Jeltsin, van deze dode weinig goeds

Boris Jeltsin was de inspirator van een nieuw democratisch Rusland. Dankzij hem brak een nieuw tijdperk aan. Dat is althans wat Ruslands president Vladimir Poetin zei bij de dood van zijn voorganger, de man die Poetin had uitgekozen om hem op te volgen. Van de doden alleen maar goed?

Democraat Jeltsin die zijn parlement met grof geschut bestookte en Tsjetsjeense dorpen deed bombarderen. Hervormer Jeltsin die de grootscheepse plundering van ’s lands rijkdommen door de oligarchen mee organiseerde en wiens familie en vrienden zich met corruptie enorm verrijkten. Jeltsin installeerde een bewind van enorm onrecht en ongelijkheid.

Het is slechts een korte samenvatting over het beleid van een figuur die allesbehalve een karikatuur was. Jeltsin was in alle opzichten een product van de poststalinistische bureaucratie, van de nomenklatura. Hij was plaatsvervangend lid van het Politburo en werd chef van de Moskouse afdeling van de Communistische Partij. Hij viel daar wel op door zijn aanpak: hij ging het terrein op en stelde vast wat de vele dagelijkse problemen van de Moskovieten waren. Dat was een fel contrast met zijn collega’s, het maakte hem zeer populair in een groot deel van de Sovjet-Unie en bracht hem nog tijdens de Sovjetperiode aan het hoofd van de deelrepubliek Russische Federatie.

Ambities

Jeltsin voelde blijkbaar sterker dan zijn collega’s aan dat het poststalinistisch systeem naar de implosie afstevende. Een belangrijk deel van de nomenklatura werkte trouwens naar die implosie toe, want ze voelde dat systeem als een rem op de eigen ambities. Dat systeem liet deze bureaucraten immers niet toe zich een groter deel van het ‘sociaal overproduct’ toe te eigenen. Zij stuurden dan maar aan op een zo snel mogelijke implosie waardoor ze eigenaar van productiemiddelen zouden kunnen worden.

En zo geschiedde, onder leiding van Jeltsin die zich zoals veel gewezen collega’s ontpopte tot een heraut van de “vrije onderneming”. Als president van de nu onafhankelijke Russische Federatie riep Jeltsin een Amerikaanse expert als Jeffrey Sachs naar Moskou om er een “schoktherapie” door te voeren. Een schok was het zeker, vooral voor de grote massa van de Russen die zijn levensstandaard de diepte zag induiken.

Het was de aanzet tot de grote golf van plunderingen. Het Kremlin zette de deur open voor massale nepprivatiseringen waarmee de beruchte oligarchen voor een prikje eigenaar werden van de economische rijkdommen.

Democraat?

Het verzet kwam onder meer van een deel van de vroegere nomenklatura die weinig aan de bak kwamen. Ze voerden hun oppositie vanuit het parlement waar ze sterk stonden. Maar Jeltsin had een eenvoudige oplossing: hij stuurde er speciale legereenheden op af en deed op 4 oktober 1993 het parlement beschieten. Er vielen tegen de 200 doden. Maar het Westen vond dat de hervormers daarmee de conservatieve weerstand had gebroken en dat was goed. En de Russen, die gingen op die zondag massaal paddestoelen plukken, het was hun probleem niet.

Jeltsin maakte ook van de democratische instellingen een lachertje. Een referendum over een nieuwe grondwet die de president meer macht moest geven, deed hij vervalsen. Maar geen enkele westerse leider die daar om maalde.

Eind 1994 stuurde Jeltsin het leger naar Tsjetsjenië waar de afscheidingsbeweging al drie jaar ongestoord over dit gebied regeerde. Het Russisch leger voerde er een vuile koloniale oorlog die ook in Rusland zelf op steeds meer verzet stuitte. Begin 1996 zag het er voor Jeltsin beroerd uit. De grote meerderheid van de Russen spuwde hem uit omdat ze hem verantwoordelijk achtten voor de sociale afbouw. Ook omdat hij zich zo slaafs gedroeg tegenover de westerse leiders die hem eerden als een hervormer en democraat. In Tsjetsjenië leed het Russisch leger ondanks alle middelen en terreur een nederlaag.

Goede vrienden

Maar de oligarchen toonden Jeltsin hun dankbaarheid door massaal hun geld en hun media ter zijner beschikking te stellen. In de campagne voor de presidentsverkiezingen werden alle propagandasluizen opengezet tegen de rivalen van Jeltsin. Het Westen deed ook een duit in het zakje: tussen de twee ronden van de verkiezingen in, werd Jeltsin ineens verwelkomd op de G7 om de Russen te laten zien dat hij een groot staatsman was die zijn plaats had naast Clinton en compagnie. Clinton had trouwens ook zijn beste adviseurs gestuurd om Jeltsins campagne te ondersteunen.

Economisch ging het van kwaad naar erger. Een financiële krach maakte de meeste Russen nog armer, de oligarchen en compagnie nog rijker. Onder Jeltsin werd de corruptie niet alleen een veelvoud van die in de Sovjettijd, de familie Jeltsin bleek zelf grote sommen smeergeld te hebben ontvangen, onder meer bij de renovatie van het Kremlin. De laatste jaren van zijn bewind werden grotendeels beheerst door het Kremlingate. Maar de geheime dienst FSB zorgde er vakkundig voor dat de procureur die de zaak onderzocht, opzij werd geschoven.

Beste vriend

Jeltsin had aan het hoofd van die FSB een onbekende man uit Sint-Petersburg geplaatst, Vladimir Poetin. Het was deze Poetin die een campagne orkestreerde om de procureur in diskrediet te brengen en elk onderzoek naar het Kremlingate en zijn vele vertakkingen in de kiem te smoren.

Hij had bewezen betrouwbaar te zijn, waarop Jeltsin hem in de zomer van 1999 verrassend tot premier benoemde. Kort daarop hadden enkele bomaanslagen op appartementsgebouwen plaats die al snel, zonder enige concrete aanwijzing daarvoor, in de schoenen van de Tsjetsjeense opstandelingen werden geschoven. Bij een verijdelde poging tot aanslag bleek die het werk van de FSB te zijn. Hoe dan ook, Poetin had een voorwendsel om een nieuwe oorlog te starten.

Eind 1999 trad Jeltsin af, Poetin trad aan. Diens eerste daad was een amnestie af te kondigen voor alle leden van de clan Jeltsin, zij konden alle smeergelden en roofbuit behouden. Poetin zou kort daarop de plunderingen uit Jeltsins periode consolideren. Jeltsin en zijn kornuiten konden op beide oren slapen. Onder Poetin werden de gangsters die het onder Jeltsin maakten, “respectabele” zakenlui en parlementsleden.

(Uitpers, nr 86, 8ste jg., mei 2007)

(Visited 6 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 72 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook