Als de toestand er hopeloos uitziet, benoem een vrouw. Chili, Brazilië en Mexico dienden samen de kandidatuur van Michelle Bachelet in om de volgende secretaris-generaal van de Verenigde Naties te worden.
Het lijkt een grapje, maar het is doodernstig. Secretaris-Generaal Antonio Guterres – zijn mandaat eindigt op 31 december van dit jaar – trok aan de alarmbel. Als er niet snel geld in het laatje komt, zal de VN deze zomer zijn functies niet langer kunnen uitoefenen.
De begroting voor de verplichte bijdragen van Lidstaten bedraagt voor 2026 3,5 miljard US$ – nauwelijks genoeg voor zo’n goede 30 F-35 straaljagers!. Momenteel staan verschillende landen 1,87 miljard achter met hun betalingen. De Verenigde Staten betalen het meest – 22 % van de gewone begroting -, maar in totaal zijn ze de VN nog 4 miljard US$ verschuldigd. Ze verlieten de Wereldgezondheidsorganisatie zonder hun bijdrage af te betalen.
Er zijn dus geen grote en schokkende verklaringen nodig om de VN de das om te doen. Niet langer betalen en de organisatie ligt plat.
Er wordt makkelijk gezegd dat de VN een vrij machteloze organisatie is. Dat klopt als men beseft dat alle interstatelijke organisaties volledig afhangen van de politieke wil van hun Lidstaten. Als de Grote Vijf van de Veiligheidsraad, of één van hen, niet mee wil, ligt alles stil.
De Algemene Vergadering heeft de afgelopen decennia tal van echt interessante resoluties goedgekeurd, maar er gebeurt niets mee. Ze hebben een zuiver symbolische waarde maar geven wel de wil en de bedoelingen weer van wat terecht de ‘internationale gemeenschap’ wordt genoemd. Als een supergrote meerderheid van alle landen – min twee – oproept om het embargo tegen Cuba in te trekken, blijft het embargo toch bestaan.
Het is juist op die punten dat de VN wel aantoont hoe bijzonder belangrijk ze is. Het zijn twee principes die regelrecht tegenover elkaar staan: het recht van de sterkste versus samenwerking.
Na de Tweede Wereldoorlog kozen de overwinnaars resoluut voor samenwerking. Ze beseften dat grootschalige slachtpartijen moesten en konden vermeden worden. Er werden allerhande instellingen én regels bedacht om vreedzaam samen te leven in één wereld waarin alle landen én alle mensen gelijk waren met dezelfde rechten.
Die regels gingen van economie (Wereldbank en IMF) en handel (GATT en later WTO) naar mensenrechten (Hoge Raad voor de Mensenrechten) en gezondheid (WHO), landbouw (FAO), kinderen (Unicef), cultuur (Unesco) en nog veel meer.
Er werden regels bedacht voor de vreedzame oplossing van conflicten, via onderhandelingen en bemiddeling en mét een militair comité. Hoe delicaat alles was lag, werd hier meteen aangetoond. Het militair comité komt regelmatig bijeen maar doet niets. Het hele hoofdstuk 7 van het VN-Handvest werd nooit uitgevoerd zoals gepland.
Om te vermijden dat nationale belangen kunnen geschaad worden kregen de vijf overwinnaars van de Tweede Wereldoorlog een vetorecht. Meer en meer gingen ze het echter gebruiken om politieke en/of ideologische conflicten uit te vechten in plaats van op te lossen.
Om dat vetorecht te omzeilen werd in 1950 als een resolutie ’United for Peace’ bedacht (de zogenaamde ‘Acheson resolutie’) waarmee de Algemene Vergadering kon besluiten zelfs militair op te treden. Voor de oorlog in Gaza was ook die nutteloos. Het mocht niet.
Sinds eind de jaren ’90 van vorige eeuw werd hervormingsvoorstel op hervormingsvoorstel ingediend, allemaal mislukt. Men weet perfect wat er zou moeten of kunnen veranderen, maar er is geen politieke wil om het echt te doen. Of het gaat om de uitbreiding en hervorming van de Veiligheidsraad, de instelling van een parlementaire assemblee, meer democratie en transparantie, het oprichten van een volwaardige instelling voor het leefmilieu, alles botste op een of ander ‘njet’. De besprekingen over een ‘Tax body’ om mondiale belastingen mogelijk te maken kunnen nog jaren aanslepen, de besprekingen over het verantwoordelijk maken van transnationale bedrijven voor mensenrechtenschendingen strandt in Genève.
Millenniumdoelstellingen en Doelstellingen voor Duurzame Ontwikkeling, mooi en goedbedoeld, maar nu al weet men dat nagenoeg niets zal verwezenlijkt worden.
De VS maakten enkele weken geleden bekend dat ze zich terugtrekken uit 31 VN-organisaties. Dat betekent een zware klap, zeker financieel. De gewone VN-begroting voor 2026 werd al met 15 % verminderd, 2680 ambtenaren werden ontslagen, men is op zoek naar goedkopere steden dan New York en Genève om enkele instellingen onder te brengen. Het is dus blijkbaar nog niet genoeg. Een aantal landen zijn door té grote betalingsachterstand hun stemrecht al verloren: Afghanistan, Ecuador, Iran, Soedan, Venezuela.
Nu al worden verschillende VN-organisaties flink gespijsd door filantropische organisaties, denk vooral aan de Bill Gates Foundation die een flinke vinger in de pap heeft bij de Wereldgezondheidsorganisatie en bij de Landbouw- en Voedselorganisatie. Unicef bedelt constant om geld.
Het is in die context dat het VS-voorstel voor een ‘Board of Peace’ – aanvankelijk bedacht voor Gaza maar het land wordt niet eens vermeld in het voorgestelde Handvest – bijzonder kwalijk is. Voor VS-President Trump is dit duidelijk iets wat de VN zou kunnen vervangen, maar het is enkel en alleen gebaseerd op een ‘recht van de sterkste’. Een blijvend voorzitterschap voor de VS. Lidmaatschap op uitnodiging. Wie de huidige lijst van ja zeggende landen bekijkt ziet meteen hoe ver het democratisch gehalte van zo’n instelling reikt.
Het is de perfecte voorafbeelding van de wereld die ons te wachten staat als de Trumps van deze wereld hun gang mogen gaan: wég met de gedachte van één vreedzame wereld waarin over conflicten kan gepraat worden, wég met het idee dat alle mensen gelijk zijn met dezelfde rechten, wég met inspraak en participatie voor alle landen. Wég met soevereiniteit. Wég ook met de rechtstaat en de scheiding der machten.
Er werd de jongste jaren veel gepraat om de niet-gebonden landen en de ‘spirit of Bandung’ nieuw leven in te blazen. Er is een groter wordende groep van BRICS-landen actief die het Dollarmonopolie van de VS willen doorbreken. Er zijn regionale organisaties die de VN-idealen trachten hoog te houden.
Maar een echte oppositie tegen de rechtse krachten en de machtsovername door de “might makes right” krachten is er nog niet, noch op het niveau van de Lidstaten, noch bij de “civil society” die al die jaren veel te meegaand is gebleven.
Er is werk aan de winkel. De Doomsday-clock tikt verder. Dit is geen conflict meer tussen een koloniaal Noorden en een subaltern Zuiden maar tussen progressieve humanisten en machtige conservatieve trollen.

