Coup in Kasjmir

Tienduizenden hindoe pelgrims en toeristen  moesten tijdens het weekeinde in allerijl de Indiase deelstaat Jammu & Kasjmir verlaten wegens “terreurdreiging”.  Dat was de voorbode tot de beslissing van de Indiase regering om de autonomie van die deelstaat op te heffen en onder rechtstreeks bestuur van  New Delhi te plaatsen.  Om Kasjmir hebben India en Pakistan al drie oorlogen uitgevochten.
De beslissing werd bekendgemaakt door minister van Binnenlandse Zaken Amit Shah, rechterhand van premier Marendra Modi en leider van de regerende hindoenationalistische Bharatiya Janata Party (BJP).  De minister zei dat die autonomie van de deelstaat te discriminerend is voor Indiase burgers van elders. De meerderheid van de bevolking van Kasjmir bestaat uit moslims. Met de jongste beslissing zal de deelstaat geen eigen regering meer hebben.

Hindoestaat

De beslissing tot opheffing van die autonomie maakt deel uit van de hindoenationalistische agenda. Die gaat ervan uit dat India een hindoestaat is. De jongste jaren zijn er steeds meer gevallen van discriminatie van moslims en andere niet-hindoes. De moslims vormen ca een zevende van de 1,4 miljard Indiase burgers.
De opheffing van de autonomie is de meest radicale maatregel in 70 jaar. Dit dreigt de spanning in Kasjmir, waar 700.000 Indiase soldaten zijn gelegerd (één miljoen volgens Pakistan),  verder op te drijven. Waardoor het risico op een treffen tussen India en Pakistan weer groter wordt.