Diverse bijdragen rond de Arabisch-Europese Liga

· 1 december 2002 Like

Stop diabolisering

Tarik Fraihi

Donderdag 21 november

Ik voel mij niet echt geroepen om de Arabisch Europese Liga (AEL) te verdedigen, aangezien ik niet altijd met de methodieken en inhoudelijke discours van het AEL akkoord ga. Trouwens ze kunnen zelf wel hun mannetje staan. Toch zijn er een aantal ontwikkelingen die mij verontrusten.

1. Mij lijkt het ontslag van Aït Ahmed door vzw KIDS te verregaand. Voor zover ik het kan volgen via de media en andere kanalen, lijkt deze beslissing onder zware politieke druk te zijn genomen. Dit werkt de polarisering alleen maar in de hand, wat ik afkeur.

2. Ik volg de ontwikkelingen in het allochtoon jeugdwerk nog altijd vrij goed op. Volgens mij draagt vzw KIDS met hun monopolistische houding, hun strak gecentraliseerde structuur en hun weinig democratisch karakter een enorme verantwoordelijkheid in de puinhoop waarin het allochtoon jeugdwerk in Antwerpen zich nu bevindt. Vzw KIDS en een aantal Antwerpse politici, die hierin al jaren een verpletterende verantwoordelijkheid dragen, laten het niet na om opbouwende en positieve dynamieken vanuit allochtone jongeren te smoren. Dit heeft veel te maken met hun paternalisme en fundamenteel wantrouwen t.o.v. allochtone jongereninitiatieven. Dit moet dringend veranderen. Er zou een herstructurering van het jeugdwerk in Antwerpen moeten komen, waarbij allochtone jongeren daadwerkelijk de kans krijgen om hun eigen verantwoordelijkheid te nemen.

3. Stop met de diabolisering van AEL. De politiek geëngageerde autochtonen en allochtonen zou ik willen wijzen op een aantal ontwikkelingen in de jaren ’60. Het verketteren van organisaties en figuren als Patrice Lumumba, Martin Luther King, Malcom X en de Black Panthers -door de bange blanke man- zorgde ervoor dat hun aanhang met de dag toenam en maakte deze organisaties succesvoller.

Dus stop met de diabolisering van Dyab Abou Jahjah en ga de inhoudelijke discussie met de AEL aan. Ze leggen de vinger soms op de juiste wonde. Door hen te criminaliseren maak je duidelijk dat je zelf inhoudelijk zwak staat. Trouwens niet de AEL is verantwoordelijk voor de zieke sfeer en alle andere mistoestanden in Antwerpen, wel het beleid dat er al jaren niet in geslaagd is met degelijke oplossingen uit de bus te komen. En het Vlaams Blok dat nu al tien jaar carte blanche krijgt van andere politieke formaties om de gemoederen tegen bepaalde bevolkingsgroepen op te hitsen.

4. We moeten de dialoog blijven nastreven. Geen vrijblijvende, noch zoetsappige dialoog tussen de verschillende gemeenschappen. Wel scherp en ‘to the point’. Dit vereist een minimum aan zelfreflectie, en zeker vanuit diegene die de macht in handen hebben. Deel die macht met de verschillende bevolkingsgroepen, dwz geef iedereen zijn legitieme plaats in de samenleving. Bepaalde bevolkingsgroepen blijven benadelen, discrimineren en uitsluiten, en dan nog verwachten dat ze niet in opstand komen is een illusie. Wij, jonge allochtonen hier geboren en getogen, zijn burgers in dit land en zullen dit blijven. Gelijke rechten en plichten zullen wij afdwingen, ‘by any means necessary’. Hiermee wil ik zeggen dat er snel een ander minderhedenbeleid moet komen, dat gericht is op de insluiting in de plaats van uitsluiting van allochtonen.

5. Zoals ik al zei ga ik niet altijd akkoord met de strategie van AEL. Maar laat ons twee zaken niet vergeten. a.) Zelfs de geweldloze Martin Luther King organiseerde een vorm van burgerpatrouilles. b.) De provocatie komt in de eerste plaats niet van de AEL, wel van de politiecampagne die oorspronkelijk de naam “Geïntegreerd plan Marokkanen” meekreeg. Laat ons daar eens over discussiëren.

Tarik Fraihi

Voorzitter van het jongerencentrum ‘Centrum West’

(Uitpers, nr. 36, 4de jg., december 2002)


De jacht op Abou Jahjah is open

Ludo De Witte, Tarik Fraihi en Tom Lanoye

De Belgische regering heeft de Arabisch-Europese Liga vogelvrij verklaard. Het standpunt wordt erg kernachtig verwoord door de woordvoerder van premier Verhofstadt, die over Abou Jahjah zei: ‘Die moet eruit.’ Alsof het om een gezwel gaat, dat moet worden weggesneden. De aanleiding zijn de burgerpatrouilles van de AEL, die toezien op mogelijk racistisch gedrag van de Antwerpse politie. Specialisten beschouwen die burgerpatrouilles niet als een inbreuk op de wet op de privé-milities (ze nemen geen politietaken waar, ze kijken toe), maar dat doet niets terzake: de hakbijl moet vallen.

De campagne tegen Abou Jahjah begon lang voor er van patrouilles sprake was. Een waaier van grote persorganen, alle politieke partijen met inbegrip van het Vlaams Blok, en extreem-rechtse krachten in de veiligheidsdiensten bekampen de AEL. Het politiek fatsoen komt in de verdrukking. Men uit beschuldigingen die men niet hard kan maken: Abou Jahjah zou een dubbele agenda hebben, of gefinancierd worden door de Hezbollah. Kranten ventileren beweringen over zijn privé-leven, op basis van materiaal van de veiligheidsdiensten. Soms spelen die diensten informatie door aan het Vlaams Blok, dat ermee uitpakt en die dan probleemloos tot kopij worden verwerkt. En is het niet tekenend dat de moord in Borgerhout wordt ondergesneeuwd met verklaringen over ‘agitatie’ van de AEL, hoewel Abou
Jahjah tussen de geschokte allochtone jongeren en de politie wou bemiddelen? (zie hierover DS, 27/11) Dit mediageweld weegt op de vrijemeningsuiting: een jurist legde een journalist uit waarom de burgerpatrouilles niet illegaal zijn, maar hij wou zijn analyse die het standpunt van de AEL ondersteunt slechts anoniem kwijt…

Juridisch geschut wordt in stelling gebracht. Men kondigt aan dat de gehele handel en wandel van de AEL en haar leider door het Antwerps gerecht zullen worden onderzocht. De Senaatsvoorzitter spoort de Staatsveiligheid aan om de AEL nog dichter op de huid te zitten. De zoektocht naar de stok om mee te slaan is soms lachwekkend. Sommigen denken dat de zwarte shirts van de AEL’ers volstaan om hen als privé-militie buiten de wet te stellen. Voor het gemak drukt een krant daarbij een foto af waarvan een patrouillerend AEL-lid met wit hemd is afgeknipt… Men vergeet dat de provocatie kwam van de Antwerpse politie die haar campagne de naam ‘Geïntegreerd plan Marokkanen’ had gegeven. Het bericht dat de Antwerpse politie met een top-100 van jonge criminelen werkt, is onthullend. Die criminelen waren toch al langer bekend? Waarom zijn ze niet eerder opgepakt? Zou de campagne misschien iets met de komende verkiezingen te maken hebben: met een harde aanpak van ‘Marokkanen’ Vlaams-Blokkiezers recupereren?

Ondertussen is een Antwerps jeugdwerker die ook AEL-lid is, afgedankt. De Antwerpse VLD’er Van Campenhout vindt het AEL-lidmaatschap onverenigbaar met een job bij een Antwerpse stadsdienst: het beroepsverbod doet zijn intrede. Dat gebeurt tegen een achtergrond waarin een aantal Antwerpse politici en jeugwerkverantwoordelijken, vervuld van paternalisme en fundamenteel wantrouwen tegenover allochtone jongeren, elk zelfstandig initiatief van die jongeren fnuiken. En is het een toeval dat Mohamed Talhaoui precies nu op de proppen komt met een eigen Berberorganisatie? De tegenstanders van de AEL zouden wel een arm willen geven om een wig te kunnen drijven tussen de AEL en de Berbers. Dat men zich echter niet vergist: de diabolisering versterkt de aanhang van de AEL onder de allochtonen. Zonder Abou Jahjah met figuren als Patrice Lumumba, Martin Luther King of Nelson Mandela te willen vergelijken: de verkettering van die laatsten leidde niet tot hun isolement, zoals werd verhoopt, maar zorgde ervoor dat hun aanhang met de dag toenam.

De publieke opinie wordt opgezweept, en vindt een uitlaatklep in lezersbrieven en op publiekstribunes. De demonisering van Abou Jahjah is een vrijbrief voor ‘politiek correcte’ xenofobie. De weg ligt open om op hem racistische frustraties en ressentimenten te projecteren. Abou Jahjah is recht voor de raap, zelfbewust en niet onderdanig: hij stelt de antiracisten écht op de proef. Buitenlandse krachten sturen aan op een moord. De Belgische autoriteiten verzetten zich daartegen, en bieden Abou Jahjah bescherming aan. Ze proberen hem op een ‘propere’ manier ‘eruit’ te krijgen. Maar beseffen ze dat het opjutten van de Bange Blanke Man een gespierde, rechts-radicale aanpak in de hand werkt?

Nuancering is nodig, want de mediatieke zwart-witsjablonen staan creatief denken in de weg. De tegenstanders van Abou Jahjah verketteren zijn standpunten over vrouwen- en homorechten, hoewel kardinaal Danneels hetzelfde vertelt. Abou Jahjah is geen ‘moslimextremist’, maar komt op voor de emancipatie van de Arabische en moslimgemeenschappen in dit land. Hij komt op voor hun zelfrespect, en tegen racisme en discriminatie inzake tewerkstelling, onderwijs en huisvesting in de samenleving. Maakt Abou Jahjah fouten? Heel zeker. En we delen zijn conservatieve standpunten over vrouwen en homo’s niet. Is de islam een onderdeel van de identiteit van de gemeenschappen die hij verdedigt? Dat is zo, en dat is op zich ook geen probleem. Maar als seculiere emancipatiebewegingen (van vrouwen, homo’s, vakbonden) weigeren om hem de hand te reiken en zijn strijd tot de hunne te maken, dan heeft het establishment vrij spel om hem als moslimextremist te veroordelen. Dat verhoogt de kans dat zijn aanhang op zichzelf terugplooit en rond dat stigma een eigen subcultuur en identiteit uitbouwt, ten nadele van het progressief nationalisme dat vandaag de AEL-ideologie domineert.

Politici, commentatoren en de Antwerpse politiechef stellen Abou Jahjah verantwoordelijk voor de ‘moeilijke’ relaties tussen autochtonen en allochtonen. Het beleid zelf echter draagt schuld, want het slaagt er al decennia niet in om met oplossingen voor de dag te komen. De culpabilisering van de AEL speelt het integrisme in de kaart, en versterkt de xenofobie en de extreem-rechtse reflexen in de traditionele partijen en het Vlaams Blok.

De elite vreest de onder allochtonen populaire Abou Jahjah omdat hij op zijn onafhankelijkheid staat en niet uit de hand van de politici wil eten, zoals vele allochtone politici en vertegenwoordigers van de gesubsidieerde integratiesector wél doen. En hij wordt vooral gevreesd omdat men de redelijke eisen waarvoor hij opkomt (werk, fatsoenlijke huisvesting en onderwijs, en een gelijke behandeling op alle vlakken) niet kan of wil realiseren. Is het niet tekenend dat onlangs zelfs een eerder symbolische maatregel als de invoering van het migrantenstemrecht is gekelderd?

De regering verwerpt een constructieve en open dialoog. Ze wil de politieke stem van de gedeclasseerde allochtone jeugd smoren. De strijd tegen dit allochtone ‘gevaar’ en de daarbij opgeroepen schrikbeelden leveren het Vlaams Blok natuurlijk extra stemmen op. Maar dat neemt men erbij, want zo is er weer wat tijd gewonnen. De schrijnende discriminaties blijven echter bestaan. De tijdbom blijft tikken. Een uitbarsting is dan alleen nog een kwestie van tijd.

 

Ludo De Witte is publicist. Hij werkt aan een boek over België en zijn allochtonen sinds 11 september.

Tarik Fraihi is voorzitter van het jongerencentrum ‘Centrum West’ in Molenbeek.

Tom Lanoye is schrijver.

(Uitpers, nr. 36, 4de jg., december 2002) – (Ook verschenen in De Standaard, 28 november 2002)


Allochtonen als proefterrein

Enkele korte bedenkingen bij de gebeurtenissen rondom de moord op Mohamed Achrak.

Samen met de mensen zonder papieren behoren de zogenaamde ‘migranten’ tot de meeste verdrukte lagen van de bevolking. Ze hebben de laagste lonen en de smerigste jobs, daarvoor zijn ze naar hier gehaald. Ze zijn op zowat alle vlakken achteruitgesteld en gediscrimineerd: onderwijs, huisvesting, tewerkstelling, uitgangsleven, stemrecht, … Ze worden beschouwd als de Üntermenschen van onze samenlevingen en zijn het mikpunt van pesterijen en vernederingen van de politie. Dit gegeven determineert al de rest. Wie dat niet ziet maakt zich snel schuldig aan ‘victim blaming’ (de schuld geven aan het slachtoffer) en versterkt de verdrukking – onbedoeld – alleen maar verder.

Deze vernedering wordt versterkt door de internationale situatie. Irak wordt reeds meer dan tien jaar uitgehongerd. Israël kan ongestoord de Palestijnen als honden behandelen. Het land van de heilige plaatsen Mekka en Medina, werd in het kader van de Golfoorlog gedurende jaren bezet door Amerikaanse troepen. Stel u voor dat een moslimleger de streek rond Rome komt bezetten om een Europees probleem te komen oplossen.

Integratie

Er is nooit een serieus integratiebeleid geweest, dat is bovendien nooit de bedoeling geweest. Het is voor een kapitalistische samenleving zeer functioneel om een etnische onderlaag te bezitten. Die drukken de lonen naar beneden en het is handig om de autochtone werkende bevolking tegen hen uit te spelen d.m.v. racisme. Er zijn natuurlijk wel enkele ‘migranten’ gepromoveerd tot volwaardige Belg, sommigen hebben het zelfs tot politicus geschopt. Dat doet onvermijdelijk denken aan de ‘evolués’ in Belgisch Congo. Er is ook een hele welzijnsstrategie gelanceerd om het probleem te ‘bedwingen’. In het kader van het ‘early warning system’ worden migrantencentra ingeschakeld als politieantenne binnen de allochtone bevolking. Allerhande activiteiten van jeugdhuizen en andere socio-culturele organisaties moeten voorkomen dat de discriminatie en het ongenoegen zich vertaalt naar maatschappelijk verzet. Jeugdhuizen of andere centra die niet in de pas lopen dreigen hun subsidies te verliezen.
Integratie is in de eerste plaats een kwestie van koopkracht, de rest is bijkomstig. Een fundamentalistische sjeik, een volbloed Japanse manager, een begoede orthodoxe Israëliër heeft geen integratieprobleem. Een Belg uit de vierde wereld heeft daar wel problemen mee.

Komt daarbij dat Vlaanderen op vlak van het racisme zeer hoog scoort, dan kan je voorspellen dat deze situatie vroeg of laat explosief wordt, zeker als er gemoord wordt en als de underdogs zich niet zomaar laten kisten.

Paternalisme

Onze katholieke en koloniale traditie heeft het paternalisme er heel diep ingestampt. Zolang slachtoffers sukkelaars blijven, zolang ze passief object zijn van onze belangstelling en hulp, vinden we ze tof en vinden we onszelf toch zo edelmoedig. Maar o wee, als de slachtoffers zich niet langer laten doen, op straat komen, het heft in eigen handen nemen, zich organiseren, de samenleving in vraag stellen, dan haken velen af. Dan zijn ze plots ondankbaar, overdrijven ze, is hun ideologie niet helemaal zuiver, zijn hun leiders extremistisch. Dezelfde houding vinden we terug bij heel wat activisme t.a.v. de Derde Wereld. Deze aanpak, die we ten onrechte als integratie beschrijven, is compleet gefaald en dat kan ook niet anders.

Fascisering

Het optreden van het establishment is beangstigend. De politici, politie, gerecht en pers (op enkele kleine uitzonderingen na in De Standaard, Het Volk, Jef Lambrecht op Radio 1 in het Vrije Westen op 28 nov. 02) waren eensgezind in de omdraaiing van de feiten. Geen walging te horen over de moord, maar enkel hysterie over de zogenaamde relschoppers. Het was geen racistische moord (wat dan wel?), de rellen werden niet veroorzaakt door de moord en de jarenlange achteruitstelling en pesterijen, maar uitgelokt door publieke vijand nummer één: Abou Jahjah. Deze laatste moet vervolgd worden en liefst van al uitgewezen. In de feiten zijn de mensen van AEL tussengekomen om de gemoederen te bedaren. De politie gedroeg zich volgens de politici en de pers keurig en voorbeeldig. In werkelijkheid werd een mini ‘staat van beleg’ afgekondigd, veroorzaakte de brutale aanpak d.m.v. peperspray heel wat geweld, werd zowat al wie de ‘verkeerde’ huidskleur had in de buurt opgepakt. Dergelijke – desnoods uitgelokte – incidenten zijn een ideaal oefenterrein voor het repressieapparaat. Bij de rellen Anderlecht, vijf jaar geleden, werd de integratie van de politie en de rijkswacht en het pro-aciteve optreden in de praktijk reeds ‘uitgeoefend’. Wie nog twijfelt, het repressieapparaat (politie, gerecht) is klaar om grootschalige maatschappelijk protest efficiënt neer te slaan. Ze worden hierin feilloos gedekt door de politieke wereld en de media.

Het establishment juichte inderdaad bij de harde en brutale aanpak van de meest verdrukte groep van de samenleving, waarvan één van hen in koele bloede werd geëxecuteerd. Er was nauwelijks nog een dissidente stem te horen. We zaten eventjes in een openlijke politiestaat. Nee, dit is niet Italië of een republiek waar extreem-rechts het voor het zeggen heeft. Het is een land en een stad waar sociaal-democraten en groenen in de meerderheid zitten. Dat is nog het meest bangelijke van al. En de oorlog is nog niet eens begonnen. Gisteren d’Orazio, vandaag AEL, morgen de PVDA?, de anti-oorlogcomités?, de radicale anti-globalisten (zoals in Italië)?, …

Er zal meer nodig zijn dan folkloristische en ludieke manifestaties om deze fascisering te stoppen.

Marc Vandepitte

(Uitpers, nr.36, 4de jg., december 2002)

Uitpers informatie