Andrej Babis werkte ooit voor de geheime politie in de Sovjettijd. Babis werd in 2013 vice-premier onder een sociaaldemocratische premier. Hij kon zich ooit als premier handhaven met steun van sociaaldemocraten en communisten. Zijn partij ANO zat in het EU-parlement bij het liberale Renew. Als zeer rijk zakenman is hij verre van onbesproken. En toch is Babis’ ANO de favoriet bij de parlementsverkiezingen van deze vrijdag en zaterdag. Zijn ANO is intussen wel lid van de extreemrechtse ‘Patriotten voor Europa’ waarin ook Viktor Orban, Marine Le Pen het Vlaams Belang zitten.
Ontevreden burgers
De campagne draaide vooral rond de levensduurte, sociale voorzieningen en immigratie. Weinig over buitenlandse thema’s. Premier Petr Fiala is een van de grootste voorstanders van meer hulp aan Oekraïne, terwijl Babis’ ANO (Actie Ontevreden Burgers, ano betekent in het Tsjechisch ‘Ja’) dat ongenegen is, zonder Moskougezind te zijn.
Babis speculeert op de grote ontevredenheid over duur voedsel, de prijzen voor energie zijn de hoogste van de EU. Er is nauwelijks economische groei; de reële lonen liggen nog altijd lager dan vóór de coronaperiode. De meeste pensioenen werden afgeknot terwijl de vergoedingen voor parlementsleden gevoelig werden verhoogd. Het maakte van de eerder arrogante Fiala – die alle falen wijt aan desinformatie door opposanten en Moskou – een zeer onpopulaire premier. Meer dan de helft van de Tsjechen vindt dat het land er beter aan toe was in de communistische periode.
Babis werpt zich op als de verdediger van de gewone Tsjech, al is hij de eigenaar van Agrofern – landbouw en voeding. In 2017 ontsloeg de sociaaldemocratische premier Sobotka hem als vice-premier wegens belangenvermenging. In 2019 waren er massale protesten, met 250.000 betogers, toen hij als premier toch zijn zaken bleef behartigen en van de EU 120 miljoen euro opstreek voor Agrofern. Desondanks zou hij op bijna een derde van de stemmen kunnen rekenen.
Veel rechts
Volgens peilingen komen ANO en twee andere extreemrechtse partijen samen aan de helft van de stemmen. ANO wordt door peilers op 30-32 % geraamd; de nog extremere rechtse SPD (Vrijheid en Directe Democratie) van Tomio Okamura zou op 13 % kunnen rekenen, de Motoristen voor zichzelf (erg tegen milieuregels) op 4 tot 6 %. De huidige rechtse coalitie, geleid door premier Fiala, lijkt met 20 % kiesintenties, kansloos. Het liberale STAN komt iets boven 10 %, de Piratenpartij met Groen zit daar onder.
En links dan? Na de implosie van het communistisch systeem eind 1989, waren de sociaaldemocraten de grote dominante partij. De communisten bleven verder doen, met wisselend succes, onder eigen naam.
De sociaaldemocratische CSSD viel in 2017 na vier jaar regeren – met ANO – op 7,3 % en behield slechts 15 van haar 50 zetels. Sindsdien is ze verder verzwakt en wat overschiet is erg verdeeld, onder meer tegenover EU en Navo. In 2021 haalde ze de kiesdrempel niet en verdween uit het parlement. De communisten zakten in 2017 van 33 naar 15 zetels, verdwenen vorige keer eveneens uit de Kamer. Ze hopen deze keer in een ruimere coalitie, Stacilo, weer zetels te halen. Inzake EU, Navo en buitenlands beleid staan ze dicht bij Babis en zijn dus eventuele partners voor regeringsdeelname of steun van buitenuit.
Visegrad kwartet
De Visegrad-groep blijkt gunstig terrein te zijn voor extreemrechts. In 1991 besloten Polen, Hongarije en Tsjechoslovakije na de implosie van de Sovjetwereld, nauwer samen te werken. Dat werd in 1994 een kwartet toen Tsjechië en Slovakije scheidden.
In Hongarije kwam de partij Fidesz in 2010 opnieuw aan de macht. Wat ooit als liberaal was begonnen, was intussen lid geworden van de conservatieve EVP, om dan de voorbije jaren koploper te worden van uiterst-rechts, gangmaker van de Patriotten voor Europa. De groep waartoe nu ook de ANO van Babis behoort.
In Slovakije is de SMER van premier obert Fico een van origine sociaaldemocratische partij. Die is de voorbije jaren zeer pertinent Orban gaan volgen, Fico is een welkome gast in de VS van Trump.
In Polen heeft de conservatieve PiS twee jaar geleden na de parlementsverkiezingen wel de macht moeten overdragen aan een centrumcoalitie geleid door Donald Tusk. Maar dit jaar nam ze revanche: haar kandidaat, Karol Nawrocki, won de presidentsverkiezingen en blokkeert dagelijks de werking van de regering. PiS is er zeker van in 2027 weer aan de macht te komen.
Kiev volgt die evolutie bij de buren met de grootste bezorgdheid. Hongarije en Slovakije doen zo weinig mogelijk om Oekraïne tegen de Russische invasie te helpen. In Polen is de solidariteit met Kiev erg geluwd. Nu ook Praag, grote leverancier van munitie, dreigt weg te vallen, komen er grote gaten in de Europese steun. Het is rekenen op Donald Trump om zijn vrienden Orban, Fico en overmorgen misschien ook Babis, tot andere gedachten brengt. Een riskante gok.
Zie ook:

