Gaza: Israëlische terroristische acties en Palestijns verzet

Het is mij bij de recente berichtgeving omtrent de grootscheepse Israëlische militaire acties in het Gaza-gebied opnieuw opgevallen, dat er bij de Nederlandse media in meerdere of mindere mate sprake is van een opvallend gebrek aan objectiviteit ten aanzien van de berichtgeving over het Midden-Oostenconflict.

Niet alleen is er zelden sprake is van fundamentele kritiek op de in de bezette Palestijnse gebieden uitgevoerde Israëlische militaire acties, daarenboven bestaat in vele gevallen bij de media de neiging, ieder Palestijns verzet impliciet als “terroristisch” te karakteriseren zonder het maken van een duidelijk onderscheid tussen de tegen Israëlische burgers gerichte zelfmoordacties en de militaire aanvallen op het Israëlische leger.

Ook is opvallend, dat de Israëlische bezetting en de daaraan inherente onderdrukking, vernederingen en rechteloosheid als voornaamste oorzaak voor het Palestijnse verzet door de media veelal wordt onderbelicht waardoor een en ander een bijna irrationeel element krijgt.

A Recente nieuwsfeiten:

A1 Israëlische militaire acties:

De afgelopen periode is er sprake geweest van massale Israëlische legeracties in zowel de in Gaza-stad liggende dichtbevolkte woonwijk Zeitoun waarbij niet alleen met tanks, pantservoertuigen en gevechtshelikopters werd binnengevallen, maar waar tevens vanuit Israëlische schepen Gaza-stad bestookt met raketten en miltrailleurvuur.

Ook zijn in het vluchtelingenkamp Rafah niet alleen Israëlische troepen binnengevallen met tanks en werd het kamp vanuit de lucht bestookt met raketten, bovendien zijn de afgelopen week door het Israëlische leger meer dan 100 huizen vernietigd waardoor meer dan 1100 Palestijnen dakloos geworden zijn.

Verder vonden er nog een aantal liquidaties op Palestijnse leiders en activisten plaats, een op de auto van een Palestijn, die op slag dood was, een ander op een huis van een Hamas-leider, eveneens met dodelijke afloop en recentelijk nog twee in Gaza-stad, een op een flatgebouw en een ander op ene centrum voor hulp aan nabestaanden van zelfmoordplegers.

Het resultaat van deze recenteljk gepleegde Israëlische militaire acties is een Palestijns dodental van meer dan 30 en meer dan 50 gewonden.

A2 Palestijnse militaire acties:

Bij Palestijnse acties is er twee keer sprake geweest van een bomaanslag tegen zowel in Rafah als in Zeitoun binnenkomende Israëlische tanks waarbij in het geheel 11 militairen zijn omgekomen.

In tegenstelling van hetgeen in sommige media wordt gesuggereerd, is deze actie in tegenstelling uiteraard tot de zeer verwerpelijke zelfmoordacties tegen Israëlische burgers, geen terroristische actie, aangezien ieder volk en/of haar organisaties volgens het Internationaal Recht gelegitimeerd is

zich te verzetten tegen het leger van een bezettingsmacht.

B Internationaal Recht:

B1 Israëlische acties:

De in zowel Zeitoun als Rafah nog steeds plaatsvindende militaire acties zijn echter wel degelijk ernstige schendingen van het Internationaal Recht [4de Conventie van Genève]. Volgens de officiële Israëlische lezing vonden deze acties plaats om “Palestijnse terroristen” op te sporen en “het verbreden van de buffer tussen Zuid-Gaza en Egypte” [in het geval van de huisvernietigingen in Rafah].

2 “De arrestatie van ‘Palestijnse terroristen”

Niet alleen zijn de hiervoor gebruikte middelen om tot arrestatie over te gaan in dezen buitenproportionneel [tanks, gevechtshelikopters, pantservoertuigen en raketbeschietingen] van veel fundamenteler belang is het feit, dat volgens de principes van het Internationaal Recht [4de

Conventie van Genève] dergelijke aanvallen, gedaan op drukbevolkte woonwijken en vluchtelingenkampen, absoluut verboden zijn, aangezien in alle gevallen bij gevechtshandelingen een onderscheid gemaakt dient te worden tussen burgers [non-combatanten] en strijders [non-combatanten]. Het verrichten van een willekeurige militaire aanval op burgers is als zijnde een oorlogsmisdaad streng verboden volgens het Internationaal Recht, dat onder alle omstandigheden militaire aanvallen op burgers verbiedt.

3 Huisvernietigingen “in verband met de creatie van een bufferzone”

De recentelijk door het Israëlische leger uitgevoerde huisvernietigingen zijn streng verboden volgens het Internationaal Recht [artikel 53 van de 4de Conventie van Genève] “behoudens in de gevallen waarin militaire operaties een zodanige vernieling volstrekt noodzakelijk maken”

Echter in een dergelijk geval moeten de bewoners in kwestie tijdelijk geëvacueerd worden en tijdelijke nieuwe onderkomens worden verstrekt [artikel 49 4de Conventie van Genève]

Als echter de militaire operaties beëindigd zijn, moeten de bewoners weer teruggebracht worden naar hun oorspronkelijke woonplaatsen met uiteraard volledig herstel van hun vorige woonsituatie.

Ook moeten de bewoners bij evacuatie in de gelegenheid gesteld worden belangrijke en/of waardevolle persoonlijke bezittingen mee te nemen.

In de eerste plaats is in dit geval geen sprake van een militaire noodzaak tot de creatie van een bufferzone met Egypte, aangezien van vijandelijkheden tussen Israël en Egypte geen sprake is.

Bovendien zou in dat geval de bevolking tijdelijk geëvacueerd moeten worden en tijdelijk nieuwe onderkomens ter beschikking gesteld worden. In dit geval echter worden de huizen van de betreffende personen vernietigd zonder enige compensatie of verdere bescherming, hetgeen een oorlogsmisdaad is volgens het Internationaal recht.

Het is dan ook uitermate betreurenswaardig, dat het Israëlische Hooggerechtshof, dat aanvankelijk deze huisvernietigingen had verboden als zijnde illegaal, nu toch het leger toestemming heeft gegeven deze praktijken te continueren vanwege “veiligheidsredenen”. Het Israëlische leger voert namelijk als argumentatie aan, beschoten te worden vanuit deze huizen door “Palestijnse militanten”.

Ten eerste vervalt hiermee het reeds eerder door het leger aangevoerde argument van de “bufferzone”, ten tweede snijdt de aangevoerde “militaire noodzaak” hierbij evenmin hout, aangezien de op artikel 53 toepasbare “militaire noodzaak” betrekking heeft op grootschalige militaire operaties in een oorlogssituatie, niet op beschietingen door licht-gewapende

Palestijnse strijders op een modern en technologisch zeer geavanceerd leger als het Israëlische, dat behoort tot een van de zes sterkste legers ter wereld.

Daarenboven is de grootschalige vernietiging van alle huizen in het betreffende gebied vanwege de eventuele aanwezigheid van een aantal Palestijnse strijders in een aantal huizen, als collectieve straf [artikel 33 van de 4de Conventie van Genève] een flagrants schending van het Internationaal Recht.

4 Liquidaties:

Zoals reeds opgemerkt, zijn de recentelijk door het Israëlische leger uitgevoerde liquidaties als buitengerechtelijke executies ernstige schendingen van het International Recht, dat stelt, dat iedereen recht heeft op een proces.

Nog afgezien daarvan zijn ook deze liquidaties weer uitgevoerd op burgerdoelen als straten, flatgebouwen en huizen met een onacceptabel risico voor de burgerbevolking., waarbij er sprake is van oorlogsmisdaden bij burgerslachtoffers, omdat de aanwezigheid van burgers in burgerdoelen te

voorzien was.

C Internationale kritiek:

Niet alleen is er afgezien van de kritiek vanuit de Arabische wereld en een groot aantal Derde wereldlanden eveneens sprake van onverbloemde kritiek van de kant van de ministers van Buitenlandse Zaken van de EU, opvallend in dezen is met name de Amerikaanse kritiek bij monde van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Powell, die de huisvernietigingen in Rafah

eveneens veroordeelde. Verder kwam deze vrij ongebruikelijke Amerikaanse standpuntbepaling tot

uiting in het feit dat de VS in tegenstelling tot hun gebruikelijke politieke gedragslijn, deze keer geen veto uitspraken over de met grote meerderheid van stemmen aangenomen VN-Veiligheidraadssresolutie, die de Israëlische legeracties in Rafah veroordeelde, maar zich slechts van stemming onthielden.

D Conclusie

D1 Recente Israëlische en Palestijnse acties:

Wanneer wij in verband met de bovenstaande recente gebeurtenissen de Israëlische en Palestijnse acties de revue laten passeren is het in dezen opvallend, dat er bij de Israëlische acties sprake is van zeer ernstige schendingen van het Internationaal Recht. In dezen is dan ook de term Staatsterrorisme zeker van toepassing [deze door de regering geïnitieerde acties beantwoorden immers aan de definitie voor terrorisme: het plegen van militaire aanvallen op burgers]. De recent gepleegde Palestijnse acties waren in dezen echter geheel gelegitimeerd volgens het Internationaal Recht, aangezien ze tegen het Israëlische leger als zodanig gericht waren.

Het zou dan ook in dezen aanbeveling verdienen, wanneer de media niet alleen de illegale Palestijnse zelfmoordacties tegen Israëlische burgers tegen de maatlat van het Internationaal Recht houden, maar tevens de legitimiteit van de recentelijk gepleegde Palestijnse acties als zijnde gericht tegen het leger van de Israëlische bezettingsmacht, benadrukken.

Van groot belang is daarbij tevens dat de media meer nadruk leggen op de realiteit van de Israëlische bezetting en het vaak illegale karakter van Israëlische legeracties. Een en ander zal leiden tot een eerljkere en objectievere berichtgeving, hetgeen tenslotte de voorwaarde is voor een betrouwbare en integere journalistiek.

(Uitpers, nr. 54, 5de jg., juni 2004)

Visited 7 Times, 1 Visit today

Tags :