaarden waaronder ze aan de slag moeten, zonder eten of logies. Redenen genoeg, vinden Teddy, mijn Congolese reisgezel, en ikzelf die bewuste verkiezingsmaandag van de 28e november om opnieuw een kijkje te nemen in Mamove. We merken dat ze inkt opgedolven hebben en er een stel extra stembrieven aangevoerd is, zij het nog altijd niet voldoende. Een aantal kiezers die een flink eind van hun stembureau wonen, zijn afgedropen, de lange wachttijd beu. Geen geduld meer, gemiste kans. Op de terugweg krijgt Teddy een telefoontje van een van de plaatselijke militanten op wie de société civile van Noord-Kivu in de verkiezingsperiode rekent: “Goed dat je langsgekomen bent, ze waren hier van plan om een frauduleuze operatie op te zetten en door jullie komst hebben ze daarvan afgezien”.

Het blijft niet bij dat ene belletje. Vanuit de grensstad Kasindi krijgt Teddy te horen dat ze daar acht dozen met aangekruiste stembiljetten gevonden hebben. Volgens de plaatselijke verkiezingscommissie gaat het om de aanlevering van ontbrekend materiaal maar mijn bron bij de Monusco, de VN-blauwhelmen, bevestigt het alarmerende bericht, ook al voegt hij eraan toe dat hij pas na onderzoek ter plaatse, de dagen daarna, kan zeggen hoe de fraudepoging in elkaar zit. We mogen gerust ervan uitgaan dat het in le grand Nord rond Béni de 28e november niet bij die twee incidenten gebleven is. Er is ongetwijfeld een en ander onder de radar blijven zitten.

Ongeloofwaardig resultaat“, proclameert het Amerikaanse Carter Center. Honderdduizenden verloren gegane stemmen en onwaarschijnlijke monsterscores in het voordeel van zittend president Kabila brengen haar tot die vernietigende uitspraak. Idem dito voor de Europese Unie. Ook die heeft feilen in het verkiezingsproces vastgesteld die grote vragen oproepen. Zo zijn de stemmen van niet minder dan 4875 stembureaus, d.w.z. van 1,6 miljoen kiezers, niet meegeteld. De EU-missie komt tot de slotsom dat de samenvoeging van de resultaten op de 169 daarvoor in het leven geroepen centres de compilation op een ondoorzichtige manier gebeurd is. Sommige gedetailleerde cijfers die de Ceni, de nationale verkiezingscommissie, gepubliceerd heeft, stemmen niet overeen met de resultaten die in het proces-verbaal van de telbureaus opgenomen zijn.

Aantoonbare onregelmatigheden

Net die vergelijking van aan de ene kant de pv’s die de avond zelf, of soms ’s nachts of de ochtend daarna, na de telling aan elk bureau uitgehangen zijn met aan de andere kant de cijfers die de Ceni per bureau bekendmaakt, maakt het mogelijk om de proef op de som te nemen. Congolese waarnemers moeten in principe de hand hebben kunnen leggen op ongeveer een derde van de resultaten die in de ruim 60.000 stem- en telbureaus opgetekend zijn. Als die kloppen hebben alvast de centres de compilation hun werk naar behoren gedaan. Maar ze kloppen niet. Lees het artikel in La Libre Belgique van 21 december erop na en noteer de verschillen in Goma en Lubumbashi tussen de realiteit van het terrein en de virtuele werkelijkheid van de Ceni.

Wie er zijn licht opgestoken heeft in die centra, waar alle cijfertjes in een computer ingevoerd werden, besefte al gauw dat hij en met hem geen enkele buitenstaander zicht had op wat er daar gebeurde. De complexe, loodzware en oncontroleerbare procedure is geknipt voor moeilijk na te trekken machinaties, dat is wel duidelijk.

Maar het is niet bij ongeoorloofde manipulaties bij de samenvoeging van de resultaten in die centra gebleven. Op 2 december, de vrijdag na de verkiezingen, brengt de Zuid-Afrikaanse krant Die Burger het verhaal dat in de dagen nà de stembusslag negen vrachten met bijna een miljoen biljetten aan boord van de luchthaven van Johannesburg naar Lubumbashi overgevlogen zijn. Bronnen van de krant vermoeden dat ze vooraf ingevuld waren. Als dat klopt, is het de bevestiging van een gerucht dat al op verkiezingsmaandag in Congo de ronde deed. De vliegtuigen, schrijft Die Burger, behoren toe aan Transair Congo. Dat is een maatschappij, waarvan de UDPS, de partij van Kabila’s belangrijkste rivaal Tshisekedi, aangeeft dat de Israëlische zakenman, Dan Gertler, een van haar eigenaren is.

Veel meer hoeven we aan dat alles niet toe te voegen. Grove onregelmatigheden en zo goed als zeker grootschalige frauduleuze praktijken maken dat we de resultaten zoals ze officieel bekendgemaakt zijn niet ernstig kunnen nemen. Wat de precieze weerslag van het gekonkel op de uitslag geweest is, kunnen we waarschijnlijk nooit meer nagaan. Alleen al de achteloze, onzorgvuldige, zeg maar ronduit slordige manier waarop er met de stembiljetten en bijbehorende processen-verbaal omgegaan is bij de inzameling en het samenbrengen van de cijfers in de 169 daarvoor aangewezen centra maakt dat een manuele hertelling, mocht die keuzemogelijkheid in overweging te nemen zijn, eenvoudig onmogelijk is.

Bedenkelijk België

Iedereen weet nu wel dat de verkiezingsuitslag in Congo onbetrouwbaar is maar wie doet er wat met die wetenschap? België, dat zo prat gaat op zijn Congo-expertise en dus een baken uit zou kunnen zetten? Het ziet er niet naar uit. De kersverse minister van Buitenlandse Zaken, Reynders, geeft precies hetzelfde antwoord – “geen probleem” – als wat hij twaalf jaar lang op Financiën gegeven heeft, onverschillig of hij zich toen uitsprak over de financiële crisis, de schulden van de banken, Fortis en Dexia, de toekomst van de Euro of de ondoelmatige inning van belastinginkomsten. Wachten op het Hooggerechtshof is aanvankelijk zijn boodschap. Alsof hij niet weet dat de president eind oktober bovenop het bestaande contingent van acht twintig nieuwe leden benoemd heeft. Zo gauw het hof Kabila’s verkiezing bekrachtigt, sluit Reynders de zaak af met een nietszeggend communiqué. Naar verluidt hebben ze hem tegen moeten houden om niet naar Kinshasa af te reizen voor de eedaflegging. Zelfs in Parijs en Washington vonden ze het deze keer niet opportuun om speciale gezanten af te vaardigen.

Reynders’ houding wijkt niet af van wat de Belgische diplomatie zich sinds het vertrek van De Gucht naar de Europese Commissie eigen gemaakt heeft: dimmen en Kabila niet voor het hoofd stoten. Of ze nu eerste minister waren of minister van Buitenlandse Zaken, Herman van Rompuy, Yves Leterme en Steven Vanackere hebben die aanpak hoog in het vaandel geschreven. Geen onvertogen woord hoorde je van ze, ook niet als de president de grondwet naar zijn hand zet. Nu zit ook Reynders in dat schuitje. Om wat te bereiken? Vooral geen sores meer en de Belgisch-Congolese relaties beperken tot die gelegenheden dat de regering een nietszeggende koning naar Kinshasa stuurt?

Die instelling – vooral voorzichtig zijn en daarmee uit – vinden we niet alleen terug in hoofde van christendemocraten of de liberale Reynders. Zo zijn de Congolezen in België niet te spreken over de ontvangst die de PS hen voorbehouden heeft, toen een delegatie op de Keizerslaan op audiëntie kwam. Verontwaardigd zijn ze over gewezen minister Arena, die geen graten ziet in de manier waarop de verkiezingen in Congo verlopen zijn, en al evenzeer over het feit dat de Franstalige socialistische bonzen meteen de politie belden i.p.v. in dialoog met hen te gaan. Je begint te begrijpen waarom Congolese betogers in de Matongewijk in Elsene zich gecharmeerd tonen over Vlamingen in het algemeen en Bart de Wever in het bijzonder. Al lijken ze niet te beseffen dat het Vlaamse parlement geweigerd heeft om verkiezingswaarnemers uit te sturen. Dank u, geen interesse voor Congo. Vlaanderen spitst zich toe op Malawi, Mozambique en Zuid-Afrika, weet u wel.

Onverschilligheid? Mogen we het zo noemen? Congo is van geen betekenis meer voor de Belgische handelsbalans. Het economische nut van het voormalige wingewest is verwaarloosbaar. Laten we ermee ophouden om te veronderstellen dat George Forrest ertoe doet. Hij is een kleine, plaatselijke speler die in het grotere geheel nauwelijks meetelt. Het is een mythe dat zijn belangen het Belgische beleid bepalen.

Het zijn Canadese mijnondernemingen, Chinese staatsbedrijven, schimmige maatschappijen op de Maagdeneilanden en niet al te koosjere Israëlische zakenlui die in Congo goede sier maken. Op hen mikt Kabila als partner in miljardendeals. De politieke klasse in België is zich daarvan bewust, evengoed als de publieke opinie. Ook de peiling in Gazet van Antwerpen van 12 december gelezen? 92% van de respondenten antwoordt nee op de vraag of België zich meer moet bemoeien met de situatie in Congo.

De zwakke reactie van België is tekenend voor de hele internationale gemeenschap. Van onze vroegere kolonie ligt niemand meer wakker. ’t Is al lang goed als ze daar een schijnvertoning opvoeren met continuïteit onder Kabila als de gewenste uitkomst. Liever dat dan veranderingen onder een ongeleid projectiel als Tshisekedi. Business as usual is het wachtwoord. Kabila winnaar met 48,9% van de stemmen, Tshisekedi een verdienstelijk verliezer met 32,3%, daarmee kunnen ze in Brussel, Parijs en Washington prima leven.

Begaan ze daar weer dezelfde fout als met Mobutu, die zich alles mocht veroorloven, tot bleek dat hij die carte blanche gebruikt had om zijn land naar de haaien te helpen? Corruptie, zakelijke overeenkomsten waarmee je de rijkdommen van het land verpatst, misprijzen voor mensenrechten, verkiezingen die een aanfluiting zijn van wat democratie inhoudt en dat alles gemarineerd in een flinke scheut geweld (vlak voor kerstmis telt Human Rights Watch het aantal doden – resultaat van het optreden van de ordehandhavers, van de presidentiële wacht tot de politie – dat er na de bekendmaking van de uitslag gevallen is : 24). Het begint aardig op de 32 jaar te lijken waarvan de opnieuw tot Congolezen omgedoopte Zaïrezen nog altijd de gevolgen uitzweten.

De uitverkoop van de kroonjuwelen

Congo heeft een enorm potentieel. We hebben al voor twee miljoen ons goud in kaart gebracht. Reken met de huidige koers van het goud maar uit hoeveel dat waard is”. Zo’n becijfering is snel gepiept. Als Loncor in 2015 of misschien een jaar later met de ontginning van zijn goudvoorraden begint, is het zeker van een minimumomzet van 3,2 miljard $. En dan houdt Fabrice Matheys, de boss van Loncor in Congo met wie ik aan de vooravond van de verkiezingen in gesprek raak, niet eens rekening met wat de komende jaren de speurtocht naar goud én naar platinum, niobium en zeldzame materialen bijkomend oplevert.

Loncor is een Canadese mijnonderneming die op twee plekken in Congo in de weer is met de exploratie van lucratieve ertsen en mineralen, in Beni en de Oostprovincie. Haar grootste aandeelhouders zijn haar eigen managers. Die hebben een derde van het kapitaal in handen. In het team dat bij Loncor de touwtjes in handen heeft, zijn verscheidene bestuurders nauw verbonden met Banro, een major, ook met zetel in Canada, die net als Loncor in Congo actief is, zij het ergens anders. De huidige CEO van Loncor, Peter Cowley, heeft tot in 2007 diezelfde functie bij Banro bekleed.

Het risico is enorm”, geeft Matheys toe, als ik hem wijs op de nonchalante manier waarop de Congolese regering met afspraken en contracten omspringt, “we rekenen erop dat de internationale gemeenschap druk zet”. Een waarschuwing voor alle investeerders is wat First Quantum Minerals, een andere Canadese vennootschap, overkomen is. In 2009 neemt de regering haar concessie voor een koper- en kobaltmijn in Kolwezi af. Een meerderheidsparticipatie komt in handen van een onderneming met zetel op de Maagdeneilanden, die tot de groep van de Israëlische tycoon Gertler behoort (jawel, die van hierboven, van Transair Congo). Later komt het grootste deel van dat aandelenpakket in handen van Eurasian Natural Resources Corp. (ENRC), een groep uit Kazakstan. First Quantum maakt voor de rechtbank gewag van merkwaardige bedragen. Gertler heeft 20 miljoen $ op tafel gelegd, ENRC heeft 175 miljoen betaald. Mogen we veronderstellen dat er onderweg iets aan de vingers is blijven plakken? Wie heeft er hier een woekerwinst op zak gestoken?

Er zijn de voorbije jaren meer van die deals geweest. De Brit Eric Joyce, Lagerhuislid voor Labour, heeft onlangs berekend dat Congo de voorbije 4 jaar ruim 5,5 miljard $ ingeschoten heeft aan de verkoop van bezittingen tegen spotprijzen (ter vergelijking : de Congolese regering heeft voor 2011 haar inkomsten op ca. 6,5 miljard $ begroot). In die periode hebben 45 ondernemingen met zetel op de Maagdeneilanden in Congo activa in handen gekregen. Geen enkele heeft ervaring in de mijnsector. Van die transacties heeft de Congolese regering geen kond gedaan. Het lijkt erop, laat Joyce weten, dat onder de bewuste firma’s er verscheidene afhangen van Gertler. Alweer hij !

Denk niet dat met de verkiezingen in het verschiet de overheid in het gareel gaan lopen is. In de lente van 2011 verkoopt de legendarische staatsonderneming Gécamines haar aandeel van 20% in Mutanda Mining en 25% in Kansuki Mining aan respectievelijk Actifs Rowny ltd et Biko Invest, allebei ondernemingen uit de invloedssfeer van … Gertler. De contracten zijn niet openbaar gemaakt en de overnameprijs is niet meegedeeld. Naar schatting is de mijn van Mutanda 3,1 miljard $ waard. De uitverkoop van kroonjuwelen. Het is een uitdrukking die vaker uit je pen rolt als het over miljardenakkoorden gaat in Congo.

De regering doet over de hele handel geheimzinnig. Enkele jaren geleden heeft een werkgroep op verzoek van de minister van Mijnbouw 61 verbintenissen uit het verleden onder de loep genomen. Geen enkele kon er door de beugel. Voor 39 ervan wilden de commissieleden nieuwe onderhandelingen opstarten, 22 wilden ze gewoon opgezegd zien. Die besluiten dateren van februari 2008. Op één luttele uitzondering na is er geen enkele van de ongeveer vijftig contracten waarover er opnieuw onderhandeld is openbaar gemaakt. De Congolezen hebben het raden ernaar hoe hun regering hun rijkdommen te gelde maakt en wie er beter van wordt.

Arme hongerlijders

Op de jaarlijkse armoedebarometer van de PNUD, de ontwikkelingsorganisatie van de VN, is Congo dit jaar afgezakt naar de 187e en laatste plaats. Voor de rangorde op die index van de menselijke ontwikkeling houdt de PNUD rekening met naast economische factoren sociale variabelen als inkomensongelijkheid, levensverwachting, alfabetiseringsgraad, moedersterfte bij de geboorte, gebruik van voorbehoedsmiddelen e.d. Allerlaatste, tot op dat peil is een van de potentieel rijkste landen van de wereld afgedaald. Congo, het zou de onbetwiste hofleverancier moeten zijn van koper en kobalt, goud en diamanten, uranium en coltan, cassiteriet en niobium, hydro-elektriciteit, palmolie en meer tropische groentes en fruit dan je eten kunt. Congo, het zou een toeristisch paradijs moeten zijn maar schrikt nu zelfs de meest avontuurlijke reiziger af. Congo, het zou lid moeten zijn van de G21 maar maakt net geen deel uit van het kransje van afgestorven staten dat zoals Somalië over geen statistieken meer beschikt. Congo, samen met Zambia en Zimbabwe het enige land ter wereld dat op de index slechter scoort dan vijftig jaar terug. Dat is Congo na elf jaar Kabila, tweeënhalf jaar als op de troon geparachuteerde zoon van zijn vader, drieënhalf jaar als overgangspresident en vijf jaar tijdens zijn eerste ambtstermijn. Je zult hem als Congolees nog eens vijf jaar aan het hoofd van je land zien.

Drie van de vier Congolezen zijn ondervoed, lezen we in de onlangs gepubliceerde wereldhongerindex, een andere internationale maatstaf. Per dag sterven er vijftienhonderd van de honger, voornamelijk kinderen. Van de honger! In een land waar je bij wijze van spreken al oogst als je eenvoudig wat prut in de grond steekt. Uiterst alarmerend noemt het rapport de toestand in Congo. Politieke instabiliteit, oorlog, lage overheidsefficiëntie (zeg maar: slecht of onbestaand bestuur) en aids zijn de belangrijkste oorzaken. Mogen we stellen dat op die laatste factor na de leiders van het land verantwoordelijk zijn voor de stelselmatige achteruitgang?

Licht in de tunnel

In de donkere krochten van de Congolese maatschappij komt het licht van een piepklein peertje. Hoe krijgen de Congolezen ooit de huidige toplaag weg om ruimte te maken voor landgenoten die zich het openbare domein ter harte nemen? Denk niet dat je dat slag van mensen niet ontmoet. Teddy, die naast zijn baan als verpleger dagenlang met me optrok en niet aarzelde om gezagsdragers op onvolkomenheden in de organisatie van de verkiezingen te wijzen. Omar, die zijn advocatenkantoor de dagen voor de 28e november in plan liet om zijn functie binnen de provinciale sociéte civile vorm te geven. Chantal, die in het stembureau in Eringeti dat ze voorzat telkens en telkens opnieuw haar uitleg deed, zodat elke kiezer die zich aanbood, tot het ongeletterde besje toe, wist hoe ze haar stem uit moest brengen, en die haar kordate aanpak vergezeld liet gaan van een stralende glimlach. Ze bestaan en er zijn er meer van dat soort, die het zich aantrekken.

Misschien stromen er enkele van die onbedorven Congolezen door naar het parlement en kunnen ze daar geleidelijk aan een ommekeer tot stand brengen. Laten we immers niet vergeten dat ze in de 169 centra ook nog de voor de Kamer uitgebrachte stemmen moeten bundelen. Als er tenminste uit de chaos nog een valabel resultaat te puren valt. In de week voor kerstmis deelt de Ceni mee dat ze ermee stoppen en om internationale bijstand vragen, er zijn te veel klachten over onregelmatigheden. Maar enkele dagen na de kerst, nog voor de eerste buitenlandse experts arriveren, geeft de verkiezingscommissie opdracht om het werk te hervatten.

De aanwijzingen waarover we beschikken, geven aan dat de kiezer goed begrepen heeft welke presidentiële hielenlikkers, tafelschuimers, klaplopers en op gauw geld beluste personages hij niet opnieuw naar het Palais du Pëuple moet sturen. Als die tendens zich overal doorgezet heeft, dan zou Kabila wel eens met een parlement opgezadeld kunnen zitten dat niet geneigd is om naar zijn pijpen te dansen. Behoudens bijkomende vertragingen of erger weten we in de loop van januari meer over die resultaten. De vooropgestelde datum om ze bekend te maken, de 13e, is in elk geval niet meer haalbaar.

De volgende stappen

De eerstvolgende afspraak met de kiezer heeft Congo op 25 maart. Dan hebben volgens schema de verkiezingen voor de provincieraden plaats. Nog belangrijker zijn die voor de gemeenteraden op 5 februari 2013. Eindelijk, na jaren uitstel – aanvankelijk waren ze nog vóór de verkiezingen van 2006 gepland ! – mogen de Congolezen dan laten horen door wie ze zich in hun gemeente of wijk, hun sector of chefferie willen laten vertegenwoordigen om de zaken die hen aanbelangen in handen te nemen. Met als kers op de taart op 24 mei van dat jaar de verkiezing van de burgemeester en zijn schepenen. Als het Kabila aan de nodige duiten ontbreekt om overal en altijd alles naar zijn hand te zetten, ligt daar een kans. Mogen Reynders en consorten dan meer doen dan hun schouders ophalen en tegen elkaar mompelen, “we zien wel“.

(Uitpers, nr. 138, 13de jg., januari 2012)

Visited 22 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Guy Poppe

Guy Poppe (73) is journalist. 31 jaar heft hij op het radionieuws gewerkt, tot in 2007. Afrika heeft altijd zijn bijzondere aandacht gekregen.