Een nieuwe golf van antisemitisme?

Wie afgaat op de berichten van de Israëlische media of de verklaringen van de Israëlische regering en bevriende kringen in Europa, zou waarempel gaan denken dat Europa door een nieuwe golf van antisemitisme wordt geteisterd. Vooral in Frankrijk en België steekt het infame monster de kop weer op. Het spook van de jaren dertig – de niets ontziende jodenhaat – is er weer.

Sinds het begin van de tweede Palestijnse Intifada en de genadeloze Israëlische repressie tegen de Palestijnse bevolking – die inmiddels de vorm van een open oorlog met zwaar militair materieel heeft aangenomen – gonst het in de Israëlische media weer van berichten over toenemend antisemitisme in Europa. In Frankrijk waren er een aantal ernstige incidenten – er werden brandbommen gegooid naar synagogen, rabbijnen werden aangevallen. Intellectuelen als Pierre-André Taguieff grepen deze feiten aan om zich op te werpen als de theoretici van de "nieuwe judeofobie". In Parijse intellectuele middens zit men zelden verlegen om een pompeuze term. Niet elke Franse jood is het eens met deze hysterie. Théo Klein, die in Frankrijk jarenlang voorzitter was van de joodse overkoepelende organisatie CRIF (Conseil représentatif des institutions juives de France) waarschuwde al herhaaldelijk voor lieden, die willen doen uitschijnen dat Frankrijk weer resoluut de antisemitische toer opgaat en doen alsof de anti-joodse hetze uit de tijd van de Dreyfusaffaire (eind de jaren negentig van de negentiende eeuw) of van de nazi-bezetting en het Vichy-regime (in de jaren veertig van vorige eeuw) weer in alle hevigheid is losgebarsten. "Wij worden geconfronteerd met een algemeen probleem van geweld in onze voorsteden," verklaarde Klein tegenover de Parijse krant Libération (5 februari 2002). "Zij die rabbijnen aanvallen, zijn dezelfden als diegenen die brandweerlui, politieagenten of leerkrachten aanvallen. Bij jonge Maghrebijnen ontaardt een en ander soms in fysiek geweld. Deze jongeren hebben geen ander middel om zich te uiten. Een synagoge in brand steken is uiteraard nog iets anders dan een auto in de fik zetten. Maar dat verandert in wezen niets aan de aard van de gewelddaad, zeker niet vanuit het oogpunt van de dader. Ik zie hier in ieder geval geen intrinsieke afkeer van de joden in." Volgens Klein "is de gettoreflex bij ons nog lang niet dood. Wij mogen in geen geval een nieuw getto bouwen. De haat uit het verleden of het heden – reëel of gefantaseerd – kan onmogelijk het enige cement van de joodse identiteit zijn. Ik ben geen jood in Frankrijk omdat mijn familieleden naar Auschwitz werden gedeporteerd en evenmin omdat de staat Israël bestaat."

"Antisemitisch België"

Ook België wordt in de Israëlische media – en in pro-Israëlische kringen in Europa – afgeschilderd als een "antisemitisch land". Op 5 december 2001 werd Albert Guigui, de opperrabbijn in Brussel, het slachtoffer van agressie. In een Brussels metrostation werd hij geslagen en in het gelaat gespuwd door een groepje "jongeren van Noord-Afrikaanse origine". Dit incident zorgde voor heel wat terechte verontwaardiging. Maar ook Albert Guigui verzette zich tegen de beweringen, die in zijn eigen joodse milieu hardnekkig de ronde deden, dat het hier om een manifeste illustratie ging van het toenemende antisemitisme. Rabbijn Guigui benadrukte dat hij het slachtoffer geworden was van een stel boefjes en "punks".

Enkele weken later barstte er een heuse mediarel uit. In De Standaard van 26 januari 2002 publiceerde Mia Doornaert – een van de coryfeeën van deze conservatieve, katholieke krant – een paginagroot opiniestuk, waarin ze waarschuwde voor het nieuwe opkomende antisemitisme, deze keer van ‘gauchistische’ signatuur. Auteur Lucas Catherine kreeg de volle laag. Volgens Doornaert is hij een van de nieuwe antisemieten in Vlaanderen. Aanleiding voor de frontale aanval op Catherine was het voornemen van het Belgische staatssecretariaat voor Ontwikkelingssamenwerking, dat geleid wordt door de groene minister Eddy Boutmans, om een brochure heruit te geven over het Palestijns-Israëlische conflict, ten behoeve van de leerkrachten in het Vlaamse onderwijs. De brochure verscheen in 1998, was een initiatief van de Vereniging van Vlaamse Leerkrachten en had als doel om leraars een aantal werkmiddelen aan de hand te doen om de doorgaans pro-Israëlische visie op het Midden-Oostenconflict, die steevast in de handboeken van het Vlaamse onderwijs opduikt, bij te sturen. De tekst van deze brochure was geschreven door Ludo Abicht en Lucas Catherine. Voor de publicatie was de tekst van beide auteurs grondig gescreend door een comité van academici en wetenschappers.

Een toevallige "campagne"…

In De Standaard pakte Mia Doornaert auteur Lucas Catherine zwaar aan, beschuldigde hem zonder omwegen van antisemitisme, maar verzuimde ook maar één letter of komma uit de gewraakte brochure te citeren.

Voor Lucas Catherine is de hele hetze niet echt een toeval. "Mij valt vooral op dat dit soort ‘incidenten’ vanuit Israël zelf wordt gestuurd," zegt hij. "Ik lees iedere dag twee Israëlische kranten, Haaretz en de Jerusalem Post. Begin februari stond er in een bijlage van Haaretz een artikel van zes pagina’s over België. Het begon met : "De Belgische joden voelen hun leven bedreigd". Haaretz wist voorts te melden dat er weliswaar geen objectief gevaar bestaat voor de Belgische joden, omdat de Belgische overheid voorlopig nog geen plannen heeft om de joden systematisch te schaden. Op zo’n manier schrijft een ernstige krant natuurlijk niet over een land als België. En het heeft alles te maken met wat er vandaag in de bezette Palestijnse gebieden gebeurt. In ons land, zoals in de rest van Europa, zeggen steeds meer mensen, die gewoon naar de televisie kijken: "wat Israël vandaag doet kan niet". Deze mensen zijn natuurlijk tegen de terreuraanslagen van de Palestijnen – niemand kan die verdedigen – maar ze kanten zich eveneens tegen de politiek van Israël. Ze begrijpen niet waarom het Israëlische leger Palestijnse huizen platgooit en honderden Palestijnse gezinnen dakloos maakt. Israël krijgt dus duidelijk de wind tegen".

Israëlische ‘Task Force’

Voor Lucas Catherine is het ook geen toeval dat België en Frankrijk plots in het Israëlische vizier komen. "Voor België heeft dit op de eerste plaats te maken met het proces Sharon, dat in juni vorig jaar werd aangekondigd. Het reeds geciteerde artikel van Haaretz meldde dat er een speciale ‘Task Force’ is opgericht, die geleid wordt door Rafi Yerushalmi, een reserveofficier van het Israëlische leger, die vroeger aan de Israëlische ambassade in Brussel verbonden was. Zijn ‘Task Force’ moet ervoor zorgen dat elke vorm van antisemitisme opgespoord en met alle mogelijke middelen bestreden wordt. Yerushalmi is ook de man die in België een klacht heeft ingediend tegen Yasser Arafat, als tegengewicht voor het proces tegen Sharon. Er wordt duidelijk een sfeer gecreëerd: al wie kritiek heeft op de staat Israël – en daarvoor bestaan zeer goede redenen – is per definitie een antisemiet. De redenering is simpel: Israël is de staat van het joodse volk, wie tegen Israël is, is tegen het joodse volk en wie tegen het joodse volk is, is een antisemiet. Dat is niet nieuw. Vroeger werd dit zowat overal in de wereld gepikt, maar vandaag niet meer. Ik heb net een aantal archiefbeelden bekeken uit 1967. Net na de juni-oorlog was er in Brussel een massale betoging voor steun aan Israël. Meer dan 20.000 mensen in de centrale lanen van Brussel, alle tenoren van de grote politieke partijen waren aanwezig, toespraken van de christen-democratische voorman Gaston Eyskens en het liberale boegbeeld Omer Vanaudenhove, veel Belgische en Israëlische vlaggen en één herkenbare slogan : "A bas le nazisme" (Weg met het nazisme). De Arabieren – hun grondgebied was net bezet door de Israëlische troepen – werden vergeleken met de nazi’s. Ook dat is een oude tactiek: de Arabieren zijn tegen de staat Israël, dus zijn zij de nieuwe nazi’s. Vandaag zijn er in Europa steeds meer mensen die zich kritisch opstellen ten opzichte van Israël. Zij aanvaarden niet langer wat de Israëlische troepen uitrichten in de bezette Palestijnse gebieden en hoe ze de hele Palestijnse maatschappij aan het vernietigen zijn. En deze mensen worden in Israël nu ook bestempeld als antisemieten. De Israëlische leiders dachten dat ze de hele Europese publieke opinie nog steeds mee hebben. En dat is niet langer zo. Wij leven vandaag niet meer in 1967, maar in 2002. De twee Palestijnse Intifada’s hebben als resultaat gehad dat er veel meer kritiek is op de Israëlische politiek. Toen ik mij in 1969 begon te interesseren voor de Palestijnse kwestie, was al wie het Palestijnse standpunt bekend probeerde te maken bij onze publieke opinie automatisch een antisemiet en een terrorist. De Israëli’s proberen dit vandaag nog altijd vol te houden. Maar de tijden zijn veranderd. Opmerkelijk is daarbij dat vooral Frankrijk en België worden uitgekozen als landen waar het antisemitisme alarmerend zou toenemen. Duitsland en Nederland vallen hier niet onder, omdat dit toevallig de landen van de Europese Unie zijn, die het sterkst pro-Israël blijven. Ook Groot-Brittannië ontsnapt er voor een stuk aan – alhoewel daar een zeer grote moslimminderheid bestaat en er altijd wel een of andere geflipte imam zal opstaan, die zich aan antisemitische standpunten te buiten gaat. En dat lees je dan wel in de Israëlische pers".

Woede omwille van het proces Sharon

"Met de tweede Intifada en met de aanklacht tegen Sharon in België krijg je dan een echte campagne," stelt Lucas Catherine vast. "Bij ons is dat begonnen – nog voor het proces Sharon – met een campagne tegen het Franstalige tijdschrift Contre-Pied. Nadat de redactie een speciaal nummer had gewijd aan de actie "Een Vliegtuig voor Gaza", werden de subsidies aan Contre-Pied ingetrokken. Het blad is inmiddels verdwenen. Er is een zeer agressieve campagne geweest tegen het Brusselse dagblad Le Soir. Met als gevolg dat de redactie een dubbele opiniepagina heeft moeten vrijmaken voor de organisatoren van deze campagne: Radio Judaïca en het Belgisch-Israëlitisch Consistorie, een koepel van joodse verenigingen. Er is campagne gevoerd tegen het populaire weekblad P-Magazine, dat een aantal artikels had gewijd aan de zaak Sharon en de toestand in de Palestijnse gebieden. De directe aanleiding was een satirisch stuk in dit blad, waarin de Israëlische politiek wat lachwekkend werd voorgesteld. Humor die deze kringen in het verkeerde keelgat is geschoten. Ze hebben druk uitgeoefend via de reclameregie van P-Magazine. Julien Klener, de voorzitter van het Consistorie, heeft de VRT onder druk gezet om de uitzending van Panorama over Ariel Sharon tegen te houden. Dezelfde Klener stapte naar staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking, Eddy Boutmans, om onze brochure tegen te houden (1). Het gaat hier echt om een georchestreerde campagne. En Haaretz beschrijft hoe deze campagne wordt gecoördineerd door een ex-reservegeneraal, die vroeger aan de Israëlische ambassade in Brussel was verbonden. Tegen de bewuste brochure, die door het staatssecretariaat voor Ontwikkelingssamenwerking zou worden gefinancierd, werd een echte hetze gevoerd. Een frontale aanval van twee pagina’s in het Belgisch-Israëlitisch Weekblad tegen de ‘hypocriet’ Ludo Abicht. Ik word uitgescholden voor antisemiet".

Vreemde Vlaamse bondgenoten

"Op een bepaald moment kondigden ze zelfs aan dat een Vlaams parlementslid een interpellatie zou doen tegen deze brochure," zegt Lucas Catherine. "Op het kabinet van Eddy Boutmans dacht iedereen dat Hugo Coveliers van de liberale VLD de staatssecretaris zou interpelleren. Maar wat bleek? Het was Emile Verrijken, Vlaams parlementslid van het Vlaams Blok, die zich over de kwestie boog. En daarmee komen deze pro-Israëlische kringen natuurlijk in een moeilijk parket. De bewuste brochure bestaat al sinds 1998, de Vereniging van Vlaamse Leerkrachten stond achter dit initiatief. Een comité van 18 academici en historici heeft toezicht gehouden op de inhoud van de teksten van deze brochure. Er was niets op aan te merken. Vandaag krijgt Israël volop kritiek en nu wordt er plots actie ondernomen tegen deze brochure. En op wie kunnen de mensen van het Consistorie dan rekenen? Alleen op het Vlaams Blok. Het Blok steunt Israël niet alleen omdat het absoluut de volgende burgemeester van Antwerpen wil leveren, en daarom de joodse gemeenschap niet tegen zich in het harnas wil jagen. Het Vlaams Blok doet dat ook vanuit duidelijke ideologische overwegingen. Naar aanleiding van de VN-conferentie in Durban over racisme en verdraagzaamheid, vorig jaar in het Zuid-Afrikaanse Durban, schreef ‘Brussels Nieuws’, een propagandakrant van het Vlaams Blok, dat Israël – zoals het Vlaams Blok in België – de eeuwige zondebok is. Waarom? "Omdat het zionisme hetzelfde betekent als ‘eigen volk eerst’."

Vervolgens zijn deze mensen op zoek gegaan naar iemand van het establishment. En zo zijn ze bij Mia Doornaert van De Standaard terechtgekomen. Doornaert moet behoorlijk geschrokken zijn van de reacties op haar artikel: er volgde een reeks lezersbrieven, de Vereniging van Vlaamse Leerkrachten voelde zich door mevrouw Doornaert behoorlijk beledigd. Ook deze vereniging en het comité van academici werd door Doornaert in de antisemitische hoek geduwd. Voor mij zit hier een duidelijke lijn in, het gaat echt om een georchestreerde campagne. En die is begonnen sinds mei, juni van vorig jaar, toen het duidelijk werd dat er in België een proces tegen Sharon zou komen. Haaretz schrijft dit trouwens met zoveel woorden. In Israël beschouwt men dit als een proces dat louter tegen Sharon wordt gevoerd, terwijl er nog andere Israëli’s aangeklaagd zijn. Ook de Libanese falangistische leider, Elie Hobeika, die onlangs bij een bomaanslag omkwam, werd formeel aangeklaagd".

Het ‘moreel kapitaal’ van de staat Israël

"Je hebt ook heel de heisa rond het Holocaustmuseum in Mechelen," zegt Lucas Cathérine. "Ik hou niet van deze term ‘Holocaust’. Het is een religieuze term, die "brandoffer" betekent. De hele vraag blijft hoe je de massamoord op zes miljoen joden in Europa aan de publieke opinie verklaart. Toon je in zo’n museum aan dat deze genocide het gevolg was van racisme en fascisme in de Europese maatschappij van de jaren dertig. Leg je aan de museumbezoekers uit vanwaar dit racisme kwam, hoe je dat kan bestrijden en welke conclusie je hieruit trekt voor de maatschappij van vandaag. Of leg je aan de museumbezoeker uit dat deze massamoord op zes miljoen mensen iets apart is, een straf van God, een brandoffer, dat alleen de joden is overkomen en niets te maken heeft met andere genocides of extreem-rechts racisme?

Er bestaan zo wat overal ‘Holocaustmusea’ en auteurs als Gie van den Berghe of Norman Finkelstein hebben de uitbuiting en het misbruik van het begrip Holocaust uitvoerig beschreven. De joodse Nobelprijswinnaar Elie Wiesel zei ooit: "de Holocaust is het moreel kapitaal van de staat Israël". Om de publieke opinie te blijven bewerken is het altijd goed om het onrecht dat Israël de Palestijnen aandoet goed te praten door voortdurend te blijven hameren op de Holocaust. En deze boodschap is ook heel duidelijk bestemd voor de joodse gemeenschap overal in de wereld. Die joodse gemeenschappen zijn zich al heel lang sterk aan het assimileren, aan het integreren in de maatschappij, waarin ze leven. Er zijn binnen deze gemeenschappen steeds meer gemengde huwelijken, de godsdienst of het Jiddisch zijn niet langer het bindmiddel voor de Europese joden. De joodse cultuur behoort meer en meer tot de folklore. Het bindmiddel, het cement moet dan maar de solidariteit met de staat Israël worden. Holocaustmusea hebben ook dat op het oog. In deze discussie over het doel van zo’n museum merk je dan dat mensen als Gie van den Berghe of de Franstalige, joodse historicus, Maxime Steinberg, worden buitengesloten – onder het mom dat hij Franstalig is. Er is een vreemd dispuut aan de gang: de Antwerpse joden zeggen dat dit museum naar hun stad moet komen. De Mechelaars zeggen dat het bij hen moet worden opgericht en gebruiken daarbij het argument dat bij de deportatie door de nazi’s alle Belgische joden via Mechelen naar de concentratiekampen werden gevoerd – joden uit Vlaanderen, Wallonië en Brussel."

"En dan stel ik vast dat de zionisten zich zeer agressief durven opstellen en hun eigen ruiten ingooien," zegt Lucas Catherine. "De Vlaamse minister-president, Patrick Dewael, wilde in Israël met een delegatie een bezoek brengen aan het museum van Yad Vashem, om na te gaan hoe dit Holocaustmuseum is opgevat. De Israëlische regering liet hem weten dat hij niet welkom was, omdat de Vlaamse regering een aantal handelsakkoorden met Israël heeft opgeschort. Israël stuurt duidelijk aan op een conflictsituatie. Dat bleek ook toen de Belgische premier, Guy Verhofstadt, en zijn minister van Buitenlandse Zaken, Louis Michel, in Israël waren, in het kader van het Belgische voorzitterschap van de Europese Unie. De twee Belgische excellenties werden door de Likoed-burgemeester van Jeruzalem, Ehud Olmert uitgescholden voor "schurken".

(Uitpers, maart 2002)

(1) Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking, Eddy Boutmans verklaarde tegenover Sus Van Elzen van het weekblad Knack (20 februari 2002) : "Half 2000, toen het in het Midden-Oosten nog redelijk goed ging, besloten wij die brochure te herdrukken om de zaak in een historische context te plaatsen. In juli vorig jaar ontving ik een delegatie van joodse organisaties die vreesden dat dit zou bijdragen aan een klimaat van haat en geweld in België. We hebben die uitgave opgeschort om het nog eens te bekijken, ook met het oog op het Belgische EU-voorzitterschap, en daarna is dan een polemiek ontstaan in de pers." En Boutmans besloot : "Publicaties van de overheid moeten een beetje gezag hebben en niet controversieel zijn. En intussen is die brochure zo veel besproken dat het beter is dat we ze niet verspreiden."

(Visited 1 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 49 Times, 1 Visit today

Tags :

zie ook