Het oudste kruispunt in de geschiedenis in honderden kaarten, van prehistorie tot Gaza
Om de geschiedenis te begrijpen, is een historische atlas zeer noodzakelijk, zeker voor het Midden-Oosten, waar het ene conflict op het andere volgt. En als we Griekenland beschouwen als de bakermat van de Europese cultuur, moeten we er rekening mee houden dat het een deel van zijn beschaving ontleend heeft aan het Midden-Oosten, o.a. het schrift aan de Feniciërs.
De benaming ‘Midden-Oosten’ is relatief: voor China en India ligt het in het westen. Die twee worden hier het Verre Oosten genoemd (p. 12).
De auteurs nemen de Balkan ook op in hun definitie, omdat de Ottomanen daar enkele eeuwen de baas waren. In Afrika gaan ze tot Libië en Soedan, in het noorden tot de Zwarte en Kaspische Zee, in het oosten tot Iran. Het ‘Nabije Oosten’ is kleiner: daar horen de Balkan, Iran en Soedan niet bij.
Ze beginnen rond 200.000 v.C. met de Neanderthaler en de Homo Sapiens. De uitvinding van de landbouw situeren ze tussen 11.500 en 10.000 in wat nu Irak, Syrië, Turkije, Libanon en Israël is. Rond 3800 ontstonden in Mesopotamië/Irak de eerste steden zoals Uruk en rond 2340 ook de eerste koninkrijken (Akkad). Hammurabi was de zesde koning van Babylon, van ca. 1792 tot ca. 1750 v.C. Hij zorgde voor één van de eerste wetboeken, maar die worden hier niet vermeld.
In Babylon ontstond in het derde millennium v.C. ook de astrologie/astronomie en rond 530 v.C. de indeling van een cirkel, uur en minuut in 60 delen.
De Nijldelta werd belangrijk vanaf 2675 v.C. Maar vanaf 1792 v.C. ondermijnden de Hyksos de macht van de farao’s. De eerste bekende veldslag vond plaats in 1274 v.C. in Kadesh/Syrië tussen de Hettieten en de Egyptenaren.
In de 7de eeuw v.C. domineerde Assyrië het Nabije Oosten van de Perzische Golf tot de Middellandse Zee, inclusief het huidige Israël en Egypte. Mesopotamië was het centrum van de handel tijdens het derde tot het eerste millennium v.C. Het spijkerschrift was het meest gebruikte vanaf 1800 v.C. Jeruzalem en Gaza maakten deel uit van die handelsroutes.
Bij de veroveringen van Alexander de Grote namen de Grieken die kennis over en combineerden ze met hun wiskundige kennis.
Bij de wereld van de Bijbel maken de auteurs een onderscheid tussen verhalen zonder en verhalen met archeologische bewijzen: de exodus uit Egypte o.l.v. Mozes en de zondvloed zijn niet bewezen, de Babylonische ballingschap in 586 v.C. wel (p. 40-41).
De Feniciërs waren in de 9-8ste e. v.C. de eerste grote handelaars en zeevaarders. Hun territorium strekte zich uit van Libanon tot Perzië in het oosten en de Atlantische Oceaan in het westen. Carthago werd door hen gesticht in 814 v.C.
Het Perzische rijk omvatte tussen 530 en 330 v.C. de gebieden van de Indus tot de Middellandse Zee. Het was 10 miljoen km² groot. Maar de Perzen konden in 490-479 de Grieken niet verslaan en werden in 334-324 v.C. zelf verslagen door Alexander de Grote.
Bij het Romeinse Rijk en de verspreiding van het christendom komen onze gewesten ook even in beeld (p. 54-55). Het Byzantijnse rijk in het Nabije Oosten en in Noord-Afrika was in de 5-6de eeuw n.C. ook christelijk, maar vanaf 636 werd het veroverd door de islamieten, die overal hun godsdienst oplegden. Zij leverden wel een bijdrage aan de sterrenkunde en aan de vertaling van Griekse en Chinese teksten in het Arabisch (kaarten 64-75).
Vanaf de 6de eeuw rukten de Turken uit Centraal-Azië op in westelijke richting. Vanaf 1250 grepen de Mammelukken, Turkse slaven-soldaten, de macht in Syrië, Libanon, Palestina en Egypte, waar ze de Mongolen en de Kruisvaarders terugdreven. De Kruistochten (1096-1291) gingen gepaard met moorden op Joden in het Duitse rijk, bloedvergieten in Jeruzalem en een kortstondig koninkrijk Jeruzalem (1099-1291).
De Mongolen hadden Kiev vernietigd in 1240 en in 1258 Bagdad, sinds 762 de hoofdstad van de islam. Zij hadden tijdelijk het grootste rijk uit de geschiedenis. De Vlaming Willem van Rubroeck reisde in 1248-1255 naar hun hoofdstad Karakorum met de vraag om hun veroveringen te beëindigen. In 1260 leden ze hun eerste nederlaag tegen de Mammelukken, met wie ze in 1322 het verdrag van Aleppo tekenden.
In 1516-1517 werden de Mammelukken op hun beurt verslagen door de Ottomanen, die de leidende macht van de islamitische wereld werden. Hun rijk was 25 miljoen km² groot. Geen enkel Europees land kon eraan tippen. De islamitische slavenhandel over land en over zee duurde van de 7de tot begin 20ste eeuw, dus veel langer dan de Trans-Atlantische, die meer bekend is en ook veel meer kritiek krijgt. Het aantal slaven lag ook hoger: 17 miljoen tegenover 12 miljoen (kaart 96-97). Tussen 1683 en 1830 vond de Ottomaanse neergang plaats.
In 1798 herontdekte Europa het Midden-Oosten, eerst militair en wetenschappelijk door Napoleon, vervolgens door de zoektocht naar de bronnen van de Nijl (1857-1877) en door de aanleg van het Suezkanaal in 1859-1869, dat de route naar Azië met 12.000 km inkortte. Het zorgde voor een enorme groei van de zeehandel en van de koloniale rijken van Engeland en Frankrijk (kaarten 103-111).
De Eerste Wereldoorlog speelde zich ook af in het Midden-Oosten. Het Ottomaanse rijk koos de kant van Duitsland. In 1915-1916 veroorzaakten de Ottomanen de Armeense genocide: de Armeniërs werden afgeschilderd als binnenlandse vijanden en verraders in dienst van de Russen. 1,3 miljoen van de 2 miljoen werden vermoord. In Libanon stierven 150.000 à 200.000 mensen van honger: door zeeblokkades kwam er geen graan meer binnen (kaarten 112-119).
Na de Eerste Wereldoorlog vestigden de Engelsen zich in Palestina, Transjordanië en Irak, de Fransen in Libanon en Syrië. De atlas toont de Libanese volkstelling van 1932 (kaart 118), maar niet de percentages van nu: sjiieten en soennieten zijn gegroeid van elk 20% naar elk ca. 28 à 29 %, de christelijke maronieten zijn gedaald van 29 naar ca. 23 %. De atlas toont de vorming van Saoedi-Arabië (1932), van de kleinere Golfstaten en van Iran (kaart 120-123) en van de bevolking in Palestina: in 1881 was 3% Joods, in 1946 al 33% (kaart 124-125).
Aardolie werd in 1908 ontdekt in Perzië en in de jaren 30 in de Golfstaten. Het werd een instrument in de nationale emancipatie en een diplomatiek wapen met de oliecrisis van 1973. Olie leidde ook tot oorlogen en tot Amerikaanse interventies. Momenteel is het Midden-Oosten goed voor 30% van de wereldproductie (kaarten 130-137).
Vanaf 1948 brak de ene na de andere oorlog uit tussen de Arabische landen en Israël. In de eerste breidde Israël zijn grondgebied al uit van 55% naar 78% van Palestina. Jordanië bezette de Westoever en Oost-Jeruzalem, Egypte pakte Gaza. 700.000 Palestijnen werden verdreven. De nationalisatie van het Suezkanaal in 1956 maakte een einde aan de koloniale macht van Frankrijk en Engeland in Egypte, weliswaar door de interventie van de VS en de SU. In 1967 veroverde Israël ook de Golan, de Westoever, Oost-Jeruzalem, Gaza en de Sinaï. De Arabisch-Israëlische oorlog van 1973 leidde tot een olieschok en tot de vrede tussen Israël en Egypte, dat daarom uit de Arabische liga werd gestoten en zijn president zag vermoorden in 1981. Voor de PLO was die oorlog de start van hun internationaal terrorisme met vliegtuigkapingen en een (unieke) aanslag op de Olympische Spelen van München in 1972. De eerste Intifada (opstand) leidde tot de Oslo-akkoorden en de oprichting van de Palestijnse Autoriteit, die in 2024-2025 ook door verschillende lidstaten van de EU erkend werd. Kaart 139 geeft duidelijk aan waar de Palestijnen nu wonen: Jordanië telt het grootste aantal, nl. 4 miljoen. Op kaart 140-141 staan de inval van Irak in Koeweit (augustus 1990-februari 1991) en die van de VS in Irak (april 2003). Tijdens de Tweede Intifada bouwde Israël een ‘veiligheidsmuur’, die de illegale nederzettingen van ca. 750.000 kolonisten op de Westoever en in Oost-Jeruzalem moest beschermen. In 1980 waren die kolonisten nog maar met 75.000.
De Arabische Lente (2010-2012) leidde tot de vervanging van dictators door andere autoritaire leiders, maar niet tot daling van de armoede. IS controleerde een groot deel van Syrië en Irak, vernielde en plunderde historische plaatsen en voerde aanslagen uit in Europa. Het internationaal jihadisme zorgde al voor meer dan 200.000 doden (kaarten 143-149).
Iran en zijn nucleaire en wetenschappelijke activiteiten staan op kaart 150-151. De oorlog van de VS en Israël tegen Iran (28 februari-juni 2026) kon er nog niet bij staan, wel die in Afghanistan van 2001-2022, waarbij de bases van Al Qaida in 2002 vernietigd werden, maar uiteindelijk mislukte de interventie van de VS en de NAVO. Gaza en de oorlog van 7 oktober 2023 komen duidelijk in beeld op kaart 158-159. Het aantal doden (57.000 in juni 2025) is helaas wel gestegen tot minstens 73.000.
De kaarten 160-161 tonen de bijna uitzichtloze situatie in Libanon, dat geteisterd wordt door Palestijnse vluchtelingen sinds 1948, Syrische en Israëlische interventies sinds 1976 en door Hezbollah sinds 1982, dat er een islamitische staat wil vestigen.
Beoordeling
Deze atlas blinkt uit in duidelijkheid: de kaarten, tijdlijnen en bijbehorende teksten maken er een aangenaam studieboek van. Bij de meeste kaarten staan ook verwijzingen naar andere die hetzelfde thema behandelen, b.v. bij het Egypte van 1500 v.C. (kaart 31) naar Egypte in 1800 en 1869 (104, 108) en dan naar 1956 (kaart 134). Als de plaatsnamen veranderd zijn zoals Niniveh in Mosoel (kaart 33) of Maracanda en Samarkand (kaart 51), dan wordt dat meestal ook aangegeven.
Het verschil tussen Maghreb en Mashreq (kaart 10) had men wel mogen uitleggen. De Mashreq zijn de landen van de zonsopgang: Palestina/Israël, Libanon, Syrië, Irak, Koeweit. De Maghreb-landen zijn Mauritanië, Marokko, Algerije, Tunesië, Libië.
Nog een paar details: ‘Bibliothca’ (kaart 43) moet Bibliotheca zijn en een nieuw hoofdstad (kaart 60) veranderen we in nieuwe hoofdstad. Het jaar ‘nul’ (kaart 52) bestaat niet, wel de jaren 1 v.C. en 1 n.C.
Op kaart 87 lezen we dat de keizer en de paus zich bleven verzetten, maar we moeten raden tegen wie of wat. Bij de viering van 2500 jaar Perzië in Persepolis (kaart 123) ontbreekt die stad. Het aantal moslims wereldwijd bedraagt hier ‘1,5 miljard’ (kaart 153): ze zijn momenteel wel met 2 miljard!
Aanbevolen !
Referentie
Christian Grataloup, Vincent Lemire e.a. ,
Historische atlas van het Midden-Oosten
Het oudste kruispunt in de geschiedenis in honderden kaarten, van prehistorie tot Gaza
Vertaling van ‘Atlas historique du Moyen Orient’ (2025) door Tonio van Vugt, Bart Gravendael, Jan Bos en Eric Strijbos
Uitgeverij Nieuw-Amsterdam, Amsterdam/Lannoo, Tielt, mei 2026
Paperback, 188 pagina’s, kaarten, teksten, bibliografie, registers.
ISBN 978-90-468-3581-4; € 29,99.
©Jef Abbeel, Turnhout, juni 2026 www.jefabbeel.be
