Eleanor Marx: onvermoeibare verdedigster van de arbeidersklasse

Eleanor Marx. Een leven’. Dat is de titel van deze biografie van de hand van Rachel Holmes. Een leven! Inderdaad, en wat een leven en wat een vrouw! De auteur schrikt er niet voor terug Eleanor Marx een van de grootste helden uit de Britse geschiedenis te noemen. Haar leven symboliseert een van de meest betekenisvolle en interessante episodes in de ontwikkeling van de sociaaldemocratie in het victoriaanse Groot-Brittannië. Eleanor Marx was een rebelse schrijfster, een grensverleggende vrouw en revolutionair, een vrouw van woord én daad.

 Eleanor Marx werd op 16 januari 1855 in Londen geboren als dochter van Karl Marx en Jenny von Westphalen. Karl en Jenny kregen meerdere kinderen, maar de meeste overleden op jonge leeftijd. Alleen Eleanor en haar oudere zussen Jenny en Laura overleefden. Zoals haar zussen werd Eleanor niet gedoopt. Het gezin waarin Eleanor werd geboren was er een waar veel armoede heerste en waar voortdurend werd verhuisd van het ene land naar het andere wegens politieke verbanningen en van het ene huis naar het andere. Gelukkig was er Friedrich Engels, vriend en medestrijder van Karl Marx, om de familie Marx financieel bij te staan, terwijl af en toe een kleine erfenis voor enig soelaas zorgde. Het leven van Eleanor zou er net zo uitzien: veel geldzorgen en voortdurend verhuizen. Maar ondanks de armoede werd er ten huize Marx veel gelezen. Voor de jonge Eleanor waren dat om te beginnen de sprookjes van de gebroeders Grimm, terwijl de werken van William Shakespeare de huisbijbel werden genoemd.

Tot haar elfde ging Eleanor, Tussy voor de huisgenoten en vrienden, niet naar school. Ze kreeg thuisonderwijs van haar vader. Karl leerde zijn dochter waar ze de beste boeken kon vinden. Hij leerde haar vooral zelf te denken en zelf alles te begrijpen. Het kwam erop neer dat Tussy veel boeken las en er met een van de grootste geesten van haar tijd over discussieerde. Dankzij die intellectuele vorming ontwikkelde ze een vrijheid van mening die haar latere levenshouding zou bepalen. Als zesjarige schreef ze al brieven vooral in het Engels, maar al vlug leerde ze Duits en Frans. Ze wou ook wat Nederlands leren om te kunnen corresponderen met haar grootoom Lion Philips, wiens kleinzonen Gerard en Anton de gloeilampenfabriek Philips zouden oprichten. Karl Marx sprak Tussy ook over de Bijbel die hij voorstelde als een fantastisch verhaal naast andere prachtige klassieke teksten. Jezus, zo leerde Marx zijn dochter, was ‘een timmermanszoon die door de rijken werd vermoord’. Vanaf haar negende stortte Tussy zich op haar meest geliefde ‘nutteloze bezigheden’: schaken en turnen.

Amerika en Ierland

Maar als negenjarige had ze ook al belangstelling voor de internationale politiek. Ze leefde intens mee met de Amerikaanse burgeroorlog waarover Marx en Engels al hadden gepubliceerd. Tussy schreef brieven naar de Amerikaanse president Abraham Lincoln om hem allerlei adviezen te geven. Vader Marx zorgde ervoor dat de brieven nooit werden verstuurd. Tussy ergerde zich vooral aan de slavenhandel. Giuseppe Garibaldi, de leider van het Italiaanse Risorgimento die een bezoek aan Londen bracht, werd Tussy’s eerste revolutionaire idool. Iets later werd Tussy een voorvechtster van een onafhankelijke Ierse Republiek. Haar vader en Engels sympathiseerden met de ‘Irish Republican Brotherhood’, maar kantten zich tegen gewapend verzet. Tussy was het daarmee eens. Karl Marx kantte zich ook tegen gewelddadige acties om het socialisme te vestigen. Dat moest zijns inziens via parlementaire weg gebeuren. Ook daarmee zou de volwassen Tussy akkoord gaan. Omdat Engels een boek over Ierland wou schrijven, reisde Tussy als veertienjarige met Engels en diens partner naar Ierland. Tussy’s internationalisme kreeg ze dus van thuis uit mee. Later zou ze ook voor het socialisme als internationale en niet als louter nationale beweging pleiten, ook al omdat ze inzag dat het kapitalisme zich internationaal organiseerde.

Pas in 1866 begon Tussy als elfjarige regelmatig school te lopen. Maar drie jaar later trok ze naar Parijs om er haar pas bevallen zus Laura te bezoeken. Op de Parijse terrasjes leerde ze van een biertje te genieten en rolde ze haar eerste sigaretten. Eleanor (Tussy) werd dan ook alles behalve een saaie vrouw. Ze rookte en dronk, bij voorkeur champagne, droeg de allernieuwste lorgnetten, stortte zich op alles wat nieuw was, zoals de schrijfmachine, had een uitgesproken zin voor humor, terwijl zowel mannen als vrouwen rond haar fladderden. Haar vermogen met anderen mee te leven (empathie) nam met de jaren toe. Toen Friedrich Engels definitief afscheid nam van het bedrijf van zijn vader was het voor Tussy ook definitief gedaan met schoollopen. Engels, die ze als haar tweede vader beschouwde, zou voor haar verdere vorming instaan.

Alleen al van het lezen van het levensverhaal van Eleanor Marx raak je buiten adem. Wat een activiteiten! Hoe heeft ze dat allemaal kunnen doen? Waar haalde ze de tijd en de energie? Om te beginnen werd ze op vrij jonge leeftijd de secretaresse en onderzoekster van haar vader. Ze was een van de weinigen die de hanenpoten van Karl Marx kon ontcijferen. Ze werd dan ook de ideale kopiiste om het eerste deel van Marx’ meesterwerk Das Kapital over te schrijven. Later zou ze het in het Engels vertalen. Daarnaast zorgde ze voor haar bejaarde ouders, ze speelde babysit voor haar neefjes, ze deed onderzoek voor haar eerste partner Prosper Lissagray die met het geweer in de hand had deelgenomen aan de Parijs Commune van 1871. Tegelijk ontpopte Tussy zich tot een volbloed activiste in de socialistische partij en de vakbonden; ze werd een vurige feministe (samen met haar latere partner Edward Aveling schreef ze ‘De vrouwenkwestie vanuit socialistisch perspectief), terwijl ze uiterst actief werd in de theaterwereld. Ze schreef en speelde toneel. Ze maakte de eerste Engelse vertaling van Gustave Flauberts Madame Bovary. Ze was de allereerste biograaf van haar vader. Alle latere biografieën van Karl Marx zijn op haar werk gebaseerd.

Vakbond en partij

Tijdens de jaren 1870 ontstond in Groot-Brittannië een nieuw vakbondsmilitantisme. Hieruit zouden de eerste democratische politieke partijen ontstaan, met name de Independent Labour Party en de Scottish Labour Party. Eleanor Marx was een van de eerste en meest prominente leiders van het nieuwe syndicalisme. In 1880 besliste de rijke financier Henry Hyndman een nieuwe partij, de Democratic Federation, op te richten die de werkmensen moest vertegenwoordigen. Maar waar hij ervan uitging dat een burgerlijke elite hierbij het voortouw moest nemen, was Eleanor er op grond van het werk van haar vader van overtuigd dat de strijd moest worden gevoerd vanuit het gewone volk. Dat Hyndman dacht dat de democratie uitsluitend een kwestie was van stemrecht voor mannelijke arbeiders en daarbij de vrouwen vergat, was voor Eleanor helemaal onverteerbaar.

In 1884 kwam het tot een breuk binnen de herdoopte Social Democratic Federation (SDF) tussen enerzijds zij die voor een militant internationalisme opkwamen en gesteund werden door Engels en Leanor en anderzijds Hyndman en de zijnen die voor een nationaal-democratische lijn kozen. Hoewel de internationalisten het tijdens een stemming nipt haalden, beslisten ze toch uit de SDF te stappen en de Socialist League op te richten. Maar ook uit die Socialist League nam Eleanor ontslag omdat ze het pleit verloor tegen de anarchistische strekking die zich tegen Eleanors opvatting kantte om hun programma via de parlementaire weg te realiseren. Later zou ze zich even heftig verzetten tegen het revisionisme van de Duitse sociaaldemocratische partij SPD die het marxisme probeerde te ontdoen van zijn revolutionaire aspecten.

Feminisme en klasse

Eleanor Marx bracht het feminisme in het hart van de vakbeweging. Het feminisme was volgens haar iets anders dan pleiten voor stemrecht voor vrouwen uit de middenklasse. Voor haar moest alles worden gezien vanuit het standpunt van de werkende klasse en de klassenstrijd, dus vanuit de werkende vrouw. Zonder vrouwenemancipatie was er volgens Eleanor geen sociale vooruitgang mogelijk, dus ook niet voor de mannen. Vrouwen en mannen moeten zich samen tegen de kapitalistenklasse verzetten. Zelf stootte Eleanor-Tussy op het mannenbastion en nog wel binnen de vakbond. Zo mocht ze niet deelnemen aan het Trade Union Congress (TUC) van 1890, zogezegd omdat ze geen werkende vrouw was, terwijl ze zich dag en nacht te pletter werkte voor de vakbond. Zo hielp ze bij de dokwerkers van Oost-Londen vakbondscomités oprichten en voerde ze actie voor de achturige werkdag. In 1890 nam ze de leiding van de protesten van de gasarbeiders en hielp ze de National Union of Gas Workers and General Labourers uit de grond stampen. Ze werd secretaris van de door haar opgerichte vrouwenafdeling van deze vakbond. De bedoeling was om vrouwen samen met mannen te doen strijden voor hun rechten, zoals gelijk loon voor mannen en vrouwen.

Toen de arbeiders van het chemische complex Silvertown tegen de slechte arbeidsomstandigheden in staking gingen was Tussy dag en nacht aanwezig en gaf ze de ene toespraak na de andere. Ook bij Crosse & Blackwell in Londen slaagde ze erin vrouwen een vakbond te doen oprichten. Een staking tegen de slechte arbeidsvoorwaarden werd gewonnen. Ook in de snoepfabriek van Barratt in Tottenham hielp Tussy de vrouwen een staking te organiseren die gewonnen werd. Zelfs de mannelijke spoorwegarbeiders deden een beroep op Tussy. Toen de werkgeversorganisatie Engineering Employers’ Federation een lock-out afkondigde tegen alle werknemers die ijverden voor een achturige werkdag werd Tussy van vakbondszijde gevraagd een campagne voor internationale solidariteit op het getouw te zetten. Die bracht zo maar eventjes 29.000 pond op, zodat de arbeiders de lock-out konden overleven.

Vreemde relatie

De auteur gaat uitvoerig in op de relatie tussen Eleanor en Edward Aveling. Die relatie was voor de buitenwereld een raadsel. Zowel op politiek vlak als wat de toneelactiviteiten betrof trokken Eleanor en Edward aan een zeel. Voor het overige was Edward een totaal onbetrouwbare figuur. Het was hem uitsluitend om geld te doen. Het weinige geld waarover het koppel beschikte gaf hij uit aan etentjes met en geschenken voor talloze vriendinnetjes. Hij loog bovendien over zijn mislukt huwelijk met Isabel Campbell Frank en trouwde kort voor het overlijden van Eleanor in het geheim met ene Eva Frye. Al die maneuvers hadden maar een doel: geld schrapen. Hoe is het mogelijk dat de zo zelfstandige en geëmancipeerde Eleanor samenbleef met die man? Auteur Rachel Holmes geeft volgend antwoord: ‘Eleanor hield van Edward en Edward hield van zichzelf.’

Op een bepaald ogenblik werd het echter te veel. Eleanor voelde zich steeds eenzamer. Het vele werk begon te wegen. Vroeger had Eleanor er al enkele keren onderdoor gezeten en er zou in 1888 al eens een poging tot levensbeëindiging zijn geweest. Eind 1890, een maand voor haar vijfendertigste verjaardag, vroeg ze haar zus Laura ‘of dit leven de moeite waard is of eerder een volledig fiasco’. Na een ruzie met Edward, die nadien het pand verliet, vroeg Eleanor op 31 maart 1898 de dienstmeid bij de apotheker chloroform en een kleine hoeveelheid blauwzuur te gaan halen, zogezegd voor de hond. Dat werd Eleanor bezorgd. De dienstmeid keerde weer naar de apotheker om hem het gifboek terug te bezorgen, zoals dat toen de gewoonte was. Toen ze terug thuiskwam, vond ze Eleanor bewegingsloos in bed. Tussy’s uitvaart werd door een grote menigte bijgewoond. De eerste secretaris van de TUC, Will Thorne, zei dat Groot-Brittannië zijn meest vooraanstaande politiek econome had verloren. Uit tal van landen kwamen eerbetuigingen. Wereldwijd werden artikels over haar overlijden gepubliceerd.

In haar nawoord schrijft Rachel Holmes dat ‘we de vele vrijheden en voordelen van de moderne democratie in de 20ste eeuw en in het nieuwe millennium rechtstreeks te danken hebben aan het werk van Eleanor Marx en van vele andere vrouwen en mannen’. Ze voegt eraan toe: ‘En hoe we ze aan het verkwanselen zijn. Arbeidsrechten worden uitgehold, armen worden sociaal gestigmatiseerd, zieken worden met de vinger gewezen, immigranten gedemoniseerd, kinderarbeid wordt nog steeds getolereerd, het leefmilieu verloedert verder in naam van de meerwaarde en gezinnen worden meer en meer aangemaand om de vrouw weer aan de haard te kluisteren en baby’s te krijgen. Al deze elementen dragen bij aan het herscheppen van een economische onderklasse – en al deze dingen gebeuren vandaag, voor onze neus!’ Vandaar dat ‘ook vandaag moet worden nagedacht en gesleuteld aan een nieuw sociaal radicalisme’.

Eleanor Marx. Een leven – EPO – paperback 576 blz. – 29,90 euro
Rachel Holmes
EPO,Berchem
2021
paperback
576, € 29,90
(Visited 84 times, 3 visits today)
Deel dit artikel