Frankrijk heeft kieskoorts. Althans de politieke en mediawereld heeft koorts. Een dubbele, want de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen van 15 en 22 maart, wordt doorkruist door de aanloop naar de presidentsverkiezingen een jaar later. De dood in Lyon van Quentin Deranque, een extreemrechtse militant, wordt alvast aan gegrepen om het ordewoord “Tout sauf LFI”, allesbehalve LFI (La France insoumise) dik in de verf te zetten. Het cordon sanitaire tegen extreemrechts is gesneuveld, nu wordt een cordon opgetrokken tegen links.
Extremisten
Er is niet gewacht op enig resultaat van het onderzoek om LFI aan de schandpaal te nagelen. Het zijn mes en van de Jeune Garde, een groep waarmee LFI samenwerkt, die verantwoordelijk zijn voor de dood van Quentin, bij uitbreiding is LFI schuldig.
Intussen blijkt dat politiek en media (bewust) overhaast conclusies hebben getrokken. ‘Contre-attaque’ brengt daarover het volgende dat een ander licht werpt op de gebeurtenissen, een val gespannen door uiterst-rechts:
Deze gewelddadige dood komt politiek zeer gelegen voor al wie LFI aan het kruis wil nagelen, van uiterst-rechts en het patronaat tot de sociaaldemocraten. LFI werd al daarvoor fysiek aangevallen, medewerkers en lokalen moeten het ontgelden. De dode moet gewroken worden, gerechtigheid is voor later. Wat mensen van LFI ook zeggen of doen, Barbertje moet hangen.
President Emmanuel Macron had net al voor de dood van Deranque in Lyon, de toon gezet. Hij deed dat met de zoveelste compleet uit de lucht gegrepen bewering dat LFI schuldig is aan antisemitisme. Is daar enig concreet bewijs voor? Nee, maar LFI neemt al lang het voortouw in de campagnes voor solidariteit et de Palestijnen en in de aanklachten tegen de Israëlische genocide in Gaza. De vechtpartij waarbij Deranque is omgekomen, gebeurde naar aanleiding van een uiteenzetting van Rima Hassan, LFI-EU-parlementslid, waarvoor de politie de gevraagde bescherming niet heeft verleend. Dat zij het aandurfde te wijzen op de Israëlische connectie in de Epstein-affaire, werd aangehaald als bewijs van antisemitisme”.
Dat is allemaal voldoende reden voor het ministerie van Binnenlandse Zaken om LFI met het oog op de gemeenteraadsverkiezingen te catalogeren als “extreem-links”. Extremisten, dat geeft een nare bijsmaak. Waarom niet “radicaal links”? Dat klinkt te positief.
LFI en PS
LFI neemt dat niet, de beweging is gewoon trouw gebleven aan het programma van het ‘Nouveau front Populaire’ (NFP) dat LFI, de PS, de Ecologistes en de communistische PCF oprichtten toen Macron in juni 2024 onverhoeds de Nationale Assemblée ontbond. Het NFP-programma is gewoon een links programma voor verdediging van sociale en democratische rechten tegen de afbraakpolitiek van Macrons opeenvolgende regeringen – Elisabeth Borne, Gabriel Attal, Michel Barnier, François Bayrou en de huidige premier Sébastien Lecornu.
De PS heeft dat NFP de rug toegekeerd door de regering de voorbije maanden te redden door de opeenvolgende moties van wantrouwen niet te steunen. Voor LFI is het de PS die het Nouveau Front Populaire de rug heeft toegekeerd door de Macronie te redden.
In die context, en om zich beter lokaal in te planten, neemt LFI waar het kan aan de gemeenteraadsverkiezingen deel. Onder eigen vlag, of in samenwerking met de Ecologistes en andere linkse groepen. In de grote steden als Parijs, Lyon, Marseille, Riisel… heeft LFI afzonderlijke lijsten. De verkiezingen gebeuren in twee rondes, waarbij het de vraag is of lijsten van LFI die de kiesdrempel (10 %) halen, voor de tweede ronde samensmelten met andere linkse lijsten. Dat hangt niet alleen van de LFI af maar ook van die anderen, PS en Ecologistes voorop.
De PS, dat is vooral een partij van lokale notabelen die in de eerste plaats bekommerd zijn om hun politieke overleving. Voor de enen is dat bij links, voor anderen bij het ‘centrum’. Bij dat centrum vinden we ook Raphael Glucksmann, stichter-aanvoerder van Place Publique. Hij dankt zijn aanhang bij de PS aan de EU-verkiezingen van 2024 waar de door hem aangevoerde lijst PS-Place Publique 14 % scoorde.
Ambities
Glucksmann is kandidaat voor de presidentsverkiezingen van volgend jaar. Hij rekent daarvoor op de PS en op de vele ontgoochelde kiezers uit de Macronie. Een links imago kan dat alleen maar schaden, daarom ook trekt hij een cordon op tegen LFI. Die linkse kiezers zullen in een tweede ronde toch niet anders kunnen dan hem steunen tegen de extreemrechtse Jordan Bardella, huidige leider van het Rassemblement National (RN) die de gedoodverfde favoriet is.
Het is nog even wachten tot 7 juli om te weten of Marine Le Pen juridisch uitgesloten blijft van deelname. Maar bij RN gaat men toch al uit van de kandidatuur Bardella. Ook al omdat uit peilingen blijkt dat hij bij de achterban populairder is dan Marine. Hij is beslist populairder bij een groot deel van het patronaat dat zich met de dag radicaler opstelt en een steviger afbraak van de sociale voorzieningen eist. In hun ogen is populiste Le Pen met haar sociaal discours ‘veel te links.
Bardella kan ook makkelijker ‘klassiek rechts’ meetrekken. Klassiek rechts, dat is vooral de partij Les Républicains’ (LR) waarvan een deel zich in juni 2024 onder leiding van voorzitter Eric Ciotti afsplitste om de Union de la Droite Républicaine (UDR) op te richten en samen te gaan met RN.
Geen sprake van om met uiterst-rechts samen te werken, zegt LR-voorzitter Bruno Retailleau die zelf kandidaat-president is. Het is tegen de hoop in van RN niet tot samenwerkingen gekomen voor de gemeenteraadsverkiezingen. Maar wat als het nodig is om LFI van het bestuur weg te houden. Ja, in dat geval wordt het “tout sauf LFI”, alles, maar geen LFI…zegt Retailleau.
Met de dood van de jongeman in Lyon is er nu een element bij om dat cordon te vervangen door een tegen LFI.
Retailleau is ter rechterzijde niet de enige met ambities voor het Elysée. Ze staan zelfs in zijn eigen partij te dringen. Terwijl er in de Macronie ook heel wat gegadigden zijn, onder wie enkele ex-premiers – Edouard Philippe, Borne, Attal. Allemaal om in dezelfde opgedroogde vijver, le centre, te vissen.
Links
Het Nouveau front Populaire (NFP), en met dat NFP de linkse eenheid, is verleden tijd. Maar hoe te beletten dat de grote favoriet Bardella volgend jaar president wordt en in het zog daarvan het RN en zijn bondgenoten een meerderheid haalt in de Nationale Assemblée?
Bij PS en de Ecologisten denken ze dat een ruime ‘primaire’ – voorverkiezingen – voor een kandidaat van links, het tij kunnen doen keren. Een ‘primaire’ van de Ecologistes tot centrumlinks… met uitsluiting van LFI. Hoe dan ook, Glucksmann wil er niet van horen, we moeten volgens hem maar betrouwen op… de peilingen. Totnogtoe steevast een onbetrouwbaar instrument gebleken, zeer manipuleerbaar.
Bij de PS wil de helft van de notabelenbasis daar niet van weten, die verkiest een rechtse figuur als Glucksmann; de andere helft wil dat wel, denkend er als winnaar uit te komen – onder hen partijvoorzitter Olivier Faure. Zelfs ex-president François Hollande, die roemloos ten onder ging, droomt van een revanche.
Er dreigt voor hen echter gevaar uit linkse hoek. Twee bekende LFI-politici die door partijchef Jean-Luc Mélenchon in 2024 werden uitgesloten want te populair – François Rufin en Clémentine Autain – zien daarin een kans. Zij zitten in de Assemblée als ‘gasten’ bij de Ecologistes, want voor het sectaire LFI zijn zij ‘vijaanden’.
Rufin voert een zeer actieve campagne en kreeg op korte tijd reeds 100.000 steunbetuigingen voor zijn kandidatuur. Rufin nam het op tegen Mélenchons visie dat men zich moet toespitsen op “les quartiers” de volkswijken, zeker die met veel migranten, terwijl Rufin pleit voor een terugkeer naar de wortels, naar de dagelijkse sociale problemen van al wie van werken moet leven.
Geweld
Intussen zal nu alles een tijdje draaien rond politiek geweld en zullen LFI en Mélenchon de grote boosdoeners zijn. Vorige week nog was er in Parijs een rechtszaak tegen negen politieagenten die zes jaar geleden in een café enkele ‘gilets jaunes’ in elkaar sloegen. Uit oververmoeidheid, luidde hun excuus. Het is een van de tientallen gevallen van extreem politiegeweld, waarbij ook doden vallen. En waarvan de meeste schuldigen buiten schot blijven. Voor hun slachtoffers neemt de Assemblée geen minuut stilte in acht.

