Een wereld met plaats voor alle werelden…

Op kerstmis 2023 zijn vanuit Mexico City de eerste bussen vertrokken naar Ocosingo in Chiapas. In de caracol ‘Verzet en Rebellie: een nieuwe horizon’ zal daar vanaf 30 december tot 2 januari de dertigste verjaardag worden gevierd van de ‘Zapatisten’. Het was, 1 januari 1994, het begin van een ‘oorlog tegen het vergeten’. Er zijn culturele activiteiten gepland, theater, dans, muziek, film. Er werd van tevoren gewaarschuwd: wij kunnen geen alcohol of drugs accepteren, zomin als grappen of handelingen over sexisme, racisme, religie, nationalisme, ideologie. Om middernacht, op 31 december, wordt een centrale boodschap verwacht. U bent vriendelijk uitgenodigd, maar eigenlijk, kom toch maar niet want veiligheid kunnen we niet bieden.

Kortom, alles is netjes voorbereid en omkaderd. Het wordt geen wild feest, maar enkele dagen van wellicht meer bezinning en reflectie.

Er is veel gebeurd in die dertig jaren. Wie zijn die Zapatisten? Wat willen ze? En  hoe willen ze dat bereiken?

Woorden in plaats van kogels

Eén januari 1994, de datum waarop het vrijhandelsakkoord tussen Mexico, de VSA en Canada van kracht werd en het land definitief de moderniteit en de mondialisering zou instappen, werd iets heel anders. Een gewapende rebellie in Chiapas, de armste deelstaat van Mexico, van het Zapatistisch Leger voor nationale bevrijding (EZLN). Zapata was de nationale held die tijdens de Mexicaanse revolutie van begin de twintigste eeuw opkwam voor de landloze boeren. Zoals hij tot vandaag blijft voortleven in het hart van heel veel arme mensen, kwam hij eventjes weer tot leven in San Cristobal de las Casas.

Het EZLN en later het Front (in plaats van leger) was de eerste postmoderne guerrilla. De paniek in de Mexicaanse regering en maatschappij ging snel liggen toen men begreep dat het de groep meer om een politieke dan om een gewapende strijd te doen was. De Zapatisten hadden moderne wapens, maar niet zo erg veel en vooral geen munitie. Hun revolutie was er een van woorden. Vandaar dat de wereld snel werd veroverd, want ‘Subcomandante Marcos’ sprak een geheel nieuwe taal, met veel metaforen en veel poëzie. De activisten en intellectuelen stroomden toe, er werden douches en WC’s in de jungle geïnstalleerd voor al dat beschaafd volk, en met de regelmaat van een klok werden communiqués uitgegeven over de nieuwe wereld en de nieuwe politiek die de Zapatisten nastreefden. Wij bouwen aan een ‘wereld waarin plaats is voor alle andere werelden’, we gaan vooruit door te gehoorzamen’, de ‘waardige woede’…  Zapatisten dragen een bivakmuts, want ze zijn een collectief, iedereen kan Marcos of Moisés of Galeano zijn. Er werden ‘caracoles’ geïnstalleerd, plekken voor dialoog, er kwam een ‘intergalactische’ ontmoeting en een ‘intercontinentale ontmoeting voor de Mensheid’,  met de crème van de linkse intellectuelen van over de hele wereld (meer dan drieduizend, vanuit 42 landen). Dit is een revolutie op onze pantoffels, aldus de Subcomandante, niet met legerlaarzen.

Het was inderdaad allemaal nieuw, zeker voor de Mexicaanse regering. Die wist al lang van de rebellengroep die zich tien jaar eerder in de jungle van het Zuid-Westen van Mexico geïnstalleerd had, maar wist niet hoe die, door te luisteren naar de inheemse boeren, langzaam van een orthodox marxistisch-leninistische voorhoede was overgestapt naar een nieuwe ideologie. Die stelde dat men geenszins de macht wilde nemen maar op zoek was naar een andere manier om aan politiek te doen, een andere manier om om te gaan met macht. Theoretisch werden hun ideeën vertaald door John Holloway in ‘de wereld veranderen zonder aan de macht te komen’.

De eerste officiële reacties waren militair, gewoontegetrouw dacht men in Mexico City dat alleen repressie en uitroeiing een oplossing kon zijn. Maar toen bleek dat er vooral politieke eisen werden gesteld die Presidenten, ministers en generaals in eerste instantie niet zo goed begrepen, ging men beseffen dat er moest onderhandeld worden.

Het was de Zapatisten vooral te doen om respect en waardigheid, om volwaardig lid te worden van de Mexicaanse samenleving, om burgerschap, om rechten. De voornamelijk inheemse bevolking van Chiapas was inderdaad al vijf eeuwen lang onderdrukt en sterk verarmd. Openbare en sociale diensten zijn er niet voor hen.

Na dertig jaar

Wat werd er in die dertig jaar bereikt? Wat is de horizon van de Zapatisten? We moeten duidelijk wachten tot 1 januari om het uit hun mond te horen. Een paar eerste besluiten kunnen wel al getrokken worden.

Er werd met de regering onderhandeld en in 1996 kwamen de akkoorden van San Andrès uit de bus. Ze werden echter nooit toegepast, President Zedillo stuurde ze zelfs nooit naar het Parlement. President Fox vaardigde wel een nieuwe, erg paternalistische wet uit. Pas onlangs werd in een Commissie van het Parlement een tekst goedgekeurd die van inheemsen en afromexicanen ‘subjecten van openbaar recht’ maakt en dat in de grondwet wil laten inschrijven. In 1996 werd een Nationale Inheemse Raad in het leven geroepen.

In 1994 werden zo’n 42 duizend ha grond bezet, gerecupereerd, volgens het EZLN, van zo’n vierhonderd eigenaars. Dit is ons grondgebied, zo wordt gezegd, dat wordt collectief gebruikt, het is geen grond ‘van’ de Zapatisten, maar van iedereen. Daarom willen we geen bedrijven en vooral geen megaprojecten. Onlangs besliste een rechter dat de regering de vorige eigenaars moet vergoeden.

Er werden geregeld ‘Declaraciones de la Selva Lacandona’ uitgegeven, en in 2006 werd ‘La otra campaña’ georganiseerd om een politieke dialoog te voeren met andere inheemse groepen in Mexico.

In 2012 stapten veertig duizend Zapatisten in stilte door de straten van Mexico City.

Twee jaar geleden kwam een delegatie van Zapatisten naar Europa voor een ‘Zapatour’, een ‘reis voor het leven’, alweer prachtig ingekleed in symbolische handelingen en woorden. Het resultaat ervan is minder duidelijk, ze kwamen om te luisteren en te leren, zo werd gezegd, maar enig concreet resultaat werd alvast niet bekend gemaakt. Het werd voorgesteld als een omgekeerde, vreedzame, invasie.

Naar aanleiding van de dertigste verjaardag worden nieuwe structuren voor de beweging ingesteld. Subcomandante Galeano, geboren in mei 2014, is in een niesbui gestorven, vandaag krijgen we weer te maken met Marcos, nu als ‘rebellenkapitein’.

De ‘rebellerende autonome gemeenten’ verdwijnen, net als de ‘Raden voor Goed Bestuur’. Opdat het volk zou kunnen overleven, zo wordt gezegd, zelfs zonder permanent contact tussen lokale gemeenschappen. Die ‘autonome lokale gemeenschappen’ worden nu de kern van de beweging, met een volksassemblee. Ze zullen instaan voor het dagelijks beheer, voor de scholen en ziekenhuizen. Het zullen er honderden zijn, één voor elke gemeenschap. Ze zullen zich wel verenigen in Autonome Zapatistische Collectieven, met een assemblee van collectieven. De twaalf ‘caracoles’ blijven bestaan.

Feit is dat bijzonder weinig problemen zijn opgelost voor de lokale bevolking. De Zapatisten hebben een vrij streng disciplinerend regime ingevoerd, alcohol en drugs zijn verboden, en er wordt gewerkt als collectief. Maar economische projecten zijn er nauwelijks en de bevolking blijft daarom leven in grote armoede. Er is inderdaad autonomie, er is zelfbestuur, maar veel jongeren trekken weg op zoek naar betere levensomstandigheden. De steun van westerse ngo’s is grotendeels opgedroogd, veel hulp wordt trouwens geweigerd. ‘No queremos limosnas, sino la oportunidad de construirnos’

Lokale gemeenschappen worden permanent bedreigd, door militairen, paramilitairen en gewapende criminelen. Het is chaos, aldus de Zapatisten, niet door de georganiseerde maar door de gedesorganiseerde criminaliteit. Er is bijzonder veel geweld in de regio, gevoed door een alomtegenwoordige corruptie.

En de toekomst?

De Zapatisten hebben zonder enige twijfel een prachtig theoretisch alternatief voor zichzelf uitgebouwd. Uitpers schreef echter vorig jaar al over hoe moeilijk ze het hebben en hoe ze vooral op zichzelf zijn aangewezen, zonder erg veel naar buiten te kijken. Dat is erg gevaarlijk om het alternatief in leven te kunnen houden.

Het staat inmiddels vast dat hun oplossingen geen veralgemeenbaar alternatief vormen. In een strijd tegen het neoliberalisme en vandaag tegen uiterst rechts en tegen gewapende conflicten is meer nodig dan ‘autonomie’ en zelfbestuur. De linkerzijde, ook in Europa, heeft zich wat verkeken op inheemsen die het anders gingen doen, die geen macht wilden maar enkel voor zichzelf wilden zorgen. Ze zijn goed georganiseerd, maar verloren de strijd tegen de Staat en tegen de macht.

De Zapatisten hebben ontzettend veel hoop gecreëerd, wereldwijd. Ze draaiden alle perspectieven om en leerden de linkerzijde anders naar de wereld kijken om te komen tot een anti-kapitalistisch anti-systeem. Ze wilden een nieuwe wereld bouwen, vanuit de basis. Ze namen afstand van wapens, maar de Staat deed dat niet. ‘We zijn zaaigoed’, aldus de nieuwe leiding vandaag. Wij willen niemand opsolferen met onze ellende, onze wrok, onze pijn, onze fobie… wij leggen geen kosmovisie of catechismus op, de volgende generaties zullen zelf moeten beslissen hoe ze willen leven.’ Het lijkt er op dat de Zapatisten ook zelf twijfelen aan het systeem dat ze hebben ingevoerd en alle mogelijkheden voor de toekomst willen open houden.

In een theaterstuk dat tijdens het feest dit week-end wordt gespeeld worden 28 vragen gesteld: Is woede dan de brug tussen pijn en rebellie? Waar komt onze woede vandaan? Wordt ze geërfd? Wordt ze verworven? Wordt ze aangeleerd? Kan ze veranderen? Wanneer is woede ook waardig? Leidt woede tot rechtvaardigheid? Wanneer worden angst, wanhoop en machteloosheid omgezet in woede? Wat indien zij die zoeken naar troost ook op zoek zijn naar onze woede? Heeft elke woede eenzelfde oorsprong? Voeden wij, zij, de volken zich aan dezelfde bron? Zullen we elkaar ontmoeten? Elkaar omhelzen? En stel dat dat wat ons verbindt, ondanks alle verschillen, éénzelfde woede is?

De Zapatisten zoeken respect en waardigheid en hebben die in hun strijd voor autonomie wel verworven. De strijd is nodig en respect voor hun strijd is nodig. De strijd is echter nog niet gestreden, want buiten hun gemeenschappen blijft een kapitalistisch systeem stelen, bedriegen en onderdrukken. De les van de Zapatisten is een les voor en van nagenoeg alle sociale bewegingen vandaag die machteloos en doelloos toekijken hoe de wereld, de volken, fauna en flora worden vertrappeld. Ondanks het lichtje in de donkere nacht van 1994 is er weinig of niets veranderd. Er is méér geweld, méér oorlog, méér honger dan ooit. Op de agenda van het komend Wereld Sociaal Forum staat o.m. de ‘dekolonisering van menstruatie’. Een voorstel voor een algemeen thema als ‘Vrede en Rechtvaardigheid’ werd verworpen. Tja.

 

Print Friendly, PDF & Email
Visited 113 times, 1 visit(s) today
Over Francine Mestrum

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ voor een transformatieve en universele sociale bescherming. Francine schrijft geregeld voor Wall Street International Magazine, Other News, Alainet, Social Europe en Uitpers

Zie ook

×