Franse expert ziet politiek-diplomatieke oplossing voor geschil met Iran

Professor François Géré is doctor in de hedendaagse militaire geschiedenis en is onderzoeksdirecteur aan de Sorbonne in Parijs. Hij werkte vele jaren voor de Franse regering en voor de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO), waarvan hij lid van het wetenschappelijk comité is. Hij is onder meer directeur van het Instituut voor Defensie en Diplomatie, een in Parijs gevestigde denktank en stichter-voorzitter van het Frans Instituut voor Strategische Analyse (IFAS)

In zijn functie van voorzitter van IFAS, heeft François Géré de laatste 18 maanden meerdere malen Iran bezocht op uitnodiging van het Iraanse ministerie van Buitenlanse Zaken. Volgens François Géré is een militaire onderneming van Israël of van de Verenigde Staten tegen Iran een veel te riskante aangelegenheid en zal in de eerstvolgende jaren al het mogelijke gedaan worden om een politiek-diplomatieke oplossing te vinden voor het nucleaire geschil met Iran.

Is George Bush zijn plan voor het Midden-Oosten aan het realiseren of zijn er obstakels en welk type obstakels ?

Er zijn veel obstakels ten aanzien van een heel ambitieuze onderneming, een poging om een democratisch proces te ontwikkelen in dat grote Midden-Oosten. Dat democratisch proces zou ook moeten versterkt worden door economische activiteiten.

Van in het begin wist men dat er obstakels zouden zijn. Maar ik denk dat één van de grote moeilijkheden van deze onderneming erin bestaat dat ze nooit de middelen gekregen heeft om het waar te maken. Sommige Noord-Amerikaanse analysten hebben het plan-Bush vergeleken met een soort Marshall-plan voor het Midden-Oosten. Nu moet je weten dat een Marshall-plan bestaat uit grote en zware investeringen op lange termijn. Als je vandaag ziet wat het budget is dat wordt toegestaan voor de evolutie van het Midden-Oosten, merk je dat dit helemaal niet groot is. Tachtig miljoen dollar geïnvesteerd, vermeerderd met enkele tientallen miljoenen dollar, dat zijn geen zware investeringen. Je moet een 0 toevoegen aan het cijfer om iets betekenisvol te krijgen. Op het vlak van economische investeringen gaat het eerder om woordenkramerij dan om werkelijke investeringen.

Er zijn ook politieke obstakels. Zelfs in de landen waar je hoop zou kunnen hebben op een positieve democratische evolutie, is het zeer moeilijk. Landen die een heel autoritair bewind omverwerpen worden snel met heel zware interne moeilijkheden geconfronteerd, moeilijkheden die de VS zeker onderschat hebben.

Wat de VS hadden gehoopt dat er in Irak zou gebeuren draait nu uit op een mislukking. In Egypte ook bijvoorbeeld. Als de regering Mubarak de gebeurtenissen de vrije loop zou laten, zouden de Moslimbroeders een veel grotere plaats innemen in het politieke leven. Dat wil niet noodzakelijk zeggen dat de Moslimbroeders een extremistische koers zouden varen, maar ze gaan zeker geen pro-Amerikaanse koers varen. Vrije verkiezingen spelen niet noodzakelijk in de kaart van de VS. Er is het voorbeeld van de Palestijnse autoriteit. De vrije verkiezingen hebben daar Hamas aan de macht gebracht, en dat is niet naar de wens van de VS, noch van de Europese Unie en zeker niet van Israël.

Via de NAVO probeert de VS het partnerschap rond het Middellandse Zeegebied te herlanceren. Dat partnerschap heeft een top gehouden. Dat was een première, want de NATO heeft vergaderd in Rabat in Marokko. Er is dus een hele reeks van contacten die zich ontwikkelen. Rumsfeld is naar Algerije gevlogen voor een mogelijke militaire samenwerking tussen de VS en Algerije. Dat is toch wel een verrassing. De Noord-Amerikanen vrezen dat er zich in de Sahel-landen een aantal extremistische bewegingen ophouden.

Ik zou zeggen dat het Bush-plan voor het Midden-Oosten slechts zeer beperkte vooruitgang kent. Het gaat veel meer over een aantal tactische keuzes, meer dan een grote beweging die het politieke landschap van het Midden-Oosten zou omvormen.

U zegt de NAVO. Wil dat zeggen dat de VS met de Europese Unie een gemeenschappelijke politieke gaat voeren ten aanzien van het Midden-Oosten, of gaan we meer in de richting van een bilaterale samenwerking?

In het kader van de dialoog in het Midden-Oosten is er een de facto rivaliteit tussen de Europese Unie en de NAVO. Die rivaliteit is nogal complex aangezien er veel landen zijn van de Europese Unie die ook lid zijn van de NAVO. Het proces van Barcelona (voor het Middellandse Zee-gebied, nvdr) dat de Europese Unie heeft opgezet stagneert. De evolutie van de situatie van de Palestijnse autoriteit creëert enorm veel problemen. De Europese Unie wordt door heel wat Arabische landen niet aanzien als een entiteit die in staat is positieve stappen te ondernemen. Je hebt dus zeer beperkte resultaten van de VS- en EU-pogingen tot dialoog in het Midden-Oosten. Daarom is er een neiging om terug te grijpen naar de oude gekende formule van bilaterale contacten.

Men heeft de indruk dat de Europese Unie hoe langer hoe minder onafhankelijk is van de VS. Wat schiet er nog over van het beroemde Franse gaullisme? Gezien de recente politiek van Frankrijk tegen de Palestijnse autoriteit zou men zeggen dat de EU zich echt op de lijn zet van de VS, of niet soms?

Het gaullisme was een nationale, Franse verzuchting en had niet de ambitie om een multilaterale Europese politiek te willen zijn. Het gaullisme was een soevereine politiek van Frankrijk, gebaseerd op bilaterale relaties met partners die ze zelf koos. Vandaag bestaat die politiek niet meer. Je moet je daar geen illusies over maken. Er is nog wel een beetje gaullistische retoriek, maar Frankrijk is heel sterk ingebed in de Europese Unie. Frankrijk heeft zelfs een plaats verworven binnen de NAVO die ze in de jaren 60 en 70 helemaal niet had. De politieke sfeer is dus helemaal veranderd.

Ik wil nu geen oordeel vellen over wat de politiek van de Europese Unie zal zijn binnen twee jaar. Het verwerpen door de Franse kiezers van de Europese grondwet bevestigt wat veel analisten voorspelden, namelijk je kan als EU niet weigeren te bestaan en tegelijkertijd pretenderen een diplomatieke rol te willen spelen.

De Europese Unie is sterk gesanctioneerd door het verwerpen van de grondwet. Frankrijk en Nederland worden met de vinger gewezen voor deze terugslag in de opbouw van de Europese Unie op het vlak van buitenlandse politiek. De Europese Unie is een organisme dat fases kent van stagnatie en vooruitgang, maar op vlak van buitenlandse politiek zie ik geen vooruitgang komen voor september 2007. Het zal tot eind 2007, begin 2008 duren vooraleer de Europese Unie haar interne problemen zal hebben opgelost. Tot dan zullen het vooral de nationale lidstaten zijn die het voortouw zullen nemen.

Dat wil zeggen dat de Europese Unie de prijs betaalt, ook in de dialoog met Iran. Die dialoog met Iran wordt vandaag aanzien als een mislukking. De vraag is of de EU en de lidstaten van de EU in staat zijn een politiek te ontwikkelen die voldoende autonoom is ten aanzien van de NAVO en ten aanzien van de VS.

Hebben de tien nieuwe EU-lidstaten de krachtsverhoudingen binnen de EU gewijzigd? Leidt dat tot een gewijzigde strategie van de EU ten aanzien van het Midden-Oosten?

Ik denk niet dat de intrede van nieuwe EU-lidstaten fundamenteel de natuur van het probleem wijzigt. Het is zeker zo dat de nieuwe lidstaten een meer pro-Atlantische koers willen varen, dus dichter staan bij de stellingen van de VS. Maar lid worden van de EU is een progressief proces en het neemt een zekere tijd in beslag eer die landen zich echt integreren in het Europees proces. Samenleven als Europeanen is een langzaam proces. Dat vergt een economische infrastructuur, transport, … De hogesnelheidstreinen rijden nog niet in heel de Europese Unie, maar dat gaat wel komen. In de mate dat dit zich zal ontwikkelen zal je zien dat de nieuwe Europese lidstaten echt Europees gaan worden en dan ook meer afstand zullen nemen van de VS-standpunten.

Ik wil benadrukken dat die nieuwe EU-lidstaten tegen het communisme gekant zijn, wat hen in het vaarwater van de VS brengt, maar dat wil niet zeggen dat deze landen zich in avonturen willen storten in het Midden-Oosten, zoals de VS zouden willen. De nieuwe EU-lidstaten wensen een garantie voor hun eigen grenzen. Ze hopen dat de NAVO hen beschermt tegen een Rusland dat ze aanzien als niet-democratisch met onrustwekkende nationalistische oprispingen.

Wat deze nieuwe EU-lidstaten wensen ten aanzien van de VS is een garantie voor hun eigen veiligheid in het geval er spanningen komen of een grensgeschil met Rusland bijvoorbeeld. Dat soort grensgeschillen gaat er zeker komen. Is het niet morgen, dan is het overmorgen. Kijk maar wat er opgevoerd is rond het geschil om Kaliningrad (een Russische enclave aan de Baltische Zee tussen Polen en Litouwen, nvdr). Deze landen vrezen voor hun veiligheid en ze willen een garantie. Als op een dag de Europese Unie die veiligheid zal kunnen verzekeren, dan zal er een coherentie gevonden worden. Maar zover zijn we nog niet.

Ook binnen de Verenigde Naties komen de grote mogendheden samen. We horen daar veel van de laatste tijd, in verband met het geschil met Iran. Wat is de krachtsverhouding binnen de VN, waar ook Rusland en China in zitten?

Iran is een belangrijke test. Ik beschouw dat als een essentiële test voor de stand van zaken in de wereld en voor de notie “wereldorde”. De Iraanse kwestie, of ze vreedzaam zal opgelost worden of niet, geeft twee mogelijke scenario’s: een militaire interventie – waarvan men niet weet wat daarvan de resultaten zullen zijn-, ofwel laat men Iran evolueren naar het bezit van een atoomwapen. Dat zou een grote mislukking betekenen voor de internationale gemeenschap en de VN zelf.

De permanente leden van de VN zijn zich heel bewust van de inzet van Iran. Ze hebben trouwens meerdere malen India proberen te betrekken bij de discussies binnen de VN. Duitsland behoort tot één van de drie Europese landen die rechtstreeks met Iran dialogeren. De twee andere, Frankrijk en Groot-Brittannië, zijn lid van de VN-Veiligheidsraad, waarin dus prominente landen voor de dialoog met Iran zetelen.

Vandaag worden alle grootmachten van heel de wereld betrokken bij een discussie over Iran. De inzet van die discussie is te weten of ze een oplossing kunnen vinden via de mechanismen van de VN. Eén van die mechanismen is opgezet tijdens de koude oorlog: het Internationaal Agentschap voor Atoomenergie (IAEA) en het Verdrag tegen de Verspreiding van de Kernwapens (Non-Proliferatie-verdrag). Ofwel vindt men een oplossing via deze instanties, zoniet dienen deze instanties tot niets meer. Een totale mislukking op vlak van de Iraanse kwestie zou het misprijzen ten aanzien van deze internationale instellingen alleen nog maar doen toenemen. Dat misprijzen is nu al groot gezien de Iraakse kwestie.

Ondanks de VN en de inspecties van de IAEA hebben de VS de zeer zware beslissing genomen om boven de hoofden heen van de VN-Veiligheidsraad de oorlog te verklaren aan Irak. De gevolgen zijn gekend: er zijn geen massavernietigingswapens gevonden in Irak.

China heeft nieuwe internationale verantwoordelijkheden en Rusland heeft nog altijd haar oude verantwoordelijkheid. Als deze twee landen er niet in slagen met de VS en de Europese landen een deftige positie in te nemen ten aanzien van Iran, stevenen we rechtstreeks af op een mislukking met zeer zware gevolgen voor de notie zelf van een “internationale wereldorde”.

Waarom heeft China nieuwe verantwoordelijkheden?

China is een opkomende wereldmacht, die een politiek voert die op het ogenblik zeer pragmatisch is, zelfs opportunistisch. Dat heeft te maken met de wil van China zich te ontwikkelen en de garanties te scheppen voor haar ontwikkeling op lange termijn. Dat is natuurlijk haar belangrijkste doel. Dat leidt ertoe dat ze vreedzame relaties wil met iedereen, maar ze wil ook relaties met alle landen die China een toevoer kunnen garanderen van grondstoffen, of het nu energie is of mineralen. China haalt die grondstoffen in heel de wereld, in Latijns-Amerika en in Afrika.

De vraag die in het centrum staat van heel de internationale politiek vandaag is: kan men akkoord geraken over de spelregels. De Noordamerikaanse diplomatie kan niet eisen van China dat ze spelregels moet nakomen die enkel in het voordeel spelen van de VS. De VS moeten leren dat zij spelregels moeten aanvaarden die niet altijd in het belang zijn van haar strikt nationale Noord-Amerikaanse belangen. Iran is daarvoor een echte test, een test voor het internationale recht die geldig zou moeten zijn voor iedereen, zonder uitzondering. Op die basis kan men misschien een internationaal systeem herstellen dat vandaag de dag sterk in diskrediet is geraakt.

Rusland speelt ook haar eigen rol, met sterke relaties met Iran. Rusland was ook de eerste om Hamas te ontvangen in Moskou. Welk is de specifieke rol van Rusland in de wereldpolitiek?

Rusland is een land dat zich bewust is van haar verlies aan invloed na de val van de Sovjet-Unie. Rusland heeft grote structurele moeilijkheden en speelt een vrij handig diplomatiek spel. Dat spel bestaat erin te proberen de invloed die ze nog heeft optimaal te benutten.

Die invloed is haar energie, is haar bekwaamheid een dialoog aan te gaan met landen of groepen waarmee sommige landen niets te maken willen hebben. Dat is het geval van Hamas. Maar het is evident dat Rusland vandaag ook rekening moet houden met de moeilijkheden die ze heeft. Rusland verliest aan invloed in Centraal-Azië. Dat komt overeen met een terugkeer van China in die regio. Ook de VS wint aan invloed in Centraal-Azië.

Rusland probeert haar spel te spel, maar moet rekening houden met haar structurele moeilijkheden. Rusland kan niet ver gaan in haar rol van grootmacht, want haar economische middelen zijn toch wel beperkt en haar invloedssfeer is vandaag veel zwakker dan vroeger. Rusland moet rekening houden met die factoren van zwakte en dat zal er in de volgende jaren niet op verbeteren.

Wat denkt u dat er met Iran gaat gebeuren? Heeft Iran niet het recht op een civiel gebruik van kernenergie? Zal dit conflict vreedzaam kunnen opgelost worden?

Ik ben zeer begaan met dit onderwerp. Binnen 10 dagen ga ik een boek publiceren over de Iraanse nucleaire crisis. Ik kan u hierover uren spreken. Wat het recht betreft: Iran heeft het recht een nucleaire industrie te ontwikkelen voor burgerdoeleinden. Het is een feit dat Iran niet aan al haar verplichtingen is tegemoetgekomen. In het kader van het Non-Proliferatie-verdrag moest Iran kenbaar maken wat haar exacte activiteiten zijn in dit kader, vooral in het kader van uraniumverrijking via centrifuge en haar wil een reactor met zwaar water te ontwikkelen in Arak.

Vanaf 2003 heeft de Iraanse regering aanvaard dat ze meer in regel moest zijn met die internationale verdragen en ze heeft aanvaard dat haar kerninstallaties bezocht werden. Ze heeft het recht kerninstallaties te ontwikkelen. Op dat moment kan je kiezen. Ofwel zeg je aan de Iraniërs: “Je moet verzaken aan elke nucleaire activiteit”. Dat lijkt moeilijk te houden. Ofwel maak je een strikt gecontroleerd compromis met Iran.

Ik ga hier de geschiedenis niet herschrijven, maar een compromis had mogelijk geweest als men zou gezegd hebben aan de Iraanse autoriteiten: “U heeft een aantal verplichtingen niet nagekomen, maar nu kan u plechtig verklaren dat al uw nucleaire activiteiten strikt gecontroleerd worden door het Internationaal Atoomenergie-agentschap. U respecteert een periode van “stage”, waar u streng zal gecontroleerd worden. Dan erkent men u het recht tot een kernenergie voor civiel gebruik.” Maar de drie landen van de Europese Unie wilden niet zover gaan. Zeer snel is men in een impasse geraakt van vandaag waar de stelling is: “Iran moet sowieso elke kernactiviteit stopzetten.” Dat is onaanvaardbaar voor de Iraanse regering. De Iraanse regering kan bogen op heel wat sympathie van landen die lid zijn van het Non-Proliferatie-verdrag, alsook op de sympathie van Rusland en China die lid zijn van de VN-Veiligheidsraad.

Iran denkt dat ze zich vandaag in een vrij sterke diplomatische positie bevindt, niet om de westerse landen te bekampen, maar toch wel om haar standpunt kracht bij te zetten, namelijk een compromis voor haar nucleaire activiteiten. Dat compromis is nu niet haalbaar omdat de VS onwrikbaar op haar standpunt blijft staan, namelijk het totaal stopzetten van het verrijken van uranium. De VS heeft ook een sterke invloed op het standpunt van de drie Europese landen. In die omstandigheden kan men geen compromis bereiken.

De vraag die zich vandaag stelt is: “Kan men tot een vergelijk komen?” Kan men, zoals ik doe en zoals hoe langer hoe meer personaliteiten in de wereld doen, komen tot een dialoog tussen Washington en Teheran, een dialoog die al 25 jaar niet meer bestaat? Kan er terug een dialoog opgezet worden? Je moet daarbij weten dat de VS terug een zekere coherentie moeten vinden in hun eigen buitenlandse politiek. De VS hebben hun eigen ambassadeur in Bagdad discussies laten voeren met Teheran over de politieke stabilisering van Irak, terwijl ze tegelijkertijd Iran voor de UNO-Veiligheidsraad willen laten veroordelen, onder hoofdstuk 7, dus met als mogelijk gevolg niet alleen sancties, maar een mogelijkheid tot gebruik van geweld. Dat is niet coherent.

Als de VS echt bereid zouden zijn samen met Rusland en de Europese Unie een kader van dialoog te scheppen met Iran, een kader waarbinnen men zou kunnen discussiëren over de stabiliteit van Irak en ook over een compromis met Iran over het nucleaire, dan zou dit een beginpunt kunnen zijn van gezonde internationale relaties, met het perspectief van een echte oplossing voor een conflict dat op dit moment uitzichtloos is. Die impasse is gevaarlijk, want wat er ook uit de bus komt, het is niet aanvaardbaar voor de ene, noch voor de andere partij. Dat is een zeer gevaarlijke situatie.

Zijn er binnen Iran krachten die in de richting van een dialoog willen gaan? En wat is de specifieke rol van Israël in dit gevaarlijke spel?

Het zijn twee verschillende vragen, maar ze zijn toch sterk met elkaar verbonden. Ik meen dat de Europese diplomatie en de Amerikaanse diplomatie nog niet begrepen hebben welke krachten er actief zijn in Iran. Er bestaat niet de minste twijfel over – ik herhaal, niet de minste twijfel – dat al de politieke krachten in Iran willen erkend krijgen dat ze recht hebben op een nucleaire industrie voor de opwekking van elektriciteit. Of je nu Khatami of Ahmadinejad als president hebt, over de grond van de zaak zijn ze het eens. Sommigen zeiden: “Aangezien het toch hetzelfde is, is het niet belangrijk of een gematigde of een hardliner aan de macht is”. Dat is een slechte benadering. Niemand in Europa heeft Ahmadinejad zien aankomen. Het geheel van de westerse experts dacht dat Rafsanjani zou verkozen worden. Dus Europa heeft zich totaal vergist in de politieke dynamiek die zich op het Iraanse terrein afspeelde. Dat is toch wel vervelend.

(Uitpers, nr. 76, 7de jg, juni 2006)

Visited 4 Times, 1 Visit today

Tags :