Het verhaal van een ongelovige arkzoeker

Frank Westerman, Ararat, Uitg. Atlas, Amsterdam, € 19,90, 284 blz. ISBN 978 90 450 1299 5

Met “Ararat” bouwt Frank Westerman voort aan zijn literair non-fictie oeuvre. Tussen 1992 heeft de journalist Westerman (1964) zich ontpopt tot een full time, met prijzen gelauwerde schrijver. In zijn laatste boek reist hij naar de Ararat. Hij ontmoet er niet alleen arkzoekers, maar ook zichzelf: de jonge Nederlandse protestant die zijn geloof is verloren en als een ‘omgekeerde Job zijn eigen standvastigheid als niet-gelovige op de proef wil stellen’.

In 1994 debuteert Westerman, een jonge Volkskrant correspondent in Belgrado, met “De brug over de Tara”, het relaas van zijn reis langs de frontlinies van ex-Joegoslavië. Als verslaggever van NRC Handelsblad bezocht hij nadien diverse internationale brandhaarden. Samen met collega-journalist Bart Rijs wist hij als enige journalist door te dringen tot Srebrenica ten tijde van de val in 1995. Zij schreven daarover het boek ‘Het Zwartste Scenario’ waarbij ze geheime VN-documenten en interviews met ooggetuigen gebruikten om de oorlogsjaren van Srebrenica te reconstrueren. Tussen 1997 en 2002 was Westerman correspondent voor het NRC Handelsblad in Moskou. Daar rondde hij zijn derde non-fictieboek af, “De Graanrepubliek”, dat in 1999 verscheen. De Graanrepubliek laat zien hoe het Nederlandse landschap in de afgelopen honderd jaar veranderd is, en wat de gevolgen daarvan zijn geweest voor mens en natuur. Westerman volgt vooral de levensgeschiedenis van Sicco Mansholt, nazaat van rijke herenboeren die zijn grootschalige landbouwpolitiek tot diep in Europa zal laten doordringen – tot hij zelf van zijn geloof valt en de ecologische landbouw zal propageren. Na vier jaar correspondentschap in Moskou schrijft hij “Ingenieurs van de Ziel”, een boek over de megalomane waterbouwprojecten van Jozef Stalin en de socialistisch-realistische romans die hierover geschreven werden. Met dat boek dat herhaaldelijk in de prijzen viel, vestigde de journalist-schrijver zijn naam. De grote doorbraak kwam er met “El Negro en ik” (2004), een fascinerende reisreportage over ras, cultuur en identiteit waarvoor hij een flink stuk van de aardbol afreist. Dit boek werd bekroond met de Gouden Uil literatuurprijs 2005, shortlist-nominatie AKO Literatuurprijs 2005 en nominatie voor de Bob den Uylprijs 2005. Ook “Ararat” is weer genomineerd voor de AKO Literatuurprijs 2007.

Religie en wetenschap

Frank Westerman is intussen in het Nederlandstalige gebied een notoire vertegenwoordiger geworden van wat zijn uitgever Atlas literaire non-fictie noemt. De manier van werken is bekend: je bedenkt een thema (en eventueel enkele subthema’s), je werkt je in de materie in, vervolgens ga je op pad, je reist als het moet heel de aardbol af, je schrijft je vervolgens zelf in het verhaal en dat alles doe je met de nodige literaire puntigheid. Dat procédé past Westerman ook toe – en met succes – in zijn laatste werk. “Ararat” is een boek over geloven en weten, religie en wetenschap, met als middelpunt de Ararat. De protestants opgegroeide maar van zijn geloof gevallen Westerman wilde door een pelgrimage naar het Bijbelse oord waar de ark van Noach zou gedobberd hebben om zijn eigen standvastigheid als niet-gelovige op de proef stellen. “Ik wilde deze heilige berg beklimmen, met oog voor zowel de mythe als de realiteit” ((p. 52) Westerman bezoekt in Etsjmiadzin een Armeens Apostolische Kerk en kijkt vol verbazing naar de overgave van de zwart geklede monniken met puntmutsen. Hij doet er geen doekjes om: “Het woord ‘godsdienst’ deugde wat mij betreft al niet; het veronderstelde een god, en zodra je die erkende, volgde kennelijk onomkoombaar het dienen. Kruiperig als slangen schuifelden ze geknield rond het altaar, met van pijn vertrokken gezichten.” (p. 125).

Weten in woorden

De beklimming van de Ararat in het oosten van Turkije wordt beschreven in het laatste hoofdstuk. Om de voorbereiding in beeld te brengen (het moeizame verwerven van een visum, het aanschaffen van klimmateriaal, zijn fysieke training door, samen met zijn vrouw, aan wadlopen te doen, zijn diepe duik in de literatuur rond de zondvloed, de Bijbelse arkzoekers en de Ararat, de Armeense genocide, geologische studies, literatuur waaronder “Sneeuw” van Orhan Pamuk en ga zo maar door) heeft hij meer dan 250 pagina’s nodig. Ook zijn eigen verleden komt uitvoerig in beeld: niet alleen zijn protestantse achtergrond, maar ook zijn studie. Hij heeft nog scherpe en goede herinneringen aan zijn leraar wiskunde ‘Knol’ en aan de exacte vakken in het algemeen. “Biologie, natuur- en scheikunde ontdeden de wereld van een hoop geheimzinnigheid. De kennis die ik opzoog, gaf me houvast en zelfvertrouwen, wat ertoe bijdroeg dat ik steeds minder overtuigend kon bidden.”(p.103) Het blijkt ook dat de literair gerichte journalist landbouwingenieur van opleiding is, die bij professor Salomon Kroonenberg in Delft geologie heeft gestudeerd, een wetenschapper die intussen voor een groot publiek bekend geworden met “De menselijke maat, de aarde over tienduizend jaar”. Toch is het vooral het woord waardoor de auteur gefascineerd raakt. In de loop van het verhaal blijkt dat de religie van Westerman die van de taal is. “Sinds ik me aan het schrijven was gaan wijden, had ik een groot ontzag gekregen voor het woord. In elke zin zocht ik naar woorden van het juiste gewicht en de juiste klank. Ik proefde ze op mijn tong, zoog erop tot ze de juiste kleur hadden en reeg ze aaneen tot kralensnoeren. Hoewel ik ze zelf uitkoos en rangschikte, deden de woorden nooit precies wat ik wilde. Ingebed in een zin konden ze soms ineens van glans of betekenis veranderen, dat was het wonderlijke.” (p. 210). De manier waarop hij de Ararat beschrijft mag er in elk geval zijn: “Met haar uitdijende lichaam leek zij op een waarzegster die zich op de vlakte had neergevlijd en zich een pose van ongenaakbaarheid had aangemeten. Rond haar middel hing een tot de daad versleten plooirok van erosiegeulen.” (p. 219)

Non- fiction literature

Wanneer hij dan op het einde van het boek boven op de Ararat staat, beseft hij dat hij zich heeft losgemaakt van zijn verleden want ‘bij de sneeuwgrens van de Ararat stonden geen engelen met lichtende zwaarden’ of lag er geen stuk arkhout om over te struikelen.”Ararat” is een rijk boek. Een groot aantal geologische classificaties, geografische toelichtingen, historische verhalen, mythes en verwijzingen naar recente politieke ontwikkelingen en naar wereldliteratuur geven soms de indruk dat enkele omgevallen boekenkasten en lukrake ervaringen wordt over de lezer uitgestort. Toch krijgen zij niet het gewicht van enkele omgevallen boekenkasten. Het is ook geen opsomming geworden van zomaar wat lukrake ervaringen. Wadlopen in een verhaal over de Ararat? Dat kan. Daarvoor zorgt de zeer goede pen van de stilist en verhalenbouwer Frank Westerman wel voor. Zoals grote namen als V.S. Naipaul en Ryszard Kapuscinki beoefent hij op een voortreffelijke manier dat moeilijke genre van de non fiction literature. Het is in dat tussengenre waarin journalistiek, reisverhaal en literatuur naadloos in elkaar overgaan dat Westerman op zijn sterkst is.

(Uitpers, nr 94, 9de jg., februari 2008)

U kunt dit boek via de link hieronder rechtstreeks bestellen bij:

en wie via Uitpers bestelt, helpt Uitpers!

De link:

http://www.groenewaterman.be/anne/index.dll?webpage=index.htm&inpartcode=469541&refsource=uitpers

Print Friendly, PDF & Email
Over Walter Lotens

Walter Lotens studeerde moraalfilosofie, ex-leraar, woonde lang in Suriname, reiziger, Latijns-Amerika watcher en freelancer. Hij schrijft voornamelijk over bewegingen van onderuit van Borgerhout over Madrid en Barcelona tot Cochabamba en Paramaribo. Hij houdt lezingen rond de thema’s die hij in zijn boeken aansnijdt (www.walterLotens.net).