Een vat olie is een geseling waard

De verontwaardiging over het gebruik van foltermethodes op Iraakse gevangenen is misschien nog niet geluwd, maar wordt intussen verdrongen door de manoeuvres om in Irak minstens een schijn van herstel van soevereiniteit te creëren. Washington hoopt dat de publieke opinie, zeker de Amerikaanse, alleen onthoudt dat er enkele – weliswaar gruwelijke- neveneffecten waren van een operatie die toch tot doel had Irak de democratie te brengen. Maar het gebruik van die foltermethodes is allesbehalve een accidenteel neveneffect.

De folteringen in Abu Ghraib zijn géén uitzonderlijke feiten, ze zijn verankerd in een systeem. Dat is zeker niet eigen aan alleen maar de Amerikaanse strijdkrachten en speciale diensten, maar de foltermethodes behoren wel tot het gewone arsenaal dat die Amerikaanse militaire en andere diensten gebruiken of elders stimuleren. Ook verscheidene Republikeinse senatoren vermoeden dat in het geval van Irak vooral de militaire inlichtingendienst – die vrij spel kreeg in Abu Ghraib – het folteren van gevangenen beschouwt als een geoorloofde methode in de strijd tegen om het even welke vijand.

Zo kwam aan het licht dat diezelfde methodes ook al meer dan twee jaar worden gebruikt bij "ondervragingen" in Afghanistan. Rapporten van het Internationaal Comité van het Rode Kruis – dat gewoonlijk zo voorzichtig is in zijn verklaringen – en verslagen van Amnesty International en Human Rights Watch geven ook aan dat het martelen van gevangenen in Afghanistan en Irak niet zo uitzonderlijk is. Generaal Antonio Taguba bevestigde bovendien op een vraag van de Republikeinse senator John McCain dat gevangenen die hardhandig waren ondervraagd (wat een eufemisme) bij bezoeken van het Rode Kruis weggestopt waren.

De folteraars, het voetvolk, hadden blijkbaar nog nooit gehoord van de Conventies van Genève inzake rechten van krijgsgevangenen. Niet zo verwonderlijk als men ziet hoe dat voetvolk in het kader van de privatiseringen meer en meer bestaat uit huurlingen. Minister van Defensie Donald Rumsfeld gaf het voor een Congrescommissie in bijna zoveel woorden toe. Deze diepgelovige door de gebeurtenissen zwaar getroffen man (het imago dat hij zich trachtte aan te meten), gaf toe dat er in Abu Ghraib 37 "werknemers" zijn van twee privé-bedrijven gespecialiseerd in "ondervraging".

Romano Prodi, de voorzitter van de EU-Commissie, durfde het aan de term "oorlogsmisdaden" uit te spreken. Het is de enige term die bij de foltermethodes past, maar die slechts zelden wordt gebruikt. Op zaterdag 15 mei was er op de VRT-radio zelfs een staaltje van apart woordgebruik te horen. De correspondente had het inzake Irak over "dwangmethoden" en "omstreden ondervragingstechnieken".

Schade beperken

President Bush – volgens de Amerikaanse grondwet, artikel II sectie 2, bevelhebber van de strijdkrachten – bood excuses aan en sprak zijn medeleven uit met de slachtoffers van de folteringen. Het was niet meer dan een operatie "beperking van de schade". Hij maakte van de gelegenheid zelfs gebruik om het Amerikaans model van een open democratie te loven. Openheid? Die is er inderdaad geweest van de kant van enkele Amerikaanse soldaten die de beelden over de folteringen met de hulp van enkele media in de openheid konden brengen.

Maar is dat een reden om "de media" van de VS in hun geheel lof toe te zwaaien? Het zijn diezelfde media die Bush tot vandaag geholpen hebben om de meerderheid van de Amerikanen ervan te overtuigen dat Saddam Hoessein en Osama Bin Laden twee handen op één buik waren, daar waar de Osama’s en andere terroristen precies creaturen zijn van de Amerikaanse geheime diensten en hun Saoedische en Pakistaanse bondgenoten, producten van een anticommunisme dat geen enkel bondgenootschap schuwde, ook niet met de meest fundamentalistische gewapende groepen.

Excuses, maar zonder enige zelfkritiek. Dat kan ook moeilijk, want de oorlog in Irak wordt gevoerd in naam van de strijd van Goed tegen Kwaad (herinner: de As van het Kwaad). Bush heeft al herhaaldelijk verklaard dat God zelf hem als president van de VS wou. "Maar God heeft de middelen niet om woordelijk op de absurditeiten van Bush te antwoorden", aldus de Mexicaanse auteur Carlos Fuentes die het door Washington (en Londen) gehuldigde principe van de preventieve oorlog op zichzelf al – terecht – barbaars noemt.

In de strijd tegen het Kwaad is alles toegelaten, ook het feit dat rond 700 personen in Guantanamo in een feitelijk concentratiekamp zijn opgesloten, buiten het bereik van internationale of Amerikaanse rechtbanken. Het Rode Kruis, dat anders zo voorzichtig is, heeft in een uitzonderlijk gebaar de Amerikaanse autoriteiten daarvoor aangeklaagd. Guantanamo is een restant van het traditionele kolonialisme, een stukje bezet Cuba. Toch zijn het de VS die in de VN-commissie over de mensenrechten zo sterk aandrongen op de veroordeling van Cuba voor … schendingen van de mensenrechten.

Traditie

Het is niet alleen op Cuba dat de Amerikanen mensen in geheime centra opsluiten. Human Rights Watch heeft sterke bewijzen aan gevoerd dat dit op grote schaal gebeurt in Afghanistan en dat daar methodes worden toegepast – zoals het besproeien van gevangenen met koud water die nadien aan vriestemperaturen worden blootgesteld – die de nazi’s in Mauthausen toepasten op hoge Sovjetofficieren. Amerikaanse artsen onderzochten drie gevallen van gevangenen die in Afghanistan waren omgekomen en hadden het in twee van die gevallen over ‘moord’. Zogenaamde Amerikaanse anti-terreureenheden houden vermoedelijk ook in Pakistan en op de Filipijnen mensen in geheime centra vast.

Op de Filipijnen kon dictator Ferdinand Marcos jarenlang – hij werd in 1986 verdreven – rekenen op de grootste Amerikaanse discretie tegenover zijn moordcampagnes en foltermethodes. Meer dan discretie, de militairen en extreemrechtse doodseskaders kregen opleidingen van Amerikaanse experts. De militaire dictaturen van Latijns-Amerika uit de jaren 1970 en 1980 konden uit naam van het anticommunisme ook hun gang gaan. Meer zelfs, de toenmalige Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Alexander Haig zei destijds dat de Argentijnse junta en de VS "dezelfde waarden" deelden. De toekomstige superambassadeur in Irak, Negroponte, heeft heel wat ervaring, hij was de toparchitect van de door drugs gefinancierde oorlog van de Contra’s tegen de Sandinisten in Nicaragua. Hij was ook de man die het Congres voorloog over de doodseskaders van zijn Hondurese medewerkers.

Sprekende over de recente aan het licht gebrachte foltermethodes, zegt filosoof Michael Walzer, van het Institute for Advanced Study van Princeton in ‘Global Viewpoint’, dat "dit ons niet moet verwonderen. We zouden moeten beschaamd zijn dat we daar nog van opschrikken, want het toont aan dat we verdrongen hebben wat we in feite allemaal weten – namelijk hoezeer onze regering autoritair is geworden". Hij verwijt de huidige regering geen enkel moreel besef te hebben en wijst ernaar dat veel folteraars die in Irak optreden, al veel ervaring hadden opgedaan bij het behandelen van gevangenen in Amerikaanse gevangenissen.

Walzer plaatst dat in het kader van het algemeen beleid van de regering Bush en onderstreept daarbij twee zeer belangrijke facetten.

Ten eerste: de privatiseringswoede. De privatisering gaat verder dan ooit, zegt hij. De privatisering van de gevangenissen begon al onder Reagan, maar nu worden ook militaire gevangenissen, militaire bezetting en de oorlog zelf deels geprivatiseerd. Het heeft volgens hem ook te maken met een poging om de kosten van de oorlog weg te moffelen. Maar het heeft ook tot gevolg dat sommige folteraars niet voor de militaire rechtbanken verschijnen. Het is een facet dat ook bij ons, in België, opduikt met het toenemend aantal privé-diensten dat wordt ingeschakeld voor ordehandhaving.

Ten tweede, aldus Walzer: het grondig misprijzen van de regering Bush voor niet alleen internationaal recht en internationale afspraken, maar voor de mensenrechten op zich. Bush en compagnie hebben geen problemen met de schendingen van die rechten, wel met foto’s over die schendingen in zoverre ze Washington kunnen schaden.

Bush in goed gezelschap

De Amerikanen zijn natuurlijk niet de enigen die foltermethodes gebruiken, het volstaat het jongste jaarrapport van Amnesty International en de talrijke landenrapporten van Human Rights Watch er op na te slaan. Dezelfde methodes die de Amerikanen in Irak en elders gebruiken, werden de jongste jaren in Spanje gebruikt tegen gevangenen verdacht van Eta-activiteiten. De rapporten over folteringen in Israël op Palestijnse gevangenen volgen elkaar op, zonder dat de "internationale gemeenschap" reageert. De verontwaardiging van enkele Arabische regimes over de folteringen in Irak zouden ook geloofwaardiger zijn indien ze die methodes zelf niet zouden toepassen of zouden toegeven dat ze het alleszins jarenlang wel deden – van Marokko tot Saoedi-Arabië.

Maar het zijn de VS niet die daar misbaar over maken. Integendeel, de Amerikaanse delegatie heeft op de VN-commissie voor de mensenrechten (wel tevergeefs) hemel en aarde bewogen om te voorkomen dat Nepal zou worden gedwongen een onderzoek toe te staan naar de systematische schendingen van de mensenrechten in dat land. Waarbij we er even willen aan herinneren dat België niettemin wapens levert aan dat regime.

Poetin

Wie vooral in hetzelfde schuitje zit als Bush is de Russische president Vladimir Poetin. Moskou voert in Tsjetsjenië nog altijd even onverdroten een terreurbewind, waarbij het gebruik maakt van criminele milities als die van Ramzan Kadyrov, de zoon van de in mei omgekomen Tsjetsjeense marionettenpresident Achmad Kadyrov. Die terreur bestaat er bij voorbeeld uit dat Russische soldaten ’s nachts een dorp binnenvallen en acht jongemannen oppakken – van wie men twee weken later de lijken aan de ingang van het dorp terugvindt (gebeurd eind maart in Doeba-Joert).

Al die operaties gebeuren in naam van de strijd tegen het terrorisme waarin dus alles is toegelaten. De Russische militairen krijgen voortdurend signalen dat ze hun gang kunnen gaan. Kapitein Edward Ulman, beschuldigd van het koelbloedig neerschieten van zes burgers, is vorige maand door een jury in Rostov vrijgesproken. Enkele dagen eerder bombardeerde een Russisch toestel een geïsoleerde woning waarbij een vrouw en haar vijf kinderen omkwamen. De Russische autoriteiten zegden nadien dat er kort daarvoor opstandelingen in de buurt waren gesignaleerd. Het doet denken aan door de Amerikanen gebombardeerde trouwfeesten in Afghanistan en Irak.

"Wegjagen"

George W. Bush moet weg, zegt de anders zo bedaarde Jean-Marie Colombani in een speciale commentaarbijdrage in Le Monde (15 mei 2004, www.lemonde.fr). Dit is geen extremist maar iemand die zijn woorden wikt. Bush leidt in Irak een morele, politieke en strategische nederlaag en hij verdient dat, vindt Colombani volgens wie Bush’ beleid volledig gebaseerd is op staatsleugens. Zijn conclusie: "Als we vinden dat de vrije volkeren niets te maken hebben met de belangen van de firma’s Halliburton en Bechtel die de Iraakse economie controleren, is er dan een andere weg dan te wensen dat de Amerikaanse kiezers George Bush Junior wegsturen naar zijn gebeden en naar een gewetensonderzoek? Laten we dus wensen dat George Bush verliest en John Kerry wint".

Alleen met dat laatste is er een probleem. Want Kerry blinkt allesbehalve uit door duidelijke standpunten.

(Uitpers, nr. 54, 5de jg., juni 2004)

Visited 9 Times, 1 Visit today

Tags :