Iraanse mollahcratie op neoliberale toer

Alle tekenen wijzen erop dat de grote meerderheid van de Iraanse bevolking de heerschappij van de conservatieve clerus kotsbeu is. Maar ook dat ze geen illusies meer koestert in de "hervormers" rond president Khatami. Bij de lokale verkiezingen van begin dit jaar ging 85 procent gewoon niet meer stemmen. De studentenbetogingen van juni zijn een ander teken aan de wand. Maar opgelet, waarschuwen Iraanse opposanten zelf, het actieve verzet blijft geïsoleerd en heeft geen centrale leiding. De impasse zou nog lang kunnen aanslepen, wat Washington misschien nog het beste uitkomt.

De studenten van Teheran, Ispahan, Masjad, Ahwas, Shiraz hebben de privatiseringsplannen van de heersend mollahs voorlopig kunnen dwarsbomen. Studenten waren op 10 juni in verscheidene steden in actie gekomen tegen de plannen van de mollahcratie om het hoger onderwijs te privatiseren. Daarmee kwam een van de verwezenlijkingen van de Islamitische Republiek, een democratisering van het onderwijs, in het gedrang. Het regime kan inderdaad de alfabetisering en een grotere toegang tot het hoger onderwijs op zijn actief schrijven. Met de privatisering zou universitair onderwijs echter veel duurder zijn geworden, iets waar de studenten tegen ageerden.

Die privatiseringsplannen maken deel uit van de economische liberalisering die het regime versneld wil doorvoeren. De bewindvoerders zoeken een uitweg voor de economische en vooral sociale crisis die een steeds groter deel van de bevolking treft. De stijging van de levensduurte (de huishuren zijn in de steden in één jaar verdubbeld) treft ook de middenklassen, wat tijdens de studentenbetogingen tot uiting kwam in de steun die de actievoerders in het rijkere noorden van Teheran kregen.

De top van het regime, gekristalliseerd in de Raad van Wachters – twaalf sjiïtische notabelen rond de "gids van de revolutie" Khamenei, greep de studentenbetogingen aan om een nieuwe repressieronde te lanceren. Het regime voelt zich zowel binnen- als buitenlands steeds meer belaagd en greep het voorbije jaar nog meer dan vroeger naar de repressiemiddelen. Meer dan veertig kranten werden gesloten, het wordt voor critici steeds moeilijker en gevaarlijker hun mond open te doen. Af en toe moet het regime terugkrabbelen, bij voorbeeld door de doodstraf in te trekken die was uitgesproken tegen een vooraanstaand intellectueel, Hashem Aghajari. Die had de misdaad begaan te pleiten voor een "islamitisch protestantisme".

Maar de grote lijn van het bewind is toenemende repressie. De conservatieve mollahs grepen de openlijke steun van Amerikaanse propagandazenders en van de monarchistische ballingen in de VS aan om de betogende studenten af te schilderen als agenten van het Amerikaans imperialisme. De monarchisten laten zich inderdaad steeds luider horen, zij trachten de indruk te wekken dat de meerderheid van de Iraniërs – voor wie de dictatuur van de sjah een ver verleden is – op het herstel van de monarchie zit te wachten.

Toedeh

De grote sterkte van de conservatieve clerus bestaat echter vooral in de zwakheid van het verzet én de verlamming van de zogenaamde hervormers rond president Khatami, zegt een vertegenwoordiger van de Toedeh in Brussel. De Toedeh is de communistische partij die vooral na de tweede wereldoorlog een grote rol speelde en die zwaar werd uitgedund door de repressie onder de sjah. Ze kwam er in de omverwerping van de sjah in 1979 nauwelijks aan te pas. Vanaf 1983 werd ze slachtoffer van zware repressie, nadien werden tal van haar leiders geëxecuteerd.

– Nog niet zo lang geleden dachten veel Iraniërs toch, te oordelen naar de verkiezingen, dat het regime van binnenuit kon worden gedemocratiseerd?

– "De Iraniërs zijn hun illusies in de zogenaamde hervormers kwijt", zegt ‘Emir’, schuilnaam van de man van de Toedeh die omwille van zijn familie in Iran liefst geen eigen naam opgeeft. "Dat kwam sterk tot uiting in de gemeenteraadsverkiezingen van maart jl. Waar bij vorige verkiezingen de kiezers massaal stemden voor kandidaten die democratische hervormingen beloofden, bleven ze nu even massaal weg: een opkomst van 12% in Teheran, 15 % elders. Na jaren hun hoop op die zogenaamde hervormers te hebben gesteld, hebben de Iraniërs begrepen dat ze van die kant niets moeten verwachten, die hervormers leggen zich neer bij de dictaten van de conservatieve clerus en denken in feite alleen aan hun eigen persoonlijke belangen. Voor veel Iraniërs is president Mohammad Khatami een lafaard, voor sommigen zelfs een verrader".

– Zitten de studenten en miljoenen andere Iraniërs dan te wachten op Amerikaanse troepen om hen van de klerikale dictatuur te verlossen?

– "Meer en meer mensen luisteren inderdaad naar buitenlandse, ook Amerikaanse, zenders omdat de censuur in eigen land steeds harder toeslaat. Al wat naar oppositie ruikt, wordt verboden. De milities van het regime slaan ongenadig toe. Justitie en repressie staan volledig ten dienste van de dictatuur. Maar zelfs indien er nogal wat Iraniërs waren die uit wanhoop dachten dat de Amerikanen hen misschien van de dictatuur zouden kunnen verlossen, worden ze wel wijzer door wat er nu in Irak onder Amerikaanse bezetting gebeurt. De studenten van de Amir Kabir universiteit in Teheran vragen dat er een referendum over het regime komt vooraleer zoiets van buitenaf wordt opgedrongen. Ayatollah Montazeri, de eerste opvolger van Khomeini na diens dood in 1989, vroeg het regime lessen te trekken uit wat er in Irak is gebeurd en dus de legale eisen van het volk te aanvaarden. Maar het regime klampt zich vast aan de macht, meer en meer".

– Maakt de monarchie ook maar enige kans op terugkeer?

– "Vergeet niet dat meer dan twee derde van de Iraniërs geboren is na de val van de sjah. Zeker voor de jongeren is dat zeer ver weg, zij hebben weinig of geen weet van de misdaden die de Savak, de geheime politie van de sjah, met steun van de CIA beging. Daar wordt ook weinig over gezegd, want het islamitisch regime heeft veel personeel en methodes van die Savak overgenomen. Voor sommige jongeren zonder historische kennis is alles beter dan de huidige verstikkende dictatuur."

– Kan grotere druk van buitenaf dan geen heilzaam effect hebben in de zin van democratisering?

– "De Iraanse dictatuur is nu wel voor een groot deel omringd door landen met Amerikaanse troepen, maar is Washington uit op democratisering? Het wil in Teheran een regime dat zijn economische en strategische belangen helpt verdedigen, ongeacht of het democratisch is of niet. Washington heeft Iran inderdaad op de As van het Kwaad geplaatst, maar anderzijds juicht het toe als de Franse regering de mollahs een cadeau doet door de leiders van de Modjaheddin Khalq als terroristen te brandmerken en op te sluiten. Niet dat die Volksmodjaheddin een geloofwaardige oppositiebeweging zijn, maar ze zijn alleszins een doorn in het oog van de Iraanse dictatuur. Vergeet ook niet dat sommige kringen in Washington op Iraanse medewerking rekenen om de toestand in Irak, met zijn sjiïtische meerderheid, naar hun hand te zetten. Voor die mollahs is hun invloed op de Iraakse geloofsgenoten wisselgeld in de krachtproef met Washington".

(Uitpers, nr. 44, 4de jg., juli-augustus 2003)

Deel dit artikel

Visited 117 Times, 1 Visit today

Tags :
Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook