En nu tot overmaat: Burkina Faso

Een militaire coup in Burkina Faso. Militairen die de macht nemen zoals in andere Sahellanden waar de terreurbewegingen Al Qaida en Daesh (IS), ondanks de Franse militaire interventies, in opmars zijn. De Burkanibese militairen waren al lang misnoegd over president Kaboré en de regering die hen, aldus die militairen, op het terrein in de steek lieten. De coup is ook een ernstige tegenvaller voor de Franse president Emmanuel Macron die in de Sahel de mislukkingen opstapelt. Maar hij moet volhouden tot na de Franse presidentsverkiezingen van april.

Inata

Wat bij veel militairen van Burkina Faso de emmer deed overlopen, was de dood van 53 kameraden bij een jihadistisch aanval op 14 november in Inata, in het noorden. Vooral het feit dat die ondanks hun alarmsignalen aan hun lot waren overgelaten, zette kwaad bloed bij veel militairen, en bij burgers. Voedsel, munitie, drinkwater, het was blijkbaar te veel gevraagd voor soldaten en gendarmes in hun sgtrijd tegen terroristen..

De kritiek op president Roch Marc Christian Kaboré zwol sterk aan, op straat werd zijn ontslag en dat van de regering geëist. Begin dit jaar was er al een poging om Kaboré aan de kant te zetten. De president had na Inata talrijke verantwoordelijken van de gendarmerie aan de kant gezet, maar dat volstond niet om de gemoederen te bedaren. Inata was een keerpunt.

De Fransen delen in die boosheid. Een Frans militair konvooi dat twee maanden geleden van Abidjan (Ivoorkust) naar Gao, midden-Mali, trok, werd zowel in Burkina Faso als in Niger door boze betogers tegengehouden. De mare dat Parijs in feite gediend is met die jihadistische opmars, of er zelfs de hand in heeft om zo zijn koloniale posities te herwinnen, vindt ingang. Hoe kan het anders dat ondanks de operatie Barkhane de helft van het land aan de controle van de overheid ontsnapt? Vooral in het noorden en oosten controleren diverse jihadistische groepen de meeste dorpen.

Op de vlucht

De terreurgroepen treden immers steeds driester op in zowel Burkina Faso als de buurlanden Niger en Mali. In Burkina Faso vielen sinds 2015 bij aanslagen als minstens 2000 doden en sloegen meer dan 1,5 miljoenen mensen op de vlucht, wat een zware last legt op de rest van het land, ook op de hoofdstad Ouagadougou. Waar de jihadisten opduiken, vluchten de ambtenaren, ook de leerkrachten. En vaak ook de leerlingen.

Een correspondente meldde onlangs in dat verband: “ Hoe meer scholen sluiten, hoe meer kinderen op de dool, hoe talrijker ook het aantal gevluchte kinderen die wij in onze twee publieke scholen in Bangrin proberen opvangen. Dit schooljaar hebben we in de lagere school op een totaal van 941 leerlingen 467 déplacés leerlingen ingeschreven, dat is de helft van de schoolbevolking. Onze zes klassen plus drie noodklassen volstaan niet om alle kinderen een plaatsje te geven”. (De school van Bangrin, bij Ouagadougou, krijgt o.m. flink steun van vrienden in België). Het geeft een beeld van de druk op de ganse samenleving.

Klappen

De militaire coup in Burkina Faso komt bijzonder ongelegen voor de Franse president Macron. Die heeft – in volle verkiezingscampagne – al meer dan genoeg Sahel-zorgen in Mali. Macron heeft in juni vorig jaar de in 2014 ingezette operatie Barkhane, waar toen 5100 Franse militairen bij ingeschakeld waren, opgedoekt om ze te vervangen door een beperktere anti-terreur operatie. Er zijn enkele successen geboekt, leiders van o.m. IS zijn uitgeschakeld.

Maar dat verzwakt die terreurgroepen niet. Die breiden hun terrein uit en onderhandelen met regeringen over lokale akkoorden. De Fransen delen trouwens in de klappen die de jihadisten toedienen. Vorige week nog werden vier Franse militairen bij een aanslag in Burkina Faso zwaar gewond. Terwijl in Mali een Franse militair , de 53e sinds begin van Barkhane, werd gedood bij een aanval met mortiergranaten op een basis bij Gao. Die aanvallen illustreren wie het initiatief in handen heeft.

Sinds de Fransen zich uit het noorden van Mali terugtrokken, is Gao nu hun belangrijkste basis. Er was tegelijk een gelijkaardige aanval op de basis van Ménaka, waar naast het Franse leger ook nog de blauwhelmen van Minusma, het Malinese leger en Takuba zitten.

Task Force Takuba is een coalitie van Europese speciale eenheden die het Malinese leger bijstaan als opleiders en instructeurs. In november vorig heeft België een grote deelname aan Takuba toegezegd. Zweden besliste intussen zich eruit terug te trekken, terwijl de Malinese militaire machthebbers zopas honderd Deense militairen ongewenst verklaarden.

Russen

De Zweedse beslissing zou te maken hebben met de aanwezigheid van minstens 400 Russische militairen die het Malinese leger komen bijstaan. In hoever zijn daar ook manschappen bij van het Russische huurlingenleger Wagner? De Malinese leiders zeggen met Wagner geen enkel contract te hebben en zijn verder erg vaag over de Russen. Verscheidene hooggeplaatste Malinese militairen, onder wie president Goïta en minister van Defensie kolonel Sadio Camara hebben nauwe banden met Moskou waar sommigen hun opleiding kregen.

Die Russen lijken populairder te zijn dan de Fransen. Op de massabetoging van 14 januari voor steun aan de Malinese junta tegen de sancties van de Cedeao (gemeenschap van West-Afrikaanse landen), riepen de tienduizenden deelnemers niet alleen ‘Vive Assimi’ (de voornaam van president Goïta), maar ook “Leve Poetin”, “Leve de Russen” en “Weg met Frankrijk”. Dat gebeurde ook al, in bescheiden mate, in Burkina Faso.

Parijs had nochtans altijd gezegd dat de mogelijke komst van Russische militairen “een rode lijn die niet mocht overschreden worden”, was. De Russen zijn dus wel gekomen, maar wat kunnen de Fransen daar tegen ondernemen? Dreigen weg te gaan en het terrein volledig aan de Russen (en Turken?) overlaten? Wat de Franse legerleiding en diplomatie liefst zouden doen. Macron houdt de potjes Sahel echter liever nog enkele weken gedekt, het kan hem alleen maar schaden in zijn verkiezingscampagne.

Nu komt de coup in Burkina Faso daar echter weer de aandacht op vestigen. Parijs veroordeelt de coup in Ouagadougou, maar zal er ook niet teveel drukte rond maken. Want het is het zoveelste teken van machteloosheid. Sahel, het Afghanistan van de Fransen.

 

 

 

 

 

 

Deel dit artikel

Visited 286 Times, 1 Visit today

Tags :
Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook