De internationale speelgoedindustrie doorgelicht

Carole Crabbé en Isabelle Delforge. "Speeltjes van de globalisering. Walt Disney allesbehalve een sprookjeswereld” Uitgeverij Vista en Magasins du Monde-Oxfam, Brussel, 2002, 247 bladzijden, 11 euro

De ongebreidelde globalisering van de economie en de nefaste gevolgen hiervan kunnen met tal van voorbeelden geïllustreerd worden. De beweging van andersglobalisten heeft zich hier de voorbije jaren met veel ijver op toegelegd. De internationale speelgoedindustrie is een schoolvoorbeeld van de perverse gevolgen van de neoliberale globalisering. Twee Belgische auteurs, Carole Crabbé en Isabelle Delforge, nemen het imperium van Walt Disney onder de loepe. Disney is nog steeds een synoniem van dromen, kinderlijke zuiverheid en onschuld. De keuze van beide auteurs is symbolisch. Een onderzoek naar de praktijken van een andere speelgoedmultinational zou wellicht hetzelfde resultaat hebben opgeleverd: obsessioneel winstbejag, waarbij de mensenrechten maar meteen naar de vergeethoek worden verbannen.

Disney is meer dan een tekenstudio. Achter de figuren van Mickey, Peter Pan of de "Lion King" gaat een gigantisch imperium schuil. De selfmade man Walt Disney ontpopte zich snel als een van vedetten van de hedendaagse economie.

Zoals Naomi Klein het eerder aantoonde in haar boek "No Logo" hechten de grote bedrijven enorm veel belang aan hun "branding". De promotie van merknamen als Coca Cola, Nike of Disney wordt gekoppeld aan een bepaalde levensstijl, aan een droom. Eens de merknaam deze droom oproept, kan er massaal verkocht worden. Disney is hierin zeer ver gegaan, de consument kan zelfs in de merknaam Disney gaan wonen. In 1994 bouwde Disney in Florida een privé-stad: Celebration. Dit "paradijs" telt ongeveer 6.000 inwoners. Niemand hoeft er zich zorgen te maken, alles is er netjes geregeld door de Celebration Company, een filiaal van Disney. De huizen zijn er veel duurder dan elders. De bevolking is er exclusief blank en zeer welgesteld. De huizen zijn omringd met houten schuttingen. Er staan bomen langs de brede lanen. In Celebration wonen er geen armen. Culturele diversiteit of democratische participatie van de bevolking zijn er onbestaande. Celebration is de ideale stad, zoals Disney die zich voorstelde.

Marketing is de motor van Disney, in die mate zelfs dat het bedrijf nauwelijks iets produceert. Disney werkt steeds meer met onderaannemers. De droomfabriek moet zelf niets produceren. Dat doen anderen. Disney is de absolute kampioen van de verkoop van licenties. De intellectuele eigendom en het licentiesysteem leveren de speelgoedmultinational fabelachtige winsten op. Het bedrijf loopt geen enkel risico en kan zich zonder meer ontdoen van elke maatschappelijke verantwoordelijkheid. De talloze onderaannemingen van Disney zijn in een bikkelharde concurrentiestrijd verwikkeld en miljoenen arbeiders en arbeidsters betalen hier de rekening voor. In deze bedrijven is de uitbuiting genadeloos. Slavernij bestaat wel degelijk in deze onderaannemingen van het Disney-imperium.

Voor hun boek "Speeltjes van de globalisering. Walt Disney allesbehalve een sprookjeswereld" trokken Carole Crabbé en Isabelle Delforge op onderzoek naar Indonesië en Thailand. Zij gingen er praten met jonge arbeidsters, die speelgoed vervaardigen voor rekening van Disney, Mattel, Hasbro of Bandai. Voor een hongerloon labeuren deze meisjes dag en nacht en produceren uitsluitend voor de export naar de rijke landen. Het werkritme is er verscheurend, de levensomstandigheden ondraaglijk, vakbondsvrijheid onbestaande. In deze bedrijven heerst een ronduit repressief klimaat. De arbeidsters worden er systematisch vernederd.

Beide auteurs ontrafelen de hele productieketen: van de fabrieksband tot in het warenhuis. Daarbij valt op hoe machtig de positie is van grote distributieketens als Carrefour. Zij beslissen over de leveringstermijnen en leggen de arbeidsters een hels en bijzonder onregelmatig werkritme op. Meer dan de helft van de bestellingen wordt geplaatst tussen juli en september, om de westerse markten te kunnen bevoorraden rond het Sinterklaasfeest en de eindejaarsperiode. Daarna zijn er nauwelijks nog bestellingen. De arbeidsters worden op deze manier verplicht maandenlang dag en nacht te werken, zonder onderbreking. Als er geen bestellingen zijn, worden ze gewoon afgedankt. Arbeidsters die hun baan toch behouden zien hun loon dan dalen tot minder dan 30 dollar per maand. Daarmee moeten ze dan hun huur en levensonderhoud zien te betalen.

Winst is de absolute prioriteit bij Disney. De multinational beschikt over een brede waaier van economische activiteiten: tekenfilms, gadgets, bioscopen, attractieparken, televisie- en radiostations, internetsites, muzieklabels, boeken en tijdschriften… Dit brede gamma levert het bedrijf monsterwinsten op. Saillant detail: Michael Eisner, de charismatische directeur van de groep Disney, strijkt een jaarsalaris van 123 miljoen dollar op, dat is 120.000 maal meer dan het loon van een Indonesische bandwerkster.

Kinderen die van Disneyspeeltjes houden worden in de rol van passieve consumenten geduwd. Wat allemaal niet belet dat er wereldwijd verzet ontstaat tegen de praktijken van Disney. Als gevolg van een dodelijke brand in twee Disneyfabrieken in Thailand en China, kwam er tien jaar geleden een internationale campagne op gang voor de verdediging van de rechten van de arbeiders en arbeidsters in de Aziatische speelgoedindustrie. Bij de twee branden wees het onderzoek uit dat de slaapzalen van de arbeidsters en de productieketen in hetzelfde gebouw waren ondergebracht. In beide gevallen waren de deuren van de slaapzalen op slot. Er kwam een internationaal netwerk tot stand, dat druk uitoefent op de bedrijven die onder licentie voor Disney produceren, op de grote distributieketens en de grote speelgoedmerken. Tegelijk werden de consumenten gesensibiliseerd. In België steunde de "Schone Klerencampagne" de strijd van de arbeiders en arbeidsters in de confectie- en speelgoedindustrie. Deze campagne wordt gedragen door de vakbonden, de niet-gouvernementele organisaties en consumentenverenigingen. In het kader van de "Schone Klerencampagne" werd naar alternatieven gezocht. En zo ontstonden de "gedragscodes" voor de bedrijven. Het gaat hier om sociale en milieunormen, die de bedrijven vrijwillig – maar meestal onder druk – moeten respecteren. In "Speeltjes van de globalisering" gaan Crabbé en Delforge na wat de mogelijkheden en de beperkingen zijn van deze gedragscodes.

De strijd voor maatschappelijke en syndicale rechten heeft zich de voorbije jaren nog versterkt, omdat de grote multinationals straffeloos op hun ongebreidelde vrijheid staan. De arbeidsters en arbeiders in de speelgoedindustrie zijn vandaag veel beter georganiseerd om hun strijd te voeren. Anderen voeren het gevecht dan weer van "binnenin". De juriste Marie-Claude Hessler bijvoorbeeld pleit voor actief aandeelhoudersschap. Zij is present op elke aandeelhoudersvergadering van de speelgoedreus Mattel. Ze eist er het woord en roept de directie van Mattel (de marktleider in de speelgoedsector) op de sociale normen te eerbiedigen.

Andere campagnes leggen de nadruk op de actieve inzet van de verbruikers. Waarom zouden zij geen informatie eisen over de manier waarop speelgoed wordt vervaardigd? Waarom geen rekenschap vragen aan de grote distributieketens? En dan is er ook het alternatief van de "eerlijke handel" – het circuit van de Werreldwinkels. Waarom zouden de verbruikers hun gewoonten niet veranderen en opteren voor eerlijk en duurzaam speelgoed? De strijd voor de maatschappelijke en syndicale rechten in de arbeidsintensieve en op export gerichte speelgoedindustrie is een belangrijk onderdeel van de wereldwijde beweging van de andersglobalisten, die een striktere controle eisen op de buitenlandse investeringen, de lokale markten in de landen van het Zuiden willen beschermen, voor een duurzame ontwikkeling pleiten en de strijd tegen de armoede aanbinden. Uit deze beweging is het Wereld Sociaal Forum ontstaan, dat in januari voor de derde maal bijeenkomt in het Braziliaanse Porto Alegre. Dit jaarlijkse rendez-vous stelt talloze activisten uit het Noorden en het Zuiden in staat om ideeën en alternatieven uit te wisselen.

Met hun boek "De speeltjes van de globalisering" tonen Carole Crabbé en Isabelle Delforge aan dat Disney allesbehalve een sprookjeswereld is. .

Fabrice Kada

(Uitpers; nr. 37, 4de jg., januari 2003)

Deel dit artikel

Andere boeken