De mislukte façadedemocratie van Egypte

Het sociaal verzet dat na Tunesië nu ook door Egypte waart, komt er op nog geen twee maanden na frauduleuze parlementsverkiezingen en speelt zich af in het jaar waarop ook de president opnieuw wordt verkozen. Beide organen, parlement en presidentschap, roepen veel ongenoegen op bij de bevolking. Tot de belangrijkste eisen van de Egyptische protestbeweging horen dan ook de ontbinding van het parlement en het aftreden van president Hosni Moebarak.

De Egyptische parlementsverkiezingen van 28 november en 5 december gingen gepaard met massale fraude en politiegeweld. Dat het de verkeerde kant zou opgaan was geen verrassing. President Moebarak handhaaft al drie decennia lang de noodtoestand. De grootste oppositiebeweging, de Moslimbroeders, wordt weliswaar in zekere mate getolereerd maar is officieel verboden en kan slechts aan de verkiezingen deelnemen via onafhankelijke kandidaten. De vervanging van het rechterlijk college in 2007 door een electorale commissie waarvan de leden door de regering zijn aangeduid, was evenzeer bedoeld om het kiesresultaat geheel naar wens te beïnvloeden.

De betekenis daarvan werd al gauw duidelijk tijdens de eerste ronde van de verkiezingen op 28 november. Tientallen video’s op Youtube en Facebook toonden hoe kiesbrieven op voorhand werden ingevuld ten gunste van de Nationale Democratische Partij (NDP) van president Hosni Moebarak, hoe oppositiekandidaten en hun vertegenwoordigers vergeefs toegang probeerden krijgen tot het kiesbureau of hoe kiezers zich voor gesloten kiesbureaus bevonden.(1) Het regime weigerde ook om internationale waarnemers toe te staan. De Egyptische Alliantie voor het monitoren van de verkiezingen – een coalitie van 123 NGO’s – diende 12.000 aanvragen in bij de electorale commissie, maar kreeg 48 uur voor de verkiezingen slechts 69 vergunningen om op te treden als waarnemer. Media werden uit de kiesbureaus geweerd en een aantal satellietzenders werd gewoon uit de ether gehaald. Over heel het land werden journalisten en monitoren lastig gevallen of gearresteerd. Er waren ook verschillende getuigenissen van omkoperij. Journalisten van Ahram Online zagen hoe kandidaten tot 17 $ betaalden per stem. Dat is een fortuin in een land waar het inkomen van een arbeider in de textielindustrie tussen de 50 en 100 $ per maand bedraagt.(2)

Een deel van de oppositie, zoals de Nationale Associatie voor Verandering van Mohamed El-Baradei, zag er al op voorrand geen heil in om in dergelijke omstandigheden deel te nemen aan de verkiezingen en riep op tot een boycot.(3) De Wafd en de Moslimbroeders haakten vervolgens in de tweede ronde voortijdig af. Ook de kiezer leek niet bereid om aan deze façadedemocratie mee te werken. De opkomst wordt rond een schamele 20 procent geraamd. Vier op vijf stemgerechtigden daagde dus niet op.

Oppositie geliquideerd

Hoewel niemand zich illusies durfde maken dat de verkiezingen konden raken aan het machtsmonopolie van de NDP, was iedereen geschrokken over de mate waarin de regeringspartij de verkiezingen naar haar hand had gezet. De NDP haalde 420 zetels (81,1%) binnen en ‘onafhankelijke’ NDP-kandidaten nog eens 53 zetels (10,2%). De overige 9% gingen naar de Wafd (6 zetels), Tagammu (5 zetels), niet geaffilieerde onafhankelijken (15 zetels) met telkens nog 1 zetel voor 5 andere partijen. Bij die laatste horen ook de Moslimbroeders die zomaar eventjes 87 van de 88 zetels uit de vorige legislatuur moesten inleveren.

Toch lijkt het er op dat zelfs de NDP de verkiezingen niet als geslaagd ziet. Zonder oppositie van betekenis en met de vele berichten van massale kiesfraude is ook de schijn van democratische legitimering weggevallen. Anders dan in het verleden lijkt de oppositie niet langer bereid om nog langer mee te werken aan de democratische façade. Vier van de zes Wafd-verkozenen weigeren in het nieuwe parlement te zetelen. De overige twee dreigen hun partijkaart te verliezen als ze hun voorbeeld niet volgen. Hetzelfde geldt voor de enige verkozene van de Moslimbroeders.

De afwezigheid van de drie componenten van democratische legitimering, namelijk de electorale opkomst, een eerlijk kiesproces en een evenwichtige vertegenwoordiging in het parlement in combinatie met een relatieve autonomie van de regering, vormen naast de sociaal-economische problemen een verklaring voor de grote protestbeweging van eind januari. Daar komt bij dat de uitslag van de verkiezingen juridisch wordt aangevochten. In 1984 en 1987 verklaarde de rechtbank de resultaten ongeldig. Hoewel de regering de rechterlijke macht inperkte, is de fraude zo zichtbaar en aantoonbaar, dat dit moeilijk kan worden genegeerd. Verschillende kandidaten dienden klacht in bij administratieve rechtbanken die de uitslag vervolgens nietig verklaarden in verschillende kiesdistricten.

Zelfs het hoofd van de parlementaire commissie voor grondwettelijke zaken, Amaal Othman, heeft moeten toegeven dat het parlementair mandaat van 486 van de 518 parlementsleden ongeldig zou kunnen zijn. De commissie zag zich verplicht om 1527 klachten tegen het kiesresultaat naar het Hof van Cassatie door te sturen. Het straatprotest, waar de roep tot de ontbinding van het parlement en nieuwe verkiezingen luid weerklinkt, zal de druk om dat ook daadwerkelijk te doen alleen maar verhogen. Andere veelgehoorde eis is de ontbinding van de regering, die verantwoordelijk wordt gesteld voor de hoge werkloosheid en het feit dat de helft van de bevolking onder de armoedegrens leeft. Verder vragen de meeste betogers dat de 82-jarige president aftreedt en in elk geval niet vervangen wordt door zijn zoon Gamal. Deze laatste zou luidens berichten al zijn koffers hebben gepakt richting buitenland.

Presidentsverkiezingen

De politieke crisis rond de parlementsverkiezingen krijgt ook een verlengstuk met de aankomende de presidentsverkiezingen in september 2011. De oppositie wil de herziening van het artikel 76 van de grondwet. Dat is zo opgesteld dat elke presidentiële kandidatuur van buiten het regime wordt afgeblokt. Volgens het bewuste artikel zijn er twee wegen om kandidaat te kunnen zijn. Het eerste verloopt via het lidmaatschap van een partij en het parlement. Een partij moet minstens over een zetel beschikken in elk van de beide parlementen (lager- en hogerhuis). Bovendien moet de kandidaat binnen de partij een hoge functie bezitten. Slechts een beperkt aantal partijen voldoet aan die voorwaarden. Die kunnen evenwel geen kandidaten voordragen met enig gewicht. Zij die dat wel zijn, zoals El Baradei of iemand van de moslimbroeders, kunnen dus ook niet namens een van die zetelende partijen opkomen. Ze bekleden immers geen hoge functie in die partijen. De tweede weg is er een voor onafhankelijke presidentskandidaten. Die kunnen maar opkomen als ze de handtekeningen verzamelen van 250 verkozenen volgens een bepaalde verdeelsleutel in het Lagerhuis (65), het Hogerhuis (25), Gemeenteraden (10) en minstens 14 gouvernementen. Maar deze organen worden gedomineerd door de NDP. Een onafhankelijke kandidaat kan dus alleen maar opkomen met de uitdrukkelijke steun van de regeringspartij.

Er wordt heel wat gespeculeerd over wie Moebarak zal opvolgen. Zelf heeft de zittende president nog niet duidelijk gemaakt of hij een zesde mandaat wil. Daarnaast wordt zijn zoon Gamal geregeld genoemd als topkandidaat. Hij voldoet in elk geval aan de criteria om kandidaat te zijn. Een andere naam is de topman van de veiligheidsdiensten, Omar Suleiman, een vertrouweling van Moebarak en die na hem als een van de machtigste politieke figuren wordt genoemd. Als er geen kink in de kabel komt als gevolg van het straatprotest of juridische procedures, dan komt de volgende president zo goed als zeker uit de regerende NDP. Maar dat zich in 2011 een politieke crisis van formaat zal afspelen, staat in de sterren geschreven.

(Uitpers nr. 128, 12de jg., februari 2011)

(1) El-Ghobashy, Mona. The Liquidation of Egypt’s Illeberal Experiment. 29 december 2010 (http://www.merip.org/mero/mero122910.html)

(2) Teti, A. & Gervasio, G. Egypt’s post-democratic elections: political meaning beyond the menu of manipulation. 14 januari 2011 (http://www.opendemocracy.net/print/57569 )

(3) De Brabander, L. Egyptische verkiezingen: verdeel en heers. 10 november 2010 (http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2010/11/10/egyptische-verkiezingen-verdeel-en-heers)

(4) Egypt’s parliament admits 90% of MP memberships may be invalid In: Al Masryalyoum. 22 januari 2011 (http://www.almasryalyoum.com/en/news/egypts-parliament-admits-90-mp-memberships-may-be-invalid)

(Visited 5 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 86 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Ludo De Brabander

Ludo De Brabander is redactielid en medeoprichter van Uitpers. Hij is tevens woordvoerder van Vrede vzw. De meeste van zijn geschreven bijdrages gaan over militarisme en conflict (NAVO, bewapening, wapenhandel, militaire interventies,...) en de regio van het Midden-Oosten. Hij is medeauteur van 'Als de NAVO de passie preekt' (EPO, 2009) en auteur van 'Oorlog zonder Grenzen' (EPO, 2016), 'Het Koerdisch Utopia' (EPO, 2018) en 'Weg van Oorlog. Over militarisme en antimilitarisme' (EPO, 2019).

zie ook