"Geen enkele Palestijn, ook niet van Fatah, zegt dat Hamas Israël onvoorwaardelijk moet erkennen".

In 1995 trok Marianne Blume, wier grootvader één van de oprichters van de Communistische Partij van België was, als coöperante van de Franse gemeenschap naar de Gaza-strook. Ze doceert er Frans aan de Al Azhar-universiteit. Ze geeft geregeld interviews over wat ze in Palestina ziet en hoort. Hieronder volgen haar jongste bevindingen, zonder het gebruikelijke systeem van vraag en antwoord (nvdr).

Na de overwinning van Hamas, dat als een terroristische organisatie wordt beschouwd, schortte Europa, na de Verenigde Staten, de hulp aan de Palestijnse Autoriteit op. Het “kwartet” (de Verenigde Naties, de Verenigde Staten, de Europese Unie en Rusland, nvdr) eist dat Hamas Israël erkent, de eerder afgesloten akkoorden respecteert en stopt met geweld, maar vraagt absoluut niets aan Israël: noch dat het de uitspraak van het Internationaal Hof (die de bouw van de scheidingsmuur door Israël veroordeelt; nvdr) uitvoert, noch dat het de vierde Geneefse conventie ondertekent en toepast, noch dat het stopt met geweld.

Hier wordt duidelijk een politiek van twee maten en twee gewichten gehanteerd. En dat onder het voorwendsel het vredesproces niet te hinderen. Maar over het “stappenplan” wordt al lang niet meer gesproken. Het bewijs is dat men aan Hamas vraagt Israël te erkennen, maar dat men in het geheel niet aan Israël vraagt om een Palestijnse staat te erkennen.

Het is volkomen duidelijk dat de Europese Unie de VS volgt. Om het te zeggen met een zin van Véronique Dekeyser (Europees parlementslid voor de PS, Parti Socialiste): ” We staan aan de rand van een burgeroorlog in Palestina, het bestuur stort ineen en het imago en de politiek van de Europese Unie plakken zoals een kauwgom aan de Noord-Amerikaanse politiek”. Ik geloof dat Europa momenteel niet in staat is een onafhankelijke politiek te voeren.

Hamas werd niet verkozen op basis van een religieus programma noch wegens aanslagen. In de grond haalde Hamas het op basis van een programma van strijd tegen de corruptie en van herstel van een deugdelijk bestuur. Ongelukkiglijk was een deel van de administratie van Fatah inderdaad corrupt. Hamas werd ook verkozen als gevolg van de perceptie dat alle toegevingen van Fatah aan Israël tot geen enkel resultaat hebben geleid. Er is niet alleen geen vrede, maar de economische en sociale toestand is verslechterd. De mensen willen een vredesakkoord – de hele Palestijnse bevolking wil dat – maar op een andere basis. Als men vandaag een dialoog met Hamas weigert, dat weigert men te praten met degenen die de Palestijnen democratisch gekozen hebben, met degenen die de Palestijnen vertegenwoordigen. Zijn dat allemaal terroristen? Moskou ziet het anders. Moskou zegt dat er kan worden gepraat en dat er vooruitgang kan worden geboekt met Hamas. Ik geloof niet dat de economische druk, waarmee men de mensen tot wanhoop probeert te drijven, Hamas, en ook de bevolking niet, zal doen buigen.

Ik was twee weken geleden in Gaza. De mensen mogen zich dan wel beklagen over de economische toestand en iedereen is wel een beetje wanhopig, maar ik heb geen enkele Palestijn ontmoet, ook niet onder de aanhangers van Fatah,  die zegt dat Hamas onvoorwaardelijk moet erkennen. De mensen zijn daar niet toe bereid. Men vraagt de Palestijnen opnieuw toegevingen te doen, maar men vraagt niet aan Olmert (eerste minister van Israël) zijn eenzijdige plannen stop te zetten, en men vindt dat normaal. Men vraagt aan Hamas om stoppen met praten over geweld, maar men vraagt tijdens de Israëlische verkiezingen niet aan een Liebermann dat hij bewijst dat hij geen racist is, dan hij niet voor een gedwongen vertrek van de Palestijnen is. Men vraagt zelfs niet aan alle deelnemende partijen dat ze een Palestijnse staat zouden erkennen! Er wordt hier echt met twee maten en gewichten gewerkt.

Van de kant van Hamas heeft men onmiddellijk gezegd dat het niet kan dat de bestaande Palestijnse instellingen worden genegeerd. Zelfs de Wereldbank waarschuwt tegen elk mechanisme, dat bestaande diensten zou vervangen. Ze herinnert er overigens in haar jongste rapport aan dat, twaalf jaar lang, de Europese Unie het grootste deel van haar hulp heeft besteed aan de versterking van de instellingen met de bedoeling de structuren te creëren, die noodzakelijk zijn voor het functioneren van een toekomstige Palestijnse staat. Het zou dus niet erg consequent zijn de instellingen te negeren.

Schizofreen Europa

Europa is schizofreen: het past zijn principes toe op één partij, maar niet op de andere. Er bestaan tientallen rapporten van de Europese Unie, van de diverse agentschappen van de Verenigde Naties en van niet-gouvernementele organisaties, die zeggen dat Israël de mensenrechten niet respecteert, dat Israël een hele reeks internationale conventies overtreedt, waaronder de Conventie van Genève. Niettegenstaande dat worden de samenwerkingsakkoorden tussen de EU en Israël niet opgeschort, alhoewel de mogelijkheid van sancties bestaat want de door de EU ondertekende akkoorden bevatten een clausule voor de eerbiediging van de mensenrechten.

Het Internationaal Gerechtshof in Den Haag heeft gezegd dat de muur illegaal was en moest worden ontmanteld. De meeste landen (waaronder België) hebben de besluiten van het Hof bekrachtigd door ervoor te stemmen in de Verenigde Naties. Er is enige druk geweest, maar eerder formele dan effectieve druk. Het ziet ernaar uit dat de Israëlische lobby sterk genoeg om elke sanctie te voorkomen. Men moet weten dat er sedert ongeveer anderhalf jaar een pro-Israëlische lobbybureau geïnstalleerd is in Brussel en dat het zeer actief is in de Europese Unie.

Er is ook een verschil tussen het politiek discours en de realiteit van de uitwisselingen, commerciële en andere. Zo besloot het Brussels Parlement tijdens een recente discussie de opschorting van bepaalde akkoorden met Israël te verlengen. Maar een blik op de website van de Gemeenschap Wallonië-Brussel maakt duidelijk dat geen invloed heft op de universitaire, technische of economische akkoorden. Er is nog altijd een komen en gaan van delegaties naar Israël om onze Belgische ondernemingen te promoten en omgekeerd.

Als men aan de Palestijnen zegt: ” Europa betaald niet meer”, dan is het eerste antwoord: “Je weet dat onze Arabische broers ook niet meer betalen”. In al hun ongeluk hebben de Palestijnen een visie van de wereld, die minder simplistisch is dan die van het Oosten tegen het Westen, of van de islam tegen het christendom. Ze zeggen duidelijk dat men niet te veel moet rekenen op de Arabische broeders. Egypte staat op de tweede plaats wat Amerikaanse hulp betreft. Dus kan men er niet veel van verwachten. En ook Jordanië heeft geprivilegieerde betrekkingen met de VS.

De Palestijnen zien de situatie niet in Oost-West-termen. Ze stellen daarentegen vast dat Europa nog altijd met een schuldgevoel zit betreffende de joden en de holocaust. En dat staat elk begrip in de weg voor wat er zich in werkelijkheid gebeurt in Palestina en verhindert elke effectieve actie tegen de Israëlische politiek.

Na het vertrek van de Israëli’s uit Gaza waren de mensen zich zeer scherp bewust van de situatie en zeer pessimistisch. “Dat zal niet veel veranderen”. Binnen de Gaza-strook is er wel verandering: men kan zich er weer bewegingen, er zijn geen controleposten meer, geen sluiting van wegen enz. Maar op economisch vlak is er niets veranderd, de toestand is zelfs verslechterd: niet alleen omwille van de drastische vermindering van het aantal Palestijnen dat toelating krijgt om te gaan werken in Israël, maar ook wegens de bijna constante sluiting van de grensovergang voor goederen te Karni. 

Ook wat de bezetting betreft is er niets veranderd. Het noorden van de Gaza-strook wordt zonder ophouden gebombardeerd. Toen ik in april terug was gegaan, hoorden we dag en heelder nachten elke minuut explosies. Mensen worden gedood en de zones waar de geëvacueerde kolonies zich bevonden zijn ontoegankelijk: de bezetter is onzichtbaar maar duidelijk aanwezig. Toen ik er was, waren de mensen al twee maanden niet meer betaald. Iets wat men niet op tv te zien krijgt. De mensen van Hamas, evenals die van Fatah, zegden mij allemaal: “Geef Hamas een kans. Laat ons proberen.We zijn niet gek. We hebben geen zin om met Hamas in een zwart gat te vallen, maar laat ze het proberen”. Het werd telkens opnieuw herhaald: “Zeg in Europa dat ze een kans moeten geven aan deze regering. In de verkiezingen hebben we bewezen dat we kunnen veranderen. Als Hamas ons geen voldoening schenkt, zullen we ze ook op democratische manier buiten zetten”.

Ik heb in Gaza ook andere bedenkingen gehoord. Zoals: “Nu willen de Europeanen de mensen van Fatah betalen, diezelfde mensen van wie wij en Europe vijf, zes, acht lang hebben gezegd dat ze verrot en corrupt waren !!!”. Dat deed ze groen lachten. Op het terrein is de toestand gevaarlijk. Men heeft mij meer dan eens gezegd: “Er zijn mensen in Gaza zoals Dahlan en zijn vrienden, die tot alles bereid zijn om Hamas tegen om het even welke prijs over kop te doen gaan en de macht te grijpen.” Meer dan van het risico van burgeroorlog, zijn de mensen bang van de mensen in de schaduw, van de verborgen macht van een aantal personen die lid zijn van Fatah, maar die voor zichzelf werken en hopen de Amerikanen te kunnen bewijzen dat zij de mensen zijn die de toestand in handen kunnen nemen. Naar mijn mening komt er geen burgeroorlog, maar zullen we zeker nog gevechten tussen gewapende groepen meemaken: ik heb vertrouwen in de interne reguleringsmechanismen, die hun kracht al bewezen hebben in het recente verleden.

(Uitpers, nr. 77, 7de jg., juli-augustus 2006)

Visited 4 Times, 1 Visit today

Tags :