De Palestijnen hebben recht op onze steun

· 1 maart 2006 Like

Minister van Ontwikkelingssamenwerking Armand De Decker heeft beslist om twee nieuwe dossiers over hulp aan de Palestijnse Autoriteit op te schorten. Dat is een gevolg van de overwinning van de radicaal-islamitische beweging Hamas bij de Palestijnse verkiezingen van 25 januari. Het gaat om een project over de elektrificatie van dorpen op de Westelijke Jordaanoever en over economische  heropbouw in de Gazastrook.

Daarmee gaat de minister verder dan het besluit van het Kwartet (VS, EU, Rusland en VN) dat stelt dat toekomstige hulp zal herbekeken worden in het licht van Hamas’ engagement om het geweld af te zweren en het bestaansrecht van Israël te erkennen.

Vanuit Europa gaat er jaarlijks 500 miljoen euro naar de Palestijnse gebieden, waarvan de helft verloopt via bilaterale hulp van de individuele lidstaten. Slechts een kwart gaat naar de Palestijnse Autoriteit. Het overige driekwart gaat rechtstreeks of onrechtstreeks (via cofinanciering projecten) naar projecten die het lot van de Palestijnse bevolking moeten verbeteren.

Door deze nieuwe hulpprojecten te blokkeren  geeft minister De Decker  een verkeerd en contraproductief signaal.

Het Westen heeft altijd aangedrongen op een democratisch proces. Alle waarnemers zijn het er over eens dat de verkiezingen correct zijn verlopen. Alle partijen, ook degene die nu in de oppositie belanden, hebben dan ook onmiddellijk gesteld dat de uitslag moet gerespecteerd worden. We vragen  bijgevolg dat de minister de moeite doet om te luisteren naar de mening van plaatselijke organisaties en de andere Palestijnse politieke partijen. Van onze kant zijn wij, de  Belgische en andere internationale ontwikkelingsorganisaties, ondertussen in overleg getreden met de Palestijnse  organisaties in het middenveld die dagdagelijks grote inspanningen leveren om het lot van de bevolking te verbeteren via tal van ontwikkelingsprojecten.  Eerstdaags zal het Palestijnse middenveld, verenigd binnen de koepel PNGO zijn positie verduidelijken.

De projecten die de minister wil stopzetten komen ten goede aan de Palestijnse bevolking. Het Actieplatform Palestina vindt  dat de Palestijnse bevolking niet mag gestraft worden voor het uitoefenen van haar democratisch recht.  Het APP is bovendien meer dan verwonderd over de achterliggende redenering van de minister die zegt: “Als de bevolking lijdt, kan ze in een democratie de toestand corrigeren door nieuwe verkiezingen uit te lokken.[1]”  Het kan toch niet dat de minister de bevolking bewust de armoede wil insturen.

Het APP wil verder nog eens benadrukken dat de overwinning van Hamas niet enkel kan verklaard worden door het corrupte of inefficiënte beleid van Fatah, maar vooral een gevolg is van de economische wurging van de Palestijnse bevolking in de bezette gebieden door de militaire bezetting: het afsluiten van gebieden door muur en controleposten, vernietiging van de infrastructuur, inbeslagnames en vernietiging van landbouwgronden, etc.. Ondertussen leeft meer dan 60 % van de Palestijnse bevolking onder de armoedegrens en is 25 tot 40 % van de actieve bevolking werkloos. De internationale gemeenschap draagt een grote verantwoordelijkheid voor de huidige situatie door haar onvermogen de zelf gestemde VN-resoluties uit te voeren die de rechten van de Palestijnen herstellen en een einde van de bezetting vragen. 

Het APP vraagt tenslotte dat de verantwoordelijkheid voor de impasse waarin het conflict zich bevindt, op een juist manier geduid wordt. Wat van Hamas wordt geëist, moet ook van Israël worden verlangd: stopzetten van de repressie en terreur in de Palestijnse gebieden, erkenning van de Palestijnse staat op basis van het internationaal recht en het heropstarten van onderhandelingen die door Israël zijn stopgezet. Daarenboven moet Israël eindelijk werk maken van de ontmanteling van de nederzettingen en de bouw van de muur op Palestijnse gebied onmiddellijk stopzetten. Het spreekt vanzelf dat de aangerichte schade moet vergoed worden.

Het APP vindt dat de reacties uit Europa op de uitslag van de Palestijnse verkiezingen sterk contrasteren met de weigering van de Europese Unie in december ’05 om haar eigen rapport over het Israëlische beleid in Oost-Jeruzalem, opgesteld door de plaatselijke EU-missie ter plaatse, te bespreken en te publiceren. De strakke houding tegenover Hamas klinkt weinig geloofwaardig als Europa de Israëlische bezettingspolitiek met de fluwelen handschoen blijft aanpakken. Als van Hamas –terecht- geëist wordt om het geweld af te zweren en het bestaansrecht van Israël te erkennen, dan mag ook aan Israël gevraagd worden wanneer ze eindelijk de oprichting van een leefbare Palestijnse staat zal toestaan. 

Wim Leysens
Actieplatform Palestina
Grasmarkt 105/46
1000 Brussel
02/552.03.06
0495.71.02.54

info@actieplatformpalestina.be
 
(Uitpers, nr. 73, 7de jg., maart 2006)

Noot:
[1] De Standaard 01 02 06 “België voorop bij druk op Hamas”.

Wim Leysens informatie