Een huis met tuin is niet genoeg

Ada Colau, die nog niet vergeten kan zijn, werd burgemeester van Barcelona dank zij haar acties tegen de uithuiszettingen in Catalonië.

Elke Kahr wordt de volgende burgemeester van de Oostenrijkse stad Graz waar ze voor de verder irrelevante Oostenrijkse Communistische Partij 28 % van de stemmen haalde. Ze was eerder bevoegd voor huisvesting in het stadsbestuur en zette zich in voor de bescherming van huurders.

In Berlijn werd op 26 september een niet-bindend referendum gewonnen voor de onteigening van de grote woonholdings, bedrijven met meer dan drieduizend appartementen elk.

Dit zijn niet meer dan drie kleine voorbeelden van zaken die ook elders in de wereld grote bewegingen op gang brengen, van Mexico tot Manila, van Mumbai tot Kaapstad.

Er zijn twee lessen uit te trekken

Zorgen voor mensen

De eerste les is doodeenvoudig: mensen zijn bezorgd om hun overleven. Waar ze wakker van liggen is minder een grote ideologie dan wel de concrete problemen van het dagdagelijks leven. Waar vind ik een job? Kunnen mijn kinderen naar school? Vindt mijn vrouw een goede arts? Heb ik een veilig onderkomen voor mijn familie? Zal ik voldoende pensioen hebben voor een waardig leven op mijn oude dag.

Het lijkt erg simpel, maar helaas is het dat niet.

Het gebeurt nog veel te vaak dat je in landen van het zuiden te horen krijgt dat verzorgingsstaten in het algemeen, sociale bescherming in het bijzonder een kwestie is voor rijke landen die zich dat hebben kunnen permitteren dank zij het kolonialisme. Niets is uiteraard minder waar, maar het is telkens opnieuw de heuvel opklimmen en wijzen op de sociale strijd voor je een concreet sociaal beleid kan voorstellen.

Of nog, vooral groene aanhangers die je voorhouden dat verzorgingsstaten uit de tijd zijn, hopeloos achterhaald want disciplinerend, waarom mensen niet gewoon een basisinkomen geven en laat ze dan maar hun plan trekken. De argumenten tegen het basisinkomen wil ik hier niet herhalen, ze zijn inmiddels voldoende gekend. Het belang van een degelijk sociaal beleid met openbare diensten kan niet genoeg onderstreept worden. Dat sociaal beleid neemt de vorm aan van uitkeringen maar ook van samenhang met economisch en milieubeleid.

Vandaag de dag krijg je immers ook vaak een tegenvraag als antwoord: maar wat als de rivier ziek is? Moeten we daar niet eerst voor zorgen? Natuurlijk niet. De gezondheid van de rivier is een voorwaarde voor de gezondheid van de mens, maar een gezonde rivier zonder zorg voor de mens lijkt me redelijk waardeloos. Of met andere woorden, eens te meer is het overduidelijk dat sociale rechtvaardigheid en milieurechtvaardigheid hand in hand gaan. Het een kan niet zonder het ander en het is mijn overtuiging dat je mensen het best overtuigt van noodzakelijke milieumaatregelen door ze aan te bieden als sociaal beleid. Subsidies voor het isoleren van huizen, bevorderen van openbaar vervoer, het organiseren van markten voor lokale landbouwproductie, het zijn slechts een paar eenvoudige en makkelijke voorbeelden.

Helaas vergeten progressieve en linkse partijen veel te vaak dat sociaal beleid in het centrum van hun politiek programma moet staan. Met sociaal beleid kan je verkiezingen winnen.

Niemand die dat zo goed begrijpt als de uiterst rechtse partijen in Europa. Hun voorstellen zijn verre van emancipatorisch, maar door bijvoorbeeld meer kindergeld te geven aan kroostrijke gezinnen – zoals in Polen – halen ze heel wat stemmen binnen. Dat rechtse partijen niet sociaal kunnen zijn, is een foute redenering. Zij zijn wel sociaal maar niet emancipatorisch.

Zorgen voor het overleven van mensen betekent dus niet a-politiek bezig zijn, integendeel. Progressieve en linkse partijen moeten zich inzetten voor emancipatie aan de hand van een andere economie, een gezond milieu en een sociaal beleid. Mocht men er in slagen de grote huisbazen van Berlijn inderdaad te onteigenen, dan is dit een geweldige overwinning. De strijd tegen de PFOS vervuiling in Antwerpen is van enorm sociaal belang.

Een heel brede waaier

De tweede les die we uit die enkele voorbeelden met huisvestingsbeleid kunnen halen gaat in dezelfde richting.

Sociaal beleid is niet enkel iets doen voor arme mensen net zomin als een verdediging van de sociale zekerheid dat is. Dat is nodig, zeer zeker. Maar het is van groot belang dat we breder leren kijken en een aantal andere sectoren mee opnemen in het sociaal denken.

Huisvesting is geen deel van de sociale zekerheid, maar met de momenteel stijgende prijzen beseft iedereen wel dat het een acuut sociaal probleem kan worden. Er is sociale huisvesting nodig, een sector die in de meeste landen danig verwaarloosd werd en wordt.

Wat zijn we met verkeersvrije stadscentra als aan de rand van diezelfde steden chemische of staalbedrijven de lucht ongestraft kunnen blijven vervuilen? Zorgen voor de gezondheid van mensen betekent dat je ook die grote ondernemingen aanpakt en hen een zorgzamer beleid oplegt. Of nog, zoals een Maleisisch parlementslid me ooit zei: vandaag sterven mensen niet door een tekort aan medicijnen, maar door de prijs van die medicijnen. COVID geeft er een goed voorbeeld van als arme landen afhangen van internationale solidariteit om vaccins te kunnen kopen.

De COVID-crisis heeft ook voldoende bewezen dat gezondheidszorg verder gaat dan vaccins, dokters en ziekenhuizen. Er is schoon water nodig om je handen te wassen, er is schone lucht nodig om te kunnen ademen, je hebt een dak boven je hoofd nodig tijdens een lockdown. En je moet mensen een inkomen kunnen bezorgen als ze hun job tijdelijk verliezen.

Of met andere woorden: sociaal beleid gaat zoveel verder dan een ziekteverzekering en een goed pensioen. Het moet een omvattend beleid zijn dat ook zorgt voor het milieu en de economie niet over het hoofd ziet.

Dit zijn allemaal erg evidente dingen, maar in de dagdagelijkse praktijk is de fragmentering bijzonder groot. Vakbonden zijn bezorgd om de sociale zekerheid, terecht, maar moeten ook breder kunnen kijken. Armoedeverenigingen kunnen niet tevreden zijn met een of ander liefdadige actie, maar moeten structurele maatregelen zoals inkomenszekerheid kunnen voorstellen. Milieuverenigingen moeten verder kijken dan hoe de sociale kantjes van milieubeleid kunnen afgerond worden. Keer de redenering om, voer een sociaal beleid met milieuvoordelen, het succes zal de beloning zijn.

Weg met fragmentering

Die fragmentering van het beleid, bij politieke partijen zoals bij burgerbewegingen is een dodelijk gif. Het spreekt voor zich dat men zich wil specialiseren, terecht, en men deskundig advies wil kunnen geven voor specifieke sectoren. Dat is goed. Maar daarnaast moet men leren luisteren naar elkaar, leren praten met elkaar, zoeken naar de punten die gemeenschappelijk zijn om samen een coherent beleid te kunnen voorstaan.

Soms lijkt het onoverkomelijk, en toch is de boodschap erg eenvoudig. Met een sociaal beleid voor alle mensen, een beleid dat zorg draagt voor mensen, dat rekening houdt met de economie en met het milieu, ja, daar kan je verkiezingen mee winnen.

Nu de jaarlijkse dag van verzet tegen armoede er aan komt en binnenkort enkele jongeren zich weer in een glazen kooi laten opsluiten  voor de warmste week is het erg belangrijk dit niet uit het oog te verliezen. Zorgen voor mensen is zo veel meer dan liefdadigheid, het is zorgen voor structurele maatregelen die een echte samenleving kunnen in stand houden.

Een breed debat hierover zou bijzonder welkom zijn.

 

(Visited 223 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 420 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Francine Mestrum

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ voor een transformatieve en universele sociale bescherming. Francine schrijft geregeld voor Wall Street International Magazine, Other News, Alainet, Social Europe en Uitpers

zie ook