De verdeeldheid van de grootmachten<br>De rol van diplomatie in het tijdperk van het imperialisme

Tijdens de onderhandelingen in 1917 tussen de afgevaardigden van het Duitse imperialisme en van de Bolsjewieken te Brest-Litovsk, poogde Trotski tijd te winnen door de vredesbesprekingen te rekken terwijl hij revolutionaire toespraken gaf die, over de hoofden van de generaals en diplomaten heen, gericht waren aan de Duitse en Oostenrijkse arbeiders.

Op een bepaald moment plaatste de Duitse generaal Hoffmann als blijk van ongeduld zijn laarzen op tafel tijdens een speech van Trotski. Later merkte deze laatste op dat geen van de aanwezigen er aan twijfelde dat de enige realiteit in die zaal de laarzen van Hoffmann waren.

De internationale betrekkingen zijn inderdaad een kwestie van machtsverhoudingen (de laars) en diplomatie is uiteindelijk daaraan ondergeschikt. Diplomatie speelt geen onafhankelijke rol in de geschiedenis. Onder het kapitalisme dient ze de belangen van de imperialistische grootmachten en de bedrijven. Buitenlandse zaken en diplomatie zijn de voortzetting van de binnenlandse politiek. De Pruisische strateeg Carl von Clausewitz zei terecht dat “oorlog de voortzetting is van politiek met andere middelen”.

De recente vlaag van diplomatie in en rond de VN was slechts een prelude tot oorlog. Voor Bush en Blair was het immers nooit de bedoeling om tot een andere oplossing te komen dan oorlog, van in het begin stond die uitkomst vast. In de Wall Street Journal Europe (26/02/03) citeerde een niet nader genoemde diplomaat de woorden van Amerikaanse collega’s over de diplomatie in de VN-Veiligheidsraad: “Jullie zullen niet beslissen of er een oorlog met Irak is of niet. Dat is onze beslissing en we hebben die al gemaakt. Ze staat al vast. De enige vraag is of de Raad ze volgt of niet.”

Zoals we in voorgaande nummers van Vonk al stelden, bleven vele landen tijdens de aanloop van de oorlog dwarsliggen om de prijs van hun omkoping te verhogen. Verschillende tweederangsgrootmachten zien het immers niet graag gebeuren dat de VS manu militari hun dominantie opleggen aan de wereld. Rusland, China, Frankrijk en Duitsland hebben geen belang bij wat zij noemen een ‘unipolaire wereld’, een wereld waarin de VS alles voor het zeggen hebben. Zij pleiten daarentegen voor een ‘multipolaire wereld’, met andere woorden een wereld waarin hun elite ook iets in de pap te brokken heeft en waarin geen enkele grootmacht op zichzelf verregaande beslissingen in het buitenlandse beleid kan nemen zonder rekening te houden met de andere grootmachten.

Toch weten alle grootmachten dat ze het Amerikaanse imperialisme onmogelijk kunnen doen afzien van de plannen om Irak binnen te vallen. Daarom willen ze zoveel mogelijk voor zichzelf uit de brand slepen (Amerikaanse beloften tot investeringen in hun land, toegevendheid bij de verdeling van de oliecontracten na de verovering van Irak enzovoort), zonder daarbij het bestaan van internationale instellingen zoals de VN en de NAVO in gevaar te brengen.

Het oude en nieuwe Europa

De arrogantie van het Amerikaanse imperialisme en de massaprotesten tegen de oorlog dreven in februari de bestaande belangentegenstellingen echter op de spits. Op 22 januari trad de EU naar buiten met een ‘gezamenlijk’ standpunt tegen de oorlog. Uiteindelijk bleek dit standpunt uitgewerkt te zijn door de tandem Frankrijk-Duitsland. De andere EU-landen stonden erbij en keken ernaar. Amerikaans minister van Defensie Donald Rumsfeld reageerde gepikeerd op de Europese oppositie en noemde Frankrijk en Duitsland het ‘oude’ Europa terwijl het centrum van Europa volgens hem naar het oosten schuift, naar de nieuwe NAVO-landen van Oost-Europa. Daarmee wilde hij natuurlijk de kandidaat-lidstaten voor de EU gebruiken als een Trojaans paard, daarbij handig inspelend op hun frustraties omtrent de Duits-Franse heerschappij over Europa. De Oost-Europese landen willen hun recente NAVO-banden met de VS inzetten als hefboom om hun onderhandelingspositie te verbeteren tegenover Frankrijk en Duitsland.

Kort na het ‘gezamenlijke’ Europese standpunt volgde dan ook een gemeenschappelijke verklaring in The Wall Street Journal van acht Amerikaanse bondgenoten in Europa: Groot-Brittannië, Spanje, Portugal, Italië, Denemarken, Tsjechië, Polen en Hongarije. Dit zijn allemaal landen die de toenemende macht van Frankrijk en Duitsland in Europa met lede ogen aanzien en in hun verzet daartegen op de VS willen steunen.

Deze Amerikaanse manoeuvres joegen de Fransen en Duitsers natuurlijk in de gordijnen. De reactie van Chirac op het verraad van de Oost-Europese kandidaat-lidstaten was navenant: “Ze hebben de kans gemist om te zwijgen!” Woorden die Rumsfeld in arrogantie evenaren. De Europese grootmachten zonnen op vergelding en grepen hun kans in de NAVO toen de Amerikaanse bondgenoot Turkije om militaire assistentie vroeg wegens de ‘dreiging’ van Irak. Frankrijk, Duitsland en België weigerden die assistentie via de NAVO omdat dit een toegeving zou zijn aan de oorlogslogica terwijl de wapeninspecteurs hun job nog niet beëindigd hadden.

Washington reageerde furieus op deze rebellie. Rumsfeld bedreigde Joschka Fischer, Duits minister van Buitenlandse Zaken, en verklaarde dat deze houding ‘inexcusable’ is. Verwijten werden over en weer geslingerd voor het oog van de camera’s. Binnen diplomatieke kringen is het normaal dat men onder andere werkt met dreigementen, maar voor de camera is het normaal dat je beleefd blijft. De escalatie van het conflict toont de diepte van de kloof tussen de grootmachten, maar tevens de degeneratie van het Amerikaanse imperialisme, dat zijn controle over de wereld uit handen voelt glippen en daarop reageert met de finesse van een aftandse leeuwenkoning: brullen om het territorium te verdedigen. Het zal jaren kosten om deze wonden te helen en de mogelijkheid bestaat dat internationale instellingen zoals de NAVO en de VN aan de imperialistische conflicten bezwijken, net zoals in de jaren ’30 gebeurde met de Volkerenbond.

Geen illusies in de spreekbuizen van het Frans-Duitse imperialisme

Wij zouden er fout aan doen om te vertrouwen op leiders zoals Chirac, Schröder en Louis Michel. Voor hen gaat het helemaal niet om de vrede, ze zien gewoon hun belangen bedreigd. De conclusies van Verhofstadt en Michel naar aanleiding van de crisis in de NAVO waren revelerend. Volgens hen moeten we nu bouwen aan een sterk Europees leger. Voor degenen die opkomen tegen de oorlog moet dit een toch wel zeer vreemde conclusie lijken. Gezien vanuit de Europese imperialistische belangen echter niet. De Europese integratie is indertijd opgestart als een Frans-Duits project tegen hun versmachting tussen de VS en de Sovjetunie. Na de val van de Berlijnse Muur is dat project voortgezet tegen de overweldigende macht van de VS. De oude natiestaten zijn te eng om te kunnen concurreren met het machtige Amerikaanse imperialisme. De grenzen zijn een belemmering op de ontwikkeling van de productiemiddelen, waardoor Frankrijk en Duitsland naar elkaar worden gedreven, ondanks blijvende nationale tegenstellingen.

Elke imperialistische macht moet ook over een sterk leger beschikken om zijn belangen in de wereld te kunnen verdedigen. De Franse en Duitse bourgeoisie is het beu om steeds een beroep te moeten doen op de Amerikaanse strijdmacht voor het oplossen van conflicten zoals in Joegoslavië of in Afrika. De Europese integratie rond de Frans-Duitse as is in een hoger stadium gekomen met de invoering van een gemeenschappelijke munt, de euro. Nu hebben ze ook een eigen leger nodig en willen ze hun werkende klasse warm maken voor dat project door in te spelen op de gevoelens tegen het Amerikaanse imperialisme. Begin maart werden zo’n 4.000 troepen van de Europese ‘Defensiemacht’ in een eerste opdracht naar Macedonië gezonden.

Dat België eveneens op de kar sprong, is niet verwonderlijk. Onze economie is immers via export heel afhankelijk van onze twee grote buren. Het Franse en Duitse kapitaal hebben ook enorm veel in de pap te brokken in onze politiek doordat zij een groot deel van onze bedrijven controleren. Bovendien staat Brussel als hoofdstad centraal in het Europese project. Het beetje nationaal prestige dat België nog heeft, ligt volledig in de schaal van de EU.

We moeten waarschuwen voor de illusies van de kapitalistische integratie van Europa. Vanuit een socialistisch en internationalistisch standpunt kunnen we voor geen van beide imperialistische kampen kiezen. Wij verdedigen een strijd tegen de oorlog op basis van klassenlijnen. Welke belangen zal zo’n Europees leger dienen? Hetzelfde als vandaag dat van de VS: het verdedigen van de belangen van de multinationals. Waar zullen de centen vandaan komen die een dergelijk Europees leger zullen bekostigen? In de VS is sociale zekerheid zo goed als onbestaande… Het Europese leger zal dus uit onze zakken worden betaald en ingezet worden voor de belangen van de Europese bourgeoisie. Wij zijn niet tegen een eengemaakt Europa, maar dan op basis van de belangen van de werkende klasse. Voor een Socialistische Federatie van Europa!

De ‘oude’ Europese imperialistische machten verzetten zich niet alleen tegen de Amerikaanse dominantie. Ze vrezen ook de effecten van de kortzichtigheid van Bush op wereldvlak. Een invasie van Irak zal de destabilisatie verscherpen en een domino-effect hebben. Andere landen beroepen zich al op het Amerikaanse voorbeeld om zelf agressiever op te treden (Rusland, Israël, India en Pakistan, Noord-Korea). Bovendien heeft Europa een aanzienlijke moslimpopulatie en vrezen ze vergeldingsacties in de trant van de Palestijnse. En wat te denken van de economische terugslag? De Franse en Duitse economie kende geen groei in 2002. De hoge olieprijzen zijn niet bevorderlijk voor economisch herstel en zouden wel eens het tegenovergestelde kunnen brengen. Voor de Amerikaanse economie geldt dit natuurlijk evenzeer, maar de toekomstige winsten door controle op de Irakese oliebronnen en andere strategische voordelen zorgen ervoor dat voor hen de economische pijn het waard is.

Naast de uitbouw van het EU-imperialisme spelen uiteraard nog allerlei nationale factoren die de Frans-Duits-Belgische oppositie helpen verklaren. In Duitsland en België wegen bijvoorbeeld ook politieke factoren. Schröder heeft de nationale verkiezingen gewonnen door zich fors uit te spreken tegen de oorlog. Bij recente deelstaatverkiezingen ging de SPD evenwel achteruit en Schröder verliest aan populariteit. Vandaar dat hij poogt de balans te keren door in te spelen op het anti-oorlogssentiment bij de bevolking. In België zijn de verkiezingen eveneens op komst. Personen en partijen willen zich dus goed positioneren door preken tegen de oorlog en initiatieven die de Amerikanen belemmeren.

En bij Frankrijk mogen we niet vergeten dat het een aartsreactionair als Chirac is die zich uitspreekt tegen de oorlog. Wie verwacht er werkelijk iets progressiefs van een doorwinterde gaullist? Frankrijk heeft zelf enorme oliebelangen in Irak. De Franse bourgeoisie was al lange tijd aan het lobbyen in de VN voor opheffing van het embargo omdat zij dan hun contracten met Irak zouden kunnen omzetten in cash. Daarenboven moeten de Franse imperialisten al decennia knarsetandend toelaten dat de VS hun oude imperium inpalmen. Van de Franse macht in Zuidoost-Azië blijft niets over en ook hun invloed in Afrika is tanende; de Amerikaanse (en Duitse) bedrijven verdrijven daar de Franse. Daarom zoekt de Franse bourgeoisie mogelijkheden om haar prestige te herwinnen.

Ontwapen de imperialisten!

De woorden en acties van de politieke vertegenwoordigers van het Europese kapitaal wonnen nog meer aan kracht door de massale betogingen tegen de oorlog, zeker die van 15 februari. Door die druk van onderuit kunnen Chirac & co ook niet meer zomaar hun woorden en dreigementen terugtrekken. Het sociaal protest verscherpt de contradicties tussen de imperialisten. Daarom zijn de betogingen ook zo’n overwinning. Bovendien was er een massale opkomst in belangrijke bondgenoten van de VS, zoals Groot-Brittannië, Spanje, Turkije en Italië. Als Blair zich niet kan verzekeren van een tweede VN-resolutie die geweld toelaat, dan zou Groot-Brittannië wel eens sneller een regimewissel kunnen doormaken dan Irak. De anti-oorlogsbeweging is dus al in staat geweest de ‘coalitie van de willenden’ serieus te verzwakken.

Toch stellen mensen zich de vraag hoe het komt dat die betogingen van miljoenen er niet in slagen de oorlogsdreiging af te wenden. Het antwoord daarop is simpel. De imperialisten geven in laatste instantie geen zier om de publieke opinie. Als ze die niet kunnen manipuleren via hun media en diplomatieke spelletjes, dan leggen ze hun belangen wel met de harde hand op. In de VS en Groot-Brittannië doen ze er alles aan om betogingen te verbieden. Ook in België verbiedt minister van Binnenlandse Zaken Duquesne alle acties tegen de Amerikaanse wapentransporten via de Antwerpse haven.

Uiteindelijk is de enige manier om imperialistische oorlogen te voorkomen, de ontwapening van de imperialisten zelf. Dat kunnen we niet bereiken via betogingen en pacifistische oproepen. De heersende klasse zal nooit haar wapens vrijwillig opgeven: geen duivel heeft ooit zijn klauwen afgesneden. De huidige oorlog is slechts een symptoom van een veel diepere crisis. Het kapitalisme is aan het degenereren en heeft nu een fase betreden van stuiptrekkingen die het bestaan zelf bedreigen van de beschaving, het milieu en het leven. Het is tijd om een einde te stellen aan dit vervallen systeem dat de bron is van onrechtvaardigheid, honger, miserie en dood. Daarom moeten we de strijd tegen oorlog, imperialisme en militarisme omvormen tot een internationale klassenstrijd tegen het kapitalisme, voor de socialistische omvorming van de maatschappij. Er is slechts één manier om de imperialisten te ontwapenen: de werkende klasse moet zelf de macht in handen nemen.

 

(Uitpers, nr. 41, 4de jg., april 2003)

* Wim Benda is redacteur van Vonk. Dit artikel verscheen in maart op de website van Vonk: www.vonk.org

(Visited 4 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 58 Times, 2 Visits today

Tags :

zie ook